id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.886 Rolnummer: A. 228418/XIV-38083 Zaak: Arrest 250886 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 14/06/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-06-23 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-20 00:35 Fiche Arrest nr 250.886 van 14 juni 2021 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK XIVe KAMER nr. 250.886 van 14 juni 2021 in de zaak A. 228.418/XIV-38.083 In zake : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Asiel en Migratie, thans de staatssecretaris voor Asiel en Migratie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Carmenta Decordier en Tine Bricout kantoor houdend te 9041 Gent-Oostakker Orchideestraat 61 A tegen : XXX -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het cassatieberoep
- Het cassatieberoep, ingesteld op 19 juni 2019, strekt tot de cassatie van het arrest nr. 221.347 van 17 mei 2019 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. II. Verloop van de rechtspleging
- Het cassatieberoep is toelaatbaar verklaard bij beschikking nr. 13.407 van 9 juli
- De verzoekende partij heeft een toelichtende memorie ingediend. XIV-38.083-1/4 Eerste auditeur Marijke Van Limbergen heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 mei 2021, om 15.40 uur. Staatsraad Carlo Adams heeft verslag uitgebracht. Advocaat Brecht Heirman, die loco advocaten Carmenta Decordier en Tine Bricout verschijnt voor de verzoekende partij, is gehoord. Eerste auditeur Marijke Van Limbergen heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- De minister van Asiel en Migratie neemt op 13 januari 2019 in hoofde van verweerder een beslissing houdende bevel om het grondgebied te verlaten met vasthouding met het oog op verwijdering. Op 22 januari 2019 stelt verweerder tegen deze beslissing een beroep tot nietigverklaring in bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen vernietigt de voornoemde beslissing van 13 januari 2019 met een arrest van 17 mei
- Dit is het bestreden arrest. XIV-38.083-2/4 IV. Ontvankelijkheid van het cassatieberoep
- Het belang bij een cassatieberoep voor de Raad van State moet niet enkel bestaan bij het instellen van dat beroep maar ook gedurende de gehele procedure, tot op het ogenblik van de uitspraak. Het kan teloorgaan door omstandigheden die zich in de loop van het geding voordoen. Daarenboven moet een verzoeker wiens belang in de loop van het geding op grond van relevante gegevens in vraag wordt gesteld, daarover standpunt innemen en het behoud van zijn belang aantonen. Met een brief van haar advocaat van 11 februari 2021 deelt de verzoekende partij mee dat verweerder op 25 maart 2020 is erkend als vluchteling. Zij deelt mee niet langer over een actueel belang bij het cassatieberoep te beschikken. Bij die brief is een stavingsstuk gevoegd. Nu verweerder een verblijfsrecht geniet op grond van zijn erkenning als vluchteling in België, valt niet in te zien welk belang de verzoekende partij nog zou hebben bij de cassatie van een arrest waarmee een eerdere beslissing houdende bevel om het grondgebied te verlaten in hoofde van verweerder werd vernietigd. De verzoekende partij bevestigt dit ter terechtzitting en toont dan ook geenszins het behoud van het vereiste belang aan. Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk. V. Kosten
- Vermits het cassatieberoep wordt verworpen, dient de verzoekende partij als de in het ongelijk gestelde partij te worden beschouwd en dienen de kosten te haren laste te worden gelegd. XIV-38.083-3/4 BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 20 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van veertien juni tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, Carlo Adams, staatsraad, Kaat Leus, staatsraad, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier. De griffier De voorzitter Joris Casneuf Geert Debersaques XIV-38.083-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.886 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div