id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.902 Rolnummer: A. 224996/X-17207 Zaak: Arrest 250902 - Monumenten en Landschappen - 15/06/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-06-28 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-20 00:27 Fiche Arrest nr 250.902 van 15 juni 2021 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Monumenten en Landschappen Beslissing : Vernietiging bekendmaking Verwerping overige Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 250.902 van 15 juni 2021 in de zaak A. 224.996/X-17.207 In zake : 1. Rudi KOCH 2. Hilde OCKIER bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Ludo Ockier en Erlinde De Lange kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Veerle Tollenaere kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozens -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep 1. Het beroep, ingediend op 13 april 2018, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de Vlaamse minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed van 31 januari 2018 tot definitieve bescherming als cultuurhistorisch landschap van ‘Sint-Arnolduspark en Tiegemberg’ en als monument de neogotische ‘Sint-Arnolduskapel’, de pittoreske ‘Villa Albert’ en het cementrustieke ‘Belvedère’ in Anzegem (Tiegem), “in ieder geval voor zover deze beslissing de cementrustieke ‘Belvedère’ beschermt als monument”. II. Verloop van de rechtspleging 2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. X-17.207-1/14 Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een verslag opgesteld. De verwerende partij en de verzoekende partijen hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 30 april 2021. Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Erlinde De Lange, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Angelique Van de Meirssche, die loco advocaat Veerle Tollenaere verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. III. Feiten 3. Onder impuls van ondernemer Vital Moreels, wordt rond de eeuwwisseling tussen de 19de en de 20ste eeuw te Tiegem, een deelgemeente van Anzegem, het Sint-Arnolduspark ontwikkeld tot een bedevaartpark en ontspanningsoord in pittoreske stijl. In opdracht van dezelfde ondernemer wordt enkele jaren later op het nabijgelegen perceel, dat kadastraal bekend is als afdeling 5, Sectie A, nr. 1230/e, een belvedère in cementrustieke stijl, bestaande uit een uitkijktoren met aangebouwd tickethuisje, opgericht. X-17.207-2/14 4. Op het laatstgenoemde perceel is de woning en de tuin van verzoekers gelegen. 5. In 2016 start de verwerende partij de procedure op om onder meer de belvedère als monument te beschermen. 6. Op 21 april 2017 geeft de Vlaamse Commissie voor Onroerend Erfgoed (hierna: de VCOE) advies. In dit advies wordt over de belvedère het volgende gesteld: “[Het voorontwerp van beschermingsbesluit] stelt het maximaal behoud en consolidatie van de verschillende cementrustieke constructies voorop. […] Het inhoudelijke dossier geeft evenwel aan dat de constructies in een slechte bouwfysische toestand verkeren […] In mei 2016 werd voor deze constructie een uitgebreid betononderzoek uitgevoerd […] waaruit zowel voor de uitkijktoren als voor het tickethuisje een actueel slechte bouwfysische toestand blijkt. De commissie merkt op dat in deze toestand behoud en consolidatie op termijn onvermijdelijk zullen leiden tot reconstructie van de constructies. De commissie vraagt hiermee reeds rekening te houden in het beschermingsbesluit. Het is niet wenselijk een opheffingsprocedure voor het monument te moeten doorlopen voor de reconstructie ervan indien de slechte staat nu al bekend is”. 7.1. Op 26 juni 2017 beslist de Vlaamse minister bevoegd voor onroerend erfgoed tot de voorlopige bescherming als monument van onder meer de belvedère. 7.2. De verwerende partij beantwoordt het advies van de VCOE als volgt: “Er wordt opgemerkt dat het beschermingsbesluit via de opgenomen beheersdoelstellingen reeds is afgestemd op het reconstrueren van de Belvedère of uitkijktoren en het bijhorende tickethuisje. De motivering van de bescherming als monument [in] het inhoudelijk dossier licht dit ook nog eens expliciet toe. Zolang een reconstructie op dezelfde plek plaatsvindt, is het daarmee ook duidelijk dat er geen opheffing van de bescherming moet doorgevoerd worden. Vermits de term ‘heropbouwen’ anders zou kunnen worden geïnterpreteerd dan de term ‘reconstrueren’, in de zin dat dan pas iets wordt heropgebouwd dat er al geruime tijd niet meer staat, wordt de laatste term wel toegevoegd aan artikel 5.2, derde lid, 1ste indeling. Hiermee wordt het reconstrueren van de nog bewaarde, bouwvallige Belvedère met X-17.207-3/14 tickethuisje, uitgaande van het feit dat de materiaalsoort en de bouwtechniek geen uitvoeringswijze toelaat die veel langer dan 100 jaar standhoudt en die vergelijkbaar is met andere technieken waaronder vakwerkbouw met leeminvulling en strooien bedaking, nog duidelijker afgedekt. Voor de reconstructie op een andere nabijgelegen locatie die voldoende tegemoetkomt aan het herstellen van zichtrelaties op de Leie- en Scheldevallei zal wel steeds een opheffing van de bescherming als monument vereist zijn. Dit is immers inherent aan de motivatie van de bescherming als monument. Anderzijds blijft het kiezen voor een dergelijke optie onder voorwaarden wel als een mogelijke overweging aangehouden. […] Conclusie: het advies heeft invloed op het inhoudelijk dossier en het beschermingsbesluit. Het inhoudelijk dossier en het beschermingsbesluit werden als volgt aangepast: […] Artikel 5.2 Toelatingsplichtige handelingen beschermd monument cementrustieke ‘Belvedère’ toevoeging: 1° het plaatsen, slopen, verbouwen, reconstrueren of heropbouwen van een constructie”. 8. Het openbaar onderzoek over de bescherming wordt gehouden van 2 augustus tot 1 september 2017. Verzoekers dienen geen bezwaarschrift in. 9.1. Op 31 januari 2018 neemt de Vlaamse minister bevoegd voor onroerend erfgoed het bestreden besluit, waarin onder meer het volgende is bepaald: “Artikel 1. […] De volgende onroerende goederen worden definitief beschermd als monument: cementrustieke 'Belvedère' of uitkijktoren op Tiegemberg met tickethuisje, bergruimte en torenconstructie met twee uitkijkplatformen voorzien van trappen, Meuleberg 2 […]. […] Art. 3.4 Voor het beschermde monument cementrustieke ‘Belvedère’ gelden de volgende beheersdoelstellingen: 1° gehele of grotendeelse reconstructie van de uitkijktoren en het tickethuisje op de identieke inplantingsplaats of, na overweging, op een andere nabijgelegen locatie die voldoende tegemoetkomt aan het herstellen van zichtrelaties op de Leie- en Scheldevallei, na gedetailleerde opmeting en met behulp van traditioneel-ambachtelijke rocailleurstechnieken; 2° maximaal hergebruik van bestaande sierelementen; 3° eventuele instelling van een occasionele publieke ontsluiting; 4° facultatief herstel van het toegangspad met poortje vanaf de Meuleberg (weg). […] Art. 4.4 De zakelijkrechthouder en de gebruiker van het beschermde X-17.207-4/14 monument cementrustieke ‘Belvedère’ zijn verplicht de instandhouding en het onderhoud ervan te verzekeren door: 1° het goed als een goede huisvader te beheren en de nodige voorzorgsmaatregelen te nemen tegen schade ten gevolge van brand, blikseminslag, diefstal, vandalisme, wind of water; 2° de toestand van het goed regelmatig te controleren; 3° regulier onderhoud uit te oefenen; 4° onmiddellijk passende consolidatie- en beveiligingsmaatregelen te nemen in geval van nood. […] Art. 5.2 Voor de volgende handelingen aan de beschermde monumenten moet een toelating worden aangevraagd: […] Voor de als monument beschermde […] cementrustieke ‘Belvedère’: 1° het plaatsen, slopen, verbouwen, reconstrueren of heropbouwen van een constructie; 2° het verwijderen, vervangen, wijzigen of verstevigen van constructieve elementen; 3° het verwijderen, vervangen of wijzigen van historische materialen en het toepassen van behandelingen met als doel de historische materialen te reinigen, te herstellen, te verduurzamen of te beschermen tegen verweer en aantasting; 4° het uitvoeren van de volgende werken aan het dak en de buitenmuren van constructies:
- a)het verwijderen, vervangen of wijzigen van dakbedekking en gootconstructies;
- b)het verwijderen van voegen en het hervoegen; ·
- c)het aanbrengen, verwijderen, vervangen of wijzigen van de kleur, textuur of samenstelling van de afwerkingslagen;
- d)het aanbrengen, verwijderen, vervangen of wijzigen van buitenschrijnwerken, deuren, ramen, poorten, inclusief de al dan niet figuratieve beglazing, beslag, hang- en sluitwerk; ·
- e)het aanbrengen, verwijderen, vervangen of wijzigen van aard- en nagelvaste elementen, smeedijzer en beeldhouwwerk, inclusief nieuwe toevoegingen;
- f)het aanbrengen van opschriften, publiciteitsinrichtingen of uithangborden. Er is geen toelating vereist voor het onmiddellijk nemen van passende consolidatie- en beveiligingsmaatregelen in geval van nood, noch voor de uitvoering van regulier onderhoud.” 9.2. Het bij het bestreden besluit horende inhoudelijke dossier overweegt onder meer het volgende: X-17.207-5/14 “3. BEHEERSVISIE […] 3.1.Beheersdoelstellingen voor het beschermd onroerend goed In het beschermingsbesluit zijn beheersdoelstellingen opgenomen. Deze zijn terug te vinden onder artikel 3 van het besluit De beheersdoelstellingen moeten de zakelijkrechthouders (eigenaars, erfpachthouders, opstalhouders en leasinggevers) en gebruikers op weg helpen om de erfgoedwaarden maximaal in stand te houden of te verbeteren. Ze hebben de optimale verwezenlijking van de erfgoedwaarden voor ogen. Ze geven richting aan of vormen een kader voor toekomstig beheer van het beschermd onroerend goed. Zakelijkrechthouders en gebruikers dienen rekening te houden met deze beheersdoelstellingen als ze werken wensen uit te voeren aan het beschermd goed. Ook de overheid houdt met deze doelstellingen rekening als ze over deze werken advies moet geven of als ze toelating moet geven voor die werken. […] 3.1.2. Beheersdoelstellingen beschermde monumenten […] - cementrustieke ‘Belvedère’ Uit de resultaten van het betononderzoek uitgevoerd op 24 mei 2016 blijkt een zeer slechte bouwfysische toestand van de uitkijktoren, in die mate dat restauratie van de constructie moeilijk realiseerbaar is. De destijds gebruikte materiaalsoorten en de uitvoeringstechniek laten ook niet toe dat de huidige cementrustieke uitvoering, ondanks tussentijdse reparaties, veel langer dan 100 jaar standhoudt. In dit verband kan een vergelijking worden gemaakt met (beschermde) constructies in leembouw of met strooien bedaking. Hierdoor wordt gepleit voor een getrouwe gehele of grotendeelse reconstructie van de uitkijktoren met een duurzame wapening van het bouwskelet. Een gedetailleerde opmeting van de bestaande constructie, aanvullend op de reeds uitgevoerde rudimentaire opmeting, is daarom noodzakelijk. Vakkundige reconstructie met behulp van traditioneel-ambachtelijke roccailleurstechnieken wordt voorgestaan. Hierbij worden bestaande sierelementen (bijvoorbeeld de betonnen consoles en medaillons en de grotstenen op de basis van het tickethuisje) maximaal hergebruikt. Bij de getrouwe reconstructie moeten de bestaande maatvoeringen behouden blijven. Voorafgaandelijk wordt ook een kleuronderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van oorspronkelijke geschilderde afwerkingslagen op de constructie. Bij de reconstructie kan geopteerd worden voor een aanpassing van ongunstige materiaaleigenschappen om zo een grotere duurzaamheid van de constructie na te streven. Dit principe geldt ook voor een facultatieve aanpassing van de draagstructuur en de fundering van de uitkijktoren. Essentieel hierbij is de vervanging (of aanvulling) van de versterkingen door roestvrij wapeningsijzer of door kunststofwapeningsstaven en extra funderingstechnieken. Indien bepaalde versterkingen toch hergebruikt kunnen worden, wordt voorzien in het ontroesten en behandelen van deze onderdelen. In aansluiting op de bevindingen van de betonstudie wordt ook onderzocht of het bijkomend behandelen van de constructie tegen vocht (door het aanbrengen van een hydrofuge) kan bijdragen aan een meer X-17.207-6/14 duurzame uitvoering. De horizontale delen kunnen bijvoorbeeld voorzien worden van een waterdichtingslaag. Ook het herstellen van de oorspronkelijke verflagen, gebaseerd op het kleuronderzoek, kan bijdragen aan een structuur die minder gevoelig is voor degradatie. In functie van de beleving van het panorama op de Leievallei wordt een tijdelijke publieke openstelling van de uitkijktoren voorgestaan, maar deze kan uiteraard niet verplicht worden. De privacy in de aanpalende tuinruimte moet steeds gerespecteerd kunnen worden. Bij het uitbouwen van een eventuele occasionele toegankelijkheid is het aangewezen om het toegangspad met poortje vanaf de Meuleberg (weg) te herstellen. Er moet rekening gehouden worden met het feit dat een publieke openstelling ook een aanpassing van de borstwering met zich meebrengt volgens de geldende veiligheidsvoorschriften. Bij een aanpassing naar de huidige normering kan het uitzicht van de balustrades (en de toren) ingrijpend veranderen. Wijzigingen in dit verband, uitgaande van een verwijderbare en dus reversibele oplossing, zijn mogelijk. In voorkomend geval wordt geopteerd voor een sobere en uniforme materiaalkeuze in zwart- of antracietkleurig geschilderd metaal. […] Rekening houdend met de niet-herbestembare en niet-commerciële functie en met een hoogoplopende reconstructiekost is voorzien in een statuut van de uitkijktoren als monument zonder economisch nut (ZEN). Bij eventuele occasionele publieke ontsluiting wordt een co-financieringsplan vanuit de lokale overheid voorgestaan. Gezien de specifieke inplanting op de heuveltop van de Tiegemberg en de resterende ruimtelijk-functionele relatie en de historische band met het nabijgelegen Sint-Arnolduspark (steektrap en herstelde voetwegverbinding) wordt de reconstructie op de identieke inplantingslocatie vooropgesteld. Een nieuwe inplantingslocatie kan slechts worden overwogen op een andere nabijgelegen locatie die voldoende tegemoetkomt aan het herstellen van zichtrelaties op de Leie- en Scheldevallei.” IV. Onderzoek van het tweede middel Standpunt van de partijen 10.1. Het tweede middel wordt genomen uit de schending van artikel 6.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 evenals van de materiëlemotiveringsplicht en het redelijkheidsbeginsel. 10.2. Verzoekers stellen dat het Onroerenderfgoeddecreet niet toelaat om hen er als eigenaar toe te verplichten over te gaan tot de gedetailleerde, en dus zeer kostelijke, reconstructie van de belvedère. Toch is dat precies waar de overheid middels het beschermingsbesluit op aanstuurt. De in het inhoudelijk X-17.207-7/14 dossier beschreven “beheerswerken” gaan ver voorbij de normale instandhoudingsplicht die voortvloeit uit artikel 6.4.1. van het Onroerenderfgoeddecreet. De facto wordt een volledige reconstructie opgelegd. Verzoekers vervolgen dat het bestreden besluit een te verregaande individuele impact op hen heeft. Bij de beoordeling van het dossier is geen rekening gehouden met de onevenredig zware consequenties voor verzoekers. 11. In haar memorie van antwoord wijst de verwerende partij er op dat een beschermingsbesluit krachtens artikel 6.1.14, § 1, van het Onroerenderfgoeddecreet een opsomming dient te bevatten van de beheersdoelstellingen “die de optimale verwezenlijking omschrijven van de waarden die aanleiding gegeven hebben tot de bescherming”. Daaruit blijkt dat de beheersdoelstellingen geen verplichting zijn. Zij vormen louter een kader en zijn enkel richtinggevend voor de toekomst. Volgens de verwerende partij gaan verzoekers ten onrechte voorbij aan de mogelijkheden om een restauratiepremie te krijgen. Zij benadrukt dat er premies mogelijk zijn voor instandhoudingswerken. Bovendien heeft de belvedère het statuut van “monument zonder economisch nut”, zodat het hoogst bereikbare restauratiepremiebedrag kan worden aangevraagd. Louter volledigheidshalve wijst de verwerende partij er op dat er vanuit het agentschap Onroerend Erfgoed een bereidheid tot constructieve samenwerking blijft bestaan. Zo waren er diverse contacten over de mogelijke verplaatsing van de uitkijktoren. Er lopen gesprekken met de gemeente Anzegem om, met subsidies vanuit de toeristische sector, een nieuwe uitkijktoren op te trekken. Zoals in het inhoudelijk dossier aangestipt, bestaan er dus ook co-financieringsmogelijkheden. 12. In haar laatste memorie voegt de verwerende partij toe dat iedere zakelijkrechthouder de burgerlijke rechtbank kan vatten op grond van het beginsel van de gelijkheid van de burgers voor de openbare lasten. X-17.207-8/14 X-17.207-9/14 De verwerende partij vervolgt dat de belvedère op vandaag niet op instorten staat. Wel is er gevaar voor vallende stenen en brokstukken en de uitkijktoren is dan ook onveilig om te betreden. Uit geen enkel document blijkt dat het louter consolideren van zowel het tickethuisje, als de uitkijktoren niet mogelijk zou zijn door consolidatiewerken zoals het aansmeren van beton, het behandelen tegen oxide van de bloot gekomen bewapening en het stutten van loshangende trappen en vloeren. Door dergelijke werken zal de constructie nog – minstens – decennialang aanwezig zijn en – zonder reconstructie – de beschermde erfgoedwaarden veruitwendigen. Beoordeling 13. Artikel 6.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet luidt: “De zakelijkrechthouders en gebruikers van een beschermd goed behouden het in goede staat door de nodige instandhoudings-, beveiligings-, beheers-, herstellings- en onderhoudswerken.” Of een overheidsbeslissing naar redelijkheid verantwoord is, hangt af van de beleids- en beoordelingsruimte waarover de overheid beschikt. Appreciatievrijheid houdt de mogelijkheid in van verschillende zienswijzen die elk niet onredelijk zijn. Alleen wanneer de overheid de grenzen van de redelijkheid te buiten gaat, is het redelijkheidsbeginsel geschonden. De materiëlemotiveringsplicht vergt dat de administratieve rechtshandeling steunt op motieven die haar naar recht kunnen dragen. Van dat recht maakt ook het redelijkheidsbeginsel deel uit. Is het redelijkheidsbeginsel geschonden, dan staat meteen ook vast dat de beslissing niet op voldoende draagkrachtige motieven steunt. 14. Het bij het bestreden besluit horende inhoudelijk dossier stelt onder meer het volgende: “Uit de resultaten van het betononderzoek uitgevoerd op 24 mei 2016 blijkt een zeer slechte bouwfysische toestand […] in die mate dat restauratie van de constructie moeilijk realiseerbaar is”. X-17.207-10/14 In het betononderzoek van 2016 wordt het volgende geconcludeerd: “Renovatie van de belvedère zal […] neerkomen op een volledige reconstructie van alle constructiedelen in beton/cementrustiek”. Uit de stukken van het dossier blijkt dat de meer dan honderd jaar oude belvedère (randnr. 9.2) door – met de woorden van het inhoudelijke dossier – “de destijds gebruikte materiaalsoorten en de uitvoeringstechniek” niet langer in stand kan worden gehouden door instandhoudings- en onderhoudswerken, zodat alleen nog een reconstructie – versta: het bouwen van een replica – soelaas kan bieden. Blijkens het uitgevoerde betononderzoek is na meer dan honderd jaar het punt bereikt dat instandhoudings- en onderhoudswerken nutteloos zijn om het voortbestaan van de belvedère te verzekeren. In antwoord op het advies van de VCOE heeft de verwerende partij dan ook met zoveel woorden bevestigd dat “de materiaalsoort en de bouwtechniek” van “de nog bewaarde, bouwvallige Belvedère” “geen uitvoeringswijze toelaat die veel langer dan 100 jaar standhoudt” (randnr. 7.2). In het licht daarvan, kan niet worden ingestemd met de bewering in de laatste memorie van de verwerende partij als zou het mogelijk zijn om louter door consolidatiewerken de belvedère nog “decennialang” in stand te houden. 15. Daarnaast kan de verwerende partij er niet van overtuigen dat er enige kans zou bestaan dat verzoekers een erfgoedpremie zouden kunnen verkrijgen voor andere werken dan het bouwen van een replica. In het inhoudelijke dossier wordt immers aangekondigd dat de overheid in haar adviezen en beslissingen rekening zal houden met de door artikel 3.4, 1°, van het bestreden besluit opgelegde beheersdoelstelling om voor de belvedère over te gaan tot “gehele of grotendeelse reconstructie […] op de identieke inplantingsplaats of, na overweging, op een andere nabijgelegen locatie” (randnr. 9.1). Voor de door verzoekers verplicht uit te voeren instandhoudings- en onderhoudswerken bestaat er dus geen enkele kans op het verkrijgen van een erfgoedpremie. 16. In het licht van het voorgaande, gaat het bestreden besluit – dat verzoekers verplicht tot het op eigen kosten uitvoeren van instandhoudings- en X-17.207-11/14 onderhoudswerken die blijkens het administratief dossier nutteloos zijn – de grenzen van de redelijkheid te buiten. Het enkele feit dat verzoekers – zoals de verwerende partij in haar laatste memorie aanhaalt – de burgerlijke rechtbank kunnen vatten op grond van het beginsel van de gelijkheid van de burgers voor de openbare lasten, laat niet toe er anders over te oordelen. 17. Het middel is in de aangegeven mate gegrond. V. Omvang van de nietigverklaring 18. In haar memorie van antwoord verzoekt de verwerende partij om een gebeurlijke nietigverklaring te beperken tot de cementrustieke belvedère. In hun laatste memorie stellen verzoekers daar geen bezwaar tegen te hebben. 19. De Raad van State ziet geen reden om niet in te gaan op het verzoek van de verwerende partij. V. Kosten 20. Bij arrest nr. 22/2020 van 13 februari 2020 heeft het Grondwettelijk Hof de woorden “per verzoekende partij” vernietigd in artikel 4, § 4, eerste en derde lid, van de wet van 19 maart 2017 ‘tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand’, zoals het is ingevoegd bij de wet van 26 april 2017. Dit betekent dat de bijdrage, bedoeld in voormeld artikel slechts éénmaal is verschuldigd per verzoekschrift, ongeacht het aantal partijen. Bijgevolg is er aanleiding om de terugbetaling te bevelen van de onterecht betaalde bijdrage. X-17.207-12/14 BESLISSING 1. De Raad van State vernietigt het besluit van de Vlaamse minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed van 31 januari 2018 tot definitieve bescherming als cultuurhistorisch landschap van ‘Sint-Arnolduspark en Tiegemberg’ en als monument de neogotische ‘Sint-Arnolduskapel’, de pittoreske ‘Villa Albert’ en de cementrustieke ‘Belvedère’ in Anzegem (Tiegem), in zoverre het betrekking heeft op de cementrustieke ‘Belvedère’ in Anzegem (Tiegem). De Raad van State verwerpt het beroep voor het overige. 2. Dit arrest dient bij uittreksel te worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het gedeeltelijk vernietigde besluit. 3. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verzoekende partijen gezamenlijk. De onterecht betaalde bijdrage ten bedrage van 20 euro dient te worden terugbetaald aan de verzoekende partijen. X-17.207-13/14 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijftien juni tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.207-14/14 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.902 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div