id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.992 Rolnummer: A. 226998/X-17400 Zaak: Arrest 250992 - Handelsvestigingen - 18/06/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-06-29 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-20 00:34 Fiche Arrest nr 250.992 van 18 juni 2021 Economische zaken - Handelsvestigingen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 250.992 van 18 juni 2021 in de zaak A. 226.998/X-17.400 In zake:
- Frank TIMMERMANS
- Ines VAN DENHOUWE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Gregory Verhelst kantoor houdend te 2000 Antwerpen Bouwmeestersstraat 11 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de GEMEENTE MEISE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk De Greef kantoor houdend te 1700 Dilbeek Eikelenberg 20 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 17 december 2018, strekt tot de nietigverklaring van “de stilzwijgende beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Meise tot het verlenen van een socio-economische vergunning aan dhr. Gunther Van Doorslaer voor een nieuwe kleinhandelszaak in bloemen en planten, gelegen te 1861 Meise, Ossegemstraat 67, kadastraal gekend, 1ste Afdeling, sectie D, nrs. 105B/2, 106D, 107P”, en van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Meise van 6 maart 2017 houdende het verlenen van een socio-economische vergunning aan Gunther Van Doorslaer voor een nieuwe kleinhandelszaak in bloemen en planten, aan de Ossegemstraat 67 te Meise, op percelen kadastraal bekend 1ste afdeling, sectie D, nrs. 105b/2, 106/d en 107/p. X-17.400-1/5 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Tom De Waele heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verwerende partij ter kennis gebracht op 4 december
- Op 8 februari 2021 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verwerende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- X-17.400-2/5 III. Beoordeling
- Gelet op artikel 30, § 3, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ kan de beslissing waarvan de nietigverklaring gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien noch de verwerende partij, noch degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, een verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag van de auditeur waarin de nietigverklaring wordt voorgesteld.
- In het auditoraatsverslag wordt voorgesteld de eerste bestreden beslissing te vernietigen op grond van het eerste middel, omdat ze niet geacht kan worden inhoudelijk voldoende steun te vinden in de stukken van het dossier. Voorgesteld wordt ook om de tweede bestreden beslissing te vernietigen, op grond van het eerste onderdeel van het tweede middel, om reden dat het college van burgemeester en schepenen de beslissing heeft genomen buiten de wettelijke beslissingstermijn en het niet meer bevoegd was ratione temporis.
- De verwerende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Kennelijk kan zij zich vinden in de beoordeling van het auditoraatsverslag.
- Ook de Raad van State ziet geen reden om deze beoordeling niet bij te vallen. Het eerste middel en het eerste onderdeel van het tweede middel zijn gegrond. IV. Kosten
- Bij arrest nr. 22/2020 van 13 februari 2020 heeft het Grondwettelijk Hof de woorden “per verzoekende partij” vernietigd in artikel 4, X-17.400-3/5 § 4, eerste en derde lid, van de wet van 19 maart 2017 ‘tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand’, zoals het is ingevoegd bij de wet van 26 april
- Dit betekent dat de bijdrage, bedoeld in voormeld artikel slechts éénmaal is verschuldigd per verzoekschrift, ongeacht het aantal partijen. Bijgevolg is er aanleiding om de terugbetaling te bevelen van de onterecht betaalde bijdrage. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt 1° de stilzwijgende beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Meise tot het verlenen van een socio-economische vergunning aan Gunther Van Doorslaer voor een nieuwe kleinhandelszaak in bloemen en planten, gelegen te 1861 Meise, Ossegemstraat 67, kadastraal bekend, 1ste afdeling, sectie D, nrs. 105b/2, 106/d, en 107/p, en 2° het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Meise van 6 maart 2017 houdende het verlenen van een socio-economische vergunning aan Gunther Van Doorslaer voor een nieuwe kleinhandelszaak in bloemen en planten, aan de Ossegemstraat 67 te Meise, op percelen kadastraal bekend 1ste afdeling, sectie D, nrs. 105b/2, 106/d en 107/p.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen. De onterecht betaalde bijdrage ten bedrage van 20 euro dient te worden terugbetaald aan de verzoekende partijen. X-17.400-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achttien juni tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.400-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.250.992 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.