id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 juni 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.152 Rolnummer: A. 231446/X-17772 Zaak: Arrest 251152 - Handelsvestigingen - 29/06/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-07-09 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-20 00:31 Fiche Arrest nr 251.152 van 29 juni 2021 Economische zaken - Handelsvestigingen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 251.152 van 29 juni 2021 in de zaak A. 231.446/X-17.772 In zake : de NV LTF SERVICES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Joris Claes kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf van Hoornestraat 51 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering en het interministerieel comité voor de distributie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jan Bouckaert en Stefanie François kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 3 augustus 2020, strekt tot de nietigverklaring van het “besluit van verwerende partij van onbekende datum, ter kennis gebracht op 2 juni 2020, waarbij de weigering dd. 17 oktober 2016 door het college van burgemeester en schepenen van de stad Geel van de socio-economische vergunning voor de vestiging van een schoenenwinkel met een netto handelsoppervlakte van 1.200 m² en een kledingzaak type H&M met een netto handelsoppervlakte van 1.900 m² door verwerende partij bevestigd werd en het beroep van verzoekende partij d.d. 8 november 2016 tegen deze weigering verworpen werd”. II. Verloop van de rechtspleging X-17.772-1/8
- De verzoekende partij heeft een toelichtende memorie ingediend. Eerste auditeur Tom De Waele heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 4 juni
- Staatsraad Stephan De Taeye heeft verslag uitgebracht. Advocaat Joke Derwa, die loco advocaten Stijn Verbist en Joris Claes verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Stefanie François, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Tom De Waele heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- De verzoekende partij is eigenaar van het handelsgeheel “Yellow Park”, gelegen aan de Antwerpseweg 63-69 te Geel. Deze locatie is overeenkomstig het bij ministerieel besluit van 10 april 2012 goedgekeurde provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan X-17.772-2/8 ‘Antwerpseweg’ van de provincie Antwerpen (het PRUP) binnen de ‘zone voor handelslint grootschalige handelszaken’ gelegen. Volgens artikel 1 van de stedenbouwkundige voorschriften van het PRUP is deze zone voor de volgende hoofdactiviteiten bestemd: “- grootschalige handelszaken, d.w.z. handelszaken waarbij de gebouwoppervlakte min. 1000 m² per (winkel)unit en max. 5000 m² per gebouw bedraagt. - kleine en middelgrote ambachtelijke bedrijven met een grotere toonzaalfunctie, d.w.z. bedrijven waarbij de toonzaalfunctie meer dan 10% van de bebouwde gelijkvloerse perceelsoppervlakte inneemt”. In de toelichting bij de voormelde verordenende voorschriften wordt bepaald dat de handelsfunctie beperkt dient te blijven “tot complementaire activiteiten met het centrum, d.w.z. activiteiten die omwille van hun grootschaligheid, aard of mobiliteitsgenerende karakter niet in het centrum thuishoren” en dat “handelszaken die beschouwd worden in het centrum thuis te horen, en dus niet toegelaten zijn in het PRUP, […] o.a. [zijn]: een interim-kantoor, een speelgoedwinkel, een papierhandel, kledingwinkels, een schoenwinkel, een computerwinkel, een bank, ...”. 3.
- Met betrekking tot dit handelsgeheel verleent het college van burgemeester en schepenen van de stad Geel op 27 april 2015 een socio-economische vergunning voor een totale netto handelsoppervlakte van 8.921 m², bestaande uit de volgende zes eenheden: - een speelgoedzaak met een netto handelsoppervlakte van 1.442 m²; - een meubel- en interieurzaak met een netto handelsoppervlakte van 745 m²; - een garage met toonzaal met een netto handelsoppervlakte van 2.134 m²; - een babyspeciaalzaak met een netto handelsoppervlakte van 1.850 m²; - een interieur- en decoratiezaak met een netto handelsoppervlakte van 1.850 m²; - een dierenspeciaalzaak met een netto handelsoppervlakte van 900 m². Met dezelfde beslissing van 27 april 2015 weigert het college van burgemeester en schepenen de socio-economischevergunningsaanvraag voor X-17.772-3/8 de winkel “Trendy Fashion” (kleding, lederwaren en accessoires). Tegen deze weigering tekent de verzoekende partij beroep aan. 3.
- Op 15 juni 2015 verleent het interministerieel comité voor de distributie (hierna: ICD) de gevraagde socio-economische machtiging voor de winkel “Trendy Fashion” met een netto handelsoppervlakte van 1.850 m². 3.
- Op 9 augustus 2016 dient de verzoekende partij bij het college van burgemeester en schepenen van de stad Geel een socio-economischevergunningsaanvraag in tot gedeeltelijke assortimentswijziging (ten belope van 2.750 m² netto handelsoppervlakte) en uitbreiding (ten belope van 3.100 m² netto handelsoppervlakte) van het vergunde handelsgeheel “Yellow Park”, met een totale netto handelsoppervlakte van 13.871m². 3.
- Uit de voormelde aanvraag blijkt dat de op 27 april 2015 vergunde interieur- en decoratiezaak met een oppervlakte van 1.850 m² niet wordt ingevuld en dat de vergunde babyspeciaalzaak tot een oppervlakte van 950 m² wordt ingeperkt. De aanvraag beoogt de vergunning voor een winkel met non-food aanbod van het type Atita/AVA/Yess! (900 m² netto handelsoppervlakte), een winkel in elektrische huishoudtoestellen, meubelen en keukens van het type Krëfel/Electro Depot (1.850 m² netto handelsoppervlakte), alsook de uitbreiding met een schoenenwinkel (1.200 m² netto handelsoppervlakte) en een kledingzaak van het type H&M (1.900 m² netto handelsoppervlakte). 3.
- Op 7 september 2016 brengt het nationaal sociaal-economisch comité voor de distributie een gunstig advies over de aanvraag uit. 3.
- Op 17 oktober 2016 verleent het college van burgemeester en schepenen van de stad Geel de gevraagde socio-economische vergunning voor wat de gedeeltelijke assortimentswijziging betreft. Bij dezelfde beslissing wordt de gevraagde vergunning geweigerd voor wat betreft de uitbreiding met een schoenenwinkel en een kledingzaak van het type H&M. X-17.772-4/8 3.
- Op 8 november 2016 dient de verzoekende partij tegen de weigering van de socio-economische vergunning voor de schoenenwinkel en kledingzaak een beroep in bij het ICD. 3.
- Met een besluit van 12 december 2016 verklaart het ICD het beroep van de verzoekende partij ontvankelijk doch ongegrond en wordt de gevraagde machtiging niet verleend. 3.
- Op vraag van de verzoekende partij vernietigt de Raad van State met zijn arrest nr. 246.878 van 28 januari 2020 de voormelde beslissing. 3.
- Dit arrest wordt op 6 februari 2020 aan de verwerende partij betekend, waarna zij overeenkomstig het toentertijd toepasselijke artikel 11, § 5 iuncto § 7, van de wet van 13 augustus 2004 ‘betreffende de vergunning van handelsvestigingen’ over een nieuwe termijn van 40 dagen beschikt – te dezen tot en met 17 maart 2020 – om verzoekster van haar nieuwe beslissing op de hoogte te brengen. Bij ontstentenis van kennisgeving van de beslissing binnen die termijn wordt de aangevochten weigeringsbeslissing van 17 oktober 2016 als bevestigd beschouwd. 3.
- Omdat de verzoekende partij na het voormelde arrest niets meer van de verwerende partij verneemt, vraagt zij haar met een brief van 28 april 2020 naar de stand van zaken. Na een herinneringsmail van 28 mei 2020 laat de verwerende partij verzoekster op 2 juni 2020 weten dat de “vraag blijkbaar aan onze aandacht ontsnapt is” en dat “de termijn van 40 dagen voor het nemen van een nieuwe beslissing van het ICD al lang verstreken” is. X-17.772-5/8 IV. Ontvankelijkheid 4.
- In haar “nota met verzoek tot toepassing van de gewone procedure” en ter terechtzitting betwist de verwerende partij de ontvankelijkheid ratione materiae en ratione temporis van het beroep. 4.
- Anders dan de verwerende partij dit ziet, richt verzoekster haar beroep op goede gronden tegen de fictieve beslissing van het ICD van 18 maart 2020, die ingevolge de devolutieve werking van het administratief beroep in de plaats is gekomen van de weigeringsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Geel van 17 oktober
- De ontvankelijkheidsexceptie ratione materiae is dan ook ongegrond. 4.
- Waar de verwerende partij de tijdigheid van het beroep betwist, moet vastgesteld worden dat verzoekster met een brief van 28 april 2020, dit is ruimschoots binnen de beroepstermijn, bij de verwerende partij heeft geïnformeerd of zij een nieuwe beslissing heeft genomen, dat de verwerende partij, na aandringen van verzoekster, op 2 juni 2020 heeft erkend dat die vraag aan haar “aandacht ontsnapt is”, en verzoekster heeft medegedeeld dat zij “tegen de stilzwijgende beslissing van het ICD” een beroep bij de Raad van State kan indienen. In die omstandigheden kan de laattijdigheid van het op maandag 3 augustus 2020 ingediende beroep niet aangenomen worden. V. Gegrondheid 5.
- In ’s Raads arrest nr. 246.878 van 28 januari 2020 wordt overwogen: “Door de gevraagde vergunning voor een schoenen- en kledingwinkel op grond van het gestelde in de […] toelichting te weigeren […], gaat de verwerende partij in tegen de duidelijk bepalingen van artikel 1 van de stedenbouwkundige voorschriften van het PRUP […] en schendt zij het in het middel aangevoerde materiëlemotiveringsbeginsel.” X-17.772-6/8 5.
- De verzoekende partij voert in een eerste middel onder meer de schending aan van het gezag van gewijsde van ’s Raads voormelde arrest, om reden dat de bestreden beslissing de weigeringsbeslissing van het stadsbestuur stilzwijgend bevestigt en daardoor oordeelt “dat een toelichtende nota bij een RUP zou mogen afwijken van de verordenende stedenbouwkundige voorschriften van ditzelfde RUP”. In het auditoraatsverslag wordt gesteld dat de bestreden beslissing om deze reden inderdaad ingaat tegen ’s Raads arrest nr. 246.878 van 28 januari 2020 en dat zij het gezag van gewijsde ervan schendt. De verwerende partij voert er geen verweer tegen. Ook de Raad van State ziet geen reden om deze zienswijze van het auditoraat niet bij te treden. 5.
- Het middel is in de aangegeven mate gegrond.
- Bij het nemen van een nieuwe beslissing zal de verwerende partij niet mogen voorbijgaan aan het bepaalde in artikel 1 van de stedenbouwkundige voorschriften van het PRUP. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt de fictieve beslissing van het interministerieel comité voor de distributie van 18 maart 2020 over het beroep ingediend door de nv LTF Services tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Geel van 17 oktober 2016 houdende de weigering van de socio-economische vergunning voor een schoenenwinkel en een kledingzaak van het type H&M in het handelscomplex Yellow Park, gelegen langs de Antwerpseweg 63-69 te Geel. X-17.772-7/8
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negenentwintig juni tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Stephan De Taeye, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Stephan De Taeye X-17.772-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.152 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div