← België

Arrest 251633 - Varia (onderwijs en cultuur) - 28/09/2021

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.633 Rolnummer: A. 227075/IX-9491 Zaak: Arrest 251633 - Varia (onderwijs en cultuur) - 28/09/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-10-11 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-11 07:58 Fiche Arrest nr 251.633 van 28 september 2021 Onderwijs en cultuur - Varia (onderwijs en cultuur) Beslissing : Verwerping Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 251.633 van 28 september 2021 in de zaak A. 227.075/IX-9491 In zake: XXXX woonplaats kiezend te XXXX XXXX tegen: de STAD GISTEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wim Rasschaert kantoor houdend te 9420 Erpe-Mere Schoolstraat 20 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 18 december 2018, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Gistel van 28 augustus 2018 om [XXXX] met ingang van 1 september 2018 bij het gemeentebestuur van Gistel niet aan te stellen als leerkracht lager onderwijs met een opdracht van 22/24”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld. IX-9491-1/9 De verzoekende partij en de verwerende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 september
  3. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Advocaat Robin Beck, die loco advocaat Wim Rasschaert verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een met dit arrest andersluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. Verzoeker is tijdens het schooljaar 2016-2017 als leraar lager onderwijs ‘anderstalige nieuwkomers’ aangesteld met een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur (TADD) in de gemeentelijke basisscholen te Koksijde van de scholengemeenschap Strand & Polder. 3.
  6. Op 15 juni 2017 wordt hij op de hoogte gebracht dat zijn betrekking zal aflopen ingevolge de sluiting van het opvangcentrum te Koksijde. Vervolgens wordt aan verzoeker voor het schooljaar 2017-2018 een nieuwe opdracht binnen de scholengemeenschap aangeboden, namelijk IX-9491-2/9 15/24u te Snaaskerke, Gistel (GBS De Horizon) en 9/24u te Diksmuide (GBS Klavertje Vier). In de loop van de maanden juni, juli en augustus 2017 wordt bij verzoeker meermaals gepolst of hij de aangeboden betrekkingen aanvaardt. Hij antwoordt hierop steeds op dubbelzinnige wijze en blijft, hoewel uitgenodigd, afwezig op de personeelsvergadering. Het college van burgemeester en schepenen van de stad Gistel beslist op 5 september 2017 om verzoeker niet aan te stellen in de gemeentelijke basisschool De Horizon wegens weigering van betrekking. Ook het college van burgemeester en schepenen van de stad Diksmuide beslist op 6 september 2017 om verzoeker niet aan te stellen in de gemeentelijke basisschool Klavertje Vier wegens weigering van betrekking. Verzoeker heeft die beslissingen niet aangevochten. 3.
  7. Bij schrijven van 19 juni 2018 van het beheerscomité van de scholengemeenschap Strand en Polder wordt aan verzoeker voor het schooljaar 2018-2019 een opdracht als onderwijzer aangeboden voor 22/24 in de gemeentelijke basisschool De Horizon te Snaaskerke en een opdracht van 2/24 in de gemeentelijke basisschool Middelkerke
  8. Luidens een ondertussen gesloten convenant met de vakorganisaties wordt een aangeboden opdracht “als aanvaard beschouwd”, tenzij het college van burgemeester en schepenen binnen vijf dagen een aangetekende weigering van de aangeboden opdracht ontvangt. In de mededeling van de opdracht aan verzoeker wordt dit hernomen en wordt hem gevraagd zijn beslissing aan het college mee te delen. Verzoeker reageert niet hierop. Aangezien geen uitdrukkelijke weigering is gevolgd, beslist het college van burgemeester en schepenen van de stad Gistel op 3 juli 2018 IX-9491-3/9 bijgevolg om verzoeker tijdelijk aan te stellen in de gemeentelijke basisschool De Horizon te Snaaskerke met een prestatie van 22/
  9. 3.
  10. Naar aanleiding van deze aanstelling, ontvangt verzoeker van de directie van De Horizon onder meer een uitnodiging voor een werkdag op school op 27 augustus
  11. Op de vraag van de directie van 27 augustus 2018 waarom hij niet aanwezig is op die werkdag, antwoordt verzoeker dezelfde dag om 11.43u per e-mail het volgende: “Ik kom net van een sollicitatiegesprek en heb ander werk.” Op dezelfde dag om 19.07u schrijft verzoeker een e-mail aan de directie, die luidt: “Nu ik zie dat de job in het 5de plots op magische wijze voltijds is geworden i.p.v. 22/24 https://www.vdab.be/vindeenjob/vacatures/58222245/onderwijzeres-5de- leerjaar, mag je met dezelfde magie terug aanstellen.” 3.
  12. Het college van burgemeester en schepenen van de stad Gistel neemt op 28 augustus 2018 akte van de e-mail van verzoeker van 27 augustus 2018 dat hij ander werk heeft gevonden. Het college “neemt hierbij akte van het feit dat [verzoeker] afziet van een tewerkstelling binnen de scholengemeenschap Strand & Polder m.i.v. 1 september 2018”. Hierin leest verzoeker de bestreden beslissing. 3.
  13. Bij collegebesluit van 11 september 2018 wordt NS tijdelijk aangesteld als onderwijzeres aan de gemeentelijke basisschool De Horizon met een prestatie van 24/
  14. IX-9491-4/9 Bij collegebesluit van 18 december 2018 wordt de aanstelling van NS met terugwerking gecorrigeerd naar een opdracht van 22/
  15. IV. Ontvankelijkheid van het beroep
  16. Volgens de verwerende partij is het beroep onontvankelijk omdat het geen ontvankelijk middel bevat in de zin van artikel 2 van het algemeen procedurereglement. Voorts betwist zij een aanvechtbare administratieve handeling te hebben genomen, door akte te nemen van verzoekers ontslag.
  17. Gelet op wat volgt, behoeven deze excepties geen onderzoek. V. Onderzoek van de grief van verzoeker Uiteenzetting van het middel
  18. In het inleidend verzoekschrift zet verzoeker uiteen – op een wijze waarvan de verwerende partij betwist dat het een ontvankelijk middel is – dat hij “meent dat er geen vrijwillig ontslag is gegeven”: “Het feit dat verwerende partij enerzijds wel rekening houdt met de mail waarin verzoeker stelt ander werk te hebben en anderzijds dan weer geen rekening houdt met de direct daaropvolgende mail van verzoeker om opnieuw aangesteld te worden, zich als werkgever geen verdere vragen stelt of de motieven van verzoeker niet verder onderzoekt, sterker nog, om verzoeker meteen buiten spel te zetten door meteen iemand anders aan te stellen en de sleutel terug te eisen van verzoeker (de dag erna is de vacature op VDAB zelfs niet meer gepubliceerd waaruit duidelijk kan aangenomen worden dat men reeds op diezelfde dag 27 augustus 2018 iemand anders heeft aangeworven in de plaats van verzoeker), mag duidelijk begrepen worden onder de verhoudingen (zie onderzoek Mensura) tussen het beleid, verwerende partij en verzoeker waarbij verzoeker al jaren getergd wordt door telkens van school te moeten veranderen en daarbij telkens versnipperde opdrachten over verschillende scholen krijgt, en dit tegen de individuele maatregelen van Mensura in. Het beleid en verwerende partij hebben dan ook meteen de kans schoon gezien (volgens opgezet en/of gedroomd scenario?) om met verzoeker eindelijk en op zeer gemakkelijke wijze te kunnen afrekenen.” IX-9491-5/9
  19. In zijn laatste memorie stelt verzoeker als middel een schending van de materiëlemotiveringsplicht te hebben aangevoerd. Beoordeling
  20. Verzoeker betwist alvast niet dat hij aan de directie van De Horizon liet weten “ander werk” te hebben. Hij schrijft dit als antwoord op een vraag waarom hij niet is komen opdagen op de ontmoetingsdag van 27 augustus 2018, waarop hij nochtans was uitgenodigd en geacht werd aanwezig te zijn. Verzoeker heeft het niet nodig gevonden vooraf te verwittigen dat hij afwezig zou zijn. Aangenomen wordt dat het sollicitatiegesprek niet plots uit de lucht kwam vallen. Voorts is de voorgeschiedenis naar het oordeel van de Raad van State niet zonder belang voor een goed begrip van het gebeuren van 27 augustus 2018: - Ook het voorafgaande schooljaar was verzoeker door de verwerende partij aangesteld in De Horizon, heeft hij nooit duidelijkheid gegeven over zijn intenties, bleef hij afwezig op de personeelsvergadering en heeft de verwerende partij finaal besloten dat verzoeker de betrekking heeft geweigerd en heeft verzoeker die beslissing niet aangevochten. - Verzoeker verzuimt, hoewel uitdrukkelijk daarom werd gevraagd, te antwoorden of hij ingaat op het aanbod van de verwerende partij voor het schooljaar 2018-
  21. - Verzoeker blijft afwezig op enkele contacten waarop hij is uitgenodigd, zonder te verwittigen of zich te verontschuldigen. IX-9491-6/9
  22. Met al deze gegevens voor ogen, mocht de verwerende partij de e-mail van verzoeker zo opvatten dat verzoeker “afziet van tewerkstelling” en daarvan akte nemen.
  23. Verzoeker heeft dezelfde dag inderdaad nog een tweede e-mail gestuurd. Hierin schrijft hij niet, zoals hij beweert, dat hij zijn ontslag intrekt. Er is ook niet in te lezen dat hij zijn vorige bericht in een opwelling schreef en dat hij nog steeds de aanstelling als onderwijzer in De Horizon voor 22/24 zal uitvoeren. Er valt evenmin in te lezen dat hij in ieder geval op 1 september 2018 voor de klas zal staan. Wat verzoeker daarentegen wél doet, is een nieuwe aanstelling vragen, en dit welbepaald in een voltijdse betrekking, nu dit volgens hem “magisch” mogelijk is geworden. Bovendien vergist hij zich hierin, want uit het collegebesluit van 11 december 2018 blijkt dat ook de aanstelling van NS steeds moet zijn geacht een aanstelling voor 22/24 te zijn, zodat de “voorwaarde” van verzoeker in zijn tweede e-mail geen feitelijke grond heeft. Louter ten overvloede wordt vastgesteld dat verzoeker op 12 september 2018 en nogmaals op 17 september 2018 aan de directeur- coördinator van de scholengemeenschap schrijft: “Ik heb reeds in juni aangegeven de opdracht in Gistel/Middelkerke niet te wensen”. Ook in een brief van 25 september 2018 schrijft verzoeker “het aanbod niet te wensen” en in een brief van 8 oktober 2018, in vet en onderlijnd, schrijft hij “Ik heb reeds in juni duidelijk gesteld de aangeboden opdracht niet te aanvaarden maar ik werd tegen mijn wil toch aangesteld!”. In een brief van 6 november 2018 schrijft verzoeker alweer “het versnipperde aanbod in Snaaskerke en Middelkerke niet te wensen”, “maar ik werd tegen mijn wil toch aangesteld”. Deze communicaties dateren weliswaar ná de bestreden beslissing, maar ze zijn geenszins van aard de IX-9491-7/9 beweringen van verzoeker omtrent zijn ware intenties te versterken en te doen twijfelen aan de onwil van verzoeker om een deeltijdse betrekking in Gistel te willen en te zullen uitvoeren. Enkel een voltijdse betrekking in één school kan aan zijn wensen tegemoetkomen.
  24. De uiteenzetting die verzoeker in zijn inleidend verzoekschrift geeft, kan hoe dan ook geen nietigverklaring verantwoorden. BESLISSING
  25. De Raad van State verwerpt het beroep.
  26. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
  27. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achtentwintig september tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter IX-9491-8/9 Vera Wauters Geert Van Haegendoren IX-9491-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.633 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.