← België

Arrest 251670 - Milieuvergunningen - 30/09/2021

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 september 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.670 Rolnummer: A. 223331/VII-40092 Zaak: Arrest 251670 - Milieuvergunningen - 30/09/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-10-11 Raadplegingen: 72 - laatst gezien 2026-06-11 08:13 Fiche Arrest nr 251.670 van 30 september 2021 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 251.670 van 30 september 2021 in de zaak A. 223.331/VII-40.092 In zake: de VZW MILIEUFRONT OMER WATTEZ gevestigd te 9700 Oudenaarde Dijkstraat 75 waar woonplaats wordt gekozen tegen: de DEPUTATIE VAN DE PROVINCIERAAD VAN OOST-VLAANDEREN Tussenkomende partij: Geert WAUTERS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pieter Dewaele kantoor houdend te 8500 Kortrijk Groeningestraat 33 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 25 september 2017, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 13 juli 2017 waarbij het beroep ingesteld tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Nazareth van 30 januari 2017, houdende het verlenen van de milieuvergunning aan Geert Wauters voor het exploiteren van een inrichting voor de opslag en sortering van niet-gevaarlijk afval, gelegen aan de Sluis 15 c 1 te Eke, niet wordt ingewilligd en de beroepen beslissing wordt bevestigd. VII-40.092-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Geert Wauters heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 13 november
  3. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Adjunct-auditeur Benny De Sutter heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 21 juni
  4. Op 18 augustus 2021 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Beoordeling
  6. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. VII-40.092-2/4 Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  7. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
  8. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  9. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. VII-40.092-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertig september tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-40.092-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.670 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.