← België

Arrest 251841 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 14/10/2021

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 oktober 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.841 Rolnummer: A. 233179/IX-9857 Zaak: Arrest 251841 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 14/10/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-10-20 Raadplegingen: 75 - laatst gezien 2026-06-11 12:58 Fiche Arrest nr 251.841 van 14 oktober 2021 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Voortzetting gewone procedure Depersonalisatie Tussenkomst als niet verricht beschouwd Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 251.841 van 14 oktober 2021 in de zaak A. é.179/IX-9857 In zake : XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Tom De Sutter en Angelique Van de Meirssche kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Butenaerts kantoor houdend te 1080 Brussel Leopold II-laan 180 bij wie woonplaats wordt gekozen Verzoekster tot tussenkomst : Fleur DHONT woonplaats kiezend te 9040 Gent Victor Braeckmanlaan 53 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 15 maart 2021, strekt tot de nietigverklaring van: “-‘Het PV van 13 november 2020 van het directiecomité, aangaande het onderzoek van drie bezwaarschriften tegen twee voorstellen tot bevordering in één betrekking van attaché federale opdrachten in de klasse A2, vacant verklaard per dienstnota van 07 november 2018 en één betrekking van attaché PLIF in de klasse A2, vacant verklaard per dienstnota van 20 december 2019, bij de Federale diensten van de Gouverneur van Oost-Vlaanderen’, waarbij het directiecomité besluit tot IX-9857-1/4 het herlanceren van beide bevorderingsbetrekkingen, met name de betrekking in de klasse A2 bij de dienst ‘toezicht en wapenvergunningen’ en de betrekking in de klasse A2 bij de dienst ‘personeel, logistiek, ict en financiën’, vanaf en met inbegrip van de oproep tot kandidaatstelling […] -‘Het PV van 15 januari 2021 betreffende het onderzoek van twee bezwaarschriften tegen de beslissing van het directiecomité dd. 13.11.20 tot annulatie van de bevorderingsprocedures A2 bij de Federale Diensten van de Gouverneur Oost-Vlaanderen’, waarbij het bezwaarschrift van de raadsman van [XXXX] tegen de beslissing van 13.11.2020 werd afgewezen […] -De impliciete weigering vervat in de eerste en tweede bestreden beslissing om [XXXX] voor te dragen om te worden benoemd in de vacant verklaarde bevorderingsbetrekking bij de dienst ‘PLIF’ van de Federale Diensten van de Gouverneur van Oost-Vlaanderen.” II. Verloop van de rechtspleging
  2. Fleur Dhont heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. Op 13 augustus 2021 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoekster tot tussenkomst de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 71, vierde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoekster tot tussenkomst heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. III. Beoordeling
  4. Naar luid van artikel 71, vierde lid, van voormeld besluit van de Regent zal, indien de in het eerste lid bedoelde rekening niet gecrediteerd is IX-9857-2/4 binnen de termijn van dertig dagen na de ontvangst van het overschrijvingsformulier, de vordering als niet verricht worden beschouwd. In het aangetekend schrijven waarbij aan verzoekster tot tussenkomst de voor het overschrijven van de verschuldigde kosten vereiste gegevens werden meegedeeld, heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 71, vierde lid. Verzoekster tot tussenkomst heeft de betrokken rekening niet gecrediteerd binnen de voormelde termijn van dertig dagen. Om die reden dient de vordering als niet verricht te worden beschouwd. BESLISSING
  5. De vordering tot tussenkomst van Fleur Dhont wordt als niet verricht beschouwd.
  6. Ten aanzien van de overige partijen wordt de gewone rechtspleging gevolgd.
  7. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt. IX-9857-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van veertien oktober tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Bruno Seutin IX-9857-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.841 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.255.735 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.