id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 oktober 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.986 Rolnummer: A. 233962/VII-41153 Zaak: Arrest 251986 - Bewakingsondernemingen - 28/10/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-11-09 Raadplegingen: 71 - laatst gezien 2026-06-11 14:35 Fiche Arrest nr 251.986 van 28 oktober 2021 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Bewakingsondernemingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 251.986 van 28 oktober 2021 in de zaak A. é.962/VII-41.153 In zake: Geert D’HONDT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sabrina Holvoet kantoor houdend te 9050 Gent Gaston Crommenlaan 8 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Butenaerts kantoor houdend te 1080 Brussel Leopold II-laan 180 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 26 juni 2021, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de minister van Binnenlandse Zaken, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing van 28 april 2021 waarbij aan verzoeker de identificatiekaart voor het uitoefenen van een leidinggevende functie in een bewakingsonderneming wordt geweigerd. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft op 24 augustus 2021 een verslag opgesteld. VII-41.153-1/4 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 21 oktober
- Staatsraad Peter Sourbron heeft verslag uitgebracht. Advocaat Jo Van Lommel, die loco advocaat Sabrina Holvoet verschijnt voor verzoeker en advocaat Gautier De Wachter, die loco advocaat Stijn Butenaerts verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Verzoeker vraagt een identificatiekaart aan voor het uitoefenen van een leidinggevende functie in verscheidene bewakingsondernemingen. 3.
- Eind januari 2020 wordt een onderzoek naar de veiligheidsvoorwaarden opgestart ten aanzien van verzoeker. 3.
- De Commissie onderzoeken naar de veiligheidsvoorwaarden oordeelt op 19 oktober 2020 dat verzoeker niet aan de veiligheidsvoorwaarden voldoet en adviseert dat een procedure tot weigering van de afgifte van de identificatiekaart wordt aangevat. 3.
- Verzoeker wordt bij brief van 10 december 2020 op de hoogte gesteld van de hem ten laste gelegde feiten, van de maatregel die wordt overwogen, van het recht om inzage te nemen in het dossier en van het recht om zijn verweermiddelen in te dienen, wat hij vervolgens doet op 27 januari
- VII-41.153-2/4 3.
- Op 28 april 2021 weigert de minister van Binnenlandse Zaken de gevraagde identificatiekaart omdat verzoeker niet voldoet aan de voorwaarde gesteld in artikel 61, 6°, van de wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid. Dit is de bestreden beslissing. IV. Schorsingsvoorwaarden
- Krachtens artikel 17, § 1, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan de schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden bevolen onder de dubbele voorwaarde dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring en indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden. Beoordeling van de spoedeisendheid
- Naar eis van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State moet het verzoekschrift “een uiteenzetting van de feiten [bevatten] die, volgens de indiener ervan, de spoedeisendheid verantwoorden die ter ondersteuning van dit verzoekschrift wordt ingeroepen”. Hetzelfde is te lezen in artikel 8, eerste lid, 4°, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. Het komt er voor een verzoekende partij die beweert dat de zaak spoedeisend is op aan om van die urgentie te overtuigen. Zij dient daartoe aan de zaak eigen, specifieke gegevens bij te brengen die in concreto aantonen dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het annulatieberoep te kunnen afwachten, gelet op de nadelige gevolgen die een - voortdurende - tenuitvoerlegging van het bestreden besluit voor haar persoonlijk veroorzaakt. De spoedeisendheid van de zaak wordt niet vermoed, welke ook de aard van de bestreden beslissing is. VII-41.153-3/4
- Het voorliggende verzoekschrift bevat geen uiteenzetting omtrent de spoedeisendheid. Met de enkele vermelding onder de hoofding “Ontvankelijkheid en belang” van het verzoekschrift dat verzoeker een evident belang heeft bij de vordering omdat de bestreden beslissing impliceert dat hij geen leidinggevende functie in een bewakingsonderneming mag opnemen en hij daardoor zijn beroepsinkomen verliest, heeft verzoeker niet aan de stelplicht voldaan.
- Er is niet voldaan aan ten minste één van de voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State die cumulatief vervuld moeten zijn wil een vordering tot schorsing worden toegewezen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achtentwintig oktober tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-41.153-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.986 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div