id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 november 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.252.080 Rolnummer: A. 225839/IX-9344 Zaak: Arrest 252080 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 09/11/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-11-23 Raadplegingen: 73 - laatst gezien 2026-06-11 17:40 Fiche Arrest nr 252.080 van 9 november 2021 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 252.080 van 9 november 2021 in de zaak A. 225.839/IX-9344 In zake: Guy SIMOENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Willy Van der Gucht en Kenneth Gijsel kantoor houdend te 9000 Gent Voskenslaan 34 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD GENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Henry Van Burm kantoor houdend te 9830 Sint-Martens-Latem K.L. Maenhoutstraat 53 bij wie woonplaats wordt gekozen ------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 1 augustus 2018, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het hoofd IVA Stedelijk Onderwijs Gent van 18 juni 2018, waarbij Guy Simoens met ingang van 1 september 2018 als ordemaatregel wordt overgeplaatst van het atheneum Wispelberg naar een andere secundaire school van het Stedelijk Onderwijs Gent. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. IX-9344-1/8 Auditeur Wendy Depester heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partij en de verwerende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 25 oktober
- Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Advocaat Kenneth Gijsel, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Kevin Poelman, die loco advocaat Henry Van Burm verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Wendy Depester heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Verzoeker is vast benoemd leerkracht aan het Stedelijk Onderwijs Gent, geaffecteerd aan het atheneum Wispelberg. Hij is voorwerp van klachten met betrekking tot pesterijen en een verzuurde werksfeer op de school. Op 8 juni 2018 nodigt het hoofd van het intern verzelfstandigd agentschap (IVA) Stedelijk Onderwijs Gent verzoeker uit “voor een gesprek op maandag 18 juni 2018”. De uitnodiging vermeldt geen reden of agenda. IX-9344-2/8 Nadat verzoeker op 12 juni 2018 informeert naar “de doelstelling van het gesprek”, wordt hem op 13 juni 2018 meegedeeld dat het “een individueel gesprek met [D.] omtrent de interne werking van de school” betreft. Op 18 juni 2018 deelt het hoofd van het IVA Stedelijk Onderwijs Gent tijdens dat gesprek aan verzoeker mee dat hij, bij wijze van ordemaatregel, met ingang van 1 september 2018 wordt overgeplaatst van het atheneum Wispelberg naar een andere secundaire school van het Stedelijk Onderwijs Gent. Diezelfde beslissing wordt verzoeker ook met een 18 juni 2018 gedateerde brief ter kennis gebracht: “Zoals ik u heb meegedeeld tijdens ons gesprek van 18 juni 2018 wordt u met ingang van 1 september 2018 als ordemaatregel overgeplaatst van het Atheneum Wispelberg naar een andere secundaire school van het Stedelijk Onderwijs Gent. Gezien de omvang van de klachten die recent door personeelsleden van het Atheneum Wispelberg werden neergelegd, is in het kader van de werking van de school deze maatregel noodzakelijk. Door een steeds groeiende verdeeldheid en verdere polarisering onder de personeelsleden is de onrust op de school momenteel zeer groot en blijvend gestoord. De verstandhouding tussen u en de school is in die mate verstoord dat een verdere tewerkstelling op het Atheneum Wispelberg onmogelijk is geworden. Om een blijvende polemiek onder het personeel tegen te gaan en de serene sfeer en de rust op de school te herstellen, is het daarom noodzakelijk dat u een andere school wordt toegewezen. Wij brengen u zo spoedig mogelijk op de hoogte op welke school u met ingang van 1 september a.s. kunt starten.” IV. Ontvankelijkheid van het beroep Exceptie
- De verwerende partij betoogt dat de bestreden maatregel niet aanvechtbaar is. De maatregel werd genomen “als noodzakelijk ingrijpen om een einde te stellen aan de gespannen, onrustige toestand op de school en houdt geen IX-9344-3/8 oordeel in of/dat de verstoring van de goede werking aan de verzoeker wordt toegerekend” en de maatregel “veroorzaakt geen belangrijke wijziging in de uitoefening van de functie en heeft geen invloed op de statutaire rechten van de verzoeker”. Beoordeling
- De verwerende partij lijkt te willen argumenteren dat de overplaatsing van verzoeker niet méér is dan een gewone affectatie, een maatregel van louter inwendige orde die niet voor vernietiging vatbaar is. Zij dwaalt en verwart de maatregel van inwendige orde met de ordemaatregel. De eerste is in principe niet voor vernietiging vatbaar, de tweede is dat wel.
- De voorliggende overplaatsing is genomen als ordemaatregel en ingegeven door het gedrag van verzoeker, zonder daarom verzoeker voor dit gedrag te willen straffen maar om de verstoorde orde op school te verhelpen. De maatregel is ingegeven door gedrag dat aan verzoeker wordt toegerekend en dat minstens mede de ordeverstoring veroorzaakt, zij het dan enkel dat het gedrag op zich en niet het schuldig bevinden eraan van verzoeker, tot het treffen van de bestreden ordemaatregel aanleiding heeft gegeven.
- Een maatregel die ertoe strekt een verstoring van de dienst door het gedrag van een personeelslid te verhelpen, is geen loutere maatregel van inwendige orde en kan wel degelijk worden bestreden met een beroep tot nietigverklaring. Wat de nadere impact van de maatregel op verzoekers statutaire rechten is, is dan niet ter zake. De exceptie faalt. IX-9344-4/8 V. Onderzoek van het derde middel Vooraf
- In een voetnoot – voetnoot 3 – bij het tweede middel schrijft verzoeker dat “deze ordemaatregel evenwel als een verkapte tuchtmaatregel [dient] te worden aanzien”. Hij werkt dit evenwel niet concreet uit, noch voert hij in één van zijn middelen als wettigheidskritiek aan dat de opgelegde overplaatsing een verdoken tuchtsanctie is. Integendeel. In het eerste middel betoogt hij dat voor het opleggen van de ordemaatregel geen rechtsgrond bestaat. In het tweede middel luidt het dat het hoofd van het IVA Stedelijk Onderwijs Gent niet het bevoegde orgaan is om ordemaatregelen op te leggen. In het derde middel voert verzoeker de schending aan van de hoorplicht als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur – en niet de schending van de rechten van verdediging. In het vierde middel neemt verzoeker de motieven op de korrel. Verzoeker zet pas voor het eerst in zijn laatste memorie uiteen waarom de opgelegde maatregel volgens hem een verholen tuchtmaatregel is. Dat is laattijdig en niet ontvankelijk. Voor het onderzoek van het derde middel wordt er dus geen rekening mee gehouden. Standpunt van de partijen
- Het derde middel is geput uit een schending van de hoorplicht als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. Verzoeker wijst erop dat de beslissing verwijst naar klachten van personeelsleden over zijn persoon, als aanleiding tot de overplaatsing. IX-9344-5/8 Hij heeft niet de kans gekregen om zijn standpunt hierover nuttig aan het bestuur ter kennis te brengen. Hij werd in het ongewisse gelaten over het doel van het gesprek op 18 juni
- De beslissing stond toen eigenlijk al vast. Het gesprek was niet bedoeld om verzoeker de kans te bieden om op nuttige wijze zijn standpunt kenbaar te maken met betrekking tot de voorgenomen maatregel, maar was er klaarblijkelijk enkel op gericht om verzoeker in te lichten over de reeds genomen maatregel.
- De verwerende partij antwoordt dat met verzoeker op 18 juni 2018 “een zeer uitvoerig gesprek” werd gevoerd “nopens de noodzaak en de redenen van de overplaatsing en waarop de verzoeker ook de gelegenheid heeft gehad zijn commentaar te geven”. Het recht om te worden gehoord werd gerespecteerd. Beoordeling
- Aan verzoeker is een ordemaatregel opgelegd die is ingegeven door zijn gedrag. Krachtens een beginsel van behoorlijk bestuur geldt voor de verwerende partij de verplichting om die maatregel pas te nemen nadat verzoeker de mogelijkheid heeft gehad om op een nuttige wijze zijn standpunt daarover kenbaar te maken.
- Verzoeker kan zijn standpunt slechts “nuttig” uiteenzetten als hij voorafgaandelijk kennis krijgt van de maatregel die wordt overwogen en van de motieven die het bestuur ertoe aanzetten om de maatregel in overweging te nemen en indien hij inzage krijgt in het volledige dossier dat aan de beslissende overheid wordt overgelegd, zodat hij met betrekking tot elk van de bestanddelen ervan zijn standpunt kenbaar kan maken. IX-9344-6/8 In de voorliggende zaak is verzoeker uitgenodigd voor “een gesprek” en werd de ware reden voor dit gesprek hem zelfs niet meegedeeld nadat hij erom vroeg. Noch werd hij vooraf geïnformeerd over de voorgenomen maatregel, noch is hem vooraf – of zelfs maar tijdens het gesprek van 18 juni 2018 – een dossier ter inzage gegeven met betrekking tot de klachten die over hem waren geformuleerd. Verzoeker had geen redelijke termijn ter beschikking om zijn verweer adequaat voor te bereiden.
- Méér kon de hoorplicht moeilijk worden miskend. Het middel is gegrond. VI. Overige middelen
- De hierna uit te spreken nietigverklaring houdt in dat – ingeval de verwerende partij de procedure wenst te hernemen – dit minstens moet gebeuren vanaf het punt waarop ze is misgelopen. Gelet op de vernietigingsgrond betekent dit dat zij verzoeker in de gelegenheid moet stellen om nuttig voor zijn standpunt op te komen. Verzoeker zal daarbij alle elementen kunnen voorleggen die hij nuttig acht om de verwerende partij tot een zorgvuldige besluitvorming te brengen. De daaropvolgende nieuwe beslissing zal een eigen motivering hebben die rekening houdt met verzoekers relevante argumenten. Daarop mag en kan de Raad van State niet vooruitlopen, zodat een onderzoek van de overige middelen voorbarig is. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt de beslissing van het hoofd IVA Stedelijk Onderwijs Gent van 18 juni 2018, waarbij Guy Simoens met ingang van 1 september 2018 als ordemaatregel wordt overgeplaatst van het atheneum IX-9344-7/8 Wispelberg naar een andere secundaire school van het Stedelijk Onderwijs Gent.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negen november tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9344-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.252.080 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.