id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 november 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.252.100 Rolnummer: A. 234925/IX-9968 Zaak: Arrest 252100 - Examens (onderwijs) - 10/11/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2021-11-17 Raadplegingen: 74 - laatst gezien 2026-06-11 17:53 Fiche Arrest nr 252.100 van 10 november 2021 Onderwijs en cultuur - Examens (onderwijs) Beslissing : Verwerping Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 252.100 van 10 november 2021 in de zaak A. 234.925/IX-9968 In zake: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Liesbeth Loos kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 122 bus 14 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VZW TACHKEMONI bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 220 bus 14 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 29 oktober 2021, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de beroepscommissie van de vzw Tachkemoni van 7 juli 2021, “waarbij een B-attest werd toegekend aan [XXXX] met gunstig advies om te kunnen blijven zitten in het 3de jaar Economische Wetenschappen in de A-stroom”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 8 november 2021, om 11.30 uur. IX-9968-1/5 Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Advocaat Hanne Lambregts, die loco advocaat Liesbeth Loos verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Jan Fransen, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Verzoekster is tijdens het schooljaar 2020-2021 leerling in het eerste leerjaar van de tweede graad economie (ASO) in het Tachkemoni atheneum te Antwerpen. De over haar delibererende klassenraad kent aan verzoekster op het einde van het schooljaar een oriënteringsattest B toe. Op verhaal van verzoekster beslist de beroepscommissie op 7 juli 2021, verzoeksters vader gehoord, om het B-attest te handhaven. Zij wijzigt wel het ongunstige advies voor overzitten naar ‘gunstig’. Dat is de bestreden beslissing. Ze wordt met een aangetekende zending van 13 juli 2021 aan verzoekster meegedeeld. Ze vermeldt de beroepsmogelijkheden bij de Raad van State. IX-9968-2/5 IV. Ontvankelijkheid van de vordering
- Vooralsnog bestaat er geen noodzaak om over de door de verwerende partij opgeworpen ontvankelijkheidsexceptie uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over die exceptie zouden alleen nodig zijn indien de grondvoorwaarden voor het toewijzen van de vordering tot schorsing vervuld zijn, wat, zoals hierna zal blijken, niet het geval is. V. Uiterst dringende noodzakelijkheid
- Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing.
- De bestreden beslissing is genomen op 7 juli
- De huidige vordering is ingesteld op 29 oktober 2021, bijna vier maanden later. Het gebrek aan diligentie dat uit die proceshouding spreekt vormt de negatie zelf van de ingeroepen uiterst dringende noodzakelijkheid.
- Het argument van verzoekster, dat zij pas op 19 oktober 2021 schriftelijk in kennis is gesteld van de beslissing van de beroepscommissie, dat zij geen kennis had van de bestaande beroepsprocedures en dat haar ouders niet Nederlandstalig zijn, doet niet anders besluiten. Mogelijk mag een en ander van belang zijn om na te gaan wanneer de verjaringstermijn om een annulatieberoep in te stellen, is aangevangen. De tijdigheid van een beroep tot nietigverklaring impliceert evenwel niet ipso facto IX-9968-3/5 dat de uiterst dringende noodzakelijkheid is vervuld. Dat wordt onder meer afgemeten aan de haast die een verzoekende partij zelf betoont bij het instellen van haar vordering.
- Verzoekster wist – of moest weten – dat over haar studieresultaten door de beroepscommissie een evaluatiebeslissing is genomen. Haar vader is gehoord door de beroepscommissie op 7 juli 2021, zodat zij mocht aannemen dat kort erna – in casu: dezelfde dag nog – een beslissing zou vallen. Die beslissing is haar met een aangetekende zending bezorgd. Noch in het verzoekschrift, noch op de terechtzitting gaat verzoekster hierop in. Mocht het al zo zijn dat zij die zending niet heeft ontvangen, noch een bericht van bpost hierover in de brievenbus vond, dan blijkt niet dat zij er bij de school naar heeft geïnformeerd. Bovendien blijkt uit een brief van haar voormalige raadsman van 7 oktober 2021 dat zij in ieder geval dan op de hoogte was van het haar toegekende B-attest. Kortom, het lag op de weg van verzoekster om de nodige informatie in te winnen en ernaar te handelen. Zij geeft geen enkele overtuigende duiding bij het gegeven dat dit niet is gebeurd.
- Die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt de vordering.
- Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt. IX-9968-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tien november tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9968-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.252.100 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.004 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.