id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 december 2021 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.252.473 Rolnummer: A. 231861/XII-8962 Zaak: Arrest 252473 - Overheidsopdrachten - 20/12/2021 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-01-06 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-12 16:37 Fiche Arrest nr 252.473 van 20 december 2021 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 252.473 van 20 december 2021 in de zaak A. 231.861/XII-8962 In zake: de BV NETWORK INNOVATIONS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christophe Coen kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 210 A/10 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Defensie Tussenkomende partij: de SAS METRACOM bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Philippe Carous en Stéphane De Schutter kantoor houdend te 1050 Brussel Riddersstraat 24 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 25 september 2020, strekt tot de nietigverklaring van “[d]e beslissing van 10 september 2020 van de […] Minister van Defensie, waarbij hij beslist om, op basis van art. 81, § 2, 1° van de wet van 17 juni 2016 en Titel 2 van het koninklijk besluit van 18 april 2017, het perceel 2 van deze opdracht betreffende de verwerving en het onderhoud van een kast van het type VSAT te gunnen aan Metracom”. XII-8962-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 248.765 van 27 oktober 2020 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd. Het genoemde arrest is op 4 november 2020 aan de verwerende partij en de tussenkomende partij ter kennis gebracht. Op respectievelijk 5 januari 2021 en 12 januari 2021 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij, de verwerende partij en de tussenkomende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/2, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Gelet op artikel 17, § 6, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 11/2, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ kan de beslissing waarvan de schorsing gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien de verwerende partij of degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing bevolen wordt. XII-8962-2/4 Noch de verwerende partij, noch de tussenkomende partij, heeft een verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het schorsingsarrest.
- Na de kennisgeving van dat arrest heeft de minister van Defensie, bij beslissing van 21 juni 2021, de bestreden beslissing ingetrokken. In die omstandigheden is het beroep zonder voorwerp geworden, en dient het te worden verworpen. IV. Kosten
- In de gegeven omstandigheden past het evenwel de kosten, zijnde het rolrecht, de bijdrage en de door de verzoekende partij gevraagde rechts- plegingsvergoeding van 700 euro, ten laste van de verwerende partij te leggen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. XII-8962-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van twintig december tweeduizend eenentwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Paul Lemmens XII-8962-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.252.473 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.765 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div