← België

Arrest 252962 - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) - 11/02/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 februari 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.252.962 Rolnummer: A. 229968/X-17649 Zaak: Arrest 252962 - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) - 11/02/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-02-21 Raadplegingen: 75 - laatst gezien 2026-06-10 06:15 Fiche Arrest nr 252.962 van 11 februari 2022 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 252.962 van 11 februari 2022 in de zaak A. 229.968/X-17.649 In zake :

  1. Koen DESCHEEMAEKER
  2. Liselot WYDOOGHE woonplaats kiezend bij Koen Descheemaeker Lange Dreve 8 F 8980 Zonnebeke bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Michiel Descheemaeker kantoor houdend te 8900 Ieper Elverdingestraat 11a/1b tegen :
  3. de GEMEENTE ZONNEBEKE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sofie Logie kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen
  4. de OPDRACHTHOUDENDE VERENIGING MILIEUZORG ROESELARE EN MENEN, ROESELARE (MIROM Roeselare) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Sofie Logie en Matthias Castelein kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  5. Het beroep, ingesteld op 13 januari 2020, strekt tot de nietigverklaring van: - “de beslissing van de gemeenteraad van 9 september 2019 van de gemeente Zonnebeke betreffende agendapunt 21 van de dagorde met als titel ‘MIROM – Goedkeuring van de […] verlenging van de bestaansduur van de X-17.649-1/7 intergemeentelijke samenwerking met de maximumtermijn van achttien jaar, zijnde tot 10.11.2037’”; en - “De beslissing van de buitengewoon algemene vergadering van 7 november 2019 van de opdrachthoudende vereniging MIROM betreffende agendapunt 2 van de dagorde met als titel ‘goedkeuring: verlenging van de vereniging (bijzondere meerderheid)’”. II. Verloop van de rechtspleging
  6. De gemeente Zonnebeke heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. MIROM Roeselare heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 2 juli
  7. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partijen hebben een laatste memorie ingediend. De gemeente Zonnebeke heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 oktober
  8. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Michiel Descheemaeker, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Thomas Fiers, die loco advocaat Sofie Logie verschijnt voor de gemeente Zonnebeke en die loco advocaten Sofie Logie en Matthias Castelein verschijnt voor MIROM Roeselare, zijn gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven, behoudens wat de kosten betreft. X-17.649-2/7 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  9. III. Feiten
  10. Verzoekers zijn gemeenteraadslid te Zonnebeke. Op 9 september 2019 buigt de gemeenteraad zich over het agendapunt van het voorstel van MIROM Roeselare om de intergemeentelijke samenwerking te verlengen met achttien jaar, tot 10 november
  11. Op die gemeenteraadszitting vraagt eerste verzoeker naar de cijfers en prijsvergelijking waarop het voorstel tot verlenging zou berusten. De vraag wordt beantwoord door de burgemeester en het raadslid dat de gemeente bij MIROM Roeselare vertegenwoordigt. Het agendapunt wordt goedgekeurd met 17 ja-stemmen en 4 nee-stemmen. Verzoekers stemmen tegen. Op 7 november 2019 beslist de algemene vergadering van de aandeelhouders van MIROM Roeselare met algemene stemmen, inbegrepen die van de vertegenwoordiger van de verwerende partij, om de intergemeentelijke samenwerking MIROM Roeselare te verlengen met achttien jaar. IV. Regelmatigheid van de procedure
  12. Door MIROM Roeselare is een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. Zij is evenwel de auteur van de tweede bestreden beslissing. Er is bijgevolg reden haar als een verwerende partij aan te wijzen, en haar de kosten verbonden aan de tussenkomst terug te geven. X-17.649-3/7 V. Onderzoek van het enige middel Uiteenzetting van het middel
  13. Het enige middel voert de schending aan van het zorgvuldigheidsbeginsel als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. Er is volgens verzoekers doelbewust verkeerde informatie aan de gemeenteraadsleden gegeven. Namelijk hebben de burgemeester en het raadslid dat vertegenwoordiger is bij MIROM Roeselare bevestigend geantwoord op de vraag of er een analyse werd gemaakt waarbij de kostprijs van MIROM Roeselare werd vergeleken met die van andere intercommunales en privébedrijven. Dat klopt niet. Verzoekers hebben door de flagrante leugens hun prerogatieven als gemeenteraadslid niet naar behoren kunnen uitoefenen. Indien de gemeenteraad de correcte informatie had gekregen, “waaruit bv. zou kunnen blijken dat MIROM [Roeselare] niet de meest voordelige partner is”, hadden zij conform artikel 18 van het huishoudelijk reglement een amendement ingediend “omtrent het invoegen van een bepaling/clausule omtrent de prijsvergelijking”, zou het stemgedrag van verzoekers, en mogelijk ook van andere gemeenteraadsleden, anders zijn geweest, en “zou het bestreden punt in aangepaste vorm voor de raad gebracht zijn”. Nu was er echter geen noodzaak om een amendement in te dienen omtrent het organiseren van een prijsvergelijking aangezien op de zitting bevestigd werd dat dit gebeurd was. De eerste bestreden beslissing is op onzorgvuldige wijze tot stand gekomen en de raadsleden hebben geen gebruik kunnen maken van hun prerogatieven om een amendement in te dienen. Hierdoor is ook de tweede bestreden beslissing onwettig tot stand gekomen.
  14. In de memorie van wederantwoord wijzen verzoekers erop dat de verwerende partij de plicht heeft om de gemeenteraad voldoende in te lichten op basis van correcte informatie en dat zij, door de verkeerde informatie, geen gebruik hebben gemaakt van hun prerogatieven om een amendement in te dienen en hun stemgedrag hieraan aan te passen. Zij herhalen dat als zij de correcte informatie X-17.649-4/7 hadden gekregen, zij een amendement hadden kunnen indienen “omtrent het invoegen van een bepaling/clausule/voorwaarde omtrent een prijsvergelijking”, maar dat daar geen noodzaak toe was aangezien er op de gemeenteraadszitting bevestigd werd dat er een prijsvergelijking georganiseerd was.
  15. Verzoekers voegen in de laatste memorie nog toe dat zij een stemming hadden kunnen vragen om bijvoorbeeld als opschortende voorwaarde op te nemen dat een prijsvergelijking moest worden uitgevoerd of om het punt te laten uitstellen. Dit behoort tot hun prerogatieven, maar is niet benut geworden door de valse en foutieve informatie van de verwerende partij. Beoordeling
  16. Zich beroepend op hun functioneel belang als gemeenteraadsleden, kunnen verzoekers ontvankelijk de schending van hun prerogatieven als gemeenteraadslid doen gelden.
  17. De grief van verzoekers is dat zij misleid zijn geworden doordat tijdens de gemeenteraadszitting van 9 september 2019 door de burgemeester en het raadslid dat de gemeente bij MIROM Roeselare vertegenwoordigt, bevestigd werd dat er een prijsvergelijking of -analyse werd uitgevoerd met betrekking tot de kostprijs van MIROM Roeselare. Door die beweerde misleiding zouden zij verhinderd zijn geweest om van hun prerogatieven als gemeenteraadslid gebruik te maken. Er worden er twee genoemd: het vragen van een stemming over het opnemen in de voorgestelde beslissing van een opschortende voorwaarde erin bestaande dat een prijsvergelijking moest worden uitgevoerd, het vragen van een uitstel van de behandeling van het agendapunt naar later.
  18. Naar uit de audio-opname van de gemeenteraadszitting blijkt, heeft eerste verzoeker uitdrukkelijk gevraagd of er een prijsvergelijking of -analyse was gebeurd, of de keuze voor MIROM Roeselare op cijfers gebaseerd was, of er bij de buren of anderen was gekeken. Hij benadrukte dat hij cijfers wou zien en dat hij niet wilde dat de gemeente zonder die informatie gebonden werd voor achttien jaar. X-17.649-5/7 Het mag een feit heten dat érgens in het wollige en ontwijkende antwoord werd meegedeeld dat er een analyse bestond, althans bij MIROM Roeselare, en dat er cijfers konden worden gegeven, toch zeker wat de kost van een afvalzak betreft. Maar evengoed is het een feit dat het gegeven antwoord de vraagsteller volstrekt niet voldeed: hij stelde voor alles uit te stellen opdat men de cijfers kon zien, hij beantwoordde zelf zijn vraag of er bij anderen was gekeken met “Duidelijk niet”, en hij besloot met “Doe uw huiswerk en kom terug”. Niettemin werd vervolgens tot de stemming overgegaan zónder dat de gevraagde prijsvergelijking werd bijgebracht en zónder dat verzoekers om een stemming vroegen over een uitstel of over een amendement met betrekking tot de prijsvergelijking. Verzoekers hielden het bij het uitbrengen van een nee-stem.
  19. Wat verzoekers er finaal van heeft weerhouden om de in het middel aangevoerde prerogatieven uit te oefenen, is niet duidelijk, maar het is kennelijk niet het antwoord geweest op de vraag van eerste verzoeker. Dat antwoord wees voldoende uit dat er geen inzage kon en zou worden gegeven van enige prijsvergelijking zoals verzoekers die wensten. Verzoekers doen niet aannemen het slachtoffer te zijn geweest van een misleiding die hen belet heeft hun prerogatieven als gemeenteraadslid uit te oefenen. Zij overtuigen er niet van dat hun functioneel belang geschonden is. VI. Kosten
  20. Bij arrest nr. 22/2020 van 13 februari 2020 heeft het Grondwettelijk Hof de woorden “per verzoekende partij” vernietigd in artikel 4, § 4, eerste en derde lid, van de wet van 19 maart 2017 “tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand”, zoals het is ingevoegd bij de wet van 26 april
  21. Dit betekent dat de bijdrage, bedoeld in voormeld artikel slechts éénmaal is verschuldigd per verzoekschrift, ongeacht het X-17.649-6/7 aantal partijen. Bijgevolg is er aanleiding om de terugbetaling te bevelen van de onterecht betaalde bijdrage. BESLISSING
  22. De Raad van State verwerpt het beroep tot nietigverklaring.
  23. Verzoekers worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van het beroep, begroot op het rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, verschuldigd aan de verwerende partijen gezamenlijk. Aan Mirom Roeselare worden de kosten van het verzoek tot tussenkomst, ten belope van 150 euro, terugbetaald. De door de verzoekende partijen onterecht betaalde bijdrage van 20 euro wordt aan hen terugbetaald. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf februari tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-17.649-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.252.962 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.