← België

Arrest 253013 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 17/02/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 februari 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.013 Rolnummer: A. 234311/VII-41193 Zaak: Arrest 253013 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 17/02/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-03-03 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-06-10 06:17 Fiche Arrest nr 253.013 van 17 februari 2022 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 253.013 van 17 februari 2022 in de zaak A. 234.311/VII-41.193 In zake : Stephan VAN AUTENBOER bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sam De Nyn kantoor houdend te 1840 Londerzeel Oudemanstraat 25, bus 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Veerle Tollenaere kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het cassatieberoep

  1. Het cassatieberoep, ingesteld op 11 augustus 2021, strekt tot de nietigverklaring van arrest nr. HHC-M-2021-0083 van het Handhavingscollege van 1 juli 2021 in de zaak 1920-HHC-0090-M. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij beschikking nr. 14.578 van 16 september 2021 is het cassatieberoep toelaatbaar verklaard. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. VII-41.193-1/3 Eerste auditeur Wouter De Cock heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan verzoeker ter kennis gebracht op 15 december 2021, samen met de mededeling bedoeld in artikel 18, § 1, vierde lid, van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State’. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. III. Beoordeling
  4. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting ingediend binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in artikel 18, § 1, eerste lid, van voormeld koninklijk besluit.
  5. Het vermoeden van afstand van geding is van toepassing. VII-41.193-2/3 BESLISSING
  6. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  7. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeventien februari tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Eric Brewaeys VII-41.193-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.013 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.