id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 februari 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.091 Rolnummer: A. 235142/XIV-38889 Zaak: Arrest 253091 - Varia (justitie) - 23/02/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-03-09 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-10 06:20 Fiche Arrest nr 253.091 van 23 februari 2022 Justitie - Varia (justitie) Beslissing : heropening debatten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 253.091 van 23 februari 2022 in de zaak A. 235.142/XIV-38.889 In zake : nv BIO-FOR-LIFE HOLDING (in vereffening) woonplaats kiezend te 9280 Lebbeke Lindelaan 34 tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 27 september 2021 en op 21 oktober 2021, strekt tot de nietigverklaring van het vonnis van 9 september 2021 van de Ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Dendermonde, met rolnummer N/21/
- II. Verloop van de rechtspleging
- Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 23 februari 2022 om 14:00 uur. Staatsraad Kaat Leus heeft verslag uitgebracht. XIV-38.889-1/9 Patrick De Croock die verschijnt voor de verzoekende partij en attaché Brecht Vandenberghe die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Frederick Ongena heeft een advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Gegevens van de zaak 3.
- Met een vonnis van 9 september 2021, rechtdoende op tegenspraak, verklaart de Ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Dendermonde de verzoekende partij, ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer 0849.339.027, in staat van faillissement op dagvaarding. Tevens wordt met datzelfde vonnis een curator aangesteld. Het vonnis is met toepassing van artikel XX.108 van het Wetboek Economisch Recht (hierna: het WER) bij voorraad en op de minuut van de uitspraak uitvoerbaar. 3.
- Met een verzoekschrift van 27 september 2021 dat de verzoekende partij aanduidt met het opschrift “verzoekschrift tot hoger beroep” richt de verzoekende partij zich tegen het in punt 3.1 genoemde vonnis. Met een verzoekschrift van 19 oktober 2021 dient de verzoekende partij haar verzoekschrift opnieuw in met “[c]orrectie van de voorpagina van het dossier Patrick De Croock en vennootschap Bio-For-Life Holding NV”. Op die voorpagina wordt als opschrift vermeld “verzoekschrift tot nietigverklaring” waarbij de Raad van State wordt verzocht “om dit faillissement nietig te verklaren vanwege de urgentie voor deze onderneming”. XIV-38.889-2/9 3.
- Vervolgens, met een aangetekende brief van 19 november 2021 voegt de verzoekende partij een afschrift van een vonnis van de Ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Dendermonde van 25 oktober 2021 waarbij de genoemde ondernemingsrechtbank Patrick De Croock “in staat van faillissement op dagvaarding” verklaart. Met datzelfde vonnis wordt ook in dit faillissement een curator aangesteld. Ook dit vonnis is met toepassing van artikel XX.108 van het WER bij voorraad en op de minuut van de uitspraak uitvoerbaar. 3.
- Met een brief van 21 februari 2021 meldt de curator van het faillissement van de verzoekende partij niet op de hoogte te zijn van het door de voormalige bestuurder Patrick De Croock ingediende verzoekschrift, dat het uitsluitend aan de curator toekomt de verzoekende partij in rechte te vertegenwoordigen en dat het neergelegde verzoekschrift dan “ook niet ontvankelijk/ toelaatbaar is”. IV. Regelmatigheid van de rechtspleging Betreffende de na het auditoraatsverslag ingediende stukken
- De verzoekende partij bezorgt na de neerlegging van het auditoraatsverslag aan de Raad van State met e-mails - soms met meerdere e-mails op eenzelfde dag -, van onder meer 14 december 2021, 18 december 2021, 22 december 2021, 28 december 2021, 6 januari 2022, 10 januari 2022, 11 januari 2022, 12 januari 2022, 14 januari 2022, 15 januari 2022, 17 januari 2022, 19 januari 2022, 17 januari 2022, 19 januari 2022, 3 februari 2022, 7 februari 2022, 9 februari 2022, 11 februari 2022, 13 februari 2022, 15 februari 2022, 17 februari 2022, 20 februari 2022, 21 februari 2022 en 22 februari 2022 bijkomende (procedure)stukken.
- Artikel 93 van het algemeen procedurereglement bepaalt dat het auditoraat verslag uitbrengt aan de voorzitter van de kamer belast met de zaak, indien blijkt dat het beroep tot nietigverklaring slechts korte debatten vereist. Deze bepaling voorziet niet - tenzij dan specifiek met het oog op de aanvragen, bedoeld XIV-38.889-3/9 in artikel 93, tweede en derde lid, van het algemeen procedurereglement - in een mogelijkheid voor de partijen om dan nog schriftelijk te reageren op het auditoraatsverslag noch om bijkomende stukken neer te leggen. De in punt 4 bedoelde stukken waarvan de relevantie geenszins blijkt of wordt toegelicht noch in het licht van het voorliggende beroep, noch in het licht van hetgeen in het auditoraatsverslag is uiteengezet, dragen niet bij tot het beter begrijpen of overzichtelijk houden van de reeds ingediende (procedure)stukken. Het procedurereglement voorziet niet in dergelijke stukken, zij worden derhalve uit het debat geweerd. Betreffende de ingediende verzoekschriften
- Luidens de door de verzoekende partij ingediende verzoekschriften van 27 september 2021 en 21 oktober 2021, tekent “[d]e onderneming in faillissement Bio-For-Life Holding NV […] beroep aan bij Raad van State, en zal zijn gerechtelijke procedure ook ten gronde voorleggen bij Raad van State om dit faillissement nietig te verklaren vanwege de urgentie voor deze onderneming.” In een daaropvolgende alinea wordt nog gesteld dat als “appellant” optreedt “Bio-For-Life holding NV 0849.339.027 met maatschappelijke zetel aan de Lindelaan 34 te 9280 Lebbeke, vertegenwoordigd door één bestuurder Patrick De Croock, geboren te Aalst 26 oktober 1963, met rijksregisternummer: 63.10.26.-3[XX.XX] met woonplaats Lindelaan 34 te 9280 Lebbeke.”. De verzoekschriften zijn vervolgens ondertekend door de heer Patrick De Croock. XIV-38.889-4/9
- De verzoekende partij is een rechtspersoon, te dezen een naamloze vennootschap, die in staat van faillissement is verklaard. Een rechtspersoon kan niet zelf, in personae, zijn rechten uitoefenen doch moet een beroep doen op natuurlijke personen die de organen zijn van de rechtspersoon. Wie die organen zijn en welke hun bevoegdheden zijn, wordt vastgesteld door de wettelijke bepalingen die de rechtsvorm beheersen, alsook door de statuten van die rechtspersoon. Niet blijkt - daargelaten nog dat te dezen de vennootschap failliet is verklaard en een curator is aangesteld - dat Patrick de Roock de vennootschap rechtsgeldig kan vertegenwoordigen of namens de verzoekende partij een beroep tot vernietiging bij de Raad van State kan instellen.
- Artikel 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: het algemene procedurereglement) dat het verzoekschrift wordt ondertekend door de partij of door de advocaat die voldoet aan de voorwaarden gesteld in artikel 19, vierde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. Het genoemde artikel 19, vierde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt dat de partijen voor de Raad van State zich mogen laten vertegenwoordigen of bijstaan door advocaten die ingeschreven zijn op de tabel van de Orde der Advocaten of op de lijst van de stagiairs alsook, volgens de bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek, door de onderdanen van een lidstaat van de Europese Unie die gerechtigd zijn om het beroep van advocaat uit te oefenen. Deze advocaten hebben ook steeds het recht op de griffie kennis te nemen van het dossier en de diverse procedurestukken te ondertekenen en in te dienen.
- De Raad van State dient dan ook vast te stellen dat niet blijkt dat de verzoekende partij ter terechtzitting regelmatig vertegenwoordigd was noch, XIV-38.889-5/9 zoals verder nog blijkt, dat het verzoekschrift en de met dat verzoekschrift bijgebrachte stukken rechtsgeldig zijn ingediend. V. Toepassing van de kortedebattenprocedure Ontvankelijkheid van het beroep - regelmatigheid van de beslissing om in rechte te treden
- Artikel 1 van de algemene procedureregeling bepaalt dat een zaak bij de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State aanhangig wordt gemaakt door middel van een verzoekschrift ondertekend door de verzoekende partij of door een advocaat die voldoet aan de voorwaarden gesteld in artikel 19, vierde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. Wanneer het verzoekschrift, zoals te dezen, ingediend namens een rechtspersoon, niet door een advocaat wordt ondertekend maar door een persoon (te dezen Patrick De Croock) die zich bij ondertekening kenbaar maakt als de persoon die optreedt voor “Bio-For-Life holding NV 0849.339.027 met maatschappelijke zetel aan de Lindelaan 34 te 9280 Lebbeke, vertegenwoordigd door één bestuurder Patrick De Croock, geboren te Aalst 26 oktober 1963, met rijksregisternummer [XXXX] met woonplaats Lindelaan 34 te 9280 Lebbeke”, dient erover te worden gewaakt dat de akte werd ondertekend door het orgaan dat wettelijk en statutair ertoe bevoegd is te beslissen om in rechte te treden, wat een grondige analyse vereist. De Raad van State dient evenwel vast te stellen dat geen enkel stuk voorligt waaruit blijkt dat Patrick De Croock aangesteld is als (enige dan wel gedelegeerd) bestuurder of orgaan van dagelijks bestuur van de vennootschap, daargelaten nog de vraag of de (gedelegeerd) bestuurder belast met het dagelijks bestuur [of orgaan van dagelijks bestuur] van de betrokken naamloze vennootschap ook bevoegd is tot het instellen van een annulatieberoep bij de Raad van State, wat vooralsnog niet blijkt. XIV-38.889-6/9 Bovendien is, zoals is uiteengezet onder punt 3.1, de verzoekende partij met het genoemde vonnis van 9 september 2021 dat bij voorraad en onmiddellijk uitvoerbaar is, in staat van faillissement verklaard en is er een curator aangesteld zodat de vraag rijst of Patrick De Croock een verzoekschrift tot nietigverklaring bij de Raad van State kan indienen. In dit verband stelt de Raad van State vast dat de curator van de verzoekende partij met een schrijven van 21 februari 2022 gericht aan de griffie, aan de Raad van State meldt dat de verzoekende partij bij het meergenoemde vonnis van 9 september 2021 failliet is verklaard, dat hij als curator is aangesteld en dat het faillissement inmiddels is “bevestigd bij arrest van 14 februari 2022 van het Hof van Beroep Gent”. De curator meldt nog dat hij van “de toenmalige zaakvoerder De Croock Patrick [ervan] kennis [kreeg] dat deze namens [de verzoekende partij] een verzoekschrift heeft neergelegd bij de Raad van State”, waarvan de curator de inhoud of bedoeling niet kent doch erop wijst dat het gelet op het tussengekomen faillissementsvonnis van 9 september 2021 “uitsluitend de curator toekomt om de verzoekende partij in rechte te vertegenwoordigen” en het verzoekschrift volgens hem dan ook niet ontvankelijk of toelaatbaar is. Tot slot, in de mate Patrick de Croock “als (enige) bestuurder” met een verzoekschrift tot nietigverklaring het faillissement van de verzoekende partij zou (kunnen) bestrijden, rijst nog maar de vraag of dit (nog) mogelijk is cq. of hij dergelijke procedure kan voortzetten nadat hijzelf als “ondernemer” in de zin van artikel I.1 van het WER (iuncto artikel X.99, tweede lid, van het WER) bij vonnis van 25 oktober 2021 in staat van faillissement is verklaard (cfr. punt 3.3) en waarbij de ondernemingsrechtbank eveneens een curator heeft aangeduid met het oog op de afwikkeling van dat faillissement.
- Het auditoraatsverslag nodigt de Raad van State uit het verzoekschrift te verwerpen. In het auditoraatsverslag wordt gesteld dat het ingediende annulatieberoep gericht is tegen het vonnis van de Ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Dendermonde van 9 september 2021 XIV-38.889-7/9 waarbij de verzoekende partij in staat van faillissement wordt verklaard. Dergelijke geschillen behoren evenwel krachtens artikel 144 van de Grondwet tot de uitsluitende bevoegdheid van de hoven en rechtbanken van de rechterlijke macht. De Raad van State is dienaangaande zonder rechtsmacht zodat het beroep in zijn geheel onontvankelijk is bij gebrek aan rechtsmacht van de Raad van State.
- Gebrek aan rechtsmacht noch proceseconomische redenen, hoe opportuun ook, vermogen evenwel niet te billijken dat een beroep bij de Raad van State wordt ingeleid (en door de Raad van State wordt onderzocht) door een persoon die ter zake geen kwaliteit of hoedanigheid heeft, wat vooralsnog niet blijkt. De vraag of de verzoekende partij regelmatig in rechte is getreden, wat moet worden concreet gemaakt aan de hand van pertinente stukken, dan wel de procedure kan voortzetten na het faillissement en het aanstellen van een curator is in het auditoraatsverslag niet betrokken. Die vraag moet eerst worden uitgeklaard alvorens de Raad van State zich over het ingediende beroep - in welke zin dan ook -, kan uitspreken.
- Uit wat voorafgaat, volgt dat de Raad van State de conclusie van het auditoraatsverslag dat de zaak met korte debatten kan worden beslecht, niet bijvalt. De zaak dient voor de behandeling ten gronde dan ook te worden verwezen naar de gewone rechtspleging. BESLISSING
- De Raad van State heropent het debat.
- De zaak wordt verwezen naar de gewone rechtspleging. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drieëntwintig februari tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: XIV-38.889-8/9 Kaat Leus, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Kaat Leus XIV-38.889-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.091 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.328 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div