← België

Arrest 253329 - Overheidsopdrachten - 24/03/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 maart 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.329 Rolnummer: A. 234339/XII-9122 Zaak: Arrest 253329 - Overheidsopdrachten - 24/03/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-03-29 Raadplegingen: 70 - laatst gezien 2026-06-10 06:34 Fiche Arrest nr 253.329 van 24 maart 2022 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 253.329 van 24 maart 2022 in de zaak A. 234.339/XII-9122 In zake: de BV ACADEMIC SOFTWARE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Anthony Poppe kantoor houdend te 1160 Brussel Tedescolaan 7 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Sofie Logie en Fien D’Haenens kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij : de NV EUROFIBER bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Joris Wouters kantoor houdend te 2600 Antwerpen Borsbeeksebrug 36 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 17 augustus 2021, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “[d]e beslissing van de Secretaris-generaal van het departement Onderwijs en Vorming van de Vlaamse Overheid van 29 juli 2021, namens de Vlaamse Regering, tot gunning van de percelen 1, 2 en 3 van de overheidsopdracht van diensten ‘raamovereenkomst voor de aanlevering van provider- en internetdiensten XII-9122- 1/4 voor de Vlaamse onderwijsinstellingen’ aan de bv Telenet voor de percelen 1 en 3 en de nv Eurofiber voor perceel 2”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 251.423 van 6 september 2021 is de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de Vlaamse Gemeenschap van 29 juli 2021 tot gunning van de opdracht van diensten ‘raamovereenkomst voor de aanlevering van provider en internetdiensten voor de Vlaamse onderwijsinstellingen’ aan de bv Telenet voor de percelen 1 en 3 en aan de nv Eurofiber voor perceel
  3. Overeenkomstig artikel 26, § 2, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State’, heeft de voorzitter van de XIIde kamer bij beschikking van 31 januari 2022 aan de partijen voorgesteld dat de zaak niet op een openbare terechtzitting wordt behandeld, tenzij één van de partijen hierom verzoekt. Geen van de partijen heeft om een terechtzitting gevraagd. Overeenkomstig bovenvermelde beschikking, werd het debat gesloten en werd de zaak in beraad genomen op 22 maart
  4. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Opheffing van de schorsing
  6. De verzoekende partij heeft na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om XII-9122- 2/4 de nietigverklaring van de bestreden beslissingen te vorderen. De Raad van State is er in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van de wetten op de Raad van State toe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen.
  7. Met een schrijven van 30 september 2021 deelt de verwerende partij overigens mee dat de secretaris-generaal van het departement Onderwijs de bestreden beslissing op 20 september 2021 heeft ingetrokken. IV. Kosten
  8. Gelet op de intrekking van de bestreden beslissing past het de kosten, zijnde het rolrecht van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, de bijdrage, en de door de verzoekende partij in haar brief van 11 februari 2022 gevraagde basisrechtsplegingsvergoeding van 700 euro, ten laste te leggen van de verwerende partij. BESLISSING
  9. De Raad van State heft de bij arrest nr. 251.423 van 6 september 2021 bevolen schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid op.
  10. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. XII-9122- 3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vierentwintig maart tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Paul Lemmens XII-9122- 4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.329 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2021:ARR.251.423 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.