id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 maart 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.339 Rolnummer: A. 230742/XII-8900 Zaak: Arrest 253339 - Overheidsopdrachten - 24/03/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-04-06 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-06-10 06:33 Fiche Arrest nr 253.339 van 24 maart 2022 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 253.339 van 24 maart 2022 in de zaak A. 230.742/XII-8900 In zake :
- de NV DENYS
- de NV SMET - F & C samen vormend de maatschap NV DENYS – SMET-F&C NV bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Joost Bosquet kantoor houdend te 2650 Antwerpen Mechelsesteenweg 326 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen :
- de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de Eerste minister, en de minister van Mobiliteit
- de MAATSCHAPPIJ VOOR HET INTERCOMMUNAALVERVOER TE BRUSSEL (MIVB) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Manuela von Kuegelgen en Renaud van Melsen kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 250 bus 10 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partijen:
- de NV BAM CONTRACTORS
- de NV GALÈRE
- de NV SOLETANCHE BACHY FRANCE samen vormend een tijdelijke maatschap PROGRES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Joris Wouters en Christophe Lenders kantoor houdend te 2600 Antwerpen Borsbeeksebrug 36 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 29 juni 2020, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de Administrateur-Directeur generaal van XII-8900-1/4 de MIVB van 28 april 2020 waarbij de overheidsopdracht van werken “Uitbreiding van het metronet naar het Noorden - constructie Kunstwerken Noordstation” wordt gegund aan de tijdelijke maatschap Progrès. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 247.827 van 18 juni 2020 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Thomas Maes heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Met toepassing van artikel 26, § 2, van het voornoemde besluit van de Regent van 23 augustus 1948 heeft de voorzitter van de XIIe kamer bij beschikking van 17 januari 2022 aan de partijen voorgesteld dat de zaak niet op een openbare terechtzitting wordt behandeld, tenzij één van de partijen hierom verzoekt. Geen van de partijen heeft om een terechtzitting gevraagd. Overeenkomstig bovenvermelde beschikking, werd het debat gesloten en werd de zaak in beraad genomen op 15 maart
- Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- XII-8900-2/4 III. Teloorgaan van het voorwerp van het beroep
- De bestreden beslissing werd ingetrokken bij besluit van de Maatschappij voor Intercommunaal Vervoer te Brussel van 22 september
- Het voorliggende beroep is derhalve zonder voorwerp geworden. IV. Kosten
- In de gegeven omstandigheden past het de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring ten laste van de verwerende partijen te leggen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verwerende partijen worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 800 euro, een bijdrage van 40 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 1.400 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen. De tussenkomende partijen worden verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 450 euro, elk voor een derde. XII-8900-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vierentwintig maart tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Paul Lemmens XII-8900-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.339 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.247.827 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.