← België

Arrest 253494 - Politie (federale reglementen) - 11/04/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 april 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.494 Rolnummer: A. 219674/XIV-37117 Zaak: Arrest 253494 - Politie (federale reglementen) - 11/04/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-04-13 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-10 06:40 Fiche Arrest nr 253.494 van 11 april 2022 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Politie (federale reglementen) Beslissing : verbeterend arrest Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK XIVe KAMER nr. 253.494 van 11 april 2022 in de zaak A. 219.674/XIV-37.117 In zake : XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Catherine Bibaer kantoor houdend te 2000 Antwerpen Britselei 47-49/5 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Karel De Schoenmaeker kantoor houdend te 1930 Zaventem Luchthaven Nationaal 1J bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan door advocaat Thomas De Donder kantoor houdende te 2018 Antwerpen Lange Lozanastraat 270 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 10 juli 2016, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van 10 juni 2016 van de burgemeester van de stad Antwerpen waarbij aan verzoeker de zware tuchtstraf van het ontslag van ambtswege wordt opgelegd. II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 253.448 van 1 april 2022 werd het beroep tot nietigverklaring verworpen en werd de schorsing opgeheven, waarbij in het beschikkend gedeelte de beslissing wat de kosten betreft luidt: XIV-37.117-1/3 “
  3. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.” Dit betreft een verschrijving aangezien verzoeker eveneens is verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, waardoor het verschuldigde rolrecht 400 euro bedraagt. Deze verschrijving wordt rechtgezet zoals gesteld in het hiernavolgend beschikkend gedeelte. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. BESLISSING
  5. In het arrest nr. 253.448 van 1 april 2022 luidt het beschikkend gedeelte wat de kosten betreft als volgt: “
  6. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij”.
  7. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van verzoeker weggelaten. XIV-37.117-2/3 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf april tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, Carlo Adams, kamervoorzitter, Kaat Leus, staatsraad, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-37.117-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.494 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.002 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.180 ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.448 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.