← België

Arrest 253653 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 05/05/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 mei 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.653 Rolnummer: A. 233579/VII-41103 Zaak: Arrest 253653 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 05/05/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-05-16 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-06-10 06:47 Fiche Arrest nr 253.653 van 5 mei 2022 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VIIe KAMER nr. 253.653 van 5 mei 2022 in de zaak A. é.579/VII-41.103 In zake :

  1. de BV L’AMATEUR
  2. Murielle SCHERRE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jan Van Eeckhaut kantoor houdend te 9000 Gent Mathias Gesweinstraat 44 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen :
  3. Mario COPPENS die woonplaats kiest te 9000 Gent Burgstraat 23 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Anthony Demol kantoor houdend te 8000 Brugge Ter Pannestraat 1
  4. Mieke JOOS -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  5. Het cassatieberoep, ingesteld op 3 mei 2021, strekt tot de nietigverklaring van arrest nr. RvVb-A-2021-0788 van de Raad voor Vergunningsbetwistingen (hierna : RvVb) van 25 maart 2021 in de zaak 1920-RvVb-0429-A. II. Verloop van de rechtspleging
  6. Het cassatieberoep is toelaatbaar verklaard bij beschikking van 22 juni
  7. VII-41.103-1/5 De eerste verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft op 9 december 2021 een verslag opgesteld, op grond van artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State’. De verzoekende partijen hebben een verzoek tot voortzetting van de procedure teneinde te worden gehoord ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 21 april
  8. Staatsraad Pierre Lefranc heeft verslag uitgebracht. Advocaat Peter De Wilde, die loco advocaat Jan Van Eeckhaut verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Anthony Demol, die verschijnt voor de verwerende partijen, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 (hierna : RvS-wet). III. Feiten
  9. Op 5 december 2019 verleent de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen (hierna: deputatie) aan Scherre een omgevingsvergunning “voor het inrichten van een dakterras bij een handelswoning (regularisatie)”. VII-41.103-2/5
  10. Het bestreden arrest: - verwerpt het verzoek tot tussenkomst van Scherre; - verklaart het eerste middel van Coppens en Joos “in de aangegeven mate” gegrond; - vernietigt de bestreden vergunningsbeslissing van de deputatie. IV. Onderzoek van de ontvankelijkheid van het beroep Exceptie Coppens
  11. Coppens voert aan dat “eiser in cassatie”: - “niet over de vereiste hoedanigheid van betrokken partij” beschikt “[i]ngevolge de onontvankelijkheid van het verzoek tot tussenkomst voor de [RvVb]”; - niet “over [het] benodigde belang beschikt” omdat een cassatieberoep “enkel [kan] ingesteld worden door de partijen die betrokken waren in de procedure in laatste administratieve aanleg” en “[e]iser tot cassatie […] niet betrokken [was] in de procedure voor de [RvVb]”.
  12. De bv l’Amateur en Scherre repliceren dat “de hele betwisting handelt over de vergunningsaanvraag die [zij] hebben ingediend” en bijgevolg blijk te geven “van de vereiste hoedanigheid en van het vereiste belang” omdat zij “in casu wel degelijk betrokken partijen” zijn “ook al werd hun tussenkomst in de debatten voor de [RvVb] niet ontvankelijk verklaard”. Beoordeling
  13. Cassatieberoep tegen een arrest van de RvVb kan, gelet op de vereiste van hoedanigheid in artikel 3 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 ‘tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State’ gelezen in samenhang met artikel 19 van de RvS-wet, enkel worden ingesteld door één der bij dit arrest betrokken partijen met inachtneming van de ter zake geldende procedureregels. VII-41.103-3/5
  14. Uit de gegevens waarop de Raad van State acht mag slaan, blijkt dat in de procedure voor de RvVb: - de bestreden omgevingsvergunning werd aangevraagd door en verleend aan Scherre; - de bv l’Amateur geen verzoek tot tussenkomst heeft ingediend; - het verzoek tot tussenkomst van Scherre onontvankelijk werd verklaard door het bestreden arrest.
  15. Het cassatieberoep van de bv l’Amateur en Scherre is beperkt tot de gegrondverklaring van het eerste middel van Coppens en Joos.
  16. Het bestreden arrest verklaart het verzoek tot tussenkomst van Scherre onontvankelijk om redenen die niet voor de Raad van State worden betwist.
  17. De bv l’Amateur en Scherre zijn bijgevolg geen bij de zaak voor de RvVb betrokken partij die hoedanigheid en belang hebben om cassatieberoep in te stellen.
  18. Het cassatieberoep is onontvankelijk. BESLISSING
  19. De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.
  20. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van het cassatieberoep, begroot op een rolrecht van 400 euro, elk voor de helft, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de eerste verwerende partij. VII-41.103-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijf mei tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Carlo Adams, kamervoorzitter, Pierre Lefranc, staatsraad, Peter Sourbron, staatsraad, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Carlo Adams VII-41.103-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.653 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.