id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 juni 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.983 Rolnummer: A. 234618/IX-9947 Zaak: Arrest 253983 - Varia (justitie) - 13/06/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-06-23 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-06-10 07:03 Fiche Arrest nr 253.983 van 13 juni 2022 Justitie - Varia (justitie) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 253.983 van 13 juni 2022 in de zaak A. 234.618/IX-9947 In zake: Nikolay Vasilev NINOV bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Peter Donné kantoor houdend te 3850 Wijer Grotestraat 291 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Michel van Dievoet kantoor houdend te 1000 Brussel Wolstraat 56 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 4 september 2021, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van 16 juni 2021 van de federale overheidsdienst Justitie, directoraat-generaal Rechterlijke Organisatie, Nationaal Register voor gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken waarbij de voorlopige inschrijving van Nikolay Vasilev Ninov in het Nationaal Register voor gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken wordt geschrapt. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. IX-9947-1/10 Eerste auditeur-afdelingshoofd Werner Weymeersch heeft een verslag opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 31 januari
- Staatsraad Bruno Seutin heeft verslag uitgebracht. Advocaat Gautier De Wachter, die loco advocaat Peter Donné verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Michel van Dievoet, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Werner Weymeersch heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Verzoeker legt op 19 december 2019 de eed af als vertaler-tolk voor het hof van beroep te Antwerpen. 3.
- Op 26 november 2019 deelt verzoeker mee dat hij verhuisd is naar het volgende adres: Leopoldlaan 7 bus 1 te 3900 Overpelt. De verwerende partij vraagt hem die adreswijziging zelf door te voeren via https://access.eservices.just.fgov.be/edeposit/nl. 3.
- Met een brief van 27 januari 2020 deelt de procureur-generaal bij het hof van beroep te Antwerpen aan het Nationaal Register voor IX-9947-2/10 gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken het volgende mee: “Met verwijzing naar uw e-mail van 10 juli 2019, blijkt uit het nazicht van de databanken […] dat Ninov Nikolay gekend is. Hierbij deel ik u volgende inlichtingen mee: - betrokkene werd herhaaldelijk veroordeeld door de politierechtbank; - er werd lastens betrokkene in het verleden een strafonderzoek gevoerd dat zonder gevolg werd gerangschikt om reden van ‘beperkte maatschappelijke weerslag’
(2018); - lastens betrokkene werd eveneens in het kader van een ander strafonderzoek een strafbemiddelingsprocedure opgestart. Deze procedure is inmiddels geëindigd
(2018); - recent werd nog een strafonderzoek lastens betrokkene gevoerd. Dit werd inmiddels zonder gevolg geklasseerd wegens regularisatie van de toestand
(2019).” Als bijlage bevat die brief een uittreksel uit het strafregister waarop onder andere een veroordeling wegens geen verzekering burgerlijke aansprakelijkheid vermeld wordt door de politierechtbank Limburg, afdeling Beringen van 11 mei
- 3.
- Op 30 januari 2020 deelt de verwerende partij per brief aan verzoeker het volgende mee: “Wij hebben vastgesteld dat u niet voldoet aan de wettelijke voorwaarden om voorlopig opgenomen te worden in het nationaal register voor gerechtsdeskundigen en beëdigd vertalers-tolken. U vervult niet alle voorwaarden van opname, zoals voorzien in de artikelen 28 en 29 van de wet van 10/4/2014 en artikel 555/8 van het Gerechtelijk Wetboek. Deze artikelen bepalen dat enkel de natuurlijke personen die voldoen aan de volgende voorwaarden voorlopig kunnen worden opgenomen in het nationaal register voor gerechtsdeskundigen en beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken: […] 2° niet veroordeeld zijn bij een in kracht van gewijsde gegane veroordeling, zelfs niet met uitstel, tot een correctionele of criminele straf, bestaande uit een geldboete, een werkstraf of een gevangenisstraf, behoudens veroordelingen wegens inbreuken op de wetgeving betreffende de politie over het wegverkeer [...]. IX-9947-3/10 Wij stellen vast dat u niet voldoet aan de voorwaarde bepaald in artikel 555/8, 2° van het Gerechtelijk Wetboek. Uw dossier wordt voorgelegd aan de aanvaardingscommissie voor advies. Op grond van artikel 555/12 § 2 Ger. W. wordt u uitgenodigd om gehoord te worden door de aanvaardingscommissie. Gelieve zo snel mogelijk een kopie van het vonnis van de politierechtbank Limburg van 11/05/2017 te bezorgen aan onze dienst via mail naar NRBVT-RNTIJ@just.fgov.be zodat uw dossier kan worden voorbereid. U wordt verwacht op dinsdag 11/02/2020 om 9:00 uur – FOD Justitie – Waterloolaan 90, 1000 Brussel. Gelieve zo snel mogelijk te bevestigen of u al dan niet aanwezig kunt zijn. U mag ook schriftelijk een verklaring indienen.” Een exemplaar van deze brief, die geadresseerd is aan verzoeker op het adres Leopoldlaan 68 te 3900 Overpelt, wordt dezelfde dag ook per e-mail aan verzoeker bezorgd. 3.
- Op 6 februari 2020 deelt verzoeker aan de verwerende partij per e-mail mee: “Ik zal 11/02/2020 niet aanwezig kunnen zijn. Een kopie van mijn dossier ligt bij de politierechtbank in Beringen. Mijn uitstel loopt tot mei 2020 denk ik. Kan ik daarna opnieuw een aanvraag indienen om in het nationaal register te komen of gebeurt dit automatisch?” 3.
- In haar zitting van 11 februari 2020 geeft de aanvaardingscommissie het volgende advies: “Betrokkene is ingeschreven in register. Hij heeft de eed afgelegd en is nog geactiveerd. Het dossier werd voorgelegd aan de adviescommissie omdat uit het moraliteitsonderzoek gebleken is dat de betrokkene een correctionele veroordeling opliep met name: - meerdere veroordelingen politierechtbank o.a. intoxicatie, vluchtmisdrijf (2 maal) - 11/05/2017: politierechtbank Limburg: eigenaar/bewaarder geen verzekering BA. Een veroordeling wegens niet verzekering is een correctionele veroordeling die niet gebaseerd is [op] de wet politie wegverkeer en valt bijgevolg niet onder de uitzonderingen van art. 588/8, 2° Ger.W. Betrokkene is ook gekend in andere strafzaken, maar werd niet veroordeeld. Een zaak werd opgelost via bemiddeling. Een andere zaak IX-9947-4/10 werd geregulariseerd. Gezien de betrokkene niet verschenen is kan hij geen toelichting geven over de dossiers. Betrokkene verblijft sinds 2003 in België. Hij had acht werkgevers tussen 2003 en
- Het is onduidelijk wat nu zijn hoofdberoep is. Uit dit alles blijkt dat naast de correctionele veroordeling de betrokkene herhaaldelijk in aanraking is gekomen met het gerecht voor allerhande feiten. Hij heeft het niet nodig gevonden te verschijnen en gaat er blijkbaar vanuit dat hij na afloop van de periode van uitstel voor een gedeelte van de boete opnieuw kan opgenomen worden. Besluit: De opgelopen veroordeling tot een correctionele straf is wel degelijk een bezwaar voor de opname in het nationaal register. De commissie adviseert dan ook de inschrijving te schrappen.” 3.
- Op 16 juni 2021 beslist de verwerende partij dat de voorlopige inschrijving van verzoeker in het Nationaal Register voor gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken wordt geschrapt. Deze beslissing luidt als volgt: “Hierbij deel ik u mee, tot onze spijt, dat er besloten werd uw voorlopige inschrijving in het Nationaal Register voor gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken te schrappen. Deze beslissing werd genomen op basis van artikel 555/12 van het Gerechtelijk wetboek, gelet op: - Het moraliteitsonderzoek waaruit blijkt dat de betrokkene een correctionele veroordeling opliep met name: o meerdere veroordelingen politierechtbank o.a. intoxicatie, vluchtmisdrijf (2 maal) o 11/05/2017: politierechtbank Limburg: eigenaar/bewaarder geen verzekering BA. Een veroordeling wegens niet verzekering is een correctionele veroordeling die niet gebaseerd is [op] de wet politie wegverkeer en valt bijgevolg niet onder de uitzonderingen van art. 588/8, 2° Ger.W.; - Betrokkene is ook gekend in andere strafzaken, maar werd niet veroordeeld. Een zaak werd opgelost via bemiddeling. Een andere zaak werd geregulariseerd; - Het advies op 11/02/2020 van de aanvaardingscommissie, dat van oordeel is dat de opgelopen veroordeling tot een correctionele straf een bezwaar vormt voor opname in het Nationaal register. De commissie adviseert de inschrijving van de heer Ninov Nikolay Vasilev in het Nationaal register te schrappen. In bijlage vindt u een kopie van het advies van [de] Aanvaardingscommissie. De schrapping zal van toepassing zijn vanaf 16/06/2021.” IX-9947-5/10 Dat is de bestreden beslissing. IV. Ontvankelijkheid van het beroep
- Vooralsnog bestaat er geen noodzaak om over de door de verwerende partij opgeworpen ontvankelijkheidsexceptie uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over die exceptie zouden alleen nodig zijn indien de grondvoorwaarden voor het toewijzen van de vordering tot schorsing vervuld zijn, wat, zoals hierna zal blijken, niet het geval is. V. Schorsingsvoorwaarden
- Krachtens artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan de schorsing van de tenuitvoerlegging slechts worden bevolen onder de dubbele voorwaarde dat de zaak te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring en indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden. VI. Ernst van de middelen A. Eerste middel Uiteenzetting van het middel
- In zijn eerste middel voert verzoeker de schending aan van het zorgvuldigheidsbeginsel en de rechten van verdediging, gelezen in samenhang met artikel 555/12, § 1, van het Gerechtelijk Wetboek. Verzoeker stelt in essentie dat hij “nooit” enige uitnodiging vanwege de aanvaardingscommissie heeft ontvangen. Hij werd immers aangeschreven op een foutief adres, terwijl zowel de aanvaardingscommissie als IX-9947-6/10 de minister op de hoogte was van het correcte adres. Omdat verzoeker niet conform de in artikel 555/12, § 1, van het Gerechtelijk Wetboek bepaalde wijze is uitgenodigd, heeft hij ook geen opmerkingen kunnen maken. Hierdoor is er onzorgvuldig gehandeld en zijn de rechten van verdediging geschonden. Beoordeling
- Uit het administratief dossier blijkt dat verzoeker zowel met een brief van 30 januari 2020 als met een e-mail van diezelfde dag – waarbij een kopie van die brief was gevoegd – is uitgenodigd voor de hoorzitting van de aanvaardingscommissie op 11 februari
- Zowel in die brief als in de e-mail wordt uiteengezet dat verzoeker zal worden gehoord over de voorwaarden om te worden opgenomen in het Nationaal Register voor gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken. In antwoord hierop heeft verzoeker op 6 februari 2020 aan de verwerende partij per e-mail meegedeeld dat hij niet aanwezig kon zijn op de hoorzitting van 11 februari
- Verzoeker kan dan ook niet op een geloofwaardige wijze beweren “nooit” een uitnodiging voor de hoorzitting te hebben ontvangen. Bovendien dient er nog op te worden gewezen worden dat aan verzoeker, nadat hij op 26 november 2019 aan de verwerende partij had meegedeeld te zijn verhuisd, door de verwerende partij onmiddellijk is meegedeeld dat hij die adreswijziging zelf diende door te voeren via https://access.eservices.just.fgov.be/edeposit/nl. Verzoeker heeft de ontvangst van die e-mail bevestigd. Hij levert niet het bewijs achteraf aan die verplichting te hebben voldaan.
- Het eerste middel is niet ernstig. IX-9947-7/10 B. Tweede middel Uiteenzetting van het middel
- In zijn tweede middel voert verzoeker de schending aan van het proportionaliteitsbeginsel en de “formele annex materiële motiveringsplicht”. Vooreerst wijst verzoeker erop dat de aanvaardingscommissie in haar negatief advies “quasi woordelijk” de inhoud van de brief van het openbaar ministerie van 27 januari 2020 overneemt. Hij stelt dat die brief in zeer algemene bewoordingen is gesteld en dat daarin enkel gewag wordt gemaakt van “enkele strafonderzoeken zonder verdere specificatie”. Daarnaast wijst verzoeker op artikel 555/8, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek en stelt hij dat in de bestreden beslissing niet wordt gemotiveerd waarom de correctionele veroordeling bij een vonnis van de politierechtbank te Beringen van 11 mei 2017 een bezwaar zou vormen voor de uitvoering van zijn vertaal- of tolkwerkzaamheden. Dit vonnis betreft volgens verzoeker slechts een eenmalig feit van rijden zonder een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid waarvoor hij veroordeeld werd tot de minimumgeldboete (met uitstel voor de helft) en een rijverbod van tien dagen. Ook wijst verzoeker erop dat hij niet de mogelijkheid heeft gekregen om tekst en uitleg te geven bij de voormelde veroordeling. Ten slotte stelt verzoeker dat nooit enige klacht werd geuit over zijn vertaal- en tolkwerkzaamheden, terwijl hij met de regelmaat van de klok werd opgeroepen als vertaler-tolk. Hij besluit dan ook dat hij te zwaar is gestraft op grond van het vonnis van de politierechtbank te Beringen van 11 mei
- IX-9947-8/10 Beoordeling 10.
- Artikel 555/8, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek luidt als volgt: “Enkel de natuurlijke personen die voldoen aan de volgende voorwaarden kunnen worden opgenomen in het nationaal register voor gerechtsdeskundigen en beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken: […] 2° niet veroordeeld zijn bij een in kracht van gewijsde gegane veroordeling, zelfs niet met uitstel, tot een correctionele of criminele straf, bestaande uit een geldboete, een werkstraf of een gevangenisstraf, behoudens veroordelingen wegens inbreuken op de wetgeving betreffende de politie over het wegverkeer en behoudens veroordelingen die volgens de minister van Justitie kennelijk geen bezwaar vormen voor de uitvoering van deskundigenonderzoeken in het domein van deskundigheid en specialisatie waarvoor ze zich in de hoedanigheid van gerechtsdeskundige hebben laten registreren of voor de uitvoering van de vertaal- of tolkwerkzaamheden door de beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken, in de talen waarvoor ze zich hebben laten registreren in de hoedanigheid van beëdigd vertaler, tolk of vertaler-tolk. Deze bepaling is van overeenkomstige toepassing op personen die in het buitenland tot een soortgelijke straf zijn veroordeeld bij een in kracht van gewijsde gegaan vonnis.” Uit de bestreden beslissing blijkt dat verzoeker op 11 mei 2017 door de politierechtbank Limburg is veroordeeld omdat hij als eigenaar/bewaarder van een voertuig geen verzekering burgerlijke aansprakelijkheid had en dat een veroordeling wegens niet verzekerd zijn een correctionele veroordeling is die niet gesteund is op de wet van 16 maart 1968 ‘betreffende de politie over het wegverkeer’ en bijgevolg niet valt onder de uitzonderingen van artikel 555/8, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek. Dat op zich volstaat om de voorlopige inschrijving van verzoeker in het Nationaal Register voor gerechtsdeskundigen en voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken te schrappen. De bestreden beslissing is dan ook op afdoende wijze gemotiveerd met de precieze vermelding van de reden tot schrapping. 10.
- In de mate dat verzoeker nog aanvoert dat hij niet de mogelijkheid heeft gekregen om tekst en uitleg te geven bij de voormelde veroordeling, dient erop te worden gewezen dat verzoeker – zoals uit de IX-9947-9/10 beoordeling van het eerste middel blijkt – de uitnodiging voor de hoorzitting heeft ontvangen maar verzuimd heeft te verschijnen voor de aanvaardingscommissie of een schriftelijk verweer voor te dragen. 10.
- In zoverre verzoeker nog stelt dat nooit enige klacht werd geuit over zijn vertaal- en tolkwerkzaamheden, terwijl hij geregeld werd opgeroepen als vertaler-tolk, is dit niet ter zake gelet op het bepaalde in artikel 555/8, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek.
- Uit wat voorafgaat volgt dat het tweede middel niet ernstig is.
- Er is niet voldaan aan ten minste één van de voorwaarden gesteld in artikel 17, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State die cumulatief vervuld moeten zijn wil een vordering tot schorsing worden toegewezen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertien juni tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Bruno Seutin IX-9947-10/10 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.983 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.961 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div