← België

Arrest 254085 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 23/06/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 juni 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.085 Rolnummer: A. 228166/IX-9549 Zaak: Arrest 254085 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 23/06/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-07-04 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-10 07:07 Fiche Arrest nr 254.085 van 23 juni 2022 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : heropening debatten Voortzetting gewone procedure Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 254.085 van 23 juni 2022 in de zaak A. 228.166/IX-9549 In zake: Yvette RAES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Joris Vercammen kantoor houdend te 2800 Mechelen Schuttersvest 4-8 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de FEDERALE PENSIOENDIENST -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 9 mei 2019, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van 8 maart 2019 van de administrateur-generaal van de Federale Pensioendienst inzake de aan- en afwezigheden van Yvette Raes in
  2. II. Verloop van de rechtspleging
  3. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Melissa Celis heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 2 juli
  4. IX-9549-1/4 Op 16 augustus 2021 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft gevraagd om te worden gehoord. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 14 februari
  5. Staatsraad Bruno Seutin heeft verslag uitgebracht. Advocaat Iris Vercammen, die loco advocaat Joris Vercammen verschijnt voor de verzoekende partij en attaché Ruben Billiet, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Melissa Celis heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  6. III. Regelmatigheid van het verzoek tot voortzetting van de procedure
  7. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. IX-9549-2/4 Het auditoraatsverslag dat de verwerping van het beroep voorstelt, is door de griffie van de Raad van State op 1 juli 2021 betekend aan de raadsman van verzoekster waar verzoekster woonplaatskeuze heeft gedaan en is aldaar op 2 juli 2021 in ontvangst genomen. De laatste nuttige dag om een verzoek tot voortzetting in te dienen, was dan ook 2 augustus
  8. Uit de stukken die de raadsman van verzoekster neerlegt, blijkt dat hij tijdig om de voortzetting van de procedure heeft verzocht met een aangetekende brief van 30 juli 2021, die ingevolge een louter materiële misslag niet op het adres van de Raad van State is aangeboden. Niet blijkt dat de verzoekende partij door deze materiële misslag de intentie had de wettelijke termijn te omzeilen of te ontduiken. Er is geen reden om de sanctie van artikel 21, zesde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State toe te passen. De rechtspleging dient bijgevolg volgens de gewone regels te worden voortgezet. BESLISSING
  9. De Raad van State heropent het debat.
  10. De Raad van State verwijst de zaak naar de gewone rechtspleging. IX-9549-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drieëntwintig juni tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Bruno Seutin IX-9549-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.085 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.659 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.