← België

Arrest 254516 - Overheidsopdrachten - 15/09/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 september 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.516 Rolnummer: A. 237090/XII-9259 Zaak: Arrest 254516 - Overheidsopdrachten - 15/09/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-09-16 Raadplegingen: 82 - laatst gezien 2026-06-10 07:27 Fiche Arrest nr 254.516 van 15 september 2022 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Inwilliging tussenkomst Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 254.516 van 15 september 2022 in de zaak A. 237.090/XII-9259 In zake: de BV EUROFINS ANALYTICO bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Karen Vermaere en Philippe Loix kantoor houdend te 2000 Antwerpen Oudeleeuwenrui 19 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jens Debièvre en Matthias Castelein kantoor houdend te 1000 Brussel Havenlaan 86c, 113b bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de NV ECCA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bettina Poelemans kantoor houdend te 9051 Sint-Denijs-Westrem Jean-Baptiste de Ghellincklaan 31 bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 24 augustus 2022, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de secretaris-generaal van het departement Omgeving van het Vlaamse Gewest van 9 augustus 2022 waarbij de vijf percelen van de overheidsopdracht voor diensten met als voorwerp ‘Meting, bemonstering en analyse van afvalwater, koelwater, oppervlaktewater en grondwater’ en met referentie OMG_HH_2022_004 worden gegund aan de nv Ecca. XII-9259-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Met een verzoekschrift van 5 september 2022 heeft de nv Ecca gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. De partijen zijn overeenkomstig artikel 16, § 2, derde lid, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 ‘tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State’ door de voorzitter van de XIIe kamer bijeengeroepen voor een virtuele terechtzitting via Teams, op donderdag 15 september
  3. Kamervoorzitter Paul Lemmens heeft verslag uitgebracht. Advocaat Philippe Loix, die verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Matthias Castelein, die loco advocaat Jens Debièvre verschijnt voor de verwerende partij, en advocaat Bettina Poelemans, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Frederic Eggermont heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Tussenkomst
  5. De nv Ecca blijkt voordeel te halen uit de bestreden beslissing en heeft er belang bij dat de vordering wordt afgewezen. Bijgevolg wordt haar verzoek tot tussenkomst ingewilligd. XII-9259-2/4 IV. Afstand
  6. Na kennisneming van de nota’s van de verwerende partij en de tussenkomende partij doet de verzoekende partij met een brief van 8 september 2022 afstand van haar vordering. V. Kosten
  7. In de gegeven omstandigheden worden de kosten ten laste van de verzoekende partij gelegd. De verwerende partij vordert een rechtsplegingsvergoeding ten belope van het basisbedrag van 770 euro. De verzoekende partij vraagt de rechtsplegingsvergoeding te beperken tot het minimale bedrag. Bij artikel 67, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ heeft de Koning de basisbedragen en de minimale en maximale bedragen van de rechtsplegingsvergoeding bepaald. Volgens artikel 30/1, § 2, van de wetten op de Raad van State kan de Raad de vergoeding verlagen of verhogen tot respectievelijk het minimumbedrag en het maximumbedrag, rekening houdend met “1° de financiële draagkracht van de in het ongelijk gestelde partij, om het bedrag van de vergoeding te verlagen; 2° de complexiteit van de zaak; 3° de kennelijk onredelijke aard van de situatie”. Ten gevolge van het indienen van de vordering heeft de verwerende partij een schriftelijke nota ingediend, die op alle punten van de vordering is ingegaan. Zij kan in beginsel aanspraak maken op het basisbedrag van de rechtsplegingsvergoeding. Tot staving van haar verzoek om het bedrag tot het minimumbedrag te beperken voert de verzoekende partij geen omstandigheden aan als bedoeld in artikel 30/1, § 2, van de wetten op de Raad van State. De Raad ziet dan ook geen reden om het door de verwerende partij gevorderde bedrag te beperken. XII-9259-3/4 BESLISSING
  8. Het verzoek van de nv Ecca tot tussenkomst wordt ingewilligd.
  9. De Raad van State verleent akte van de afstand.
  10. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 22 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijftien september tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Paul Lemmens XII-9259-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.516 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.