← België

Arrest 254641 - Varia (fiscaliteit) - 30/09/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 september 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.641 Rolnummer: A. 236670/X-18179 Zaak: Arrest 254641 - Varia (fiscaliteit) - 30/09/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-10-07 Raadplegingen: 80 - laatst gezien 2026-06-10 07:32 Fiche Arrest nr 254.641 van 30 september 2022 Fiscaliteit - Varia (fiscaliteit) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 254.641 van 30 september 2022 in de zaak A. 236.670/X-18.179 In zake:

  1. Fernand DE TANT
  2. Marie-Marcella DE PRIJCK woonplaats kiezend te 9660 Brakel Edg.Tinelstraat 13 tegen: de STAD GENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Vanlee kantoor houdend te 9830 Sint-Martens-Latem K.L. Maenhoutstraat 53 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp
  3. Het beroep, ingesteld op 22 juni 2022, strekt tot de nietig- verklaring en de schorsing van de tenuitvoerlegging van “het besluit van het College van burgemeester en schepenen van Gent van 28 april 2022 […] tot weigering van de gevraagde vrijstelling van belasting op ongeschikt/onbewoonbaar verklaarde woningen voor het […] pand in de Zwijnaardsesteenweg 124, bus 1, te 9000 Gent”. II. Verloop van de rechtspleging
  4. De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. De verzoekende partijen reageerden hierop met een zogeheten “memorie van wederantwoord”. X-18.179-1/4 Eerste auditeur An Van den broeck heeft een verslag opgesteld over het beroep tot nietigverklaring met toepassing van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, en over de vordering tot schorsing met toepassing van artikel 12 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 september
  5. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Bart Vanlee, die verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Eerste auditeur Tom De Waele heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. III. Kortedebattenprocedure – rechtsmacht
  7. Het college van burgemeester en schepenen weigert aan verzoekers de vrijstelling van de belasting op ongeschikt en/of onbewoonbaar verklaarde panden voor het aanslagjaar 2022, waar zij met toepassing van artikel 10 van het belastingreglement ‘op ongeschikt- en/of onbewoonbaarverklaarde woningen’ op 14 april 2022 om hadden gevraagd. Het college van burgemeester en X-18.179-2/4 schepenen doet dat “op grond van” artikel 9 van het belastingreglement, dat bepaalt in welke gevallen een vrijstelling van de belasting geldt. Het voorliggende beroep betreft aldus een geschil over de toepassing van een belastingnorm.
  8. Gelet op artikel 569, eerste lid, 32°, van het Gerechtelijk Wetboek behoort de kennisneming van zo een geschil – ook al betreft het, in de woorden van verzoekers, “de materie ‘Wonen’, een echt gewestelijke bevoegdheid dus” – de rechtbank van eerste aanleg toe. De exceptie van de verwerende partij dat de Raad van State zonder rechtsmacht is, is gegrond. Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen.
  9. De verwerping van het beroep tot nietigverklaring brengt de verwerping mee van de vordering tot schorsing, die immers een accessorium is van dat beroep. BESLISSING
  10. De Raad van State verwerpt het beroep tot nietigverklaring en de vordering tot schorsing.
  11. De verzoekende partijen worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 22 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. X-18.179-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertig september tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-18.179-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.641 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.