id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 oktober 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.702 Rolnummer: A. 237386/X-18252 Zaak: Arrest 254702 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 07/10/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-10-10 Raadplegingen: 75 - laatst gezien 2026-06-10 07:35 Fiche Arrest nr 254.702 van 7 oktober 2022 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing : Bevolen Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 254.702 van 7 oktober 2022 in de zaak A. 237.386/X-18.252 In zake : René DE LAUSNAY bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Karen Van Belle kantoor houdend te 9150 Kruibeke Kerkstraat 199 bij wie woonplaats wordt gekozen en eveneens vertegenwoordigd door advocaat Frederik Haentjens kantoor houdend te 9160 Lokeren H. Hartlaan 56 tegen : de GEMEENTE ZELE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wouter Van Impe kantoor houdend te 9240 Zele Kouterstraat 76 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 3 oktober 2022, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van artikel 3, § 2, van het besluit van de burgemeester van de gemeente Zele van 1 oktober 2022 houdende de regeling van jeugdtoerisme in de centra voor jeugdtoerisme Den Bookhamer en De Gratiebossen, Galghoekstraat 10 te 9240 Zele’. II. Verloop van de rechtspleging X-18.252-1/8
- De verwerende partij heeft een nota en een administratief dossier ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 7 oktober 2022, om 11 uur. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaten Karen Van Belle en Frederik Haentjens, die verschijnen voor verzoeker, en advocaat Wouter Van Impe, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Sofie De Doncker heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Verzoeker verhuurt twee centra voor jeugdtoerisme, Den Bookhamer en De Gratiebossen, te 9240 Zele, Galghoekstraat
- Hij wordt op 27 april 2021 door de verwerende partij uitgenodigd voor een overleg op 6 mei 2021 met als doel “tot afspraken te komen vanuit een wederzijds respect, voornamelijk om gegronde klachten inzake geluidshinder te voorkomen”. Onder verwijzing naar het gesprek van 6 mei 2021 beslist de burgemeester van de gemeente op 30 juni 2022 om, “naar aanleiding van aanhoudende meldingen inzake overlast”, de afspraken die toen werden gemaakt te formaliseren. Artikel 3 van het besluit luidt: X-18.252-2/8 “§
- De verhuurder moet de nodige maatregelen nemen om de overlast die kan worden veroorzaakt door de huurder binnenin en in de directe omgeving van het jeugdverblijf te beperken. §
- Een muziekinstallatie kan tussen acht uur ’s morgens en tien uur ’s avonds in gebruik worden genomen. Een begrensde muziekinstallatie moet worden aangeboden door de verhuurder. Het is verboden om andere installaties aan te wenden voor het versterken van geluid. §
- Versterkt geluid mag niet waarneembaar zijn op het openbaar domein, tenzij dat het gevolg is van een in de tijd begrensde activiteit, waarvoor de informatieplicht geldt zoals beschreven onder art. 5 § 2.” Artikel 9 bepaalt dat het besluit onmiddellijk in werking treedt en geldig zal blijven gedurende een periode van drie maanden vanaf de betekening.
- Op 1 oktober 2022 beslist de burgemeester de afspraken die op 6 mei 2021 werden gemaakt “voor een tweede keer” te formaliseren. Overwogen wordt onder meer: “Er kan worden gesteld dat er sinds 2015 een terugkerende problematiek is inzake overlast. In de periode na het burgemeestersbesluit van 30 juni 2022 tot op de dag van de laatste politionele tussenkomst (24 september 2022) werd geen enkele melding geregistreerd, niettegenstaande dat in het verleden er tijdens de zomerperiode juist het meest aantal tussenkomsten hebben plaatsgevonden. Dit is niet alleen het gevolg van het burgemeesterbesluit waardoor in handhaving kon worden voorzien, maar net zozeer doordat er werd overeengekomen enkel te [verhuren] aan groepen jonger dan 16 jaar en hun begeleiders.” Het besluit is nagenoeg identiek aan het besluit van 30 juni
- Nieuw is evenwel de toevoeging in artikel 3, na § 1, van volgend voorschrift: “§
- Zolang dit burgemeesterbesluit in voege blijft zal het centrum voor jeugdtoerisme uitsluitend worden verhuurd aan groepen jonger dan 16 jaar en hun begeleiders.” Krachtens artikel 9 treedt het besluit onmiddellijk in werking en zal het geldig blijven gedurende een periode van drie maanden vanaf de betekening. X-18.252-3/8 X-18.252-4/8 IV. Schorsingsvoorwaarden
- Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing. V. Voorwaarde van een ernstig middel Standpunt van de partijen
- Verzoeker leidt een enig middel af uit de schending van de artikelen 133 tot 135 van de nieuwe gemeentewet, van artikel 3 van de wet van 29 juli 1991 ‘betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen’, van de hoorplicht, van het redelijkheids- en het proportionaliteitsbeginsel en van de gelijkheids- en non-discriminatieregel. In een eerste van drie middelonderdelen voert verzoeker aan dat het verbod om nog te mogen verhuren aan groepen met leden ouder dan 16 jaar werd genomen zonder dat hij hierover voorafgaand werd gehoord. Heeft verzoeker er in het kader van de afspraken tijdens het overleg van 6 mei 2021 mee ingestemd “om tijdens de zomervakantie geen bijkomende verhuringen aan groepen ouder dan 16 jaar toe te staan”, thans voegt de burgemeester aan zijn voorgaande besluit van 30 juni 2022 een drastische verplichting toe die ook buiten de zomervakantie verhuringen verbiedt aan groepen met leden ouder dan 16 jaar. De burgemeester had verzoeker in kennis moeten stellen van de nieuwe maatregel die hij overwoog.
- In de nota werpt de verwerende partij tegen dat het overbodig was verzoeker te horen, dat hij op 6 mei 2021 uitgebreid is gehoord, dat hij niet X-18.252-5/8 beweert dat de burgemeester de hoorplicht heeft geschonden bij het nemen van het besluit van 20 juni 2022 en dat dan niet duidelijk is waarom de hoorplicht wel geschonden zou zijn door het thans bestreden besluit “toen bleek dat het Burgemeestersbesluit van 30 juni 2022 zonder enig schroom met de voeten werd getreden”. Beoordeling
- Met de bestreden politiemaatregel legt de burgemeester met betrekking tot verzoekers centra voor jeugdtoerisme verplichtingen op “om de openbare orde en rust te kunnen garanderen”. Krachtens een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur kan een dergelijk besluit in principe slechts rechtmatig worden genomen na de betrokkene eerst in de gelegenheid te hebben gesteld zijn standpunt over de voorgenomen maatregel naar voor te brengen.
- Volgens de burgemeester hoefde dat te dezen niet omdat er reeds op 6 mei 2021 een gesprek met de verhuurder had plaatsgevonden en omdat hij (alleen maar) voor de tweede keer de afspraken formaliseert die toen werden gemaakt.
- De bestreden beslissing verlengt de maatregelen die op 30 juni 2022 werden opgelegd en die intussen uitgewerkt waren. Op het eerste gezicht moest de beslissing sowieso door een nieuwe hoorzitting met verzoeker zijn voorafgegaan. Bovendien, en vooral, lijkt het onjuist dat de bestreden beslissing alleen maar de formalisering behelst, voor een nieuwe periode, van de afspraken die op 6 mei 2021 werden gemaakt. Het blijkt vooralsnog niet afdoende dat met verzoeker op 6 mei 2021 werd overeengekomen dat hij ook búiten de zomervakantie niet zal verhuren aan groepen met leden ouder dan 16 jaar. Het lijkt bijgevolg niet onterecht dat verzoeker zich door artikel 3, § 2, van de bestreden beslissing overvallen acht en doet gelden dat hij voorafgaand de gelegenheid moest hebben gekregen om er zijn argumenten over te formuleren. X-18.252-6/8
- Het eerste onderdeel van het eerste middel is ernstig. VI. Voorwaarde van de uiterst dringende noodzakelijkheid Standpunt van de partijen
- Verzoeker argumenteert dat hij door de bestreden beslissing zijn verblijfscentra met onmiddellijke ingang niet meer ter beschikking mag stellen van groepen met leden ouder dan 16 jaar, terwijl hij voor het komende weekend en de volgende weekends tijdens de maand oktober huurcontracten heeft gesloten met diverse groepen, waaronder ook groepen met leden ouder dan 16 jaar. Hij is door die overeenkomsten contractueel gebonden. De verhuringen werden reeds weken, soms maanden, geleden vastgelegd. Zijn verantwoordelijkheid ten aanzien van de huurders en de onmogelijkheid om, gelet op de korte tijdspanne, de reserveringen te annuleren en in een oplossing te voorzien, maken het dossier uiterst spoedeisend. Verzoeker vreest een ernstig nadeel te lijden dat onomkeerbaar is en dat alleen door een schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid verhinderd kan worden.
- Volgens de verwerende partij, in de nota, is de gevorderde schorsing niet hoogdringend. Dat sommige boekingen al lang vastlagen, is volgens haar niet aangetoond. Bovendien kunnen de verblijven omgeboekt worden naar een andere locatie en blijkt niet dat de komende boekingen “+16 groepen” zouden betreffen. Beoordeling
- De Raad van State valt bij dat de bestreden bepaling verzoeker in een uiterst penibele situatie plaatst ten aanzien van de groepen met leden ouder dan 16 jaar die bij hem een verblijf boekten in oktober 2022, zoals het geval is met, minstens, de ‘Oud-leiding Chiro Gierle’. Hij claimt terecht dat die situatie een zeer dringende oplossing behoeft en dat een behandeling van de zaak in een X-18.252-7/8 beroep tot nietigverklaring of zelfs overeenkomstig de gewone schorsingsprocedure daarvoor te laat komt.
- Of de groepen hun verblijf al dan niet lang geleden boekten, is niet relevant in zoverre de boekingen dateren van vóór het bestreden verbod. Dat blijkt het geval. De boekingen gebeurden op een moment dat er nog geen verbod bestond om het centrum buiten de zomervakantie te verhuren aan groepen met leden ouder dan 16 jaar en dat verzoeker een dergelijk verbod ogenschijnlijk niet moest verwachten.
- Ook de tweede en laatste cumulatieve grondvoorwaarde voor een schorsing is vervuld. BESLISSING De Raad van State beveelt de schorsing van artikel 3, § 2, van het besluit van de burgemeester van de gemeente Zele van 1 oktober 2022 ‘houdende de regeling van jeugdtoerisme in de centra voor jeugdtoerisme Den Bookhamer en De Gratiebossen, Galghoekstraat 10 te 9240 Zele’. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeven oktober tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-18.252-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.702 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.050 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div