id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 oktober 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.757 Rolnummer: A. 235048/IX-9973 Zaak: Arrest 254757 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 14/10/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-10-19 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-06-10 07:38 Fiche Arrest nr 254.757 van 14 oktober 2022 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 254.757 van 14 oktober 2022 in de zaak A. 235.048/IX-9973 In zake: Chris VROMAN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Myriam Van den Abeele kantoor houdend te 9000 Gent Nieuwebosstraat 5 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door scholengroep 26 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Nicolaas Vinckier kantoor houdend te 8800 Roeselare Hoogleedsesteenweg 7 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 28 oktober 2021, strekt tot de nietigverklaring van: “
- De beslissing van de raad van bestuur van de Scholengroep 26 van het GO! waarbij [KH] toegelaten werd tot de proeftijd in het ambt van TAC GO! campus Drie Hofsteden
- De beslissing van de raad van bestuur van Scholengroep 26 van het GO! waarbij Chris Vroman niet werd toegelaten tot de proeftijd in het ambt van TAC GO! campus Drie Hofsteden, […]
- De beslissing van de selectiecommissie waarbij Chris Vroman als tweede werd gerangschikt voor de toelating tot de proeftijd in het ambt van TAC GO! campus Drie Hofsteden.” IX-9973-1/8 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Wendy Depester heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partij heeft een verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. Met toepassing van artikel 26, § 2, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State’, heeft de voorzitter van de IXe kamer bij beschikking van 16 augustus 2022 aan de partijen voorgesteld dat de zaak niet op een openbare terechtzitting wordt behandeld, tenzij één van de partijen hierom verzoekt. Geen van de partijen heeft om een terechtzitting gevraagd. Overeenkomstig bovenvermelde beschikking, werd het debat gesloten en werd de zaak in beraad genomen op 3 oktober
- Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- IX-9973-2/8 III. Feiten 3.
- Op 1 januari 2009 wordt verzoeker voltijds vast benoemd in het ambt van leraar verzorging in Athena campus Drie Hofsteden, onderwijsinstelling die behoort tot scholengroep 26 van het Gemeenschapsonderwijs. Vanaf 13 september 2010 is verzoeker in deze school belast met een TAO (tijdelijk andere opdracht) als TAC (technisch adviseur- coördinator) in een niet-vacante betrekking. Na de pensionering van de titularis, neemt verzoeker vanaf 1 december 2011 het ambt van TAC waar in een vacante betrekking. Op 6 maart 2021 vraagt verzoeker aan de raad van bestuur van de scholengroep om het ambt van TAC in Athena campus Drie Hofsteden open te stellen met het oog op zijn vaste benoeming. Hij formuleert deze vraag als volgt: “Reeds ruim 11 jaar ben ik tewerkgesteld in het ambt van TAC in de instelling 2de en 3de graad athena campus drie hofsteden te Kortrijk. Ruim 9 jaar is dit een openstaand ambt binnen scholengroep
- Ik ben in het bezit van het attest directeur alsook het attest TAC secundair onderwijs binnen het Gemeenschapsonderwijs. Ik stelde reeds meermaals de vraag via directie en algemene directie om de openstelling van mijn ambt aan de raad van bestuur voor te leggen. De eerste maal stelde [ik] per brief de vraag op 21/04/2015 aan mijn directeur. Sinds die datum herhaalde ik meermaals mijn vraag. Tot op heden kreeg ik nog geen antwoord van de raad van bestuur. Vandaag stel ik met aandrang nogmaals de vraag tot het openstellen van het ambt TAC voor mijn vaste benoeming. In bijlage vind je de bewijzen van communicatie.” 3.
- Op 27 april 2021 beslist de raad van bestuur om het ambt van TAC in Athena campus Drie Hofsteden vacant te verklaren voor toelating tot proeftijd, nieuwe affectatie of nieuwe mutatie vanaf 1 september
- Verzoeker stelt zich op 5 juni 2021 kandidaat voor deze vacante betrekking. IX-9973-3/8 Op 22 juni 2021 beslist de selectiecommissie om KH met een totaalscore van 79,5/100 als eerste te rangschikken en voor te dragen voor toelating tot de proeftijd in het ambt van TAC. Verzoeker wordt met een totaalscore van 76,5/100 op de tweede plaats gerangschikt. Dat is de derde bestreden beslissing. 3.
- Op 24 augustus 2021 beslist de raad van bestuur om KH met ingang van 1 september 2021 toe te laten tot de proeftijd in het ambt van TAC in Athena campus Drie Hofsteden. Dat is de eerste bestreden beslissing. Ze impliceert de tweede bestreden beslissing. IV. Onderzoek van het enige middel Uiteenzetting van het middel
- Verzoeker put een enig middel uit de schending van artikel 50, § 1, van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden Gemeenschapsonderwijs (“rechtspositiedecreet”), “in samenhang met [de] artikelen 3, 11°, 46 en 48”. Verzoeker zet uiteen dat hij op 13 september 2010 aangewezen werd als waarnemend TAC, “in afwachting van een toelating tot de proeftijd die ingevolge artikel 50, § 1 DRP moet gebeuren op het einde van het tweede volledige schooljaar volgend op de datum waarop de betrekking vacant is geworden”. Het toelaten tot de proeftijd is volgens verzoeker in dit artikel ingeschreven als een verplichting. Dit houdt in dat dit een gebonden bevoegdheid betreft voor het bestuur, waaromtrent geen beleidskeuze mogelijk is. IX-9973-4/8 Deze bepaling werd volgens verzoeker ingeschreven in het rechtspositiedecreet “om te vermijden dat een waarnemend TAC aan het lijntje wordt gehouden”. De proeftijd van verzoeker, door hem voorts het betrokken ambt te laten waarnemen, nam van rechtswege een aanvang op 1 september 2014 en kwam ten einde op 31 augustus 2015; ze werd niet verlengd en er kwam geen negatief advies tussen. Verzoeker “had mitsdien per 1/09/2015 recht op een vaste benoeming als TAC van de instelling GO! athena Drie Hofsteden”. De verwerende partij heeft evenwel nagelaten om verzoeker vast te benoemen in het betreffende ambt. In plaats daarvan heeft zij beslist om het ambt open te stellen om uiteindelijk, na het doorlopen van een selectieprocedure, een andere kandidaat toe te laten tot de proeftijd. Ten onrechte wordt hierdoor het recht van verzoeker op zijn vaste benoeming gefnuikt. Beoordeling
- In het beredeneerd verslag van het auditoraat kon verzoeker de volgende beoordeling lezen van het enige middel: “Verzoeker leest in deze bepaling een gebonden bevoegdheid van de raad van bestuur van Scholengroep 26 om hem op 1 september 2014 ‘van rechtswege’ toe te laten tot de proeftijd in het ambt van TAC. Dit standpunt kan […] niet worden bijgetreden. Artikel 50, § 1, 3°, van het decreet van 27 maart 1991 bevat wel een verplichting voor verweerster om op het einde van het tweede volledige schooljaar volgend op de datum waarop een ambt vacant is geworden (in casu dus op 1 september 2014) te voorzien in een toelating tot de proeftijd, maar dit betekent nog niet dat deze verplichting gereduceerd/verengd mag worden tot de verplichting om enkel het personeelslid dat dit ambt op dat ogenblik tijdelijk waarneemt tot deze proeftijd toe te laten. Wel, integendeel. Het beginsel van de gelijke toegang tot het openbaar ambt zou hiermee geweld worden aangedaan. Daarnaast blijkt uit artikel 50, § 4, tweede streepje, van het decreet van 27 maart 1991 ook heel duidelijk dat ‘(e)en waarnemende aanstelling in een selectie- of bevorderingsambt eindigt (…) op het ogenblik dat de betrekking van het IX-9973-5/8 tijdelijk waarnemend personeelslid geheel of gedeeltelijk wordt toegewezen aan een personeelslid door toelating tot de proeftijd volgens artikel 45’. Uit deze bepaling blijkt overduidelijk dat de toelating tot de proeftijd niet uitsluitend voorbehouden is voor het personeelslid dat het betrokken ambt tijdelijk waarneemt, anders had de decreetgever ervoor gekozen om de woorden ‘een personeelslid’ te vervangen door de woorden ‘dit personeelslid’. Bovendien kan uit artikel 50, § 2, van het decreet van 27 maart 1991 nog worden afgeleid dat de voorwaarden waaraan een personeelslid dat tijdelijk een ambt waarneemt moet voldoen minder streng zijn dan de voorwaarden waaraan een personeelslid moet voldoen die toegelaten wenst te worden tot de proeftijd in datzelfde ambt. […] Bijgevolg, het enige wat verzoeker per 1 september 2014 kon doen was de raad van bestuur van Scholengroep 26 verzoeken het ambt van TAC vacant te verklaren met het oog op een toelating tot de proeftijd (en niet zijn toelating tot de proeftijd), zodat hij voor deze toelating kon kandideren en, bij gunstige rangschikking ten aanzien van de overige kandidaten, effectief tot de proeftijd kon worden toegelaten. Verzoeker formuleerde op 6 maart 2021 pas voor het eerst een dergelijk verzoek aan de raad van bestuur van Scholengroep 26, waarna, op 27 april 2021, het betrokken ambt vacant werd verklaard, zoals door verzoeker gewenst. Na het doorlopen van de selectieprocedure, is gebleken dat er een andere kandidaat als meest geschikte kandidaat voor dit ambt naar voor is gekomen, zodat deze andere kandidaat (in plaats van verzoeker die pas als tweede was gerangschikt) dan ook werd toegelaten tot de proeftijd in het ambt van TAC in GO! athena Drie Hofsteden. Verzoeker formuleert geen enkele kritiek m.b.t. het verloop van deze selectieprocedure, noch met betrekking tot de wijze waarop de kandidaten door verweerster met elkaar werden vergeleken, noch m.b.t. de vorm en/of de inhoud van de bestreden beslissingen.”
- Verzoeker vraagt enkel om de voortzetting van de procedure en maakt dus geen gebruik van de mogelijkheid die een laatste memorie hem biedt, om deze zienswijze nog te weerspreken.
- Na eigen onderzoek ziet ook de Raad van State geen reden om de beoordeling in het auditoraatsverslag tegen te spreken. Verzoeker kan zich hoogstens beroepen op een verplichting in hoofde van de verwerende partij om de vacante betrekking die hij waarneemt binnen twee jaar toe te wijzen bij wijze van toelating tot de proeftijd. IX-9973-6/8 Uit de ingeroepen bepaling volgt evenwel geenszins dat het personeelslid dat met de waarnemende aanstelling is belast, een voorrang kan doen gelden – laat staan een rechtsplicht kan inroepen – om in de vacante betrekking tot de proeftijd te worden toegelaten, zonder oproep aan kandidaten en vergelijking van titels en verdiensten.
- Het middel, dat steunt op een verkeerde lezing van de ingeroepen bepaling, faalt naar recht.
- Uit de verwerping van het enige middel volgt dat het beroep in ieder geval moet worden verworpen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. IX-9973-7/8 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van veertien oktober tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9973-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.757 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div