id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 oktober 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.920 Rolnummer: A. 236603/XIV-39036 Zaak: Arrest 254920 - Politie - 27/10/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-11-16 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-06-10 07:45 Fiche Arrest nr 254.920 van 27 oktober 2022 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Politie Beslissing : Schorsing als niet verricht beschouwd Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 254.920 van 27 oktober 2022 in de zaak A. 236.603/XIV-39.036 In zake : Luk LACAEYE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Walter Van Steenbrugge en Esther Theyskens kantoor houdend te 9030 Mariakerke Durmstraat 29 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de POLITIEZONE 5441 – ERPE-MERE/LEDE -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 10 juni 2022, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van “de beslissing van het politiecollege van de politiezone van Erpe-Mere/Lede d.d. 24 mei 2022, ter kennis gebracht aan verzoeker bij aangetekend schrijven in ontvangst genomen op 31 mei 2022.” II. Verloop van de rechtspleging
- Op 31 augustus 2022 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 71, vierde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. XIV-39.036-1/3 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 71, vierde lid, van voormeld besluit van de Regent zal, indien de in het eerste lid bedoelde rekening niet gecrediteerd is binnen de termijn van dertig dagen na de ontvangst van het overschrijvingsformulier, de vordering als niet verricht worden beschouwd. In het aangetekend schrijven waarbij aan verzoeker de voor het overschrijven van de verschuldigde kosten vereiste gegevens werden meegedeeld, heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 71, vierde lid. Verzoeker heeft de betrokken rekening niet gecrediteerd binnen de voormelde termijn van dertig dagen. Om die reden dient de vordering als niet verricht te worden beschouwd. BESLISSING
- De vordering wordt als niet verricht beschouwd.
- Het laattijdig betaalde bedrag aan rolrecht en bijdrage dient aan verzoeker te worden teruggestort. XIV-39.036-2/3 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zevenentwintig oktober tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-39.036-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.920 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div