← België

Arrest 255018 - Overheidsopdrachten - 14/11/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 november 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.018 Rolnummer: A. 236762/XII-9234 Zaak: Arrest 255018 - Overheidsopdrachten - 14/11/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-11-18 Raadplegingen: 77 - laatst gezien 2026-06-10 07:49 Fiche Arrest nr 255.018 van 14 november 2022 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 255.018 van 14 november 2022 in de zaak A. 236.762/XII-9234 In zake:

  1. de BV SBE NEDERLAND
  2. de BV INGENIEURSBUREAU MUC, samen een combinatie vormend bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Dirk De Keuster en Uschi Steurs kantoor houdend te 2980 Zoersel Handelslei 60 bij wie woonplaats wordt gekozen eveneens bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Katleen Tobback kantoor houdend te 3000 Leuven Blijde Inkomststraat 22 tegen: de NV NORTH SEA PORT FLANDERS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Ann Eeckhout en Lotte Ottevaere kantoor houdend te 9700 Oudenaarde Droesbekeplein 20 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  3. Het beroep, ingesteld op 7 juli 2022, strekt tot de nietigverklaring van de “beslissing d.d. 23 juni 2022 van de NV van publiek recht NORTH SEA PORT FLANDERS waarbij de raamovereenkomst voor ingenieursdiensten - Perceel 2 (Natte Infra Nederland) wordt gegund aan WSP Nederland BV […], inclusief verslag van nazicht van de offertes d.d. 22 juni 2022”. XII-9234-1/3 II. Verloop van de rechtspleging
  4. Bij arrest nr. 254.292 van 26 juli 2022 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. Het genoemde arrest is op 8 augustus 2022 aan de verzoekende partijen ter kennis gebracht. Op 25 september 2022 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  5. III. Beoordeling
  6. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.
  7. De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. Hieraan is niet vreemd het feit dat de verwerende partij op 14 juli 2022 de bestreden beslissing heeft ingetrokken. XII-9234-2/3
  8. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. IV. Kosten
  9. In de gegeven omstandigheden past het de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, zijnde het rolrecht, de bijdrage en de door de verzoekende partijen gevraagde rechtsplegings- vergoeding van 700 euro, ten laste van de verwerende partij te leggen. BESLISSING
  10. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
  11. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 22 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van veertien november tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Paul Lemmens XII-9234-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.018 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.292 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.