id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 november 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.085 Rolnummer: A. 234019/XII-9107 Zaak: Arrest 255085 - Concessies - 22/11/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-11-29 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-10 07:52 Fiche Arrest nr 255.085 van 22 november 2022 Overheidsopdrachten en openbare werken - Concessies Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 255.085 van 22 november 2022 in de zaak A. 234.019/XII-9107 In zake: Bart CUYPERS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jeroen De Coninck kantoor houdend te 2000 Antwerpen Amerikalei 211 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het AUTONOOM GEMEENTEBEDRIJF VOOR VASTGOEDBEHEER EN STADSPROJECTEN – VESPA (AG VESPA) bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Simon Verhoeven, Steven Van Garsse en Alexander Verschave kantoor houdend te 2600 Antwerpen Prins Boudewijnlaan 18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 2 juli 2021, strekt, enerzijds, tot de nietigverklaring van de beslissing van het autonoom gemeentebedrijf voor vastgoedbeheer en stadsprojecten Antwerpen (Vespa) van 22 maart 2021 (lees: 19 april 2021) waarbij de concessie voor de uitbating van een frituur op het openbaar domein, gelegen Frederik Van Eedenplein te 2050 Antwerpen, wordt gegund aan Diego Cobbaert, en anderzijds, tot de veroordeling van Vespa tot het betalen van een schadevergoeding van 729.000 euro, te vermeerderen met de wettelijke interesten vanaf de datum van neerlegging van het verzoekschrift tot vernietiging. XII-9107-1/3 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 253.475 van 7 april 2022 is de vordering tot schadevergoeding, ingesteld bij het voornoemde verzoekschrift van 2 juli 2021, als niet verricht beschouwd. De verzoekende partij heeft op 4 oktober 2021 een tweede vordering tot schadevergoeding ingediend. Bij arrest nr. 254.577 van 22 september 2022 is het beroep tot nietigverklaring verworpen, op grond dat de verzoekende partij geen memorie van wederantwoord heeft ingediend. Op 29 september 2022 heeft de hoofdgriffier de verwerende partij in kennis gesteld van de tweede vordering tot schadevergoeding. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 25/3, § 3, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, wordt, indien geen onwettigheid wordt vastgesteld, het verzoek tot schadevergoeding tot herstel afgewezen.
- Aangezien het beroep tot nietigverklaring is verworpen bij arrest nr. 254.577 van 22 september 2022, is er geen onwettigheid vastgesteld, en dient de vordering tot schadevergoeding te worden afgewezen. XII-9107-2/3 IV. Kosten
- Gelet op het bepaalde in artikel 70, § 1, vijfde lid, van het algemeen procedurereglement, dient het rolrecht dat verband houdt met de vordering tot schadevergoeding, ingesteld bij verzoekschrift van 4 oktober 2021, aan de verzoekende partij te worden terugbetaald aangezien het beroep werd verworpen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt de vordering tot schadevergoeding, ingesteld bij verzoekschrift van 4 oktober
- Het onverschuldigde recht in verband met de vordering tot schadevergoeding, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 20 euro, dient aan de verzoekende partij te worden terugbetaald. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tweeëntwintig november tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Paul Lemmens XII-9107-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.085 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.475 ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.577 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div