id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 december 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.208 Rolnummer: A. 236084/IX-10030 Zaak: Arrest 255208 - Varia (onderwijs en cultuur) - 08/12/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-12-20 Raadplegingen: 73 - laatst gezien 2026-06-10 07:59 Fiche Arrest nr 255.208 van 8 december 2022 Onderwijs en cultuur - Varia (onderwijs en cultuur) Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 255.208 van 8 december 2022 in de zaak A. 236.084/IX-10.030 In zake: de VZW INSPIROCOLLEGE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Greet Louwet kantoor houdend te 3800 Sint-Truiden Tongersesteenweg 60 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2630 Aartselaar Groenenhoek 61 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 28 april 2022, strekt tot de nietig- verklaring van de beslissing van de Vlaamse regering van 18 maart 2022 om de programmatieaanvraag van de vzw Inspirocollege – secundair onderwijs tweede graad Architecturale en beeldende vorming KSO 2022-2023 – niet toe te staan. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 254.068 van 22 juni 2022 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. IX-10.030-1/4 Bij arrest nr. 254.144 van 29 juni 2022 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De genoemde arresten zijn op 4 juli 2022 aan de verzoekende partij ter kennis gebracht. Op 7 september 2022 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.
- De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. IX-10.030-2/4
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. Bovendien deelt de raadsvrouw van de verzoekende partij bij brief van 16 september 2022 mee dat “een afstand van geding mag worden geacteerd”. IV. Rechtsplegingsvergoeding
- Gelet op artikel 67, § 2, derde lid, van het algemeen procedurereglement, is de door de verwerende partij gevraagde verhoging van de rechtsplegingsvergoeding niet verschuldigd. BESLISSING
- De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 44 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
- Het ten onrechte betaalde rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 22 euro dienen aan de verzoekende partij te worden terugbetaald. IX-10.030-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van acht december tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Geert Van Haegendoren IX-10.030-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.208 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.068 ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.144 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.