← België

Arrest 255299 - Varia (economische zaken) - 19/12/2022

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 december 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.299 Rolnummer: A. 236022/XIV-38996 Zaak: Arrest 255299 - Varia (economische zaken) - 19/12/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2022-12-22 Raadplegingen: 83 - laatst gezien 2026-06-10 08:03 Fiche Arrest nr 255.299 van 19 december 2022 Economische zaken - Varia (economische zaken) Beslissing : heropening debatten Aanvullend verslag Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK XIVe KAMER nr. 255.299 van 19 december 2022 in de zaak A. 236.022/XIV-38.996 In zake : de NV MERIT CAPITAL (in staat van faillissement), rechtsgeding hervat door curatoren

  1. Steven BOEYNAEMS
  2. Christiaan HENDRICKX
  3. Nathalie TAEYMANS kantoor houdende te 2018 Antwerpen Cuylitsstraat 48 tegen : de NV NATIONALE BANK VAN BELGIË bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc FYON, David D’HOOGHE, Sophie BRENARD, Matthias DE GROOT kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  4. Het beroep, ingesteld op 13 april 2022, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het directiecomité van de Nationale Bank van België om “zonder voorafgaandelijk een termijn op te leggen”: “
  5. in toepassing van artikel 236, § 1, 6° en § 2 juncto artikel 585 van de Wet van 25 april 2014, de vergunning van Merit Capital als beursvennootschap te herroepen met ingang van 5 april
  6. Overeenkomstig artikel 7 van de Wet van 25 oktober 2016 betreffende de toegang van en het toezicht op de vennootschappen voor vermogensbeheer en beleggingsadvies, zal Merit Capital NV met ingang van 5 april 2022 geschrapt worden van de lijst van de ‘beursvennootschappen naar Belgisch recht’. De termijn van zes

(6)dagen tussen huidige beslissing en het XIV-38.996-1/5 effectief worden van de herroeping van de vergunning van de beursvennootschap op 5 april 2022 moet de beursvennootschap toelaten om - onder controle van de speciaal commissaris - lopende effectentransacties in het belang van de beursvennootschap, haar cliënten en tegenpartijen voorafgaandelijk aan het effectief worden van de herroeping en de hieruit voortvloeiende blokkeringen, correct en volledig af te wikkelen.
  1. de bij beslissing van de Bank van 17 februari 2021 in toepassing van artikel 236, § 1, 1° en § 2 juncto artikel 585 van de Wet van 25 april 2014 opgelegde maatregel tot aanstelling van een speciaal commissaris te handhaven, doch zijn opdracht in toepassing van artikel 236, § 1, 10 en § 2 juncto artikel 585 van de Wet van 25 april 2014 te herdefiniëren in functie van de verzekering van de ordentelijke afwikkeling van de beursvennootschap door haar raad van bestuur en leiding, in het belang van de cliënten.” II. Verloop van de rechtspleging
  2. Bij arrest nr. 253.562 van 26 april 2022 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en een administratief dossier ingediend. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld met toepassing van artikel 3, § 3, van het koninklijk besluit van 15 mei 2003 ‘tot regeling van de versnelde procedure in geval van beroep bij de Raad van State tegen sommige beslissingen van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten en de Nationale Bank van België’. XIV-38.996-2/5 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 16 november 2022, datum waarop de zaak in voortzetting werd gesteld op 14 december
  3. Staatsraad Kaat Leus heeft verslag uitgebracht. Advocaat Matthias De Groot, die verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Eerste auditeur Alexander Van Steenberge heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. De feiten zijn weergegeven in het tussenarrest nr. 253.562 van 26 april
  6. Er wordt naar verwezen. 3.
  7. Op de terechtzitting van 16 november 2022 blijkt dat de nv Merit Capital bij vonnis van 29 september 2022 door de ondernemingsrechtbank te Antwerpen, afdeling Antwerpen in staat van faillissement wordt verklaard en de advocaten Steven Boeynaems, Christiaan Hendrickx en Nathalie Taeymans worden aangesteld als curator (hierna: het college van curatoren) over het faillissement. 3.
  8. Bij brief van 13 december 2022 verklaart het college van curatoren met toepassing van artikel 58 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak voor de Raad van State’ (hierna: de algemene procedureregeling), het geding te hernemen. XIV-38.996-3/5 IV. Heropening van het debat
  9. Het voorliggende beroep betreft een versneld beroep in de zin van artikel 36/22 van de wet van 22 februari 1998 ‘tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België’ en van het koninklijk besluit van 15 mei 2003 ‘tot regeling van de versnelde procedure in geval van beroep bij de Raad van State tegen sommige beslissingen van de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten en de Nationale Bank van België’.
  10. De gedinghervattende partij heeft in haar verklaring tot gedinghervatting niet aangegeven welk belang de failliete boedel bij een vernietiging van de bestreden beslissingen heeft. Zulks neemt evenwel niet weg dat een gedinghervattende partij tot aan de sluiting van het debat moet doen blijken van een persoonlijk, rechtstreeks en actueel belang bij het voorliggende beroep tot nietigverklaring.
  11. Te dezen werd het verzoek tot hervatting van het geding ingediend na de neerlegging in het kader van het auditoraatsverslag op 13 september
  12. In die omstandigheden dringt zich over de ontvankelijkheid een aanvullend onderzoek op van het door de Auditeur-generaal aangewezen lid van het auditoraat. BESLISSING
  13. De Raad van State heropent het debat.
  14. Het door de Auditeur-generaal aangewezen lid van het auditoraat wordt ermee gelast het onderzoek van de zaak voort te zetten. XIV-38.996-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negentien december tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, Carlo Adams, kamervoorzitter, Kaat Leus, staatsraad, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-38.996-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.299 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.562 gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.481 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.