id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 december 2022 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.303 Rolnummer: A. 227124/X-17412 Zaak: Arrest 255303 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 20/12/2022 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-01-03 Raadplegingen: 79 - laatst gezien 2026-06-12 09:58 Fiche Arrest nr 255.303 van 20 december 2022 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 255.303 van 20 december 2022 in de zaak A. 227.124/X-17.412 In zake: Jonny GEUSENS woonplaats kiezend te 3740 Bilzen Grotstraat 42C tegen: de PROVINCIE LIMBURG bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ann Coolsaet kantoor houdend te 2018 Antwerpen Arthur Goemaerelei 69 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 3 januari 2019, strekt tot de nietigverklaring van de “beslissing van de deputatie van de provincie Limburg d.d. 11.10.2018, betreffende het stopzetten van de selectieprocedure van directeur ICT”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 243.890 van 5 maart 2019 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. X-17.412-1/4 De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 24 juni
- Op 26 augustus 2022 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft gevraagd om te worden gehoord. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 2 december
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Jonny Geusens, die in persoon verschijnt, en advocaat Ann Coolsaet, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- X-17.412-2/4 III. Beoordeling
- In het auditoraatsverslag wordt de onontvankelijkheid van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. Het gaat om een vermoeden dat slechts heel uitzonderlijk, inzonderheid ingeval van overmacht, ontkracht kan worden.
- Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
- Ter terechtzitting voert hij ter verklaring daarvan geenszins overmacht aan. Integendeel deelt hij mee dat het een welbewuste keuze was en dat de redenen daarvoor verband houden met een gevoel van onmacht en met zijn nieuwe tewerkstelling.
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
- De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van X-17.412-3/4 400 euro, een bijdrage van 40 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van twintig december tweeduizend tweeëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-17.412-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.255.303 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2019:ARR.243.890 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div