id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 januari 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.255.457 Rolnummer: A. 236447/XII-9219 Zaak: Arrest 255457 - Overheidsopdrachten - 11/01/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-01-24 Raadplegingen: 83 - laatst gezien 2026-06-10 08:11 Fiche Arrest nr 255.457 van 11 januari 2023 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Opheffing Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 255.457 van 11 januari 2023 in de zaak A. 236.447/XII-9219 In zake: de BV INTEROFFICE SOBETE TONGEREN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Inke Dedecker kantoor houdend te 3500 Hasselt Spoorwegstraat 105 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de GEMEENTE MOL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Gitte Laenen kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de NV BAERT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Marc Cottyn kantoor houdend te 9300 Aalst Leopoldlaan 48 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 23 mei 2022, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de gemeente Mol van 5 mei 2022 waarbij de overheidsopdracht ‘raamovereenkomst voor leveringen van schoolbenodigdheden gedurende 2 jaar XII-9219-1/4 (mogelijkheid tot 1x stilzwijgende verlenging met 1 jaar)’ wordt gegund aan de nv Baert. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 254.108 van 24 juni 2022 is de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de gemeente Mol van 5 mei 2022 waarbij de overheidsopdracht ‘raamovereenkomst voor leveringen van schoolbenodigdheden gedurende 2 jaar (mogelijkheid tot 1x stilzwijgende verlenging met 1 jaar)’ wordt gegund aan de nv Baert. Overeenkomstig artikel 26, § 2, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State’, heeft de voorzitter van de XIIde kamer bij beschikking van 10 oktober 2022 aan de partijen voorgesteld dat de zaak niet op een openbare terechtzitting wordt behandeld, tenzij één van de partijen hierom verzoekt. Geen van de partijen heeft om een terechtzitting gevraagd. Overeenkomstig bovenvermelde beschikking, werd het debat gesloten en werd de zaak in beraad genomen op 6 december
- Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Opheffing van de schorsing
- De verzoekende partij heeft na het indienen van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid geen verzoekschrift ingediend om XII-9219-2/4 de nietigverklaring van de bestreden beslissing te vorderen. De Raad van State is er in dat geval overeenkomstig artikel 17, § 4, derde lid, van zijn gecoördineerde wetten toe gehouden de uitgesproken schorsing op te heffen.
- Met brieven van respectievelijk 18 oktober 2022 en 3 november 2022 delen de verwerende partij en de verzoekende partij overigens mee dat het college van burgemeester en schepen van de gemeente Mol de bestreden beslissing op 30 juni 2022 heeft ingetrokken. IV. Kosten
- Gelet op de intrekking van de bestreden beslissing past het de kosten, zijnde het rolrecht van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, de bijdrage en de door de verzoekende partij gevraagde rechts- plegingsvergoeding van 700 euro, ten laste te leggen van de verwerende partij. BESLISSING
- De Raad van State heft de bij arrest nr. 254.108 van 24 juni 2022 bevolen schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid op.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 22 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro. XII-9219-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf januari tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Paul Lemmens XII-9219-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.255.457 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.108 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.