id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 maart 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.255.953 Rolnummer: A. 234788/X-18010 Zaak: Arrest 255953 - Onbewoonbare en ongezonde/onveilige woningen - 03/03/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-03-03 Raadplegingen: 95 - laatst gezien 2026-06-19 11:37 Fiche Arrest nr 255.953 van 3 maart 2023 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Onbewoonbare en ongezonde/onveilige woningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 255.953 van 3 maart 2023 in de zaak A. 234.788/X-18.010 In zake:
- Georges VAN ROMPAEY
- Janine DE JONGH bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Nancy Vannueten kantoor houdend te 2580 Putte Lierbaan 209 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de GEMEENTE KEERBERGEN -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 14 oktober 2021, strekt tot de nietigverklaring van “[d]e beslissing, genomen door de Burgemeester van de gemeente Keerbergen op 21 september 2021 betreffende de ongeschikt- en onbewoonbaarverklaring van de woning gelegen te 3140 Keerbergen, Schrieksebaan 296”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een verslag opgesteld. X-18.010-1/4 Dat verslag werd aan de verzoekende partijen ter kennis gebracht op 3 november
- Op 11 januari 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep als onontvankelijk voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. X-18.010-2/4 X-18.010-3/4 BESLISSING
- De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
- De verzoekende partijen worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro en een bijdrage van 20 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drie maart tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-18.010-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.255.953 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div