← België

Arrest 256096 - Overheidsopdrachten - 22/03/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 maart 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.096 Rolnummer: A. 229417/XII-8819 Zaak: Arrest 256096 - Overheidsopdrachten - 22/03/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-03-28 Raadplegingen: 92 - laatst gezien 2026-06-10 08:41 Fiche Arrest nr 256.096 van 22 maart 2023 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 256.096 van 22 maart 2023 in de zaak A. 229.417/XII-8819 In zake: de BVBA CERNER BELGIUM gevestigd te 1000 Brussel Marnixlaan 23, 5e verdieping waar woonplaats wordt gekozen tegen: de AV AZ SINT-JAN BRUGGE-OOSTENDE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Gendt kantoor houdend te 3000 Leuven Koning Leopold I-straat 32 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 24 oktober 2019, strekt tot de nietigverklaring van :
  2. de beslissing van de raad van bestuur van het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende van 14 augustus 2019, waarbij wordt besloten om de offerte van de bvba Cerner Belgium in de plaatsingsprocedure voor de overheidsopdracht voor diensten met als voorwerp ‘de levering, implementatie, ontwikkeling en onderhoud van een ziekenhuisbreed geïntegreerd elektronisch patiëntendossier (EPD)’, nietig te verklaren en uit de procedure te weren,
  3. de beslissing van onbekende datum om de opdracht aan een andere inschrijver te gunnen. XII-8819-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  4. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord inge- diend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Thomas Maes heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 31 oktober
  5. Op 12 januari 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  6. III. Beoordeling
  7. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, XII-8819-2/4 geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  8. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. IV. Kosten
  9. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, zijnde het rolrecht en de bijdrage, komen ten laste van de verzoekende partij. De verwerende partij vraagt een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro. Overeenkomstig artikel 30/1 van de wetten op de Raad van State kan de afdeling bestuursrechtspraak een rechtsplegingsvergoeding toekennen, die een forfaitaire tegemoetkoming is in de kosten en honoraria van de advocaat van de in het gelijk gestelde partij. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld op basis van een ambtshalve opgeworpen exceptie. Bijgevolg is er geen reden om de verwerende partij te beschouwen als de in het gelijk gestelde partij en kan haar om die reden geen rechtsplegingsvergoeding worden toegekend. BESLISSING
  10. De Raad van State spreekt de afstand van geding uit. XII-8819-3/4
  11. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 20 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tweeëntwintig maart tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Paul Lemmens XII-8819-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.096 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.