← België

Arrest 256109 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 22/03/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 maart 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.109 Rolnummer: A. 235461/IX-9994 Zaak: Arrest 256109 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 22/03/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-03-24 Raadplegingen: 85 - laatst gezien 2026-06-10 08:41 Fiche Arrest nr 256.109 van 22 maart 2023 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 256.109 van 22 maart 2023 in de zaak A. 235.461/IX-9994 In zake: Katleen MEEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Koenraad Maenhout kantoor houdend te 2600 Antwerpen Filip Williotstraat 30 bus 0102 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de GEMEENTE RIJKEVORSEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Sutter kantoor houdend te 9000 Gent Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 14 januari 2022, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Rijkevorsel van 26 oktober 2021 waarbij het ambt van directeur van de gemeentelijke lagere school voltijds vacant wordt verklaard. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een verslag opgesteld. IX-9994-1/5 De verzoekende partij en de verwerende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 februari
  3. Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitgebracht. Advocaat Buket Karaca, die loco advocaat Koenraad Maenhout verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Tom De Sutter, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. Bij besluit van 25 oktober 2017 verklaart het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Rijkevorsel een betrekking van directeur lager onderwijs vacant. Verzoekster wordt bij collegebesluit van 18 april 2018 “met ingang van 1 september 2018 aangesteld in het ambt van directeur lager onderwijs in GLS De Wegwijzer in afwachting van vaste benoeming”. Zij wordt bij hetzelfde besluit geaffecteerd aan de voormelde school. IX-9994-2/5 Het college van burgemeester en schepenen beslist op 2 maart 2020 de proefperiode van verzoekster te verlengen met één schooljaar, tot 30 juni
  6. 3.
  7. Op 6 april 2021 beslist het college van burgemeester en schepenen de tijdelijke aanstelling van verzoekster in het ambt van directeur lagere school te beëindigen vanaf 30 juni
  8. Bij arrest nr. 256.107 van heden vernietigt de Raad van State dat collegebesluit. 3.
  9. Op 26 oktober 2021 beslist het college van burgemeester en schepenen tot het voltijds vacant verklaren van het ambt van directeur van de gemeentelijke lagere school en tot het uitschrijven van de selectieprocedure. Dat is het thans bestreden besluit. IV. Ontvankelijkheid en gegrondheid van het beroep
  10. Verzoekster voert aan dat zij als tijdelijk aangestelde in het ambt van directeur op grond van artikel 42, § 1, c), van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs “in afwachting van een vaste benoeming”, na twee schooljaren recht op die vaste benoeming heeft indien zij op dat ogenblik “aan alle voorwaarden van artikel 40 voldoet”. Dat is volgens verzoekster het geval. Bijgevolg is het collegebesluit van 6 april 2021 waarbij haar tijdelijke aanstelling is beëindigd onwettig zodat ook “de daaropvolgende vacantverklaring van het ambt met huidige bestreden beslissing van 26 oktober 2021, op dezelfde onwettige leest is geschied door de beëindiging van de tewerkstelling van verzoekster”.
  11. De verwerende partij werpt op dat huidig beroep niet noodzakelijk is om de belangen van verzoekster te vrijwaren. IX-9994-3/5 Zij wijst op artikel 10 van het bestreden collegebesluit, dat luidt: “De aanstelling in het ambt van directeur lager onderwijs voor GLS De Wegwijzer – op proef dan wel vast – wordt van rechtswege voor onbestaande gehouden in het geval de Raad van State de beëindiging van de vorig tijdelijk aangestelde directeur zou vernietigen en er de rechtsplicht uit zou volgen om de vorige tijdelijk aangestelde directeur opnieuw te re-integreren en vast te benoemen als directeur lager onderwijs voor GLS De Wegwijzer. Het college deelt de beslissing over het van rechtswege voor onbestaande houden van de aanstelling – op proef dan wel vast – mee binnen de twee maanden na de kennisname van het arrest van de Raad van State.”
  12. Verzoekster antwoordt dat de bestreden beslissing van 26 oktober 2021 mogelijk een voorbereidende beslissing is, maar ze is niettemin een rechtshandeling waartegen zij een beroep tot nietigverklaring kan instellen daar ze voor haar grievend is.
  13. Bij arrest nr. 256.107 van heden is het collegebesluit van 6 april 2021 vernietigd. De beslissing om de aanstelling van verzoekster te beëindigen is hierdoor retroactief uit het rechtsverkeer verdwenen, zodat verzoekster geacht wordt ten minste tijdelijk aangesteld te zijn in het ambt van directeur “in afwachting van vaste benoeming” – en mogelijk, zoals te lezen is in voormeld arrest, zelfs geacht moet worden vast benoemd te zijn in dat ambt.
  14. In die omstandigheden en zolang de verwerende partij geen beslissing heeft genomen waarbij hetzij verzoekster vast benoemd wordt, hetzij haar aanstelling op regelmatige wijze wordt beëindigd, is er voor het opnieuw vacant verklaren van het ambt of voor het opstarten van een nieuwe selectieprocedure grond noch motief voorhanden. Dat de laureaten van de selectieprocedure in een precaire situatie zouden verzeilen, laat niet toe anders te besluiten. Artikel 10 van het bestreden collegebesluit heeft voor verzoekster enkel tot gevolg dat van haar niet moet worden geëist, om haar belang te behouden, dat zij ook de resultaten van die selectie aanvecht. IX-9994-4/5 Minstens voor de duidelijkheid in het rechtsverkeer moet de bestreden handeling dan ook het lot van het collegebesluit van 6 april 2021 delen en moet ze worden vernietigd. BESLISSING
  15. De Raad van State vernietigt het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Rijkevorsel van 26 oktober 2021 waarbij het ambt van directeur van de gemeentelijke lagere school voltijds vacant wordt verklaard.
  16. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 22 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tweeëntwintig maart tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, Bruno Seutin, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-9994-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.109 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.