id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 maart 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.139 Rolnummer: A. 235236/X-18049 Zaak: Arrest 256139 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 24/03/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-03-28 Raadplegingen: 86 - laatst gezien 2026-06-10 08:42 Fiche Arrest nr 256.139 van 24 maart 2023 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 256.139 van 24 maart 2023 in de zaak A. 235.236/X-18.049 In zake:
- de BV ZIA & KANWAL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Rudi Beeken kantoor houdend te 3390 Tielt-Winge Kraasbeekstraat 41 bij wie woonplaats wordt gekozen
- de BV THE MASTERS woonplaats kiezend te 3200 Aarschot Leuvensesteenweg 42
- de BV BEST POINT woonplaats kiezend te 3200 Aarschot Leuvensesteenweg 1
- de BV MANN woonplaats kiezend te 3200 Aarschot Herseltsesteenweg 252 tegen: de STAD AARSCHOT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Gitte Laenen en Wouter Rubens kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 17 december 2021, strekt tot de nietigverklaring van “[h]et besluit genomen op de Gemeenteraadszitting van de Stad Aarschot dd. 14.10.2021 tot toevoeging van het artikel 6bis toegevoegd aan hoofdstuk 2 ‘Uitbating van nachtwinkels’ van het re[gl]ement betreffende de exploitatie van nachtwinkels en van het artikel 11bis […] toegevoegd aan hoofdstuk 3 ‘De openbare veiligheid en de vlotte doorgang’ van het Algemeen Politiereglement van de Stad Aarschot”. X-18.049-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 253.833 van 20 mei 2022 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partijen hebben een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partijen ter kennis werd gebracht op 16 september
- Op respectievelijk 15 en 23 december 2022 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verwerende partij en de verzoekende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De eerste verzoekende partij heeft gevraagd om te worden gehoord. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 24 maart
- Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Rudi Beeken, die verschijnt voor de eerste verzoekende partij, en advocaat Laura Cuppers, die loco advocaten Gitte Laenen en Wouter Rubens verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. X-18.049-2/4 Eerste auditeur An Van den broeck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partijen van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent. De verzoekende partijen hebben geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.
- Naar de raadsman van de eerste verzoekende partij ter terechtzitting toelicht, is dat te wijten aan een miscommunicatie tussen de oorspronkelijke en de huidige raadsman. Dit doet geen overmacht aannemen.
- Vastgesteld wordt dan ook dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. X-18.049-3/4 BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partijen worden, elk voor een vierde, verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 1.600 euro, een bijdrage van 44 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vierentwintig maart tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Johan Lust X-18.049-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.139 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.253.833 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div