← België

Arrest 256264 - Milieuvergunningen - 13/04/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 april 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.264 Rolnummer: A. 228777/VII-40601 Zaak: Arrest 256264 - Milieuvergunningen - 13/04/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-04-20 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-10 08:48 Fiche Arrest nr 256.264 van 13 april 2023 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VIIe KAMER nr. 256.264 van 13 april 2023 in de zaak A. 228.777/VII-40.601 In zake :

  1. Dirk DE BRABANDERE
  2. Monique VROMMAN
  3. Jacques LE COUTER
  4. Lutgardis VAN DAELE
  5. Trees PIETERS
  6. Didier VANTROYS
  7. Annick DAMMAN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jacky d’Hoest kantoor houdend te 8310 Sint-Kruis-Brugge Akkerstraat 17 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steve Ronse en Thomas Quintens kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  8. Het beroep, ingesteld op 5 augustus 2019, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de Vlaamse minister van Omgeving, Natuur en Landbouw van 27 mei 2019 waarbij het bestuurlijk beroep ingesteld tegen de beslissing van de deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen van 8 november 2012 houdende het verlenen van de milieuvergunning aan de bvba Fralauva voor het verder exploiteren en veranderen van een varkenshouderij met een mestverwerkingsinstallatie, gelegen aan de Deinsesteenweg 19 te Tielt, gedeeltelijk gegrond wordt verklaard en de beroepen beslissing wordt gewijzigd. VII-40.601-1/4 II. Verloop van de rechtspleging
  9. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Ronny Vercruyssen heeft op 29 oktober 2021 een verslag opgesteld. De verzoekende partijen hebben een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 23 maart
  10. Staatsraad Peter Sourbron heeft verslag uitgebracht. Advocaat Thomas Quintens, die verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord. Eerste auditeur Ronny Vercruyssen heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  11. III. Verval van de bestreden milieuvergunning
  12. Bij arrest nr. RvVb-A-2021-0946 van 29 april 2021 heeft de Raad voor Vergunningsbetwistingen (hierna: RvVb) de overeenstemmende stedenbouwkundige vergunning voor de nieuwbouw van een loods en mestverwerkingsinstallatie met aanhorigheden, en de regularisatie van een VII-40.601-2/4 elektriciteitscabine vernietigd. Met toepassing van artikel 37 van het decreet van 4 april 2014 ‘betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges’ heeft de RvVb vervolgens zijn arrest in de plaats gesteld van de bestreden beslissing en de gevraagde stedenbouwkundige vergunning geweigerd. De verwerende partij verzet zich niet tegen de vaststelling dat ingevolge de definitieve weigering van de stedenbouwkundige vergunning bij voormeld arrest, de thans bestreden milieuvergunning van rechtswege is vervallen.
  13. Het beroep is onontvankelijk bij gebrek aan voorwerp. IV. Kosten
  14. Aangezien het voorwerp van het beroep niet teloor is gegaan door toedoen van de verzoekende partijen, bestaat er geen reden om de kosten van het geding te hunnen laste te leggen.
  15. De kosten dienen ten laste van het Vlaamse Gewest te worden gelegd. BESLISSING
  16. De Raad van State verwerpt het beroep.
  17. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 1.400 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen.
  18. De onterecht betaalde bijdragen ten bedrage van 120 euro dienen te worden terugbetaald aan de verzoekende partijen. VII-40.601-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertien april tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Carlo Adams, kamervoorzitter, Pierre Lefranc, staatsraad, Peter Sourbron, staatsraad, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Carlo Adams VII-40.601-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.264 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.