id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 mei 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.412 Rolnummer: A. 233677/X-17938 Zaak: Arrest 256412 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 03/05/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-05-12 Raadplegingen: 88 - laatst gezien 2026-06-10 08:56 Fiche Arrest nr 256.412 van 3 mei 2023 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 256.412 van 3 mei 2023 in de zaak A. é.677/X-17.938 In zake : Robert VAN DEUR woonplaats kiezend te 3680 Maaseik Aldeneikerweg 76 tegen : de STAD MAASEIK bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Olivier Vandenhoudt en Kilian Stulens kantoor houdend te 3580 Beringen Paalsesteenweg 131 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het verzoekschrift, ingediend op 7 mei 2021, strekt tot de nietigverklaring van “het besluit [van het college van burgemeester en schepenen van de stad Maaseik van 8 maart 2021] om op kosten van de verzoekende partij wijzigingen aan te brengen in de bermstrook aan Aldeneikerweg 76”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een verslag opgesteld. Verzoeker heeft een laatste memorie ingediend. X-17.938-1/5 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 januari
- Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Kilian Stulens, die verschijnt voor verzoeker, is gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Ontvankelijkheid
- De verwerende partij voert in haar memorie van antwoord aan geen middel in het verzoekschrift te ontwaren. Om dezelfde reden wordt in het auditoraatsverslag voorgesteld het beroep als onontvankelijk te verwerpen. 4.
- Het verzoekschrift moet op straffe van onontvankelijkheid een middel bevatten. Onder “middel” in de zin van artikel 2, § 1, 3°, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’, moet de voldoende en duidelijke omschrijving worden verstaan van de geschonden geachte rechtsregel en van de wijze waarop die rechtsregel door het bestreden besluit werd geschonden. 4.
- De beoordeling van opportuniteitskritiek behoort niet tot de X-17.938-2/5 bevoegdheid van de Raad van State, die een wettigheidsrechter is. 5.
- In het verzoekschrift wordt het volgende aangevoerd: “[Op] 3 maart 2017 is de vraag aan de gemeente Maaseik gesteld of een inrit vanuit de processieweg naar de kelder [van mijn huis aan Aldeneikerweg 76] was toegestaan. […] Er moest volgens bespreking met [de] gemeente eerst 5 meter gelijk blijven gezien de ligging op de hoek. 2 huizen verder aan de processieweg had deze beperking niet.[…] Tijdens de aanleg is de gemeente langs geweest en die hebben [de] tuinmannen gevraagd wat [de] bedoeling was van de boordsteen die ze aan [het] plaatsen waren. […] [Op] 14-01-2020 heeft de burgemeester 2 heren gestuurd […] om mede te delen dat de boordsteen daar weg moest. […] Vervolgens werd er in de kleine letters van de aanvraag van het tuinhuis (waar[tegen] de gemeente eerder geen bezwaar had) toegevoegd dat de berm in oorspronkelijke staat hersteld moest worden. […] De normale regels voor overleg werden nooit door de gemeente gehanteerd. […] Naar de reden hiervoor is het gissen. [Ik] [h]eb een aanvaring gehad met de partner van een partijgenote van de burgemeester die dreigde op mijn kinderen van toen 8 en 10 jaar te schieten die midden in een nabijgelegen weiland met een minidrone vlogen. […] Het enige argument wat de gemeente geeft voor oorspronkelijke staat is dat er dan een parkeerplaats ontstaat. […] Echter parkeergelegenheid creëren op deze plaats is het slechtste argument wat men kan aanbrengen. Doordat de gemeente geen uitvoering heeft gegeven aan het oorspronkelijke verkavelingsplan, waarop staat dat de verkeershindernis waar ik nu tussendoor onze oprit in en uit manoeuvreer geheel verwijderd zou worden, ontstaat er in het geval van geparkeerde auto’s op die plek een gevaarlijke situatie. […] Het algemeen belang is verkeersveiligheid. [De] [g]emeente moet geen besluiten nemen die hier tegen in druisen. […] Er dient eenheid van beleid te zijn. Men mag niet de ene burger opeens anders behandelen als de anderen zonder dat er aankondiging is van nieuw beleid. In de bijlage enkele foto’s van percelen in de directe omgeving waar niet tegen op wordt getreden. […] Jarenlang heeft iedere Maaseikenaar zijn bermstrook naar eigen inzicht mogen verzorgen. Als we een blokje om gaan bij het kruispunt Aldeneikerweg/Processieweg zien we tal van wijzen van aanleg in deze strook. Totale verharding, kruipplanten, brievenbussen in de strook, grasdallen, kiezel, gras. […] Het druist tegen het beleid van vergroening in. Indien de gemeente een totale aanleg van de bermstrook in kiezel wenst om te parkeren is dat niet alleen een gruwel voor het oog maar druist ook tegen het beleid van de gemeente in. […] Extra kosten worden sowieso veroorzaakt door gemeente. De hovenier is tijdens de aanleg van de tuin aangesproken door mensen van de gemeente over hoe en wat men ging aanleggen. De aanleg was nog helemaal in begin. De gemeente was toen dus al op de hoogte. Pas toen het helemaal klaar is X-17.938-3/5 meldt men mij dat men het er niets mee eens is. Men had dit meteen tijdens de aanleg kunnen doen en dan waren er toen al veel kosten bespaard. […] Er ontbreekt in deze enig belang voor de stad. […].” 5.
- In zijn memorie van wederantwoord stelt verzoeker; “[…] We hebben in [het] kader van deze procedure een paar week geleden […] advies ingewonnen […]. De simpelste [oplossing] was boordsteen eruit en gras op de huidige plaats laten aansluiten op de kiezelstrook. [Dit is] al uitgevoerd. […] Als [de nieuwe] situatie voor de stad voldoende is dan zou de procedure als ingetrokken kunnen worden beschouwd. […] Hoewel wij ons niet van juristentaal bedienen […] [h]open wij dat voldoende duidelijk is dat de stad hier niet het voordeel van de twijfel mag krijgen. Wij hopen met de laatste aanpassing aan de wens van de stad te hebben voldaan. Niettemin betreuren wij de respectloze omgang. 1 goed inhoudelijk gesprek had alles opgelost […]. […].” 5.
- In zijn laatste memorie stelt verzoeker; “[…] Graag merk ik […] op dat alle gedane beweringen nooit zijn tegengesproken. Simpelweg omdat ze op waarheid berusten en de stad dit ook weet. Met het ofwel geheel gras ofwel geheel kiezel heeft de stad een nieuwe voorwaarde geschapen die niet (duidelijk) in de voorwaarde van het tuinhuis stond. Dit lijkt mij toch op zijn minst een ‘middel’. Of wat dat ‘middel’ ook moge inhouden. Ik ben geen jurist. […] Wij hadden […] graag gezien dat de raad van state zou beoordelen of hier een inname openbaar domein is gedaan, en zo ja waarom. En als dat dan al [zo] zou zijn of dat aan mij verwijtbaar is […] […].”
- In het verzoekschrift is onvoldoende duidelijk omschreven welke rechtsregels op welke wijze geschonden zouden zijn door het bestreden besluit. Verzoekers uiteenzetting daarin betreft de opportuniteit en kan niet worden aanzien als een rechtsmiddel. X-17.938-4/5
- De exceptie van de verwerende partij dat het beroep onontvankelijk is bij gebreke aan minstens één ontvankelijk middel, is gegrond.
- Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drie mei tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-17.938-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.412 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div