← België

Arrest 256495 - Examens (onderwijs) - 11/05/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 mei 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.495 Rolnummer: A. 237684/IX-10158 Zaak: Arrest 256495 - Examens (onderwijs) - 11/05/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-05-22 Raadplegingen: 81 - laatst gezien 2026-06-10 08:58 Fiche Arrest nr 256.495 van 11 mei 2023 Onderwijs en cultuur - Examens (onderwijs) Beslissing : Verwerping Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 256.495 van 11 mei 2023 in de zaak A. 237.684/IX-10.158 In zake : XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pieter-Jan Fierens kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf van Hoornestraat 15 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door scholengroep Antwerpen bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2630 Aartselaar Groenenhoek 61 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp

  1. Het verzoekschrift, ingediend op 16 november 2022, strekt tot de schorsing en de nietigverklaring van de “beslissing d.d. 23/09/2022 van de beroepscommissie van scholengroep 1 Antwerpen van het Gemeenschaps- onderwijs […] waarbij aan XXXX een oriënteringsattest C werd toegekend”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Eerste auditeur Jurgen Neuts heeft een verslag opgesteld over het beroep tot nietigverklaring met toepassing van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ en over de vordering tot IX-10.158-1/4 schorsing met toepassing van artikel 12 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 ‘tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State’. Overeenkomstig artikel 26, § 2, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State’, heeft de voorzitter van de IXe kamer bij beschikking van 23 februari 2023 aan de partijen voorgesteld dat de zaak niet op een openbare terechtzitting wordt behandeld, tenzij één van de partijen hierom verzoekt. Geen van de partijen heeft om een terechtzitting gevraagd. Overeenkomstig bovenvermelde beschikking, werd het debat gesloten en werd de zaak in beraad genomen op 27 maart
  3. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Toepassing kortedebattenprocedure
  5. De bestreden beslissing werd ingetrokken bij besluit van de beroepscommissie van 8 februari
  6. Het voorliggende beroep is derhalve zonder voorwerp geworden. De intrekking van de bestreden beslissing heeft eveneens tot gevolg dat de vordering tot schorsing geen voorwerp meer heeft. IV. Bevel
  7. Verzoeker vraagt “om een termijn van 15 dagen op te leggen waarbinnen verwerende partij een nieuwe beslissing dient te nemen”. IX-10.158-2/4 De verwerende partij heeft zich tegen deze vraag verweerd noch verzet. Er kan op worden ingegaan. V. Kosten
  8. In de gegeven omstandigheden past het de kosten ten laste van de verwerende partij te leggen. BESLISSING
  9. De Raad van State verwerpt het beroep tot nietigverklaring en de vordering tot schorsing.
  10. De Raad van State beveelt de verwerende partij uiterlijk vijftien dagen na de betekening van dit arrest de ingetrokken beslissing te vervangen door een nieuwe evaluatiebeslissing over XXXX.
  11. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij.
  12. Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partij niet bekendgemaakt. IX-10.158-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf mei tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-10.158-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.495 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.