id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 mei 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.581 Rolnummer: A. 239089/IX-10249 Zaak: Arrest 256581 - Varia (onderwijs en cultuur) - 24/05/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-05-30 Raadplegingen: 90 - laatst gezien 2026-06-10 09:25 Fiche Arrest nr 256.581 van 24 mei 2023 Onderwijs en cultuur - Varia (onderwijs en cultuur) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 256.581 van 24 mei 2023 in de zaak A. 239.089/IX-10.249 In zake: Jethro DE SCHINCKEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Annelies Uytterhaegen kantoor houdend te 9550 Herzele Provincieweg 477 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door scholengroep Gent bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marc Stommels en Jan Fransen kantoor houdend te 2630 Aartselaar Groenenhoek 61 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 15 mei 2023, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de raad van bestuur van de scholengroep Gent van 14 maart 2023 tot beëindiging van de aanstelling van Jethro De Schinckel als waarnemend directeur van GO! Atheneum Merelbeke op het einde van het schooljaar 2022-
- II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. IX-10.249-1/6 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 23 mei 2023, om 11.00 uur. Staatsraad Bruno Seutin heeft verslag uitgebracht. De verzoekende partij, advocaat Bo Denie, die loco advocaat Annelies Uytterhaegen verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Jan Fransen, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marijke Sterck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Verzoeker is sinds 1 september 2020 aangesteld als waarnemend directeur in GO! Atheneum Merelbeke. 3.
- Op 14 maart 2023 beslist de raad van bestuur van de scholen- groep Gent tot beëindiging van de aanstelling van verzoeker als waarnemend directeur van GO! Atheneum Merelbeke op het einde van het schooljaar 2022-
- Dat is de bestreden beslissing. IV. Herinnering aan de schorsingsvoorwaarden 4 Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende IX-10.249-2/6 noodzakelijkheid slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing. V. Uiterst dringende noodzakelijkheid Uiteenzetting
- Verzoeker licht de uiterst dringende noodzakelijkheid als volgt toe: “Enerzijds staat het vast dat onderhavig dossier te spoedeisend is voor een behandeling ervan in een beroep tot nietigverklaring. Er werd intussen reeds door de Scholengroep een vacature gelanceerd om een nieuw waarnemend schooldirecteur te vinden […]. De verzoekende partij heeft dan ook de gegronde angst dat er een dezer dagen een andere persoon zal worden aangesteld, waardoor hij dienaangaande helemaal geen aanspraken meer zal kunnen laten gelden. De schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid dringt zich derhalve op.” Beoordeling
- De schorsingsprocedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid houdt een ernstige verstoring in van het normale verloop van de rechtspleging voor de Raad van State, herleidt de mogelijkheden tot onderzoek van de zaak tot een strikt minimum en beperkt in aanzienlijke mate de uitoefening van de rechten van verdediging van de verwerende partij. De aanwending van die procedure moet dan ook zeer uitzonderlijk blijven. De toepassing ervan kan alleen worden aanvaard indien de schorsing van de tenuitvoerlegging volgens de gewone schorsingsprocedure te laat zal komen. Dit impliceert dat een verzoekende partij met de vereiste spoed en diligentie is opgetreden. Diligent optreden is vervat in de voorwaarde van de uiterst IX-10.249-3/6 dringende noodzakelijkheid. Die dwingende vereiste moet zijn vervuld opdat de Raad van State een verzoekende partij zou toelaten tot de schorsingsprocedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid.
- Aangenomen kan worden dat de diligentie waarmee een verzoekende partij tegen een haar grievende rechtshandeling opkomt met een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, niet noodzakelijk is af te lezen uit het tijdsverloop tussen de kennisname van de bestreden handeling en het instellen van die vordering. De huidige regelgeving laat toe dat de schorsing “op elk moment” wordt gevorderd (artikel 17, § 2, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State) en de situatie is denkbaar dat een zaak door gewijzigde omstandigheden pas dringend wordt – of zelfs uiterst dringend – nádat reeds eerder een annulatieberoep aanhangig werd gemaakt. Het is met andere woorden vanaf het ogenblik waarop de uiterst dringende noodzakelijkheid ontstaat, dat van een verzoekende partij wordt verwacht met passende voortvarendheid op te treden. Dit ogenblik moet niet – maar kan nog wel – samenvallen met het ogenblik waarop het besluit is genomen en dus vanuit het standpunt van de verzoekende partij, het ogenblik waarop zij er kennis van krijgt.
- De bestreden beslissing die dagtekent van 14 maart 2023, is aan verzoeker op 17 maart 2023 aangeboden bij een ter post aangetekende brief. Verzoeker heeft die aangetekende brief op 18 maart 2023 in ontvangst genomen. Verzoeker heeft zijn vordering ingediend op 15 mei 2023 zodat hij meer dan acht weken heeft laten verlopen na kennisname van de bestreden beslissing. Verzoeker voert echter aan dat de uiterst dringende noodzakelijkheid pas is ontstaan vanaf het ogenblik dat de vacature voor waarnemend directeur is bekendgemaakt, namelijk op 4 mei
- Dat kan evenwel niet overtuigen. Verzoeker kan niet redelijkerwijs aanvoeren plots te zijn verrast door die nieuwe vacature. Hij diende immers te weten dat vanaf het ogenblik dat de bestreden beslissing hem ter kennis IX-10.249-4/6 was gegeven, de plaats van directeur opnieuw diende te worden ingevuld en dat in een vacature zou worden voorzien voor, hetzij een plaats van directeur, hetzij een plaats van waarnemend directeur, met het oog op het nieuwe schooljaar. Die vacature is dan ook geen nieuw gegeven dat de uiterst dringende noodzakelijkheid kan verantwoorden. Indien verzoeker een uitermate hoge graad van urgentie aan deze zaak toeschrijft, had hij zonder talmen, en al zeker niet pas na ruim acht weken, zijn vordering moeten indienen. Deze handelwijze staat haaks op de aard zelf van een schorsingsprocedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid en houdt de negatie in van de uiterst dringende noodzakelijkheid. Uit wat voorafgaat volgt dat verzoeker niet met de vereiste spoed is opgetreden. Het bestaan van de uiterst dringende noodzakelijkheid van de vordering is niet aangetoond.
- Er is niet voldaan aan één van de bij artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de bestreden beslissing te kunnen bevelen. Die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. IX-10.249-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vierentwintig mei tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Bruno Seutin IX-10.249-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.581 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.261.949 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div