← België

Arrest 256806 - Onbewoonbare en ongezonde/onveilige woningen - 16/06/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 juni 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.806 Rolnummer: A. 236793/X-18195 Zaak: Arrest 256806 - Onbewoonbare en ongezonde/onveilige woningen - 16/06/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-06-23 Raadplegingen: 86 - laatst gezien 2026-06-06 05:10 Fiche Arrest nr 256.806 van 16 juni 2023 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Onbewoonbare en ongezonde/onveilige woningen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 256.806 van 16 juni 2023 in de zaak A. 236.793/X-18.195 In zake : Gwen VANDERWEGEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas Ryckalts kantoor houdend te 1000 Brussel Wolvengracht 38/2 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de GEMEENTE HERENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jonas De Wit kantoor houdend te 2800 Mechelen Antwerpsesteenweg 16-18 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 8 juli 2022, strekt tot de nietigverklaring van “[h]et besluit dd. 28 april 2022 van de burgemeester van de gemeente Herent tot het tijdelijk toekennen van de opheffing van een administratieve verzegeling van een woning gelegen te 3020 Herent, Molenstraatje 1”. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoekster heeft een memorie van wederantwoord ingediend. X-18.195-1/5 Eerste auditeur An Van den broeck heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verwerende partij heeft overeenkomstig artikel 14ter van de RvS-wet een verzoek tot handhaving van de gevolgen ingediend en de verzoekende partij heeft hierover haar schriftelijke opmerkingen ingediend. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een aanvullend verslag opgesteld over de toepassing van artikel 14ter van de RvS-wet. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 mei
  3. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Bruno Lenssens, die loco advocaat Thomas Ryckalts verschijnt voor verzoekster en advocaat Dylan Vercammen, die loco advocaat Jonas De Wit verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur An Van den broeck heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 (hierna: RvS-wet). III. Feiten
  4. Verzoekster is sedert 31 maart 2021 eigenaar van een pand te Herent, Molenstraatje 1, dat bij besluit van de burgemeester van de gemeente van 5 februari 2020 onbewoonbaar werd verklaard. X-18.195-2/5 Op 28 april 2022 besluit de burgemeester de administratieve verzegeling van de woning tijdelijk op te heffen “om de eigenaar toe te laten de woning te betreden met een architect in functie van de opmaak van een vergunningsaanvraagdossier”, waarbij “de termijn […] niet langer [kan] duren dan nodig om de nodige vaststellingen en opmetingen ter plaatse te treffen”. Als gevolg van het willig beroep dat verzoekster op 1 juni 2022 tegen die beslissing instelt, besluit de burgemeester op 26 juli 2022 om “[d]e administratieve verzegeling tijdelijk op te heffen om de eigenaar toe te laten onderhouds- en instandhoudingswerken uit te voeren en een omgevings- vergunningsdossier voor te bereiden”. IV. Voorwerp Standpunt van de partijen
  5. In de memorie van antwoord legt de verwerende partij uit dat de bestreden beslissing van 28 april 2022 door de behandeling van verzoeksters willig beroep ertegen, vervangen werd door de nieuwe beslissing van 26 juli
  6. Betoogd wordt dat de bestreden beslissing “ondertussen uit het rechtsverkeer weggenomen is ten gevolge van het ingesteld willig beroep” en dat er bijgevolg “niet langer een voorwerp voor het beroep tot nietigverklaring aanwezig is”.
  7. Verzoekster verklaart die zienswijze te delen: door de stilzwijgende intrekking van de bestreden beslissing is het annulatieberoep zonder voorwerp gevallen. Wel is er volgens haar reden om de bestreden beslissing te vernietigen “in het kader van de rechtszekerheid”. Beoordeling
  8. De Raad van State valt bij dat de bestreden beslissing ten gevolge van het willig beroep ertegen vervangen is geworden door de beslissing van de burgemeester van 26 juli 2022 en zodoende uit het rechtsverkeer is X-18.195-3/5 verdwenen. Het past om dat ten behoeve van de duidelijkheid in het rechtsverkeer met een formele nietigverklaring van de bestreden beslissing tot uitdrukking te brengen. V. Handhaving van de gevolgen Standpunt van de verwerende partij
  9. De verwerende partij vraagt met toepassing van artikel 14ter van de RvS-wet om de gevolgen van de bestreden beslissing te handhaven en meer bepaald “om de retroactieve werking van de vernietigingsbeslissing te beperken en de gevolgen van de bestreden beslissing, ontstaan tot en met 26 juli 2022, te handhaven”. Geargumenteerd wordt dat de retroactieve vernietigingsbeslissing voor “een onredelijk zwaar nadeel” en “een aantasting van de rechtszekerheid van de nieuwe beslissing van 26 juli 2022” zou zorgen. Beoordeling
  10. Zoals het debat ter terechtzitting bevestigt, berust de vraag tot handhaving van de gevolgen hoofdzakelijk op de zienswijze dat de uit te spreken vernietiging zal uitwijzen dat de vernietigde beslissing onwettig was. Die opvatting is onterecht. De “vernietiging met het oog op de rechtszekerheid” is een jurisprudentiële techniek die er, in een geval als het voorliggende, alleen toe strekt om datgene wat geacht moet worden sowieso reeds het gevolg te zijn van de beslissing van de burgemeester van 26 juli 2022 – namelijk, naar de eigen woorden van de verwerende partij in de memorie van antwoord, dat de bestreden beslissing “uit het rechtsverkeer weggenomen is” – ook te formaliseren, ten behoeve van de duidelijkheid erga omnes in het rechtsverkeer.
  11. Als zodanig brengt deze formalisering de verwerende partij allerminst een “onredelijk zwaar nadeel” toe, noch is ze van aard de rechts- zekerheid van de beslissing van de burgemeester van 26 juli 2022 aan te tasten. X-18.195-4/5 Het verzoek tot handhaving van de gevolgen wordt verworpen. BESLISSING
  12. De Raad van State vernietigt de beslissing van de burgemeester van de gemeente Herent van 28 april 2022 tot tijdelijke opheffing van de administratieve verzegeling van de woning gelegen te 3020 Herent, Molenstraatje
  13. Het verzoek tot handhaving van de gevolgen wordt verworpen.
  14. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 22 euro, en op een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro ten behoeve van verzoekster. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zestien juni tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Johan Lust X-18.195-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.806 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.