← België

Arrest 256975 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 29/06/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 juni 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.975 Rolnummer: A. 235755/VII-41313 Zaak: Arrest 256975 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 29/06/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-07-06 Raadplegingen: 83 - laatst gezien 2026-06-06 05:24 Fiche Arrest nr 256.975 van 29 juni 2023 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 256.975 van 29 juni 2023 in de zaak A. 235.755/VII-41.313 In zake: de BV QUIRYNEN ENERGY FARMING (in staat van faillissement) rechtsgeding hervat door de curatoren:

  1. Jean DE CHAFFOY
  2. Luc PLESSERS
  3. Caroline DE LEPELEIRE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ilse Cuypers kantoor houdend te 2600 Antwerpen Posthofbrug 6, bus 1 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Willem Slosse en Stijn Brusselmans kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 64, bus 201 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  4. Het beroep, ingesteld op 18 februari 2022, strekt tot de nietigverklaring van “het besluit van de Vlaamse Minister voor Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme van 14 december 2021 tot intrekking van het Ministerieel Besluit van 18 juni 2021 en houdende uitspraak over het administratief beroep, aangetekend tegen het besluit houdende bestuurlijke maatregelen van 9 maart 2021 van Omgevingsinspectie Antwerpen, en houdende de bevestiging van de bestuurlijke maatregelen met als toevoeging de verplichting om de aanwezige eindproducten, afvalstoffen en de inhoud van de vergisters af te voeren en te laten verwerken als een afvalstof die is gecontamineerd VII-41.313-1/4 met categorie 1-materiaal en niet voldoet aan de samenstellingsvoorwaarden van bijlage 2.3.1 van Vlarema tegen 1 september 2022”. II. Verloop van de rechtspleging
  5. Bij arrest nr. 254.165 van 30 juni 2022 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend. De curatoren hebben een verzoek tot hervatting van het rechtsgeding ingediend. De verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Benny De Sutter heeft op 16 februari 2023 een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 22 februari
  6. Op 10 mei 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. VII-41.313-2/4 De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  7. III. Beoordeling
  8. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
  9. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing.
  10. Met een brief van 19 juni 2023 doet de verzoekende partij nadien nog uitdrukkelijk afstand van haar beroep. VII-41.313-3/4 BESLISSING
  11. De Raad van State verleent akte van de afstand.
  12. De failliete boedel van de verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, een bijdrage van 44 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negenentwintig juni tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-41.313-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.975 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2022:ARR.254.165 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.