id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 juli 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.108 Rolnummer: A. 239500/X-18423 Zaak: Arrest 257108 - Sluitingen van vestigingen - 13/07/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-07-14 Raadplegingen: 94 - laatst gezien 2026-06-06 06:05 Fiche Arrest nr 257.108 van 13 juli 2023 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Sluitingen van vestigingen Beslissing : Verwerping Verwerping voorlopige maatregelen Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe VAKANTIEKAMER nr. 257.108 van 13 juli 2023 in de zaak A. 239.500/X-18.423 In zake: de BV ZUID TRANS SERVICES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Kris Masson kantoor houdend te 2000 Antwerpen Vlaamse Kaai 32 bus 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jim Deridder kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 210A bus 10 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp
- De voorliggende vordering, ingesteld op 4 juli 2023, strekt in de eerste plaats tot de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid, onder verbeurte van een dwangsom, van de beslissing van de burgemeester van de stad Antwerpen van 29 juni 2023 om het transportbedrijf Zuid Trans Services, gelegen aan de Berendrechtstraat 63 te 2020 Antwerpen, te sluiten gedurende een termijn van drie maanden, van 3 juli 2023 tot en met 2 oktober
- Tevens vraagt verzoekster om bij wege van voorlopige maatregel te bevelen “dat Zuidertrans vanaf dag 1 na het arrest het massagesalon [sic] gelegen te 2020 Antwerpen, Berendrechtstraat 63 terug kan openen”, onder verbeurte van een dwangsom bij niet-naleving. X-18.423-1/5 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 juli 2023, om 11.30 uur. Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Tristan Carolus, die loco advocaat Kris Masson verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Jim Deridder, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Iris Verheven heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Met een bestuurlijke akte van 12 juni 2023 deelt de politiezone Hekla aan de burgemeester van de stad Antwerpen mee dat op 31 mei 2023 een huiszoeking is uitgevoerd op het adres Berendrechtstraat 63 te 2020 Antwerpen, bij Zuid Trans Services, die goederen transporteert over de weg tussen België en Marokko. Er is daarbij een persoon aangetroffen die zou instaan voor de dagelijkse werking van Zuid Trans Services, maar in mensonwaardige omstandigheden en zonder loon werkt. Proces-verbaal werd opgesteld voor mensenhandel. Bij nazicht op 3 juni 2023 werd weer vastgesteld dat die persoon in de winkel werkte, in dezelfde omstandigheden. Met een brief van 13 juni 2023 wordt verzoekster uitgenodigd om te worden gehoord over het voornemen van de burgemeester om de inrichting X-18.423-2/5 te sluiten op grond van artikel 134quinquies van de nieuwe gemeentewet. De hoorzitting heeft plaats op 26 juni
- Op 29 juni 2023 beslist de burgemeester het transportbedrijf van verzoekster met toepassing van artikel 134quinquies van de nieuwe gemeentewet te sluiten gedurende een termijn van drie maanden, vanaf 3 juli 2023 tot en met 2 oktober
- Geoordeeld wordt dat er ernstige aanwijzingen zijn dat meegewerkt wordt aan praktijken van mensenhandel, te weten door een kwetsbare werknemer in mensonwaardige omstandigheden te huisvesten en er de controle over te houden, om hem economisch uit te buiten. De sluiting moet ontraden om nog aan zulke illegale praktijken bij te dragen, en moet ertoe aanzetten te heroriënteren en reorganiseren en de nodige maatregelen te nemen om de illegale praktijken en hun gevolgen in de toekomst onmogelijk te maken. IV. Voorwaarden voor een schorsing of het opleggen van een andere voorlopige maatregel
- Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing en dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden. V. Voorwaarde van een uiterst dringende noodzakelijkheid Uiteenzetting van verzoekster
- Volgens verzoekster zal de uitkomst van de gewone procedure tot schorsing of het opleggen van een andere voorlopige maatregel te laat komen, gelet op het financieel verlies dat door de sluiting elke dag opnieuw geleden wordt. X-18.423-3/5 Elders in het verzoekschrift, onder “Moeilijk te herstellen ernstig nadeel”, deelt verzoekster mee dat zij een ernstig materieel en moreel nadeel lijdt, en inmiddels gedurende dagen inkomsten ontbeert. Beoordeling
- De procedure tot schorsing of het opleggen van een andere voorlopige maatregel bij uiterst dringende noodzakelijkheid maakt een ernstige verstoring van het normale verloop van de rechtspleging voor de Raad van State uit. Het gebruik ervan moet bijgevolg uitzonderlijk blijven, en namelijk beperkt blijven tot die gevallen waarin het uiterst dringende karakter van de zaak vaststaat. De feiten die de uiterst dringende noodzakelijkheid rechtvaardigen, dienen overeenkomstig artikel 16, § 1, eerste lid, 7°, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 ‘tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State’ in het verzoekschrift te worden aangevoerd. Met andere woorden komt het er voor een verzoekende partij op aan om aan de hand van concrete en verifieerbare gegevens ervan te overtuigen dat zij zulk een ernstig nadeel riskeert dat zij niet alleen niet de behandeling van de zaak in een beroep tot nietigverklaring kan afwachten, maar zelfs niet de uitkomst van een gewone procedure tot schorsing of tot het opleggen van een andere voorlopige maatregel. In beginsel wordt alleen rekening gehouden met wat zij ter zake in het verzoekschrift aanvoert en staaft.
- Verzoekster licht het nadeel dat zij beweert te lijden, met geen enkel concreet gegeven toe. Eveneens laat zij na om ook maar één stuk ter staving van het nadeel bij te brengen. Terecht dan ook merkt de verwerende partij op “dat verzoekster zich niet de minste moeite getroost om enig stuk, of zelfs maar een raming voor te leggen, waaruit moet blijken wat de omvang van de ten gevolge van de bestreden beslissing gederfde inkomsten zou kunnen zijn, wat daarvan de reële impact is, rekening houdend bijvoorbeeld met variabele kosten die niet moeten worden gemaakt, en waarom de financiële toestand van de vennootschap van die aard is dat X-18.423-4/5 zij de termijn van de sluiting niet zal kunnen overbruggen zonder in haar voortbestaan te worden bedreigd”. Door aldus te verzuimen om met een minimum aan precieze gegevens inzichtelijk en aannemelijk te maken dat zij ten gevolge van de bestreden beslissing in een situatie dreigt te verzeilen van een bijzonder urgent te verhelpen nadeel, laat verzoekster de Raad van State niet toe om de voorwaarde van een uiterst dringende noodzakelijkheid voor vervuld te houden.
- Hieruit volgt dat aan alvast één van de voorwaarden voor een schorsing of het opleggen van een andere voorlopige maatregel bij uiterst dringende noodzakelijkheid niet is voldaan. Dit volstaat om de vorderingen in hun geheel te verwerpen; BESLISSING De Raad van State verwerpt de vorderingen tot schorsing en tot het opleggen van een voorlopige maatregel. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van dertien juli tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, XIIe vakantiekamer, samengesteld uit: Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Johan Lust X-18.423-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.108 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.858 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div