id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 juli 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.134 Rolnummer: A. 239568/VII-42122 Zaak: Arrest 257134 - Dierenwelzijn - 25/07/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-07-27 Raadplegingen: 95 - laatst gezien 2026-06-06 06:15 Fiche Arrest nr 257.134 van 25 juli 2023 Sociale zaken en volksgezondheid - Dierenwelzijn Beslissing : Verwerping Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe VAKANTIEKAMER nr. 257.134 van 25 juli 2023 in de zaak A. 239.568/VII-42.122 In zake: XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Wim Mertens en Andreas Oversteyns kantoor houdend te 3580 Beringen Paalsesteenweg 81 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steve Ronse en Deborah Smets kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 12 juli 2023, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing van het afdelingshoofd Dierenwelzijn van het Vlaams Gewest, Departement Omgeving, afdeling Dierenwelzijn van 20 juni 2023 waarbij de honden Pablo en Suzy, respectievelijk met chipnummers 941000023650926 en 967000010475225, met toepassing van artikel 42, § 2, van de wet van 14 augustus 1986 ‘betreffende de bescherming en het welzijn der dieren’ in volle eigendom worden gegeven aan de asielen waar ze momenteel verblijven. Tevens vraagt verzoekster als voorlopige maatregel om aan de verwerende partij te bevelen dat wordt “vermeden dat d[i]e honden, waarvan geen afstand werd gedaan, worden geadopteerd of geëuthanaseerd”. IX-42.122-1/25 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een nota ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 juli 2023, om 11.00 uur. Staatsraad Bruno Seutin heeft verslag uitgebracht. Advocaat Andreas Oversteyns, die verschijnt voor verzoekster en advocaat Deborah Smets, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Frederic Eggermont heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Verzoekster is eigenares van de honden Pablo en Suzy. 3.
- Na een eerdere inbeslagname bij de moeder van verzoekster van 18 konijnen in 2022 wordt er op 15 mei 2023 een nieuwe controle met visitatiemachtiging uitgevoerd door de lokale politie in het huis van de moeder van verzoekster. Met toepassing van artikel 42, § 1, van de wet van 14 augustus 1986 ‘betreffende de bescherming en het welzijn der dieren’ (hierna: dierenwelzijnswet) worden negen honden, waaronder de honden Pablo en Suzy in beslag genomen. IX-42.122-2/25 De dieren worden in afwachting van een definitieve bestemmingsbeslissing ondergebracht in erkende dierenasielen. 3.
- Op 15 juni 2023 wordt verzoekster verhoord door de lokale politie. Zij verklaart dat zij al vier jaar weg is bij haar moeder en dat zij al maanden niet meer in de woning van haar moeder is geweest. Zij benadrukt dat de hond Pablo altijd bij haar thuis verblijft maar af en toe, ongeveer eenmaal per maand bij haar moeder op logement gaat. De hond Suzy verblijft regelmatiger bij haar moeder omdat die hond “moeilijk overeenkomt” met de hond van de tante van haar vriend bij wie zij en haar vriend tijdelijk verblijven omdat zij hun woning aan het verbouwen zijn. 3.
- Op 21 juni 2023 beslist het afdelingshoofd Dierenwelzijn van het departement Omgeving, om met toepassing van artikel 42, § 2 , van de dierenwelzijnswet onder meer alle negen in beslag genomen honden “in volle eigendom [te] geven aan de erkende asielen waar ze momenteel verblijven”. Dit is de bestreden beslissing welke luidt als volgt (voetnoot weggelaten): “Historiek • PV van de politie HA.63.L1.004137/2022 d.d. : 03/03/2022 met vaststellingen, overtredingen en inbeslagname van 18 konijnen op 03-03-
- • Bestemmingsbeslissing G-22-1608 van onze dienst: de 18 konijnen worden definitief toegewezen aan het asiel • Op 15-05-2023 werden 9 honden (Beer met chipnummer 967000010475430, Haily met chipnummer 967000010475426, Laika met chipnummer 967000010475210, Loes met chipnummer 642090001966070, Pablo met chipnummer 941000023650926, Pluto met chipnummer 967000010475226, Sky met chipnummer 967000010475422, Suzy met chipnummer 967000010475225 en Venus met chipnummer 967000010475401), 2 schildpadden en 2 konijnen administratief in beslag genomen, in toepassing van art. 42 §1 van de wet van 14/08/1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren De vaststellingen werden geacteerd in proces-verbaal van de politie: HA.63.L1.004059/2023 dd: 25/02/2023 De dieren zijn, in afwachting van een definitieve bestemmingsbeslissing zoals voorzien in art. 42 §2 van de dierenwelzijnswet, ondergebracht in erkende dierenasielen. Verhoor van [C.L.] door de politie op 15-05-2023 IX-42.122-3/25 Verhoor van [verzoekster] door de politie op 15-05-2023 Bestemming De 9 honden (Beer met chipnummer 967000010475430, Haily met chipnummer 967000010475426, Laika met chipnummer 967000010475210, Loes met chipnummer 642090001966070, Pablo met chipnummer 941000023650926, Pluto met chipnummer 967000010475226, Sky met chipnummer 967000010475422, Suzy met chipnummer 967000010475225 en Venus met chipnummer 967000010475401), 2 schildpadden en 2 konijnen worden, in toepassing van artikel 42, §2, van de wet van 14/08/1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, in volle eigendom gegeven aan de erkende asielen waar ze momenteel verblijven. Overeenkomstig artikel 42, §5, van de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, is de betrokkene aan de afdeling Dierenwelzijn een vergoeding verschuldigd voor de kosten verbonden aan de inbeslagname en de bestemming van de dieren. Motivatie van de beslissing PV van de politie HA.63.L1.004137/2022 d.d. : 03/03/2022 met vaststellingen, overtredingen en inbeslagname van 18 konijnen op 03-03-
- • In de woonkamer loopt een hond genaamd Lucy. Lucy heeft 7 pups die enkele dagen geleden geboren zijn. Lucy heeft als chipnummer
- • In een kamer achter de woonkamer, worden de konijnen gehouden. o De konijnen staan opgestapeld in kleine kooitjes. Op sommige plaatsen staan de kooien 2 rijen dik zodat de achterste konijnen totaal geen zicht hebben op de omgeving. o De kooien zijn vuil en veel te klein. De konijnen hebben weinig bewegingsruimte. o Ze hebben op het ogenblik van de controle geen hooi en leven op een vuile ondergrond. o De meeste drinkbakjes zijn leeg. o De vacht ziet er onverzorgd uit en ze ogen mager. o Opsteller telt 20 konijnen. Er zijn ook enkele jonge konijntjes bij waaruit wij kunnen afleiden dat de konijnen niet gescheiden worden en zo nog altijd kunnen kweken. o [V.R.] laat opsteller weten dat de konijnen bijna allemaal eigen kweek zijn. o Als opsteller vraagt of er mogelijkheden zijn om de leefomstandigheden van de konijnen aan te passen zoals grotere kooien en diergeneeskundige verzorging, laat [V.R.] weten dat dit moeilijk gaat zijn. Zijn ouders zitten in een echtscheiding verwikkeld en zijn vader wil geen geld uitgeven aan de konijnen. • Opsteller merkt op dat er ook nog een aquarium in dezelfde ruimte staat. Bij nadere controle ziet opsteller dat hier 2 schildpadjes in de aquarium zitten. • Zij leven in vuil water, hebben geen droge ondergrond en geen warmtelamp. IX-42.122-4/25 Opsteller beslist om over te gaan tot de inbeslagname van de konijnen om de volgende redenen: • de konijnen zitten veel te klein op een vuile ondergrond; • er geen eten en drinkwater voorzien is; • er volgens [V.R.] geen geld kan uitgegeven worden aan de verzorging van de konijnen; • de konijnen niet allemaal gescheiden worden en zo blijven verder kweken; • er dus niet wordt voldaan aan de fysiologisch en ethologische behoeften van de konijnen en zij ook geen geneeskundige zorg krijgen. Bij het meedelen van de inbeslagname wordt de jongste zoon [V.M.], 11 jaar, zeer emotioneel. Hij vraagt om de 2 jonge konijntjes te mogen houden. Opsteller besluit om deze 2 konijnen niet mee te nemen. Ondertussen heeft 1 van de kinderen telefonisch contact opgenomen met hun moeder, [C.L.]. Opsteller spreekt met [C.L.] aan de telefoon en deelt haar de reden van inbeslagname mee. Alvorens de woning te verlaten na de inbeslagname van de dieren, laat opsteller een document achter voor [C.L.]. Op dit document staan de contactgegevens van opsteller vermeld als ook enkele opmerkingen in verband met de achtergebleven dieren. • Met de 2 overgebleven konijnen naar de dierenarts gaan om deze te laten nakijken. • Groter en proper verblijf voor deze konijnen voorzien. • Het verblijf van de schildpadden moet ook aangepast worden. Er moet proper water voorzien worden, een eiland en een warmtelamp moeten ook voorzien worden. Medische toestand konijnen: De eerste controle van de konijnen in het opvangcentrum, wijst uit dat de konijnen allemaal te mager zijn, schurft hebben en diarree hebben. De vaststellingen in het proces-verbaal van de politie HA63.L1.004059/2023 dd : 25/02/2023: Voorafgaande controles: • Op 03/03/2022 werd er door onze dienst een controle uitgevoerd […] te […] bij [C.L.]. Er werden toen 18 konijnen in beslag genomen wegens inbreuken op de dierenwelzijnswet. PV HA.63.L1.004137/2022 werd opgesteld. Twee konijnen en twee schildpadden werden in de woning gelaten met de voorwaarde dat de verzorging degelijk diende te gebeuren. Tijdens de controle werd vastgesteld dat de familiehond Lucy, net 7 pups ter wereld had gebracht. Het betrof hier een ongepland nestje. [C.L.] zei dat ze de pups zou wegdoen eens ze groot genoeg zouden zijn. • Sindsdien probeerde opsteller meerdere controles uit te voeren naar de leefomstandigheden van de honden en van de andere dieren. Telkens werd de toegang tot de woning geweigerd of werd de deur helemaal niet geopend. • De laatste poging tot controle gebeurde op 25/02/2023: Bij het aankloppen blijkt dat [C.L.] aanwezig is in de woning. Zij opent de deur IX-42.122-5/25 en sluit de deur zeer snel achter zich zodat ik niet binnen kan kijken. In de woning blaffen meerdere honden. Opsteller legt het doel van het bezoek uit maar [C.L.] zegt dat de controle haar nu niet uitkomt. [C.L.] zegt ons dat zij een afspraak wil maken voor de controle. Opsteller legt haar uit dat er geen afspraken worden gemaakt om controles te doen. [C.L.] droeg vuile kleren die vol hondenharen hingen. Zij zou momenteel 7 honden in huis hebben. Vijf pups (ondertussen al 1 jaar oud) en haar volwassen hond Lucy, de moeder van de pups. Dan zit er ook nog de hond van haar dochter genaamd Pablo. Als opsteller vraagt naar de konijnen en de schildpadden, zegt [C.L.] dat die dieren er niet meer zijn. Er komt een zeer onaangename geur uit de woning en [C.L.] houdt de hele tijd de deur dicht zodat ik niet binnen kan kijken. Verschillende malen heb ik gevraagd om binnen te komen maar [C.L.] geeft geen toestemming. Het huis is in slechte staat en de meeste ramen zijn kapot. Er wonen ook nog 6 kinderen in deze woning. Er is enkel een klein verhard tuintje aan de woning en er is geen tuin voor de honden. Op de binnenkoer ligt een hoop rommel, geen uitwerpselen en de omheining is kapot en ligt op sommige plaatsen tegen de grond. Hierdoor vermoed opsteller dat de honden nooit buiten komen. Doordat [C.L.] geen medewerking verleent, kunnen wij de juiste leefomstandigheden van de honden niet controleren. Nadien krijgen wij nog verschillende telefonische meldingen over de slechte leefomstandigheden van mens en dier in deze woning. Op basis van deze meldingen en het feit dat [C.L.] niet vrijwillig meewerkt aan een controle, wordt de visitatiemachtiging aangevraagd. Controle met visitatiemachtiging • Op 15/05/2023 om 09.30 uur begeeft opsteller zich samen met wijkinspecteurs […] ter plaatse. Er wordt aangeklopt aan de voordeur van de woning maar er komt geen reactie. Alle rolluiken aan de voorkant van de woning zijn omlaag zoals altijd. De rolluiken zijn versleten en rot. De vensters op het eerste verdiep van de woning zijn bijna allemaal kapot of dichtgemaakt. • Vervolgens begeven wij ons naar de zijkant van de woning waar het verhard tuintje van de woning is. Er ligt een hele hoop rommel op deze binnenkoer alsook verschillende uitwerpselen. • De omheining is zo wankel dat deze voor een deel bijna plat op de grond ligt. Via een opening in de omheining komen wij in het tuintje en kunnen zo aankloppen aan de achterdeur. De achterdeur is gedeeltelijk kapot. • Na enige tijd aankloppen komt een jongeman de deur openen. Het betreft [V.R.], een zoon van [C.L.]. Wij delen hem de reden van controle mee en overhandigen hem een kopie van de visitatiemachtiging. [V.R.]laat ons vervolgens binnen in de woning. • In de woning hangt een zeer onaangename geur. Een meute honden komt op ons af. In totaal blijken er 9 honden in huis te zitten. Mama, papa en 7 pups. • Terwijl wij de woning betreden zijn er verschillende honden die urineren in de woning. De honden zijn allen nerveus en blaffen veel. Enkele honden steken zich weg onder de kasten in de woonkamer. De meeste honden zijn achterdochtig en durven ons amper benaderen. Hier en daar IX-42.122-6/25 gromt er een hond. Het is duidelijk dat de honden geen degelijke socialisatie hebben gehad. • De honden kunnen in de hele woning rondlopen maar de pups zitten meestal in de woonkamer. De woning is donker gezien de rolluiken altijd dicht zijn. In de woonkamer staan amper meubels. Er staat een oude zetel die helemaal vernield is door de honden. • Er staan 2 manden in de woonkamer zonder zacht ligbed. Dit is echter niet genoeg voor de 9 honden. • Er staat 1 kom met drinkwater in de woonkamer. Verder staan er 2 bakjes met brokken in en naast deze bakjes staat een volledige zak hondenvoer. • Ook op de bovenverdieping is er chaos. De kamers zijn vuil en rommelig. Tegen de plafonds hangen dikke spinnenwebben. In de gang is er zelfs een slaapplaats voorzien voor 1 van de kinderen. • In een kamer naast de woonkamer staat een zeer vuil aquarium met daarin 2 schildpadden. Deze zijn amper te zien door het vuile water. Het water is groen. Er is geen landgedeelte voorzien in het aquarium. Er is geen warmtelamp of UV voorzien. • In een andere kamer die vol met rommel ligt, treffen wij een kooitje aan waar 2 konijnen in zitten. De kooi is amper groot genoeg voor 1 konijn. De konijnen zitten weggestoken achter een hoop rommel. De bodem van de kooi ligt vol met uitwerpselen. Er ligt een plastiek zak in de kooi. Er is geen hooi aanwezig. Er hangen 2 waterflesjes aan de zijkant van de kooi maar deze zijn allebei leeg • Tijdens de controle komt [C.L.] toe aan de woning. Er wordt haar meegedeeld dat de verzorging van de dieren te wensen over laat en dat de dieren allemaal in beslag genomen worden wegens inbreuken op de dierenwelzijnswet. [C.L.] deelt opsteller mee dat 2 honden eigendom zijn van haar dochter […]. Volgens [C.L.] is geen van de honden gesteriliseerd of gecastreerd. Inbeslagname van de dieren: Opsteller besluit om over te gaan tot de inbeslagname van de 9 honden, 2 konijnen en 2 schildpadden wegens inbreuken op de dierenwelzijnswet. De honden zijn duidelijk niet gesocialiseerd en leven in een donker, vuil huis zonder enige afleiding. De teven en reuen lopen door mekaar. De konijnen leven weggestoken in een vuile kamer in een vuile kooi zonder degelijke voeding en zonder water. De schildpadden leven in vuil water zonder warmte of UV licht. Ophaling dieren: Op 15/05/23 om 10.17 uur is een medewerker van het vogel- en zoogdieropvangcentrum ter plaatse om de konijnen en schildpadden op te halen. Dit gebeurt zonder problemen. Op 15/05/2023 om 10.30 uur zijn de medewerkers van het dierenasiel van St-Truiden ter plaatse voor de ophaling van de honden. De honden worden rustig benaderd en een leiband wordt om de nek van 1 van de honden gedaan. De hond schiet in paniek en wil zich losmaken. Hierdoor worden de andere honden opgewonden en ontstaat er een vechtpartij tussen de honden. De aangelijnde hond wordt hierop terug losgemaakt. Door dit voorval is het zeer IX-42.122-7/25 duidelijk dat de honden geen leiband kennen. Uiteindelijk brengt [V.R.]de honden 1 voor 1 naar de wagen van het dierenasiel van Genk. [V.R.]zegt ons dat de honden niet veel buiten komen en dat zij hun behoeften doen in de woning. Verhoor [verzoekster]: [Verzoekster], dochter van [C.L.], neemt op 15/05/2023 contact op met opsteller. Twee van de inbeslaggenomen honden zijn van haar. Het gaat om Pablo en Suzy. In haar verklaring zegt [verzoekster] dat zij de hond Pablo heeft geadopteerd vanuit Spanje. Pablo is de vader van de 7 pups. Eén van de pups genaamd Suzy is ook van haar. De honden waren op logement bij [C.L.] op het ogenblik van onze controle. [Verzoekster] woont in bij haar vriend en zijn tante […]. Beide honden kunnen daar opnieuw terecht. [Verzoekster] laat weten dat zowel Pablo als de hond van de tante, chemisch gecastreerd zijn. [Verzoekster] zegt ook dat zij de pups heeft laten chippen en registreren op haar naam. Dit omdat haar ouders op dat ogenblik in een echtscheiding zaten. Verhoor [C.L.] op 15-05-2023: In haar verklaring laat [C.L.] weten dat zij wel geprobeerd heeft om de pups te herplaatsen maar dat dit niet gelukt is. [C.L.] zegt dat zij de pups heeft laten chippen en registreren op naam van haar dochter […]. [C.L.] wil de honden Lucy en Laika terug. Zij wil ook dat de honden Pablo en Suzy terug naar haar dochter gaan. [C.L.] doet vrijwillig afstand van de honden Beer, Hayley, Sky, Pluto en Venus en van de 2 konijnen. Over de schildpadden zegt ze dat ze geen beslissing kan nemen omdat die van haar zoon [J.] zijn. [V.J.] woont momenteel niet meer op de […] maar hij heeft wel de schildpadden daar gelaten. Deze vaststellingen wijzen erop dat er niet voldaan wordt aan de ethologische en fysiologische behoeften van de dieren. Deze vaststellingen wijzen op ófwel een gebrek aan aandacht voor de noden, huisvesting en verzorging van de dieren, ófwel op een gebrek aan kennis aangaande de noden, huisvesting en verzorging van de dieren. De onaanvaardbare omstandigheden waarin de dieren werden aangetroffen. Gezien de herhaling van de vastgestelde overtredingen, Dierenartsenverslag van de dierenarts van het asiel: ‘Pablo’: Canis vulgaris, reu, °1/03/19, chipnr 967000010475926 - 16,7kg - Algemeen onderzoek: • Vacht/huid/nagels: bijklauwen achteraan => geknipt; doffe, vuile en stinkende vacht - Intact - Vaccinaties: Rabiës, BbPi - Anti-parasitaire producten: Advantix, Milbemax ‘Lucy’: Canis vulgaris, teef, °29/03/21, chipnr 642090001966070 - 20kg - Algemeen onderzoek: • Vacht/huid/nagels: bijklauwen achteraan => geknipt; doffe, vuile en stinkende vacht; depigmentatie neusspiegel, met behoud van netvormig patroon IX-42.122-8/25 - Niet loops op dit moment - Echo: geen dracht op dit moment ‘Venus’: Canis vulgaris, teef, °28/02/22, chipnr 967000010475401 - 21.2kg - Algemeen onderzoek: • Huid/nagels: bijklauwen achteraan dubbel => geknipt; vuile vacht met klitten; klein wondje t.h.v. bovenste rechterooglid • Oren: linkeroor ontstoken - Loops ‘Laika’, Canis vulgaris, teef, °28/02/22, chipnr 967000010475210 - 18,2kg - Algemeen onderzoek: • Vacht/huid/nagels: bijklauwen achteraan (bijna ingegroeid) => geknipt; doffe, vuile en stinkende vacht - Echo: dracht! ‘Suzy’, Canis vulgaris, teef, °28/02/22, chipnr 967000010475225 - 18.1kg - Algemeen onderzoek: • Vacht/huid/nagels: vuile en doffe vacht - Echo: dracht! ‘Haily’, Canis vulgaris, teef, °28/02/22, chipnr 967000010475426 - 20,7kg - Algemeen onderzoek: • Vacht/huid/nagels: doffe vacht, vuil stinkend; bijklauwen achteraan => geknipt • Tanden: zeer klein beetje tandsteen achteraan Echo: dracht! ‘Beer’, Canis vulgaris, reu, °28/02/22, chipnr 967000010475430 - 20kg - Algemeen onderzoek • Vacht/huid/nagels: bijklauwen beidezijds => geknipt • Oren: beide oren ontstoken: Neptra - Intact ‘Pluto’, Canis vulgaris, reu, °28/02/22, chipnr 967000010475226 - 20.4kg - Algemeen onderzoek • Vacht/huid/nagels: bijklauwen achtenaan links => geknipt; doffe stinkende vacht - Intact ‘Sky’, Canis vulgaris. reu, °28/02/
- chipnr 9670000l0475422 - 17.5kg - Algemeen onderzoek: • Vacht/huid/nagels: bijklauwen rechtsachter => geknipt; doffe, vuile en stinkende vacht met stoelgang; gedepigmenteerde neusspiegel met behoud van netvormig patroon • Oren: rechteroor ontstoken: Neptra - Intact IX-42.122-9/25 Allen: Vaccinaties: Rabiës, BbPi - Anti-parasitaire producten: Advantix en Milbemax Gezien het dierenartsenverslag wijst op een gebrek aan verzorging en diergeneeskundige begeleiding. Gezien uit het dierenartsenverslag blijkt dat er 3 jonge teefjes zwanger zijn en dit het resultaat is van inteelt (ofwel gedekt door hun vader ofwel gedekt door 1 van hun broers). Gezien hieruit blijkt dat er een schrijnend gebrek aan toezicht is op de honden. Gezien het verhoor van [C.L.] op 15-05-2023: Ik ben eigenaar van 7 van de 9 de honden die u in beslag heeft genomen op 15/05/2023 bij mij thuis […]. Lucy, de mama van de pups heb ik geadopteerd vanuit Roemenië, ongeveer 2 jaar geleden. Pablo, de papa is geadopteerd vanuit Spanje. Hij werd geadopteerd door mijn dochter Lisa. Pablo woont bij [mijn dochter] maar hij blijft af en toe bij mij slapen als [mijn dochter] weg gaat. Toen Pablo op een dag op bezoek was, wist ik niet dat Lucy al loops was geweest. Ze was immers nog redelijk jong. Dan is Lucy zwanger geraakt van Pablo. Er zijn 7 pups van geboren. Ongeveer vorig jaar in juli heb ik de pups laten chippen en registreren op naam van mijn dochter […]. Ik deed dit op haar naam omdat ik op dat ogenblik in een echtscheiding zat. Mijn dochter heeft 1 van de pups genaamd Suzy geadopteerd. Suzy verbleef enkele keren per maand bij mij. Pablo verbleef maar af en toe bij mij. Het was toevallig dat Pablo en Suzy vandaag allebei bij mij thuis waren. Ik ga wel af en toe met de honden wandelen. Ik denk dat elke hond 1 keer per week gaat wandelen. Lucy kwam al wat vaker buiten. lk heb geen hondenschool gedaan met de honden maar volgens mij zijn ze wel sociaal. Ze hebben wel contact met andere mensen. Soms komen er vriendjes van mijn zonen thuis of nemen we ze ergens mee naartoe. Ik heb geprobeerd om de honden te herplaatsen in andere gezinnen. lk heb geprobeerd om info in te winnen via het dierenasiel van St-Truiden en Genk maar de pups stonden niet op de wachtlijst. Verder heb ik ook nog geprobeerd via enkele VZW’s om de honden te herplaatsen maar dit is allemaal niet gelukt. Ik heb dan een tijdje gestopt met zoeken maar ik was nu weer van plan om opnieuw te beginnen. Geen enkele van de honden zijn gesteriliseerd of gecastreerd. De honden kwamen wel regelmatig buiten maar ze zaten ook veel binnen omdat ik overdag werken ben. De honden deden nooit binnen hun behoefte. Af en toe gebeurde er wel een ongelukje. De konijnen zijn van mijn zoontje […] maar hij heeft nog niet de verantwoordelijkheid om voor de konijnen te zorgen. U deelt mij mee dat de konijnen op het ogenblik van uw controle geen drinkwater hadden. lk heb ze gisterenavond nog eten en drinken gegeven. De kooi werd enkele weken IX-42.122-10/25 geleden nog proper gemaakt. Ze zitten meestal in dat kooitje. Af en toe laat ik ze los op mijn kamer als de pups er niet bij zijn. De schildpadden zijn eigendom van mijn zoon [J.]. Hij is ondertussen verhuisd naar een appartement en hij had gezegd dat hij zijn schildpadden ging meenemen maar het was er nog niet van gekomen. [J.] zorgde nog zelf voor de schildpadden als hij bij mij op bezoek was. De schildpadden zijn nog maar pas uit hun winterslaap. lk weet niet hoe lang het geleden is dat het water nog ververst was. Ik wil graag Lucy en Laika terug krijgen. Pablo en Suzy zijn van mijn dochter dus ik wil dat zij terug naar haar gaan. Ik doe vrijwillig en definitief afstand van de andere pups: Beer, Hayley, Sky, Pluto en Venus. lk hoop dat zij een betere thuis gaan vinden. Ik doe vrijwillig en definitief afstand van de konijnen. Wat betreft de schildpadden, dat moet ik aan mijn zoon [J.] vragen omdat ze van hem zijn. Ik sta op de wachtlijst voor een sociale woning. Door jullie tussenkomst is de burgemeester ook ingelicht en heb ik voor een week een andere huis gekregen. Hoe het hierna verder moet weet ik nog niet. Meer heb ik niet te verklaren. Gezien [C.L.] afstand doet van de 5 pups Beer, Hayley, Sky, Pluto en Venus. Verhoor van [verzoekster] door de politie op 15-05-2023: Ik ben de dochter van [C.L.], die woont op de […] te […]. Ik kreeg vandaag telefoon van mijn broer [T.] die me vertelde dat de politie bij de woning van mijn mama was en dat alle honden in beslag zouden worden genomen. Ik ben al 4 jaar weg op de […] en ik ben al enkele maanden niet meer in de woning geweest. Pablo en Suzy, die jullie ook hebben meegenomen zijn mijn honden. Zij zijn beiden geregistreerd op mijn naam. Pablo is de papa van Suzy. Pablo blijft normaal altijd bij mij thuis maar af en toe gaat hij nog bij mama op logement. Meestal is dit ongeveer 1 keer per maand. Suzy blijft momenteel wel regelmatiger bij mama omdat Suzy moeilijk overeen komt met de andere hond in de woning, een shiba inu. Wij wonen momenteel in bij de tante van mijn vriend […] en de shiba inu is van mijn tante. Wij zijn een woning aan het verbouwen in […]. Binnen enkele maanden is deze woning klaar en dan gaan we in […] wonen. De bedoeling is dat Pablo en Suzy dan met ons mee komen. Pablo heb ik geadopteerd vanuit Spanje, ongeveer 3 jaar geleden. Lucy, de mama van de pups is ongeveer 1.5 jaar geleden door mijn mama geadopteerd vanuit Roemenië. Lucy staat geregistreerd op naam van mijn broer [R.]. Toen Pablo op een dag bij mijn mama op logement was, heeft hij Lucy zwanger gemaakt. Lucy was toen nog maar ongeveer 6 maanden oud. Zij was nog niet loops geweest. Er zijn 7 pups geboren. Ik heb dan zitten rondzoeken voor gezinnen die de pups wilde adopteren. In het begin wilde mama de pups niet wegdoen omdat ze niet gechipt en gevaccineerd waren. lk heb het dan op mij genomen om alle pups te laten chippen en vaccineren. Alle pups staan dan ook geregistreerd op mijn naam. Maar uiteindelijk is er geen enkele pup weg gegaan. Als ik dan een gezin IX-42.122-11/25 gevonden had, wilde mama de pup toch niet wegdoen omdat ze de mensen niet goed genoeg kende. Ik wil heel graag Pablo en Suzy terug bij mij. Bij ons thuis komen ze niets te kort en worden ze goed verzorgd. Meer heb ik niet te verklaren. Gezien [verzoekster] zegt dat de honden ‘Pablo’ en ‘Suzy’ van haar zijn. Gezien de hond ‘Pablo’ echter ook aanwezig was bij [C.L.] op 25-02-
- Gezien de hond ‘Suzy’ niet overeen komt met de hond van de tante van de vriend waar [verzoekster] nu verblijft. Gezien de hond ‘Suzy’ drachtig is en dus een stabiele omgeving nodig heeft. Gezien [verzoekster] zegt dat ze al enkele maanden niet meer in de woning van haar moeder is geweest, maar toch de honden ‘Pablo’ en ‘Suzy’ daar achter laat, terwijl er al 7 andere honden aanwezig zijn, zonder zich er van te vergewissen dat de honden daar goed verzorgd worden. Gezien uit het PV van de politie blijkt dat de (jonge) honden geen socialisatie gehad hebben. Gezien betrokkene geen kennis heeft over de noden van een opgroeiende jonge hond, nl. een correcte opvoeding en een stabiele leefomgeving. Gezien betrokkene duidelijk niet beseft welke verantwoordelijkheid de eigenaar van een opgroeiende hond heeft. Gezien socialisatie onontbeerlijk is voor het latere leven van de pups, zodat ze kunnen opgroeien tot stabiele, mentaal gezonde honden; Gezien een hond, naast voeding en drinkwater, een evenwichtige opvoeding nodig heeft, beweging en geestelijke stimulatie nodig heeft; Gezien ongewenst gedrag later kan voorkomen worden door ervoor te zorgen dat de hond ook psychisch gezond blijft; Het zou onverantwoord zijn om de dieren te laten terugkeren gezien er onvoldoende garanties zijn dat het dierenwelzijn kan gegarandeerd worden in de toekomst. De kosten voor opvang en verzorging lopen elke dag op. De dieren hebben geen reële verkoopwaarde, minstens geen waarde die in verhouding staat tot de kosten van transport, opvang, huisvesting en verzorging overeenkomstig de ethologische en fysiologische behoeften.” IV. Herinnering aan de schorsingsvoorwaarden
- Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing. IX-42.122-12/25 IX-42.122-13/25 V. Ernst van de middelen A. Eerste middel Uiteenzetting van het middel
- In haar eerste middel voert verzoekster de schending aan van het redelijkheidsbeginsel, het evenredigheidsbeginsel, het proportionaliteitsbeginsel, het materieel motiveringsbeginsel en de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 ‘betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen’ (hierna: “formelemotiveringswet”). Volgens verzoekster heeft de verwerende partij “nagelaten te onderzoeken of er minder verregaande maatregelen mogelijk zijn, minstens dat enige overweging hieromtrent niet blijkt uit de motivering van de bestreden bestemmingsbeslissing”. Bovendien is “de opgelegde sanctie disproportioneel […] in het licht van het beoogde doel, nl. het verzekeren van het welzijn van dieren”. Zij licht haar middel toe als volgt (voetnoot weggelaten): “
- Een schending van het redelijkheidsbeginsel veronderstelt dat de overheid bij het nemen van de beslissing onredelijk heeft gehandeld, met andere woorden dat zij haar beleidsvrijheid onjuist heeft gebruikt. Het redelijkheidsbeginsel kan derhalve slechts geschonden zijn indien de administratieve overheid een beslissing neemt die dermate afwijkt van het normale beslissingspatroon, dat het niet denkbaar is dat een andere zorgvuldig handelende administratieve overheid in dezelfde omstandigheden tot deze besluitvorming zou komen.
- Verwerende partij is uitermate lichtzinnig omgesprongen bij het nemen van de bestemmingsbeslissing op grond van de dierenwelzijnswet.
- Zoals reeds in het feitenrelaas duidelijk werd, zijn de honden in beslag genomen in de woning van de moeder van verzoekster, die geen eigenaar van de dieren is en maar zelden voor de dieren zorgt.
- De beide honden werden zeer goed verzorgd in de woning van verzoekster alwaar zij het grootste deel van hun tijd doorbrachten. Dit werd ook zo vastgesteld door de politie bij een bezoek aan de woning van verzoekster, de dag na de inbeslagname. Ook uit de facturen van Dierenartscentrum AC-DAP blijkt dat de honden goed verzorgd werden. IX-42.122-14/25 Amper 11 dagen voor de inbeslagname van de honden is Pablo nog op consultatie geweest […]. Rekening houdende met deze feitelijke elementen is het dan ook onredelijk en disproportioneel om meteen over te gaan tot de zwaarst mogelijke sanctie, namelijk het geven in volle eigendom aan het asiel van de twee honden.
- Het moge duidelijk zijn dat de besluitvorming van verwerende partij voorbarig was en afwijkt van het normale beslissingspatroon van iedere andere zorgvuldig handelende administratieve overheid.
- Nergens in de bestreden beslissing wordt overwogen om, bijvoorbeeld, een aantal maatregelen op te leggen omtrent de goede verzorging van de honden. Uit het bijgebrachte verslagen van de dierenartspraktijk blijkt nochtans dat verzoekende partij in het verleden de honden wél goed verzorgd heeft en in staat is om dat in de toekomst ook te doen […]. De bestreden beslissing bevat ook geen afdoende verantwoording voor de zwaarwichtige bestemmingsbeslissing waarbij de honden in volle eigendom wordt gegeven aan een onbekend asiel. Het is namelijk compleet onduidelijk hoe verwerende partij tot het besluit kan komen dat ‘er onvoldoende garanties zijn dat het dierenwelzijn kan gegarandeerd worden in de toekomst’. Het moge duidelijk zijn dat deze garanties in casu wél voorhanden zijn. De beide honden kunnen immers terecht in een goede leefomgeving met goede zorgen, namelijk in de woning van verzoekster […] in Hasselt en zeer binnenkort in Tongeren. Dit blijkt ook uit de verklaring van dierenarts [S.] […]. Minstens zou de afdeling Dierenwelzijn deze garanties kunnen creëren door een maatregel op te leggen dat de twee honden niet meer mogen verblijven bij de moeder van verzoekster, [L.C.].
- Verwerende partij motiveert in de bestreden beslissing het volgende: ‘Gezien [verzoekster] zegt dat ze al enkele maanden niet meer in de woning van haar moeder is geweest, maar toch de honden ‘Pablo’ en ‘Suzy’ daar achter laat, terwijl er al 7 andere honden aanwezig zijn, zonder zich er van te vergewissen dat de honden daar goed verzorgd worden.’
- De vaststelling dat verzoekster al enkele maanden niet meer in de woning van haar moeder is geweest kan de zeer zware bestemmingsbeslissing niet rechtvaardigen. Immers kan een ‘voorzichtig en redelijke’ persoon ervan uitgaan dat ze haar honden veilig kan achterlaten bij haar eigen moeder. Wanneer de overheid de keuze heeft tussen diverse maatregelen, beschikt zij over een discretionaire bevoegdheid en moet zij haar keuze bijgevolg motiveren. Wanneer zij evenwel de maatregel kiest die de meest zwaarwichtige gevolgen heeft voor de betrokkene zal de motiveringsplicht strenger zijn. In casu voldoet de motivering in de bestreden beslissing niet aan deze strengere motiveringsplicht. Nergens in de bestreden beslissing worden minder verregaande maatregelen overwogen. Er wordt daarnaast ook niet verantwoord waarom de genomen bestemmingsbeslissing noodzakelijk was in het licht van het dierenwelzijn. IX-42.122-15/25
- Dat het evenredigheidsbeginsel geschonden is door de beslissing van verwerende partij is evident. De verhouding van evenredigheid tussen de gelaakte feiten en de getroffen maatregel is gewoonweg compleet zoek. De nadelige gevolgen van de bestemmingsbeslissing zijn overdreven zwaar t.o.v. het algemeen belang dat de dierenwelzijnswet nastreeft. Geen redelijke overheid zou, rekening houdende met hetgeen voorligt en met de context der feiten, tot een dergelijke beslissing zijn gekomen en verzoekende partij onevenredig en zwaar hebben gestraft zoals thans voorligt met een definitieve eigendomsoverdracht van haar honden aan een dierenasiel. De beslissende overheid heeft in de bestreden beslissing geen expliciete afweging gemaakt van alle elementen die verband houden met de verzorging van de dieren.
- Verzoekende partij wijst nog op het feit dat de bestreden beslissing op generlei wijze aan verzoekende partij kenbaar maakt aan welk asiel de honden worden bestemd. Verwerende partij stelt eenvoudig dat de honden in volle eigendom wordt gegeven ‘aan het erkend asiel waar ze momenteel verblijven’. Het is volstrekt onduidelijk over welk asiel het gaat en waaruit zou blijken dat het desbetreffende asiel akkoord gaat met de overname.” Beoordeling
- De motivering van de bestreden beslissing is gesteund op de vaststellingen weergegeven in de processen-verbaal, het verslag van de dierenarts en de verklaringen van verzoekster en de moeder van verzoekster. Uit het proces-verbaal van de politie van 25 februari 2023, dat in de bestreden beslissing wordt hernomen, wordt melding gemaakt van de verklaring van de moeder van verzoekster dat één van de honden die in haar woning aanwezig zijn, met name de reu Pablo, eigendom is van verzoekster. Op 15 mei 2023, naar aanleiding van de controle op grond van een visitatiemachtiging van de politierechtbank, wordt door de lokale politie dan vastgesteld dat de twee honden van verzoekster, de reu Pablo en de teef Suzy, aanwezig zijn in de woning van de moeder. Gedurende het verhoor door de lokale politie op 15 mei 2023 verklaart verzoekster dat Suzy regelmatig bij haar moeder verblijft, omdat Suzy moeilijk overeenkomt met de hond van de tante van haar vriend, waar zij en haar vriend tijdelijk verblijven wegens verbouwing van hun IX-42.122-16/25 woning. Volgens verzoekster zal die woning klaar zijn binnen enkele maanden en zullen de honden vanaf dan bij haar mogen komen wonen. Door de dierenarts is echter vastgesteld dat de vacht van de beide honden dof, vuil en stinkend is, wat overeenstemt met de toestand waarin de honden zich bevonden zoals vastgesteld door de politie, alsook dat de teef Suzy ondertussen drachtig is en dat dit het resultaat is van inteelt. In de bestreden beslissing is bovendien ter zake het volgende te lezen: “• Terwijl wij de woning betreden zijn er verschillende honden die urineren in de woning. De honden zijn allen nerveus en blaffen veel. Enkele honden steken zich weg onder de kasten in de woonkamer. De meeste honden zijn achterdochtig en durven ons amper benaderen. Hier en daar gromt er een hond. Het is duidelijk dat de honden geen degelijke socialisatie hebben gehad. • De honden kunnen in de hele woning rondlopen maar de pups zitten meestal in de woonkamer. De woning is donker gezien de rolluiken altijd dicht zijn. In de woonkamer staan amper meubels. Er staat een oude zetel die helemaal vernield is door de honden.”
- Dat mogelijk de beide honden zeer goed verzorgd zouden worden in de woning van verzoekster is best mogelijk, maar de honden bevonden zich al geruimere tijd bij haar moeder. De vaststellingen inzake de leefomstandigheden aldaar, gedaan door de lokale politie, worden door verzoekster op zich niet betwist. Het was verzoekster die de honden daar heeft geplaatst, hoewel op grond van haar beslissing om honden te houden, zij is onderworpen aan artikel 4, § 1, van de dierenwelzijnswet die bepaalt: “Ieder persoon die een dier houdt, verzorgt of te verzorgen heeft, moet de nodige maatregelen nemen om het dier een in overeenstemming met zijn aard, zijn fysiologische en ethologische behoeften, zijn gezondheidstoestand en zijn graad van ontwikkeling, aanpassing of domesti[c]atie, aangepaste voeding, verzorging en huisvesting te verschaffen.” IX-42.122-17/25 Ook moet worden vastgesteld dat verzoekster uitdrukkelijk heeft verklaard dat zij al maanden niet meer in de woonst van haar moeder is geweest, waardoor de verwerende partij tot het besluit mocht komen dat de beide honden werden achtergelaten zonder dat verzoekster zich heeft vergewist van de verzorging van de honden door haar moeder en de leefomstandigheden aldaar. De omstandigheid dat één van de honden op 4 mei 2023 op consultatie is geweest bij de dierenarts, weerlegt de vastgestelde feiten niet, waarop de verwerende partij mocht steunen om tot de bestreden beslissing te komen, net zomin als het gegeven dat ook in 2022 verzoekster met de honden naar de dierenarts is geweest en de dierenarts in een ongedateerde verklaring stelt dat één van haar honden in goede gezondheid verkeert en voor die hond regelmatig anti-parasitaire middelen worden gekocht.
- Voor zover verzoekster erop wijst dat de honden terechtkunnen in haar huidige verblijfplaats en later in haar nieuwe woning, wordt hiermee geenszins aangetoond dat de verwerende partij, gelet op de concrete omstandigheden van de zaak, buiten de perken van de redelijkheid tot het oordeel is gekomen dat de honden niet verbleven bij verzoekster en dat de toestand waarin die zich daadwerkelijk bevonden, ertoe noopte dat die niet mochten worden teruggegeven aan verzoekster maar in volle eigendom moesten worden gegeven aan de dierenasielen waar die momenteel verblijven. In zoverre verzoekster argumenteert dat de verwerende partij ook het verbod had kunnen opleggen om de honden bij haar moeder te plaatsen, moet erop worden gewezen dat uit het achterlaten van de honden bij haar moeder, de verwerende partij, gelet op de concrete omstandigheden van de zaak, nu net mocht afleiden dat niet was voldaan aan de wettelijke verplichting die rustte op iemand die de beslissing had genomen om honden te houden. Dat de honden werden achtergelaten bij de moeder van verzoekster kan niet in haar voordeel worden uitgelegd. IX-42.122-18/25
- Uit het voorgaande volgt dat de verwerende partij de verschillende elementen die het dossier kenmerken heeft afgewogen, zoals dat blijkt uit de motivering van de bestreden beslissing. Zij is daarbij de grenzen van de redelijkheid niet te buiten gegaan door de bestreden beslissing te nemen en te besluiten dat de teruggave niet mogelijk was. Dat in de bestreden beslissing niet expliciet wordt vermeld aan welke rechtspersoon de honden werden toegewezen en of die ermee instemt, ondergraaft de draagkracht van de bestemmingsbeslissing niet. Die bestemmingsbeslissing is gesteund op motieven waarvan het feitelijk bestaan naar behoren is bewezen en die in rechte ter verantwoording van die handeling in aanmerking kunnen worden genomen.
- Uit wat voorafgaat volgt dat het eerste middel niet ernstig is. B. Tweede middel Uiteenzetting van het middel
- In haar tweede middel voert verzoekster de schending aan van het zorgvuldigheidsbeginsel, het materiëlemotiveringsbeginsel en de artikelen 2 en 3 van de formelemotiveringswet. Volgens verzoekster steunt de bestreden bestemmingsbeslissing niet op motieven die in rechte en in feite aanvaardbaar zijn omdat in de bestreden beslissing geen melding wordt gemaakt van het bezoek aan de woning van verzoekster. Zij licht haar middel toe als volgt (voetnoten weggelaten): “
- De Formele Motiveringswet schrijft voor dat eenzijdige rechtshandelingen met individuele strekking die uitgaan van een bestuur uitdrukkelijk moeten worden gemotiveerd. Deze motivering moet in de akte de juridische en feitelijke overwegingen vermelden die aan de beslissing ten grondslag liggen. Zij moet eveneens afdoende zijn. IX-42.122-19/25 Het doel van de wetgever bestaat er zodoende in dat verzoekende partij weet waarom de beslissing voor hem genomen werd en hem tegelijkertijd toe te laten kennis te nemen van de beslissing en van de motieven waarop zij gegrond is, minstens dat kan worden nagegaan of de overheid is uitgegaan van gegevens die in rechte en in feite juist zijn, of zij die gegevens correct heeft beoordeeld, en of zij op grond daarvan in alle redelijkheid tot haar beslissing is kunnen komen.
- De rechtsnorm van het zorgvuldigheidsbeginsel impliceert dat een overheid zijn beslissing op een zorgvuldige wijze moet voorbereiden en derhalve dient te steunen op werkelijk bestaande en concrete feiten die met de vereiste zorgvuldigheid werden vastgesteld. Het beginsel verplicht de verwerende partij onder meer om zorgvuldig te werk te gaan bij de voorbereiding van de bestreden beslissing en ervoor te zorgen dat de feitelijke en juridische aspecten van het dossier deugdelijk onderzocht worden, zodat zij met kennis van zaken kan beslissen.
- De materiële motiveringsplicht houdt in dat iedere bestuurshandeling moet worden gedragen door motieven die in rechte en in feite aanvaardbaar moeten zijn, en die daarom, naar aanleiding van het wettigheidstoezicht, moeten kunnen worden gecontroleerd. Algemeen wordt aangenomen dat de materiële motiveringsvereiste uit ten minste drie onderdelen bestaat: de motieven moeten
(1)kenbaar zijn,
(2)feitelijk juist zijn en ten slotte
(3)draagkrachtig zijn, d.i. de beslissing effectief rechtens kunnen dragen en verantwoorden. Verwerende partij steunt de bestreden beslissing in essentie op de processen-verbaal en het dierenartsenverslag. Zij houdt amper of geen rekening met het verhoor van verzoekster van 15 mei 2023 waarin zij verklaart dat de honden normaal bij haar thuis verblijven en maar zelden in de woning van [haar moerder L.C]. Het is dus absoluut niet zo dat Pablo en Suzy constant bij mevrouw [L.C.] verbleven en deel uitmaakten van de leefomgeving aldaar. De bestreden beslissing scheert alle honden die op dat moment in de woning van mevrouw [L.C.] verbleven over dezelfde kam. Er wordt een dierenartsverslag geciteerd waarbij de diagnoses zeer gelijkend zijn bij alle honden. Er is geen afdoende individueel onderzoek uitgevoerd bij de verschillende honden. Uit de facturen van Dierenartscentrum AC-DAP blijkt immers dat Pablo, in tegenstelling tot enkele andere honden, wél goed verzorgd werd en amper 11 dagen voor de inbeslagname nog op consultatie geweest was […] [en ten] overvloede [blijkt] dat de hond Pablo jaarlijks gevaccineerd werd en in goede gezondheid verkeert. Er werden ook regelmatig anti-parasitaire middelen voor Pablo gekocht, aldus de dierenarts. Er wordt in de bestreden beslissing ook geen rekening gehouden met de goede en hygiënische leefomgeving waar de honden normaliter in vertoeven. Dit werd ook zo vastgesteld door de politie bij een bezoek bij verzoekster thuis op 16 mei
- Echter werd hiervan geen PV opgemaakt, minstens werd hier geen rekening mee gehouden in de bestreden beslissing. IX-42.122-20/25 De formele motiveringsplicht vereist echter dat er rekening wordt gehouden met alle relevante feitelijke elementen in een dossier. Een beslissing die slechts rekening houdt met bepaalde elementen en niet met andere fundamentele elementen, is niet afdoende.
- De verwerende partij stelt in de bestreden beslissing dat ‘betrokkene geen kennis heeft over de noden van een opgroeiende jonge hond, nl. een correcte opvoeding en een stabiele leefomgeving’; en verder, ‘dat betrokkene duidelijk niet beseft welke verantwoordelijkheid de eigenaar van een opgroeiende hond heeft’. Deze motivering gaat echter niet over verzoekster, maar over haar moeder, mevrouw [L.C.]. Het is dan ook onduidelijk op welk manier deze motivering de definitieve bestemming van de honden Pablo en Suzy kan rechtvaardigen. Het is immers niet mevrouw [L.C.], maar verzoekster die de vaste verzorging van deze dieren op zich neemt en dit naar behoren doet.
- Verzoekende partij wijst tot slot nog op het feit dat verwerende partij heeft nagelaten de behandelende dierenartspraktijk te contacteren. Deze zou immers kunnen attesteren dat er geen sprake is van verwaarlozing of enige andere vermeende inbreuk. Thans verplicht het zorgvuldigheidsbeginsel verwerende partij om zorgvuldig te werk te gaan bij de voorbereiding van de bestreden beslissing en te zorgen dat de feitelijke en juridische aspecten van het dossier deugdelijk worden onderzocht, zodat er met kennis van zaken kan worden beslist. Hoe verwerende partij een beslissing kon nemen zonder de behandelende dierenarts te spreken over de opvolging van de honden is voor verzoekende partij in ieder geval een raadsel.
- Conclusie is dat de bestreden beslissing in het licht van de gegeven omstandigheden in ieder geval kennelijk onredelijk is en op niet afdoende wijze werd gemotiveerd.” Beoordeling
- In een tweede middel argumenteert verzoekster dat de bestreden beslissing niet steunt op motieven die in rechte en in feite aanvaardbaar zijn.
- Verzoekster betwist vooreerst dat de honden Pablo en Suzy constant bij haar moeder verbleven. Zelfs indien de honden niet altijd bij de moeder waren, dan nog blijkt uit de gemaakte vaststellingen dat die zich geruimere tijd aldaar in de woonst van de moeder van verzoekster verbleven, op een wijze die niet in overeenstemming is met wat wordt voorgeschreven door artikel 4, § 1, van de IX-42.122-21/25 dierenwelzijnswet. Waar in het verzoekschrift door verzoekster wordt gesteld dat de honden “normaal bij haar thuis verblijven en maar zelden in de woning van” haar moeder, heeft verzoekster tijdens haar verhoor op 15 mei 2023 daarentegen het volgende verklaard: “Suzy blijft momenteel wel regelmatiger bij mama omdat Suzy moeilijk overeen komt met de andere hond in de woning, een shiba inu.”
- Vervolgens bekritiseert verzoekster het feit dat de dierenarts bij alle honden een zeer gelijkende diagnose heeft gesteld. Er kan moeilijk worden ingezien welk voordeel verzoekster tracht te behalen uit dat argument. Dat bij praktisch alle honden een doffe, vuile en stinkende vacht werd vastgesteld, bevestigt eerder de vaststelling van de verwerende partij dat er een gebrek was aan verzorging van alle honden. Het gegeven dat één van de honden van verzoekster voorheen naar de dierenarts was geweest voor diergeneeskundige verzorging, kan die gemaakte vaststellingen niet weerleggen. Dat is evenmin het geval voor de veronderstelling dat de honden “normaliter” wel in een goede en hygiënische leefomgeving vertoeven. Zo is immers vastgesteld dat de honden zich niet in een dergelijke leefomgeving bevonden, zodat de verwerende partij er dan ook terecht mocht van uitgaan dat de honden meestal niet in de woonst van de verzoekster verbleven.
- In de mate dat verzoekster aanvoert dat haar moeder niet beseft welke verantwoordelijkheid er rust op iemand die honden houdt, moet gewezen worden op wat volgt. Het is verzoekster die haar honden heeft geplaatst bij haar moeder en, zoals zij zelf heeft verklaard, maanden niet meer in de woning van haar moeder is geweest. Als verzoekster honden wil houden, dan komt het aan verzoekster toe – en niet aan de moeder – om de nodige maatregelen te nemen om de dieren een in overeenstemming met hun aard, hun fysiologische en ethologische behoeften, hun gezondheidstoestand en hun graad van ontwikkeling, aanpassing of IX-42.122-22/25 domesticatie, aangepaste verzorging en huisvesting te verschaffen. De betrachting om de verantwoordelijkheid af te schuiven op haar moeder, is dus zonder nut.
- Ook rustte, gelet op de vaststellingen die werden gedaan, geen verplichting op de verwerende partij om de dierenarts van verzoekster te contacteren. Een dierenarts van het asiel waarin de honden een toevlucht vonden, heeft vastgesteld dat bijna alle honden een doffe, vuile en stinkende vacht hadden en dat er sprake was van inteelt. Er is geen enkele reden om te twijfelen aan de deskundigheid van de gemaakte beoordeling door de dierenarts van het asiel.
- Verzoekster toont op het eerste gezicht niet aan dat de feiten niet zorgvuldig werden vastgesteld of dat de appreciatie door de verwerende partij niet met de vereiste zorgvuldigheid zou zijn gedaan. Die feiten zijn opgenomen in de motivering van de bestreden beslissing, ze zijn juist en kunnen de bestreden beslissing schragen. Een schending van de in het middel aangevoerde bepalingen en beginselen is niet aangetoond.
- Het tweede middel is niet ernstig.
- Er is niet voldaan aan ten minste één van de voorwaarden gesteld in artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State die cumulatief vervuld moeten zijn, wil een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden toegewezen. VI. De vordering tot het opleggen van voorlopige maatregelen bij uiterst dringende noodzakelijkheid
- Krachtens artikel 17, § 1, tweede lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kunnen voorlopige maatregelen slechts worden bevolen indien minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de IX-42.122-23/25 nietigverklaring van de akte of reglement prima facie kan verantwoorden. Vermits geen van de middelen ernstig is gebleken, dient de vraag tot het opleggen van voorlopige maatregelen om die reden alleen al te worden verworpen. IX-42.122-24/25 BESLISSING
- De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en tot het opleggen van voorlopige maatregelen.
- Verzoekster wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
- Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van verzoekster niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijfentwintig juli tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, XIIe vakantiekamer, samengesteld uit: Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Bruno Seutin IX-42.122-25/25 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.134 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div