id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 augustus 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.191 Rolnummer: A. 236999/IX-10090 Zaak: Arrest 257191 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 28/08/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-08-31 Raadplegingen: 88 - laatst gezien 2026-06-10 10:56 Fiche Arrest nr 257.191 van 28 augustus 2023 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 257.191 van 28 augustus 2023 in de zaak A. 236.999/IX-10.090 In zake: Stefanie VAN ASSCHE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pascal Lahousse kantoor houdend te 2800 Mechelen Leopoldstraat 64 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën die woonplaats kiest bij de Centrale Rechtskundige Dienst van de FOD Financiën gevestigd te 1030 Brussel North Galaxy – Toren B Koning Albert II-laan 33 bus 15 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 10 augustus 2022, strekt tot de nietigverklaring van het advies van de interdepartementale beroepscommissie inzake evaluatie van 24 mei 2022 waarbij wordt beslist de aan Stefanie Van Assche toegekende eindvermelding ‘te verbeteren’ te behouden. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. IX-10.090-1/4 Eerste auditeur Melissa Celis heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verwerende partij ter kennis gebracht op 9 januari
- Op 7 maart 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. De verwerende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Gelet op artikel 30, § 3, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 14quinquies van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ kan de beslissing waarvan de nietigverklaring gevorderd wordt volgens een versnelde rechtspleging nietig worden verklaard indien noch de verwerende partij, noch degene die belang heeft bij de beslechting van het geschil, een verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag van de auditeur waarin de nietigverklaring wordt voorgesteld.
- In het auditoraatsverslag wordt de nietigverklaring voorgesteld. Vastgesteld wordt dat bij de bestreden evaluatie onvoldoende rekening werd gehouden met de detachering van verzoekster. Door in de concrete IX-10.090-2/4 omstandigheden van de zaak na te laten om naar aanleiding van die detachering de doelstellingen met verzoekster aan te kaarten in een functiegesprek, een planningsgesprek of een functioneringsgesprek, is het zorgvuldigheidsbeginsel geschonden.
- De verwerende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Kennelijk kan zij zich vinden in de beoordeling van het auditoraatsverslag.
- Ook de Raad van State ziet geen reden om deze beoordeling niet bij te vallen. Het derde middel waarin de schending is aangevoerd van het zorgvuldigheidsbeginsel, is gegrond. BESLISSING
- De Raad van State vernietigt het advies van de interdepartementale beroepscommissie inzake evaluatie van 24 mei 2022 waarbij wordt beslist de aan Stefanie Van Assche toegekende eindvermelding ‘te verbeteren’ te behouden.
- De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 22 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij. IX-10.090-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achtentwintig augustus tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier. De griffier De voorzitter Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren IX-10.090-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.191 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div