id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 31 augustus 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.201 Rolnummer: A. 239857/X-18455 Zaak: Arrest 257201 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 31/08/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-09-04 Raadplegingen: 109 - laatst gezien 2026-06-10 11:01 Fiche Arrest nr 257.201 van 31 augustus 2023 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe VAKANTIEKAMER nr. 257.201 van 31 augustus 2023 in de zaak A. 239.857/X-18.455 In zake: de BV RYCKEVELDE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Michiel Deweirdt kantoor houdend te 9000 Gent Molenaarsstraat 111/1A bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD DAMME Tussenkomende partij : de BV RYCKEVELDE 1451 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Gregory Vermaercke en Daan Vandenbroucke kantoor houdend te 8200 Brugge Dirk Martensstraat 23 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 18 augustus 2023, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “[h]et besluit van de burgemeester van de stad Damme van 9 augustus 2023 waarbij toelating wordt gegeven voor het evenement ‘Ryckevelde 1541 [lees: 1451] Zomerbar’ voor de periode van 11 augustus 2023 8u00 tot 10 [lees: 12] september 2023 20u00, gekend onder nummer 1887685”. X-18.455-1/21 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een administratief dossier ingediend. Met een verzoekschrift van 25 augustus 2023 heeft de bv Ryckevelde 1451 gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 29 augustus 2023, om 10.00 uur. Staatsraad Kaat Leus heeft verslag uitgebracht. Advocaat Michiel Deweirdt, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Daan Vandenbroucke, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Auditeur Benny De Sutter heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge- coördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Aan de westelijke zijde van het domein Ryckevelde te Damme bevindt zich een in de kern 16de-eeuws landhuis (hierna: het landhuis). Ongeveer 100 meter ten noordoosten daarvan, centraal in het domein, werd in het eerste kwart van de 20ste eeuw een neogotisch kasteel ingeplant (hierna: het kasteel). Het kasteel ligt aan het einde van een toegangsdreef die aansluit op de Maalsesteenweg (hierna: de kasteeldreef). Ongeveer 750 meter ten noordoosten van het landhuis, X-18.455-2/21 bevindt zich langs de kasteeldreef een openbare parking (hierna: de openbare parking aan de kasteeldreef). De verzoekende partij baat in het kasteel een horecazaak uit, met name “een brasserie, restaurant, feestzalen en enkele kamers (B&B)”. Op ongeveer vijf meter ten westen van het kasteel ligt een kleinere parking (hierna: de kasteelparking). 3.
- Met betrekking tot het (terrein van het) landhuis vraagt Laurens Vogelaers op 18 november 2020 een omgevingsvergunning aan voor een functiewijziging van een woonhuis naar een woonhuis met horecazaak, het aanleggen van een buitenterras en het aanleggen van een parking. De deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen levert op 25 maart 2021 een omgevingsvergunning af. Tegen deze beslissing tekent de verzoekende partij op 30 april 2021 bestuurlijk beroep aan bij het Vlaamse Gewest dat het beroep met een beslissing van 22 november 2021 deels gegrond verklaart en een (hervormde) omgevingsvergunning voor de functiewijziging verleent, doch waarbij het de aanvraag voor de parking, het terras en de toegangsweg weigert. In dit besluit wordt onder meer het volgende gesteld: “Natuurtoets […] Het plangebied is gelegen in het VEN-gebied [Vlaams Ecologisch Netwerk] ‘Assebroekse meersen tot Bergbeekvallei’ volgens het Besluit van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het afbakeningsplan voor de Grote Eenheden Natuur en Grote Eenheden Natuur in Ontwikkeling van 18 juli
- Het VEN werd tevens herbevestigd via het GRUP ‘afbakening regionaal stedelijk gebied Brugge’. De zone van de werken is gekarteerd als biologisch minder waardevol tot biologisch zeer waardevol[.] […] Er dient te worden vermeden dat door het parkeren van voertuigen tussen de bomen in de omliggende beukendreven druk op de wortelzone ontstaat. Er wordt daarom als vergunningsvoorwaarde opgelegd dat parkeren door het plaatsen van paaltjes fysiek onmogelijk dient te worden gemaakt. De aangevraagde parking en de toegangsweg worden geweigerd. Door wagens X-18.455-3/21 van bezoekers tot op de site te brengen wordt natuurverweving bemoeilijk[t.] [E]r zal verstoring veroorzaakt worden door deze voertuigen (geluid, licht, luchtvervuiling fijnstof) en het natuurlijke karakter van de site wordt aangetast”. Op vordering van de verzoekende partij vernietigt de Raad voor Vergunningsbetwistingen bij arrest nr. RvVb-A-2223-0820 van 4 mei 2023 de in randnummer 3.2 bedoelde (hervormde) omgevingsvergunning. De Raad voor Vergunningsbetwistingen stelt daarbij tevens zijn arrest in de plaats van de nieuw te nemen beslissing, heft de beroepen deputatiebeslissing op en verklaart de aanvraag onontvankelijk omdat de minister “onmogelijk een aanvraag rechtmatig [kan] vergunnen die bij de onbevoegde overheid ingediend werd”. 3.
- Omstreeks twee weken voordien, op 24 april 2023, wordt voor de bv Ryckevelde 1451 bij het stadsbestuur van Damme toelating gevraagd voor het organiseren van het evenement “Ryckevelde parkcafé (zomerbar)” op het terrein van het landhuis, en dat voor de periode van 12 mei 2023 (8u00) tot 10 september 2023 (20u00). In deze aanvraag wordt onder meer het volgende gesteld: “Algemeen Voor wie is dit evenement? Toegankelijk voor iedereen […] Omschrijf het evenement: Ryckevelde parkcafé (zomerbar) zelfde concept zoals in 2019, 2020 en 2021 Omschrijf de doelgroep (leeftijd, aard, samenstelling, ... ): alle leeftijden Verwacht aantal bezoekers, totaal: 5000 Verwacht aantal bezoekers, piekmomenten: 500 [...]”. Op 12 mei 2023 verleent de burgemeester van de stad Damme de gevraagde toelating voor het organiseren van het evenement ‘Ryckevelde parkcafé’. X-18.455-4/21 Met een op 7 juni 2023 ingestelde vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid vordert de verzoekende partij de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van de burgemeester van de stad Damme van 12 mei
- Met zijn arrest nr. 256.818 van 16 juni 2023 schorst de Raad van State het genoemde besluit van de burgemeester van de stad Damme van 12 mei 2023 om reden dat het toegelaten evenement niet aan enige natuurtoets lijkt te zou zijn onderworpen. 3.
- Op 27 juni 2023 vraagt de bv Ryckevelde 1451 bij het stadsbestuur van Damme opnieuw toelating voor het organiseren van het evenement ‘Ryckevelde 1541 zomerbar’ op het terrein van het landhuis voor een periode tot 10 september
- In deze aanvraag wordt onder meer het volgende gesteld: “Algemeen Voor wie is dit evenement? Toegankelijk voor iedereen […] Omschrijf het evenement: Ryckevelde 1451 zomerbar zie concept Parkcafé in 2019, 2020 en 2021 Omschrijf de doelgroep (leeftijd, aard, samenstelling, ... ): alle leeftijden Verwacht aantal bezoekers, totaal: 3000 Verwacht aantal bezoekers, piekmomenten: 300 [...]”. Met een besluit van 6 juli 2023 verleent de burgemeester van de stad Damme toelating tot het organiseren van het evenement ‘Ryckevelde 1541 Zomerbar’ voor de periode van 7 juli 2023 (8u00) tot 10 september 2023 (20u00). Met zijn arrest nr. 257.121 van 19 juli 2023 schorst de Raad van State het besluit van de burgemeester van de stad Damme van 6 juli 2023 om reden dat de stad niet lijkt te hebben beoordeeld of aan de voorwaarde van een correct werkende Individuele Behandeling van Afvalwater (hierna: IBA) voor het X-18.455-5/21 evenement kan worden voldaan en dus de verscherpte natuurtoets niet afdoende is uitgevoerd. 3.
- Op 23 juli 2023 vraagt de bv Ryckevelde 1451 bij het stadsbestuur van Damme voor een derde maal toelating om op het terrein van het landhuis het evenement ‘Ryckevelde 1451 zomerbar’ te organiseren voor een periode tot 12 september 2023 (20u00). In deze aanvraag wordt onder meer het volgende gesteld: “Algemeen Voor wie is dit evenement? Toegankelijk voor iedereen […] Omschrijf het evenement: Ryckevelde 1451 zomerbar zie concept Parkcafé in 2019, 2020 en 2021 Omschrijf de doelgroep (leeftijd, aard, samenstelling, ... ): alle leeftijden Verwacht aantal bezoekers, totaal: 3000 Verwacht aantal bezoekers, piekmomenten: 120 [...]”. Het voorwerp van deze aanvraag wordt in de motiveringsnota omschreven als volgt: “3 Het is de bedoeling dat het evenement voor iedereen toegankelijk is. Concreet behelst de organisatie van de zomerbar in essentie het voorzien van een buitenterras (bestaand terras aan het gebouw, alsook losse ligstoelen en banken in de omliggende privatieve weide) waar wandelaars/fietsers/… (die reeds in het ruimere parkgebied aanwezig zijn) in deze natuurlijke omgeving iets kunnen drinken en/of terecht kunnen voor een kleine versnapering. In de weide wordt tevens een speeltuin voor kinderen voorzien. De eerdere aanvraag voor de uitbating van 4 glamping tenten werd niet gevalideerd in de door de stad Damme op 6.7.2023 verleende vergunning; zij worden dan ook als tijdelijke constructies op korte termijn verwijderd. Zij maken dan ook expliciet geen deel (meer) uit van de voorliggende aanvraag tot pop up vergunning in het Evenementenkader. Ze werden bovendien online te koop gesteld (https://www.2dehands.be/seller/view/m2004450742). Er zijn tevens nieuwe mobiele toiletten voorzien op de site. Er zijn 2 units voorzien (1 unit met 2 toiletten en 1 unit met 1 toilet voor mindervaliden). Deze units zijn aangesloten op een nieuwe septische put van 5000 liter, bovenop de eerder beschikbare capaciteit. De huidige globale capaciteit van de septische putten bedraagt derhalve 2110 + 2 x 5000 liter, samen X-18.455-6/21 12110 liter. Er wordt een nul-lozing toegepast door hoogfrekwente lediging van de septische putten (in bijlage bon van de ruimingsfirma met eerste lediging op 28 juli 2023). 4 Er wordt géén bijkomend geluid geproduceerd behoudens achtergrondmuziek (max. 85 dB). In totaal worden circa 3.000 bezoekers verwacht over de volledige periode van 30 juni tot en met 10 september 2023; op piekmomenten worden maximaal 120 bezoekers toegelaten. Dit zal door middel van een automatische teller worden bijgehouden en actief gemonitord”. Deze toelichtende nota omvat ook een natuurtoets: “6 Natuurtoets 18 De aanvraagsite ligt deels in een zone ‘natuurverwevingsgebied’ naast het VEN-gebied Assebroekse Meersen tot Bergbeekvallei. De aanvraagsite, met inbegrip van de toegangsdreven en de walgrachten, ligt dus niet in het VEN gebied zelf. Er dient gewezen te worden op de inspanningen over de laatste 10 jaar van de beheerders van de aanvraagsite, eerder Ryckevelde Estate en actueel de vennootschappen Ryckevelde 1451 en Makladi rond natuurbehoud. Dit omvat de plaatsing van nestkasten voor kerkuilen met succesvol jaarlijks broedsel (opgevolgd door de Kerkuilenwerkgroep), het onderhoud van een practisch 1 hectare grote bloemenweide met verschraling door jaarlijkse maaibeurt in september met afvoeren van het maaisel, zodat zeldzame soorten zoals grote ratelaar en orchideeën tot ontwikkeling komen, het onderhoud en de uitbreiding van de imposante 17de eeuwse kastanje- boomgaard, de aanleg van verschillende honderden meter struweel in de rand van het domein, het afvoeren van een terreinvreemde aardeberg, het behoud van dood hout voor de zwarte specht, het vermijden van lichtvervuiling Het aangevraagde zal geenszins onvermijdbare en onherstelbare schade aan het VEN veroorzaken. De zomerbar beoogt een bestaan in harmonie met en met respect voor de natuur en focust zich volledig op een cliënteel bestaande uit de recreanten van het bos- en kasteeldomein. Er worden duurzame producten verkocht. Het is dan ook de bedoeling dat de recreanten van het domein die er even verpozen of op rust komen van een wandeling, zich één voelen met de natuur. Ten einde de aanwezige natuurelementen maximaal te vrijwaren, neemt de aanvrager volgende uitdrukkelijke maatregelen: - Er wordt niét voorzien in bijkomend geluid, hetgeen de aanwezige fauna potentieel zou kunnen schaden. - Er wordt voorzien in duidelijk beperkte openingsuren, zodoende geen bijkomend licht nodig is, wat nefast zou kunnen zijn voor de aanwezige fauna en flora in de onmiddellijke omgeving van de aanvraagsite. - Er wordt enkel voorzien in rust- en verpozingsplaatsen op het verhard (maar waterdoorlatend) terras zelf en de aansluitende weide, om de fauna en flora in de bosrijke omgeving integraal te vrijwaren. X-18.455-7/21 - Er wordt expliciet en uitdrukkelijk niét voorzien in parkeerplaatsen op de site zelf en er wordt maximaal ingezet en gesensibiliseerd op parkeren op de publieke parkings buiten het gebied, ten einde verstoring op de natuurwaarden (geluid, licht, luchtvervuiling, fijn stof,…) maximaal te vermijden In het licht van voorliggende natuurtoets wordt ook verwezen naar het gunstige advies van het Agentschap Natuur en Bos naar aanleiding van de eerdere omgevingsvergunningsaanvraag ten gronde. ANB adviseerde deze aanvraag (voorwaardelijk) gunstig en bevestigde dat zowel de inrichting van een horecazaak (onder voorwaarden inzake openingstijden en dagen) als de voorziene ingegroende parking met 20 parkeerplaatsen (en fietsenstalling) compatibel zijn met de natuurwaarden in de omgeving. Er moet op gewezen worden dat deze parking niet gerealiseerd werd en ook niet in de practische uitbating noodzakelijk bleek, zodat er zeker geen autoverkeer gestimuleerd wordt noch objectief aangetoond kan worden. Er werd reeds in 2018 een IBA geplaatst door Farys en op de site zijn de nodige mobiele toiletten aanwezig die aangesloten zijn op een nieuwe bijkomende septische put van 5000 liter, bovenop de eerder beschikbare capaciteit. De huidige globale capaciteit van de septische putten bedraagt derhalve 2110 + 2 x 5000 liter, samen 12110 liter. Er wordt een nul-lozing toegepast met afsluiting van afvoer van de bestaande IBA en frekwente lediging van de septische putten. De problematiek van het eventueel parkeren tussen de bomen werd (conform het advies van ANB) aangepakt d.m.v. het plaatsen van paaltjes tussen de bomen, hetgeen parkeren op deze plaatsen fysiek onmogelijk maakt (zie foto’s hierboven)”. Voorts wordt in diezelfde nota nog aangegeven: “7 Gesloten circuit. Om alle problematiek mbt afvalwater/ vervuiling, opmerking vanuit de Raad van State datum 19.7.2023 (arrest nr 257.121) tegen te gaan hebben we besloten om met een gesloten systeem te werken. De afvoeren van de IBA werden afgesloten en we gebruiken de ondergrondse reservoirs om alles op te vangen. Deze worden per 3 dagen geledigd door de firma Quicke te Brugge, waarvoor een contract afgesloten werd. Het hemelwater vangen we apart op (aparte tank met een capaciteit van 10.000 liter) en deze zal regelmatig worden leeggepompt met een dompelpomp, zodat er geen overloop meer is in de septische putten/IBA”. 3.
- Met een e-mail van 7 augustus 2023 vraagt de raadsman van de verzoekende partij de burgemeester van de stad Damme of de bv Ryckevelde 1451 een nieuwe toelating of omgevingsvergunning voor het evenement heeft X-18.455-8/21 aangevraagd, of de stad een nieuwe pop-upvergunning of toelating heeft verleend en, zo ja, of hem, conform de regelgeving openbaarheid van bestuur, een kopie kan worden bezorgd van de aanvraag en de eventuele beslissing. Diezelfde dag antwoordt het stadsbestuur dat zij een nieuwe aanvraag tot het organiseren van het evenement heeft ontvangen, dat die zal worden behandeld in het college van burgemeester en schepenen als burgemeestersbesluit, dat de aanvrager van de te nemen beslissing op de hoogte zal worden gehouden en dat nadien de nodige documenten worden bezorgd. 3.
- Op 9 augustus 2023 verleent de burgemeester van de stad Damme de toelating voor het evenement ‘Ryckevelde 1451 Zomerbar’ voor de periode van 11 augustus 2023 (08u00) tot 12 september 2023 (20u00). Dit is het bestreden besluit. Het omvat de volgende overwegingen en voorwaarden: “De site waarop de gewenste Pop-up ‘Zomerbar Ryckevelde 1451’ zou worden georganiseerd ligt in een gebied voor gemeenschapsvoorzieningen en openbaar nut omringd door parkgebied, maar bevindt zich ook in het hart van Ryckevelde, een waardevolle en kwetsbare natuurlijke bosomgeving. De aanvrager bezorgde - ook als antwoord op het arrest van de Raad van State dat de eerdere toelating schorste - zelf een bijkomende toelichtingsnota - ontvangen op 31.07.2023 - waarbij wordt ingegaan op de bestemmingsconformiteit, de goede ruimtelijke ordening, de natuurtoets en bovenal het gesloten circuit met betrekking tot afvalwater. Deze informatie werd meegenomen in de beoordeling van deze nieuwe aanvraag voor de (verdere) organisatie van de pop-up ‘Zomerbar Ryckevelde 1451 / ‘Parkcafé’. De aanvraag werd niet enkel beoordeeld door de stad, maar ook door Agentschap Natuur & Bos (ANB), door de stad betrokken voor de nodige natuurtoets maar ook als beheerder van het Ryckeveldebos dat gelegen is op het grensgebied tussen drie gemeenten (Brugge - Damme - Beernem): zie bijlage voor haar advies 23-
- Alle aanvragen worden vanuit ANB met bijzondere aandacht afgetoetst aan de verenigbaarheid met de aanwezige natuurdoelen in dit gebied. De pop-up situeert zich in het bosgebied Ryckevelde waarbinnen natuurontwikkeling van een specifiek aantal habitats en soorten een belangrijke rol speelt. Het is een ruimtelijk kwetsbaar gebied met een bijzondere wettelijke bescherming. X-18.455-9/21 De aangevraagde activiteiten zorgt sowieso voor een bijkomende verstoring. Rust is een belangrijke factor voor dit gebied, waardoor activiteiten beperkt moeten worden. Sommige minder storende activiteiten kunnen slechts in beperkte mate toegelaten worden zolang de draagkracht niet overschreden wordt. Hiervoor wordt verwezen naar art. 10 van het Soortenbesluit dat stelt dat het verboden is om beschermende soorten (zoals broedvogels) opzettelijk en betekenisvol te verstoren. Het tijdstip van de aanvraag (15 maart tot 30 juni) valt net buiten het broedseizoen waardoor dit aanvaardbaar is. Rekening houdend met het advies van Agentschap Natuur & Bos geeft de stad en meer specifiek de burgemeester zodoende opnieuw toelating voor de pop-up Zomerbar Ryckevelde 1451 en dat nu voor de verdere periode 11 augustus - 12 september 2023 en (opnieuw) onder volgende strikte voorwaarden gelet op het kwetsbare gebied waarin deze pop-up zich bevindt:
- Het aantal bezoekers over de hele periode moet zich beperken tot 3000 met een piek van maximum 120 per dag. De dagelijkse openingsuren moeten zich ook beperken van 9 uur tot 21 uur. Zo blijft de invloed van geluid en eventueel licht minimaal en zal ze zo ook geen negatief effect uitoefenen op het omliggende gebied.
- Muziek zorgt voor verstoring van het gebied en heeft ook impact op beleving van bezoekers die enkel voor de natuur komen. Er wordt dus geen muziek meer toegelaten en het geluidsniveau moet ten allen tijde ook onder 85 dB(A)LAeq, 15 min blijven.
- De stretchtent is geen probleem, maar er worden geen bijkomende glamping-tenten op het domein toegelaten en deze maken dan ook geen deel uit van de voorliggende aanvraag. De overnachtingsmogelijkheden moeten zich dus blijven beperken tot de ‘boomhutten’ zoals eerder al vergund (ID 1808287). ANB legde voor de boomhutten ook in eerdere adviezen volgende specifieke voorwaarden op die van toepassing blijven: • In de zone van de boomhutten is enkel licht in de constructies toegelaten. • Voor het aanbrengen van de hutten dienen de nodige voorzorgen genomen te worden om verdichting van de bodem te vermijden. Indien zware voertuigen of kranen nodig zijn (+3.5 ton) dienen rijplaten geïnstalleerd te worden in de dreef. • De constructies dienen dermate aangebracht te worden dat er geen schade optreedt aan het bomenbestand waarbinnen gewerkt wordt. De spanbanden kunnen niet rechtstreeks aangebracht worden rond de bomen. Eerst dienen horizontale rubberen matten aangebracht (brede banden) te worden met hierop een verticale lattenconstructie om de druk te verdelen. Hierrond kunnen vervolgens de spanbanden aangebracht worden. • Voor de periode van de werken kunnen we ons akkoord verklaren gezien het een laagdynamische activiteit betreft die geen bijkomende verstoring zal genereren tov het evenement die op deze locatie op hetzelfde tijdstip doorgaat X-18.455-10/21
- Uw evenement betreft geen occasionele drankgelegenheid, u moet dus beschikken over een bijkomende drankvergunning, zie www.damme.be voor meer info.
- De voorwaarden vastgelegd in het brandpreventieadvies (zie bijlage) moeten nageleefd worden met bijzondere aandacht voor: het stilstand- en parkeerverbod voor wegen kleiner dan 4 meter en controle op website van Natuur en Bos voor vuurverbod.
- Een omgevingsvergunning is niet vereist voor de tijdelijke plaatsing van constructies als alle constructies op dit perceel samen de periode van 4x30 aaneengesloten dagen niet overschrijden wat een essentiële voorwaarde is. Elke termijnoverschrijding betekent in principe een bouwovertreding gezien er dan niet meer aan het vrijstellingenbesluit voldaan is, alle gemaakte constructies moeten dus bij beëindiging van de pop-up zeker worden verwijderd. We kunnen wel besluiten dat de constructies de verwezenlijking van de algemene bestemming van het gebied niet in het gedrang brengen gezien het om tijdelijke constructies gaat die ook beperkt zijn qua afmeting. Uiteraard dienen ook de nodige randvoorwaarden nageleefd te worden. Er dient voldoende sanitair aanwezig te zijn. Er worden geen lozingen van het sanitair afvalwater toegelaten. Het lozingspunt van de bestaande IBA dient verzegeld te worden, zodat er een effectieve nullozing is. Het afvalwater moet opgevangen worden in de ondergrondse citernes die periodiek en volgens noodzaak dienen geleegd te worden. Naar aanleiding van het plaatsbezoek van de stadsdiensten op 7.08.2023 wordt als bijkomende voorwaarde opgelegd dat van elke lediging een attest dient bezorgd te worden aan stad Damme.
- Het parkeren van gemotoriseerde voertuigen kan niet binnen de wortelzone van de bomen. Parkeren dient zoals aangegeven te gebeuren op de daartoe voorziene publieke parkingzones van het Ryckeveldebos of halfverharde zones op eigen terrein. U dient uw bezoekers via al uw communicatiekanalen actief te stimuleren om te voet of met de fiets uw pop- up te bereiken of - indien nodig - gebruik te maken van de diverse publieke randparkings van het bos waarnaar u duidelijk verwijst via een grondplan. U dient ook in overleg te treden met de erfpachthouder/uitbater van het aanpalend kasteel ten einde over de aanpalende private parking concrete en werkbare afspraken te maken.
- Extra bezoekers in deze omgeving die in het bijzonder voor de pop-up komen, kunnen zorgen voor bijkomend zwerfvuil in het gebied. Daarom wordt ook gevraagd om gedurende de aangevraagde periode opruimacties te voorzien in de ruime omgeving om achtergebleven vuilnis op te ruimen.
- Een speelplein moet altijd voldoen aan het koninklijk besluit van 28 maart 2001 betreffende de uitbating van speelterreinen en het koninklijk besluit van 28 maart 2001 betreffende de veiligheid van speeltoestellen”. 3.
- Op 10, 16 en 17 augustus 2023 herhaalt de verzoekende partij haar verzoek of een nieuwe vergunning/toelating werd verleend en om een kopie X-18.455-11/21 van de aanvraag en toelating te bezorgen aangezien “Ryckevelde 1451 BV [via sociale media] aan[kondigt] dat ze heropent”. Op 11 augustus 2023 antwoordt het stadsbestuur dat de nodige documenten die nog eerst getekend zullen worden, zullen worden doorgestuurd. 3.
- Uit een door de verzoekende partij bijgebracht stuk blijkt dat met een officieel e-mailbericht van 18 augustus 2023 het bestreden besluit, evenals de erbij horende (in punt 3.7 aangehaalde) motiveringsnota van de stad Damme en de toelichtende nota bij de aanvraag door Mr. De fauw aan de raadsman van de verzoekende partij zijn bezorgd. 3.
- Met een schrijven van 21 augustus 2023 bezorgt het stadsbestuur met toepassing van de procedure voor openbaarheid van bestuur zoals voorgeschreven door het Bestuursdecreet van 7 december 2018 aan de verzoekende partij een kopie van de aanvraag om toelating, het (inmiddels ondertekende) bestreden besluit, evenals de in punt 3.7 aangehaalde motiveringsnota en een aantal bijlagen waaronder het advies van het Agentschap voor Natuur en Bos van 5 juli
- IV. Tussenkomst
- De bv Ryckevelde 1451 die de begunstigde is van de bestreden toelating en uitbater van het door het bestreden besluit toegelaten evenement, blijkt voordeel te halen uit het bestreden besluit en heeft er belang bij dat de vordering wordt afgewezen. Bijgevolg moet haar verzoek tot tussenkomst worden ingewilligd. V. Regelmatigheid van de rechtspleging
- Op de terechtzitting geeft de raadsman van de verzoekende partij te kennen dat de tussenkomende partij te kennen heeft gegeven dat zij het door haar X-18.455-12/21 neergelegde stuk 20 intrekt, wat door de tussenkomende partij op de terechtzitting wordt bevestigd.
- Er is daartegen geen bezwaar zodat het genoemde stuk 20 uit het debat wordt gelaten. VI. Herinnering aan de schorsingsvoorwaarden
- Krachtens artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid slechts worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat minstens één ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de akte of het reglement prima facie kan verantwoorden en dat een uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is die onverenigbaar is met de behandelingstermijn van de gewone vordering tot schorsing. VII. Uiterst dringende noodzakelijkheid Uiteenzetting
- Onder het kopje “III. Uiterst dringende noodzakelijkheid” van haar verzoekschrift zet de verzoekende partij uiteen dat met het bestreden besluit een toelating wordt gegeven voor een uitbating van zeven dagen op zeven en dit tot 12 september 2023 zodat een gewone procedure tot schorsing onvermijdelijk te laat zou komen om schadelijke gevolgen voor de verzoekende partij te voorkomen. Immers, de uitbating stopt op 12 september 2023 en de activiteiten kunnen intussen plaatsvinden terwijl de zomerperiode het hoogseizoen is voor de terrasjes en de toeristen. De tussenkomende partij zou haar zo ongerijmd concurrentie kunnen aandoen, met de genoemde hinder en nadelen tot gevolg. De lange aaneensluitende duurtijd van de uitbating en de rustverstoring die het bestreden besluit daarmee veroorzaakt wijst, aldus de verzoekende partij, op de hoogdringendheid omdat op het betrokken terrein “zeven dagen op zeven, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds X-18.455-13/21 laat honderden mensen worden bijeengebracht waarbij tijdens alle exploitatie-uren gebruik mag worden gemaakt van elektronisch versterkte muziek met een geluidsniveau van maximaal 85 dB”. Zij stelt dat tijdens een huwelijksfeest overdag een gerechtsdeurwaarder reeds heeft vastgesteld dat de muziek vanaf het wandelpad duidelijk hoorbaar is en afkomstig is van de zomerbar. De verzoekende partij voert nog aan dat er geen voldoende parkeerplaats is voorzien. In het bestreden besluit is sprake van pieken tot 120 klanten per dag terwijl de site daarop niet is voorzien zodat ook auto’s “dag en nacht door het bos (zullen) rijden en parkeren. Tijdens een recent feest werd ook vastgesteld dat de auto’s tussen de bomen gaan parkeren”. De klanten zoeken dan alternatieven en gaan hun wagen stallen op de parking van de verzoekende partij aangezien de uitbater van de zomerbar niet over een eigen parking beschikt en “zijn klanten [poogt] af te leiden naar de parking van [de verzoekende partij] en in het bos”. Ook leveranciers van de aanvrager komen vaak tot bij de verzoekende partij aanrijden. Verder herhaalt de verzoekende partij dat de publieke parking in eerste instantie is voorzien voor bezoekers van het park en de hondenweide en niet voor klanten van een pop-up evenement. Deze parking is er niet op voorzien “om nog eens honderden gasten te ontvangen”. Ten vierde stelt de verzoekende partij dat er nog steeds geen vuilwaterbehandeling bij de uitbater is terwijl zijzelf heeft moeten investeren in een IBA. In de vernietigde omgevingsvergunning was voorzien dat er een IBA voorzien voor 51 à 60 personen diende te zijn, doch deze werd nooit aangelegd en was zeker niet voorzien voor 500 personen. In de vorige pop-up aanvraag was dit nog 500 personen. Er is volgens haar “geen reden om aan te nemen dat de 120 personen realistisch is”. Het aanbod van de locatie is immers niet ingeperkt. Door het gebrek aan (afdoende) vuilwaterbehandeling komt het vuilwater in de vijver die reikt tot aan het terras van de verzoekende partij, en grachten met ernstige geurhinder tot gevolg, wat niet aangenaam is voor haar klanten. De verzoekende partij vreest ernstige milieuschade. Door het gebrek aan een IBA zal alle leven in de vijver dood zijn. Volgens de huidige aanvraag wordt de bestaande kleine IBA afgesloten en vervangen door ondergrondse - niet vergunde - citernes. Dergelijke citernes voldoen niet aan de regelgeving, en de vraag is maar of deze de geurhinder kunnen tegenhouden en voldoende zijn voor het aantal bezoekers. Dergelijke X-18.455-14/21 citernes voorzien ook niet in enige overloop, zodat incidenten niet kunnen vermeden worden. De verzoekende partij vreest tot slot ook “ernstig voor de fauna en flora in haar bos rond haar kasteel. Er is ook niet alleen de zomerbar, maar ook de verhuur van boomhutten, waardoor de mensen er 24u op 24u verblijven”. Zij besluit dat zij riskeert “minder omzet te hebben en concurrentieel nadeel te lijden”, evenals reputatieschade omwille van de geur- en lawaaihinder en het gebrek aan parkeerplaats, dat de praktijken van de aanvrager en de gevolgen voor de natuur en de uitbating moeten worden aanzien als zeer nadelig voor de verzoekende partij en dit niet alleen door de naamsverwarring tussen ‘Kasteel Ryckevelde’ en ‘Zomerbar Ryckevelde 1451’. Tot slot stelt de verzoekende partij nog zeer diligent te hebben gehandeld nu zij onmiddellijk na kennisname van de inhoud van het bestreden besluit het verzoekschrift heeft neergelegd. Beoordeling
- De schorsingsprocedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid houdt een ernstige verstoring in van het normale verloop van de rechtspleging voor de Raad van State, herleidt de mogelijkheden tot onderzoek van de zaak tot een strikt minimum en beperkt in aanzienlijke mate de uitoefening van de rechten van verdediging van de verwerende partij. De aanwending van die procedure moet dan ook zeer uitzonderlijk blijven in die zin dat ze slechts mag worden aangewend in die enkele gevallen dat het uiterst dringende karakter van de zaak meteen voor iedereen zonder meer duidelijk is, of door de verzoekende partij op duidelijke en onomstootbare wijze wordt aangetoond. Luidens artikel 16, § 1, eerste lid, 7°, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 ‘tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State’, bevat het verzoekschrift waarin de uiterst dringende noodzakelijkheid wordt aangevoerd daartoe “een uiteenzetting van de feiten die de uiterst dringende noodzakelijkheid rechtvaardigen”. X-18.455-15/21 Dit impliceert dat een verzoekende partij aan de hand van precieze en concrete gegevens aannemelijk maakt dat de schorsing van de tenuitvoerlegging, indien ze pas na het afwikkelen van de gewone schorsingsprocedure zou worden uitgesproken, onherroepelijk te laat zou komen om het nadeel op te vangen of de belangen van de verzoekende partij veilig te stellen. De uiterst dringende noodzakelijkheid kan daarenboven niet voortkomen uit de enkele omstandigheid dat ingevolge de doorlooptijd van de zaak een uitspraak volgens de gewone schorsingsprocedure of een uitspraak ten gronde zou tussenkomen in een min of meer verre toekomst, waardoor de gewone schorsings- of annulatieprocedure verzoeker niet toelaat een arrest te verkrijgen voordat de bestreden handeling zijn volledige uitwerking heeft gehad. Opdat aan de voorwaarde van de uiterst dringende noodzakelijkheid voldaan is, moet deze vaststelling ten minste gepaard gaan met andere feitelijke gegevens die eigen zijn aan de voorliggende zaak en die aantonen dat de uiterst dringende noodzakelijkheid eraan inherent is. Niet minder dan het geval is in de gewone schorsingsprocedure, is daartoe vereist dat de verzoekende partij het resultaat van de procedure ten gronde niet kan afwachten om haar beslissing te verkrijgen, “op straffe zich in een toestand te bevinden met onherroepelijke schadelijke gevolgen” (memorie van toelichting, Parl.St. Senaat 2012-2013, 5-2277/1, 13).
- De spoedeisendheid van de zaak wordt niet vermoed, welke ook de aard van de bestreden beslissing is. Het volstaat dan ook niet om te stellen dat de doorlooptijd van een gewone schorsingsprocedure te lang duurt of dat het resultaat van een annulatieprocedure niet kan worden afgewacht. Evenmin volstaat het gegeven dat het bestreden besluit mogelijk volledige uitwerking zal hebben gekregen op het X-18.455-16/21 ogenblik van een uitspraak ten gronde, om de spoedeisendheid ipso facto aan te tonen. Het komt er aldus voor een verzoekende partij die beweert dat de zaak te spoedeisend is om de uitkomst van het annulatieberoep of zelfs van het gewone schorsingsberoep te kunnen afwachten, op aan om van die urgentie te overtuigen aan de hand van de concrete feiten die zij in haar vordering aanvoert. Dit houdt in dat het aan deze partij toevalt om aan haar zaak eigen, specifieke gegevens bij te brengen die in concreto aantonen waarom de nadelige gevolgen die een tenuitvoerlegging van het bestreden besluit voor haar persoonlijk veroorzaakt niet gedragen kunnen worden gedurende de gewone doorlooptijd van die procedures en waarom de afloop van die procedures bijgevolg niet kan worden afgewacht. Die gegevens moeten door de verzoekende partij worden onderbouwd op een wijze die de rechter toelaat om ze te verifiëren, zodat hij kan aftoetsen of ze de beweerde spoedeisendheid inderdaad verantwoorden. Voorts dienen die gegevens te worden betrokken op het met de voorliggende vordering bestreden besluit - te dezen de nieuwe toelating van 9 augustus 2023, te meer nu die in menig opzicht wezenlijk verschilt van de eerder door de Raad van State geschorste beslissingen. Het is de derde keer in korte tijd dat de verzoekende en de tussenkomende partij over een toelating voor de betrokken zomerbar voor de Raad van State tegenover elkaar staan in een schorsingsprocedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid. Het komt de verzoekende partij telkens toe het uiterst dringende karakter van de schorsingsprocedure aannemelijk te maken. Zij kan er zich niet toe beperken de uiterst dringende noodzakelijkheid op een nagenoeg identieke wijze uiteen te zetten als zij deed in de vorige procedures. De Raad van State kan er immers niet aan voorbij gaan dat de voorliggende aanvraag en het bestreden besluit niet meer te vergelijken zijn met de eerste toelating die eerder deze zomer werd verleend voor de pop-up bar. Zo kan worden opgemerkt dat het maximaal aantal bezoekers op piekmomenten eerst op 500 werd vastgelegd, vervolgens werd verminderd naar 300, terwijl op grond van de thans bestreden toelating op X-18.455-17/21 piekmomenten maximaal nog 120 bezoekers zijn toegelaten, er uit de bestreden toelating blijkt dat er “geen muziek meer [wordt] toegelaten en het geluidsniveau […] ten allen tijde ook onder 85 dB(A)LAeq, 15 min [moet] blijven”, alsook dat er “geen lozingen van het sanitair afvalwater toegelaten” worden.
- In de mate de verzoekende partij voor de onderbouwing van de uiterst dringende noodzakelijkheid verwijst naar rustverstoring door elektronisch versterkte muziek, gaat zij eraan voorbij dat de voorliggende toelating muziek uitdrukkelijk verbiedt. Er wordt immers “geen muziek meer toegelaten en het geluidsniveau moet ten allen tijde ook onder 85 dB(A)LAeq, 15 min blijven” zodat de verzoekende partij geenszins hinder door elektronisch versterkte muziek aannemelijk maakt, niet voor haarzelf, noch voor de fauna en flora in het bos. Mocht alsnog zulke overlast worden vastgesteld omdat het opgelegde verbod wordt overtreden dan vloeit dergelijk nadeel niet voort uit het bestreden besluit doch uit een gebeurlijke toekomstige overtreding ervan. Vanuit dergelijk louter hypothetisch nadeel mag de uiterst dringende noodzakelijkheid niet worden beoordeeld. Het proces-verbaal van vaststelling door een gerechtsdeurwaarder met betrekking tot geluidsoverlast naar aanleiding van een huwelijksfeest dat door de verzoekende partij wordt bijgebracht, kan niet worden betrokken op het bestreden besluit al was het maar omdat dat proces-verbaal van 6 mei 2023 dateert en de bestreden toelating pas van 9 augustus en deze toelating, zoals hiervoor is gebleken, geen muziek meer toelaat.
- Ook het argument van het gebrek aan vuilwaterbehandeling wordt hernomen, maar opnieuw gaat de verzoekende partij eraan voorbij dat deze derde toelating niet meer dezelfde is als de eerste. Lozingen van sanitair afvalwater worden thans eveneens uitdrukkelijk verboden. De gevreesde geurhinder als gevolg van lozingen in de vijver en grachten, wordt bijgevolg niet aannemelijk gemaakt. In de mate de citernes volgens de verzoekende partij niet zouden voldoen aan de regelgeving en het nog maar de vraag is of deze de geurhinder kunnen X-18.455-18/21 tegenhouden, moet worden opgemerkt dat een aangevoerde onwettigheid op zichzelf niet volstaat om te overtuigen dat de vordering spoedeisend is. De schorsingsvoorwaarde van het spoedeisend karakter van de vordering is immers een op zich staande voorwaarde die moet zijn vervuld. Evenmin kunnen vragen bij de effectiviteit van de citernes - die overigens volgens de met de bestreden toelating opgelegde voorwaarden periodiek en volgens noodzaak moeten worden geledigd - op zichzelf volstaan om de uiterst dringende noodzakelijkheid van de procedure te rechtvaardigen.
- Ook de parkeerdruk die de verzoekende partij tijdens de twee vorige schorsingsprocedures nog aannemelijk kon maken omdat zij met de nodige overtuigingskracht wees op de parkeerdruk die de met die vorderingen bestreden toelatingen (500 respectievelijk 300 personen op piekmomenten) meebrachten, evenals op het risico dat deze druk zou worden afgewenteld op haar kasteelparking: die overtuigingskracht is er vandaag niet langer. De tussenkomende partij brengt een verslag van 25 augustus 2023 bij van een parkeeronderzoek (met tellingen) dat is uitgevoerd op 11, 12 en 13 augustus tussen 9u00 en 21u00, dagen met zonnig weer teneinde een beeld te geven van de parkeerdruk in de omgeving van de zomerbar. Uit dat onderzoek blijkt dat de parkeerzones in het domein, de kasteelparking buiten beschouwing gelaten, volstaan om de parkeerdruk onder de nieuwe toelating op te vangen. Anders dan de tussenkomende partij, brengt de verzoekende partij geen meer concrete gegevens bij, ook geen nieuwe gegevens ten opzichte van de vorige procedures, die de door haar gevreesde parkeerdruk op haar kasteelparking enigszins onderbouwen of het argument van de tussenkomende partij doen wankelen. Nochtans lijkt het niet onoverkomelijk - mocht die druk er (nog) zijn - om aan te tonen, minstens aannemelijk te maken, dat de parkeerdruk mede op haar kasteelparking wordt afgewenteld. De pop-up is immers al een aantal weken open geweest de voorbije zomerperiode, zodat de verzoekende partij toch in de gelegenheid moet zijn geweest om een en ander te documenteren. Wat de parkeerdruk betreft die zou worden gegenereerd door de overnachting in de (vijf) boomhutten dient opgemerkt dat die niet het gevolg is van het bestreden X-18.455-19/21 besluit doch van een eerdere toelating waarvan de capaciteit niet wordt uitgebreid. Waar in de vorige procedures de overtuigingskracht van de verzoekende partij nog kon worden aangenomen, mede gelet op de omvang van de aanvraag, overtuigt zij er op vandaag, in de gegeven omstandigheden niet langer van dat er geen voldoende parkeerplaats is voor het gevraagde evenement.
- In de mate de verzoekende partij tot slot nog aanvoert minder omzet te hebben en een concurrentieel nadeel te lijden, blijft het bij een loutere bewering. Zij blijft in haar uiteenzetting algemeen en op de vlakte en legt geen (begin van) bewijs voor dat de pop-up van de tussenkomende partij haar enige financiële of economische schade zou toebrengen of waaruit zou blijken dat haar concurrentiepositie wordt aangetast en dan nog in die mate dat zij dat nadeel niet zou kunnen lijden in afwachting van een uitspraak ten gronde. Dat klemt des te meer omdat de zomerbar (net zoals tijdens de zomermaanden de jaren voordien) nu toch al enkele weken is geopend, zodat de verzoekende partij ook op dit punt in de gelegenheid is geweest om een en ander te documenteren, wat zij evenwel nalaat. Het is ook niet zonder meer aan te nemen dat beide handelsvestigingen eenzelfde doelgroep of cliënteel beogen. Hun respectieve aanbod, met name een (tijdelijke) pop-up/zomerbar enerzijds en een (permanente) brasserie anderzijds, lijkt op het eerste gezicht veeleer complementair. Er is evenmin aangetoond of redelijkerwijze aannemelijk gemaakt dat klanten wegblijven door (hinder veroorzaakt door) de zomerbar noch dat de verzoekende partij reputatieschade zou lijden mede door de naamsverwarring. Wat overigens de aangevoerde naamsverwarring betreft, merkt de Raad van State op dat de discussie daaromtrent voor de justitiële rechter is of wordt gevoerd. In zijn vonnis van 5 januari 2023 treedt de ondernemingsrechtbank Gent, afdeling Brugge, de claim van de verzoekende partij op dat punt alvast niet bij.
- Het argument van de verzoekende partij tot slot dat zij diligent gehandeld heeft, volstaat op zich niet ter staving van de uiterst dringende noodzakelijkheid. X-18.455-20/21
- Er is niet voldaan aan ten minste één van de voorwaarden gesteld in artikel 17, §§ 1 en 4, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State die cumulatief vervuld moeten zijn wil een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden toegewezen. BESLISSING
- Het verzoek van de bv Ryckevelde 1451 tot tussenkomst wordt ingewilligd.
- De Raad van State verwerpt de vordering.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 24 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van eenendertig augustus tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, XIIe vakantiekamer, samengesteld uit: Kaat Leus, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Kaat Leus X-18.455-21/21 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.201 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.260.738 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div