← België

Arrest 257567 - Overheidsopdrachten - 09/10/2023

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 oktober 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.567 Rolnummer: A. 231146/XII-8923 Zaak: Arrest 257567 - Overheidsopdrachten - 09/10/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-11-30 Raadplegingen: 248 - laatst gezien 2026-06-19 12:57 Fiche Arrest nr 257.567 van 9 oktober 2023 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Schadevergoeding tot herstel als niet verricht beschouwd Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK XIIe KAMER nr. 257.567 van 9 oktober 2023 in de zaak A. 231.146/XII-8923 In zake : de NV FRONTFORCE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Nicky Van Laeken kantoor houdend te 9150 Kruibeke Bazelstraat 303-305 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de HULPVERLENINGSZONE VLAAMS-BRABANT WEST NATIONAAL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bert Beelen kantoor houdend te 3000 Leuven Justus Lipsiusstraat 24 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep 1. Het beroep, ingesteld op 13 augustus 2020, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de Hulpverleningszone Vlaams-Brabant West van 8 juni 2020 waarbij de overheidsopdracht in verband met de aankoop van software voor de dispatching wordt gegund aan de bv Verdi. Met een verzoekschrift van 6 oktober 2022 dient de verzoekende partij ook een verzoek tot ‘schadevergoeding tot herstel’ in. II. Verloop van de rechtspleging 2. Bij arrest nr. 248.080 van 23 juli 2020 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. XII-8923-1/51 De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft een verslag opgesteld. De verwerende partij heeft een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De verzoekende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 28 februari 2023. Kamervoorzitter Paul Lemmens heeft verslag uitgebracht. Advocaat Julie Gaudissabois, die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Johan Vanstipelen, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft een met dit arrest andersluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. III. Feiten 3.1. De Hulpverleningszone Vlaams-Brabant West schrijft een overheidsopdracht uit voor de levering van diensten, met als voorwerp ‘zonale dispatching’. De opdracht heeft betrekking op de aankoop van software voor de dispatching in de bedoelde zone. XII-8923-2/51 De opdracht wordt gegund bij wijze van mededingingsprocedure met onderhandeling. 3.2. Vijf ondernemingen dienen een kandidatuur in. Op 2 december 2019 worden door het zonecollege drie ondernemingen geselecteerd en uitgenodigd tot het indienen van een offerte: de nv I., de nv Ferranti Computer Systems en de bv Verdi. Op 20 december 2019 laat de nv I. weten dat ze niet wenst deel te nemen aan het verdere verloop van de procedure. Op 31 december 2019 worden de activiteiten van de bedrijfstak van de nv Ferranti Computer Systems overgenomen door haar dochteronderneming de nv Frontforce. Het is deze laatste onderneming die aan het verdere verloop van de procedure deelneemt. 3.3. Het bijzonder bestek met referte 2019-013 is toepasselijk. 3.3.1. De volgende gunningscriteria zijn van toepassing: Nr. Beschrijving Gewicht 1 Prijs 40 Regel van drie; Score offerte = (prijs laagste offerte/prijs offerte) * gewicht van het criterium prijs. De prijs waarmee rekening gehouden wordt voor de berekening van de zone: - eenmalige kosten - de jaarlijkse kosten op 5 jaar 2 Demo 30 De inschrijver geeft een demo. Voor meer uitleg wordt verwezen naar de technische bepalingen. De punten worden toegekend op basis van - Het aantal werkende functionaliteiten die getoond moeten worden - De gebruiksvriendelijkheid, bv. werken met slepen en droppen in plaats van veel moeten klikken - De overzichtelijkheid van de schermen De demo zal als volgt beoordeeld worden: - Zeer slecht = 0 punten - Slecht = 6 punten - Matig = 12 punten - Goed = 18 punten - Zeer goed = 24 punten - Uitstekend = 30 punten XII-8923-3/51 Op dit criterium dient de inschrijver minstens 60 % te halen. 3 Totaal van de functionaliteiten op 24 maanden 20 De functionaliteiten die operationeel moeten zijn op 24 maanden na de voorlopige oplevering. Hiervoor wordt verwezen naar de technische bepalingen van het bestek. Aan elke functionaliteit zal een gewicht toegekend worden. De totale score wordt herleid naar een totaal op 20 punten. Dit onderdeel zal als volgt beoordeeld worden: - 144 = 60% - 144 tot 160 = 0 punten - 161 tot 176 = 4 punten - 177 tot 192 = 8 punten - 193 tot 208 = 12 punten - 209 tot 224 = 16 punten - 225 tot 240 = 20 punten Op dit criterium dient de inschrijver minstens 60 % te halen. 4 Onderhoudscontract/ondersteuning 10 De inschrijver doet een voorstel van onderhoudscontract. Voor de minimumeisen wordt verwezen naar de technische bepalingen. De aanbieder biedt een onderhoudscontract aan dat minimum voldoet aan de eisen van het bestek. Het aangeboden onderhoudscontract zal als volgt beoordeeld worden: - Voorstel voldoet aan de minimumeisen zonder extra’s: 0 punten - Voorstel scoort op 3 tijden van de resolutie minimum 20 % sneller dan de minimumeisen van het bestek: 2 punten - Voorstel scoort op 3 tijden van de resolutie minimum 40 % sneller dan de minimumeisen van het bestek: 4 punten De aanbieder geeft aan hoeveel procent van het onderhoudscontract wordt geïnvesteerd in nieuwe ontwikkeling in functie van nieuwe noden, wensen, technische ontwikkelingen, … Dit onderdeel zal als volgt beoordeeld worden: - De aanbieder engageert zich om de tool aan te passen aan de wettelijke veranderingen = 0 punten - De aanbieder zal nieuwe wensen bespreken in een werkgroep die bestaat uit alle klanten (hulpverleningszones). Op basis van de grootste gemene deler worden er aanpassingen aan de tool aangebracht = 1 punt - Indien de aanbieder zich engageert jaarlijks een aantal manuren ter beschikking te stellen, zodat de tool kan aangepast worden aan individuele wensen van de zone dan worden de volgende punten toegekend: ● 40 manuren = 2 punten ● 80 manuren = 3 punten ● 120 manuren = 4 punten ● 160 manuren = 5 punten ● 200 manuren = 6 punten Totaal gewicht gunningscriteria: 100 3.3.2.1. De technische bepalingen waaraan de te leveren software dient te beantwoorden zijn in tekstvorm opgenomen in hoofdstuk 3 van het bestek. De technische specificaties omschreven onder de punten III.1 tot III.7 zijn vervolgens in de vorm van rubrieken letterlijk overgenomen in een tabel ‘Vragenlijst technische bepalingen’, die bijlage D bij het bestek vormt. XII-8923-4/51 De specificaties onder de punten III.5 tot III.7 betreffen ‘functionaliteiten’ van de te leveren tool. Verscheidene van die functionaliteiten worden verder onderverdeeld in sub-functionaliteiten. In wat hierna volgt worden de bedoelde functionaliteiten de ‘algemene functionaliteiten’ genoemd. De algemene functionaliteiten hebben, blijkens de opschriften van de punten III.5 tot III.7 van het bestek, betrekking op de volgende kenmerken: ‘Cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, ‘Gebruikersinterfaces’, en ‘Periferie’. Die opschriften zijn ook overgenomen voor de onderdelen van de tabel die bijlage D bij het bestek vormt. Binnen elk onderdeel worden de algemene functionaliteiten genummerd, telkens te beginnen met nummer 1. Volgens de verwerende partij zijn er in totaal “+/- 180” functionaliteiten en sub-functionaliteiten. 3.3.2.2. Volgens punt III.1, 7., van het bestek is het mogelijk dat bepaalde functionaliteiten van het aangeboden systeem op het moment van indiening van de offerte nog niet voorhanden zijn. Er wordt wel vereist dat alle functionaliteiten uiterlijk 24 maanden na de sluiting van de opdracht beschikbaar zijn: “De aanbieder geeft aan welke van de gevraagde functionaliteiten bij installatie reeds beschikbaar zullen zijn en welke functionaliteiten in een later stadium worden bijgevoegd. Uiterlijk 24 maanden na de sluiting van de opdracht zijn alle functionaliteiten beschikbaar. De aanbieder beschrijft hiervoor zijn roadmap. In het bestek staat aan de hand van sterren ***/**/* de prioriteit van de functionaliteiten aangegeven. De functionaliteiten waarvan de sterren onderlijnd zijn (***), moeten aangetoond worden op de demo.” De meeste functionaliteiten vermeld in de punten III.5 tot III.7 van het bestek en in bijlage D bij het bestek worden aldus aangeduid met één, twee of drie niet-onderstreepte sterren (*, ** of ***). Een beperkt aantal andere functionaliteiten, 36 in totaal, worden aangeduid met drie onderstreepte sterren (***); die laatste functionaliteiten moeten dus al beschikbaar zijn op het ogenblik van de demo. XII-8923-5/51 Punt III.9 van het bestek, onder het opschrift ‘Functionaliteiten op 24 maanden’, bevat nog de volgende preciseringen in verband met de termijnen waarbinnen de functionaliteiten beschikbaar moeten zijn en in verband met de weging die aan elk van de functionaliteiten toekomt: “De aanbieder beschrijft in zijn offerte welke functionaliteiten met één, twee of drie sterren in zijn tool aanwezig zullen zijn en tegen wanneer. De aanbieder mag eveneens extra functionaliteiten aanbieden. Alle beloofde functionaliteiten aangeduid in het bestek met drie sterren moeten beschikbaar zijn na de testfase (zie migratietraject). Alle beloofde functionaliteiten aangeduid in het bestek met twee sterren moeten beschikbaar zijn na 12 maanden. Deze termijn start de dag na de sluiting van de opdracht. Alle beloofde functionaliteiten aangeduid in het bestek met één ster moeten beschikbaar zijn na 24 maanden. Deze termijn start de dag na de sluiting van de opdracht, tenzij anders werd overeengekomen tijdens de onderhandelingsfase. In de tabel van Bijlage D wordt aan de verschillende functionaliteiten een weging gegeven. De functionaliteiten met de vermelding ‘minimumeis’ moeten aangeboden worden. Dit onderdeel zal als volgt beoordeeld worden, in functie van de totale weging van de aangeboden functionaliteiten: De totale weging wordt als volgt omgezet: - 144 = 60% - 144 tot 160 = 0 punten - 161 tot 176 = 4 punten - 177 tot 192 = 8 punten - 193 tot 208 = 12 punten - 209 tot 224 = 16 punten - 225 tot 240 = 20 punten.” 3.3.2.3. Bijlage D bij het bestek bevat een kolom waarin voor elke algemene functionaliteit (of soms voor een sub-functionaliteit) wordt aangegeven, hetzij dat het gaat om een minimumeis, hetzij welk aantal ‘wegingspunten’ aan de betrokken functionaliteit wordt toegekend. Functionaliteiten die gelden als minimumeis moeten, zoals bepaald in het hiervoor geciteerde punt III.9 van het bestek, aangeboden worden. Zij worden niet beoordeeld onder gunningscriterium 3, ‘functionaliteiten op 24 maanden’. Alle andere algemene functionaliteiten worden wel onder dat gunningscriterium beoordeeld. XII-8923-6/51 3.3.2.4. Uit de lijst vervat in bijlage D bij het bestek zijn twee andere lijsten gedistilleerd, die gehanteerd zijn voor de beoordeling van de respectieve gunningscriteria 2 en 3. 3.3.2.4.1. Een eerste afgeleide lijst heeft betrekking op de demo (gunningscriterium 2). In verband met de demo bevat punt III.8 van het bestek de volgende bepaling: “De aanbieder start de demo met een algemene voorstelling van zijn tool. Daarna worden de gevraagde functionaliteiten getoond die in het bestek aangeduid zijn met ***, zie specifieke lijst. De functionaliteiten worden gedemonstreerd in een effectief werkende tool door het simuleren van interventies.” De “specifieke lijst” waarvan sprake is een lijst met de 36 functionaliteiten die in de punten III.5 tot III.7 van het bestek en in bijlage D bij het bestek met drie onderstreepte sterren zijn aangeduid. De omschrijving van een functionaliteit in de ‘specifieke lijst’ is exact dezelfde als de omschrijving van de betrokken functionaliteit in de punten III.5 tot III.7 van het bestek en in bijlage D bij het bestek. Wel hebben de functionaliteiten in de ‘specifieke lijst’ een nieuwe nummering gekregen, gaande van nummer 1 tot nummer 36. In wat hierna volgt worden de 36 functionaliteiten van de ‘specifieke lijst’ de ‘demo-functionaliteiten’ genoemd. Twee ingevulde ‘specifieke lijsten’, één per inschrijver, met voor elke functionaliteit een beoordeling ervan, zijn gevoegd als bijlagen 1 en 2 bij het verslag van nazicht (zie hierna, overweging 3.8.3). De functionaliteiten met drie onderstreepte sterren (***) worden in principe beoordeeld zowel op het gunningscriterium 2, ‘demo’, als op het gunningscriterium 3, ‘totaal van de functionaliteiten op 24 maanden’. Als een functionaliteit in bijlage D bij het bestek echter is aangeduid als een minimumeis, wordt zij enkel beoordeeld op het gunningscriterium 2, maar, zoals hiervoor gezegd (overweging 3.3.2.3), niet op het gunningscriterium 3. Aldus worden 23 XII-8923-7/51 van de 36 demo-functionaliteiten ook beoordeeld op het gunningscriterium 3, en vormen de 13 overige demo-functionaliteiten minimumeisen. 3.3.2.4.2. Een tweede afgeleide lijst heeft betrekking op het geheel van de functionaliteiten die beschikbaar moeten zijn ten laatste 24 maanden na de sluiting van de opdracht (gunningscriterium 3). Deze lijst bevat alle algemene functionaliteiten, met uitzondering van die waarvoor in bijlage D bij het bestek is bepaald dat het gaat om minimumeisen. Het gaat met andere woorden om alle algemene functionaliteiten waaraan in bijlage D een bepaald aantal wegingspunten is toegekend. De aldus geselecteerde functionaliteiten zijn in de bedoelde afgeleide lijst opgenomen onder dezelfde nummering als in de punten III.5 tot III.7 van het bestek en in bijlage D bij het bestek. Het totaal aantal wegingspunten dat in bijlage D bij het bestek aan de betrokken functionaliteiten is toegekend, bedraagt 240. Dit is het maximumaantal punten dat door een inschrijver voor het geheel van die functionaliteiten behaald kan worden. Twee ingevulde lijsten, één per inschrijver, met voor elke functionaliteit een bepaalde score, zijn gevoegd als bijlagen 3 en 4 bij het verslag van nazicht (zie hierna, overweging 3.8.4). 3.4. Op 16 december 2019 vindt een informatievergadering plaats. Bij alle algemene functionaliteiten waarvoor in bijlage D bij het bestek sub-functionaliteiten zijn bepaald en waarvoor een totaal aantal wegingspunten wordt toegekend aan de functionaliteit, wordt gevraagd hoe de wegingspunten verdeeld zullen worden over die sub-functionaliteiten. Het antwoord luidt telkens dat de wegingspunten evenredig verdeeld zullen worden over de verschillende sub-functionaliteiten, tenzij anders vermeld in het bestek. 3.5. De nv Frontforce en de bv Verdi dienen een offerte in. XII-8923-8/51 3.6. Op 2 maart 2020 geeft de bv Verdi een demo. Na de demo wordt er onderhandeld met de bv Verdi. Op 12 maart 2020 geeft de nv Frontforce een demo. Op 23 maart 2020 geeft zij schriftelijk antwoord op een aantal vragen die haar op voorhand gesteld waren. Eén van die vragen was: “inventaris pg. 13: kaartlagen ook via shp en kml of enkel via cdv?” Het antwoord van de verzoekende partij luidt als volgt: “We hebben tijdens de demo begrepen dat shp en kml kaartlagen ontvangen worden van externe organisaties. We bekijken het importeren en converteren van deze kaartlagen naar een formaat waarmee FrontForceEmergency werkt. In de BAFO geven we definitief antwoord.” 3.7. De nv Frontforce en de bv Verdi dienen op 20 april 2020 een BAFO in. 3.8. Het verslag van nazicht van de offertes is gedateerd op 26 mei 2020. 3.8.1. De twee ingediende offertes worden als regelmatig beschouwd. 3.8.2. De offerte van de bv Verdi scoort 87,11/100; de offerte van de nv Frontforce scoort 80/100. Deze eindscores zijn gebaseerd op de volgende scores voor de onderscheiden gunningsciteria: 1) Prijs 40 punten nv Frontforce 40 bv Verdi 27,11 2) Demo 30 punten nv Frontforce 18 (goed) bv Verdi 30 (uitstekend) 3) Totaal van de functionaliteiten op 24 maanden 20 punten nv Frontforce 12 (207,08333/240) bv Verdi 20 (239/240) 4) Onderhoudscontract/ondersteuning 10 punten nv Frontforce 10 bv Verdi 10 XII-8923-9/51 3.8.3. De beoordeling van de demo (gunningscriterium 2) maakt het voorwerp uit van twee bijlagen bij het gunningsverslag (bijlage 1 voor de nv Frontforce, bijlage 2 voor de bv Verdi). In bijlage 1 luidt de conclusie met betrekking tot de demo van de nv Frontforce als volgt: “Tijdens de demo diende men 36 van de (+/-) 180 gewenste functionaliteiten te tonen. Verschillende functionaliteiten, waaronder enkele die belangrijk zijn voor de werking van de provinciale dispatching, konden niet of slechts gedeeltelijk getoond worden. Van verschillende functionaliteiten kon de gebruiksvriendelijkheid verbeterd worden. De gebruiksvriendelijkheid en het gebruik van een functionaliteit zijn rechtstreeks met mekaar verbonden. Een functionaliteit kan zo omslachtig zijn dat ze onbruikbaar wordt. Het wisselen van een ingezet voertuig is bijvoorbeeld zo omslachtig dat ze tijdens drukke interventies onbruikbaar is. Gezien de vele belangrijke opmerkingen over gebruiksvriendelijkheid en het ontbreken van enkele belangrijke functionaliteiten krijgt de demo de kwalificatie GOED.” Dit besluit steunt op een beoordeling van elk van de 36 demo-functionaliteiten. Bij een aantal van die functionaliteiten wordt opgemerkt dat zij niet of slechts gedeeltelijk werden getoond, of dat de gebruiksvriendelijkheid beter kon. Te dezen zijn de volgende functionaliteiten, met bijhorende beoordeling, van belang: Omschrijving van de functionaliteit Beoordeling 7. *** De operator heeft steeds duidelijk De functionaliteit werd getoond, met zicht op de wachtrij aan informatie, uitzondering van het verkeerslicht. waarbij er standaard gesorteerd staat Geen opmerkingen. volgens het “gewicht” van het interventietype (dringende interventies als branden bovenaan, wateroverlast lager). Indien een dringende interventie niet behandeld werd binnen een vooraf ingestelde tijd, wordt bv. een verkeerslicht aangestuurd [dat] knippert om de operator de aandacht hierop te vestigen en/of een geluid afgespeeld. De lijst van interventies in de wachtrij kunnen een kleurcodering hebben om de dringendheid visueel aan te geven. 12. *** [De operator kan bij een interventie De functionaliteit werd volledig al dan niet reeds in uitvoering,] getoond. XII-8923-10/51 [b]epaalde functies (specialisaties) De gebruiksvriendelijkheid kan binnen één of meerdere posten beter, het vergde te veel alarmeren (vooralarm/alarm/einde handelingen. alarm). 13. *** [De operator kan bij een interventie De functionaliteit werd volledig al dan niet reeds in uitvoering,] getoond. [b]epaalde functies of specialisaties De gebruiksvriendelijkheid kan gekoppeld aan een kazerne, beschikbaar beter. Het versturen van een vrij of niet, een bericht sturen. bericht vergde te veel handelingen. 14. *** Hij heeft een overzicht van de De functionaliteit werd niet volledig ingezette voertuigen bij deze interventie getoond. met hun actuele voertuigstatus en de tijd De gebruiksvriendelijkheid kan hoe lang men reeds op deze status staat. beter. Een dispatcher kan niet zien hoe lang een voertuig reeds in deze status staat maar dient dit zelf uit te rekenen. 18. *** Een operator kan op een snelle en De functionaliteit werd volledig eenvoudige manier een ingezette getoond. persoon wisselen met een andere Deze functionaliteit is totaal niet persoon. gebruiksvriendelijk en vraagt veel te veel handelingen van een dispatcher. Nieuwe wagen dispatchen zonder personeel. Het personeel één voor één overzetten naar de nieuwe wagen. Oorspronkelijke wagen opnieuw op standplaats zetten. 19. *** [De operator kan op eenvoudige De functionaliteit werd volledig wijze] [d]e uitrukvolgorde van alle getoond. voertuigen binnen een post met De gebruiksvriendelijkheid van de eenzelfde voertuigtype aanpassen. Zo functionaliteit kan beter, te veel kan hij (al dan niet tijdelijk) de eerste handelingen. autopomp verwisselen met de tweede autopomp in een post. 21. *** [De operator heeft via algemene De functionaliteit werd niet volledig dashboards zicht op] [a]lle voertuigen getoond. Een dispatcher kan niet met hun actuele voertuigstatus en de tijd zien hoe lang een voertuig reeds in waarop ze op deze status staan. Van deze status staat. daaruit kan ook geklikt worden naar de desbetreffende gekoppelde interventie. 25. *** De operator kan verschillende De functionaliteit werd volledig kaartlagen raadplegen en selecteren: getoond. 1. de eigen posten en die van de andere De gebruiksvriendelijkheid kan zones beter. Veel gebruikte kaarten moeten 2. ziekenhuizen eerst omgezet worden. Dit vraagt 3. interventies lopende meer werk aangezien veel kaarten 4. interventies in wachtrij periodiek (trimestrieel) vernieuwd 5. hydranten worden. 6. pijpleidingen 7. hoogspanningspylonen 8. voertuigen met track-and-trace 9. … 31. Functies: De functionaliteit werd niet volledig *** De functies worden toegekend aan getoond. XII-8923-11/51 personen, in functie van scholing (intern De gebruiksvriendelijkheid kan en/of extern). Een persoon kan inzetbaar beter. Een persoon kan gedetacheerd zijn in meerdere posten. De functies zijn worden naar een post maar is niet én persoonsgebonden én postgebonden. inzetbaar in twee posten tegelijk. Bijvoorbeeld persoon is chauffeur Functies moeten verschillend tankwagen in post 1, maar niet kunnen zijn per post voor de noodzakelijk ook in post 2. gedetacheerde persoon. Werken met functies per post is niet realistisch. Beide zones beschikken over personeelsleden die in twee posten oproepbaar zijn. Dit is een probleem voor de inzetbaarheid van het personeel. 35. *** De gebruiker kan zijn eigen status De functionaliteit werd getoond. raadplegen en zijn (lange termijn) De gebruiksvriendelijkheid kan planning instellen: beschikbaarheid beter: voor het ingeven van vanaf huidig moment en vanaf en tot een herhalingen diende men toekomstig moment. Dit met eventuele verschillende stappen te zetten, dit mogelijkheid om een herhalingsinterval kan eenvoudiger. in te stellen (alle dagen, bepaalde dagen, om de X dagen). In zijn planning kan hij ook zijn actieve post mee instellen. 36. *** De gebruiker heeft bij het openen De functionaliteit werd niet volledig van de app duidelijk een zicht op zijn getoond. huidige status, actieve post(

  1. en)en hoe Het is niet mogelijk om zich lang deze status volgens de planning nog gelijktijdig voor meer dan één post loopt. Hij krijgt ook te zien wat zijn beschikbaar te zetten. volgende status volgens de planning is en vanaf welk uur. In bijlage 2 luidt de conclusie met betrekking tot de demo van de bv Verdi als volgt: “Tijdens de demo diende men 36 van de (+/-) 180 gewenste functionaliteiten te tonen. Zo goed als alle functionaliteiten konden getoond worden, uitgezonderd enkele details zoals het aansturen van een printer. De gebruiksvriendelijkheid van alle getoonde functionaliteiten was uitstekend. Bij geen enkele kon de gebruiksvriendelijkheid verbeterd worden. Gezien het ontbreken van negatieve opmerkingen, de uitstekende gebruiksvriendelijkheid van alle functionaliteiten en het feit dat zo goed als alle functionaliteiten aanwezig waren, krijgt de demo de kwalificatie UITSTEKEND.” De offerte van de nv Frontforce behaalt op gunningscriterium 2 18 op 30 punten, en die van de bv Verdi 30 op 30 punten. XII-8923-12/51 3.8.4. De beoordeling van de algemene functionaliteiten op 24 maanden (gunningscriterium 3) maakt eveneens het voorwerp uit van twee bijlagen bij het gunningsverslag (bijlage 3 voor de nv Frontforce, bijlage 4 voor de bv Verdi). In die bijlagen wordt gewerkt met de volgende kleurcodes: groen : wordt aangeboden in het voorgestelde systeem van de leverancier en is conform het bestek; geel : wordt niet aangeboden in het voorgestelde systeem van de leverancier (dus ook niet na 24 maanden); rood : wordt wel aangeboden in het voorgestelde systeem van de leverancier maar voldoet niet aan de bepalingen van het bestek. Met betrekking tot de offerte van de nv Frontforce (bijlage 3) zijn de volgende beoordelingen te dezen relevant: Omschrijving van de Weging Punten Opmerkingen functionaliteit (volgens toegekend bijlage aan D bij het Frontforce bestek) Cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren [12]
  2. h)*** [De operator] heeft 1 1 een overzicht van de ingezette voertuigen bij deze interventie met hun actuele voertuigstatus en de tijd hoe lang men reeds op deze status staat. [12]
  3. l)*** Een operator kan op 1 1 een snelle en eenvoudige manier een ingezet voertuig wisselen met een ander voertuig. [15]
  4. b)*** De GIS-tool kan 1 0 De oplossing aangeboden kaartlagen weergeven in door Frontforce voldoet verschillende formaten als .shp, niet aan het bestek om de .kml, ... en wms-webservices of volgende redenen. De andere courante formaten. Het aangeboden tool kan geen kaartmateriaal dient open shp en kml formaten source te zijn. weergeven zoals gevraagd. Shp en kml moeten eerst omgezet worden naar GeoJSON. [20]
  5. f)** Een persoon moet 5 2,5 De oplossing aangeboden kunnen beschikbaar zijn voor door Frontforce voldoet meerdere posten gelijktijdig niet volledig aan het bestek met eventueel een verschillend om de volgende redenen. XII-8923-13/51 beschikbaarheidsniveau. De Profielen zijn bedoeld voor post waarvoor hij het verschillende personen. dringendst nodig is, krijgt Profielen worden hier voorrang. gebruikt voor een functie waarvoor ze niet bedoeld zijn. Het koppelen van profielen is minder gebruiksvriendelijk en vraagt meer werk. De kans op fouten en vergissingen wordt veel groter. Gebruikersinterfaces [3] f)*** het profiel van de gebruiker kent rechten voor het intern netwerk (LAN) en extern netwerk (WAN). afhankelijk van de gebruiker en het profiel zal hij extern minder kunnen raadplegen dan van intern. Zo zal hij al dan niet toegang hebben tot: 1-10 […] 11*** Personeelsgegevens 0,75 0 De oplossing aangeboden aanpassen: door Frontforce voldoet a. Graad niet aan het bestek omdat b. Gekoppelde posten de tellers globaal tellen en c. Gekoppelde tellers per post niet per post. d. Gekoppelde groepen per post e. Gekoppelde functies per post en een eventueel gewicht […] f. Contactgegevens als sms, pager, e-mail, SDS, … 12-13 […] 14** De gebruiker kan op een 0,75 0 De oplossing aangeboden snelle en eenvoudige manier door Frontforce voldoet een ingezette voertuig wisselen niet aan het bestek om de met een ander voertuig omdat volgende redenen. Tijdens bijvoorbeeld een voertuig niet de demo was duidelijk dat wil starten een voertuig kon gewisseld worden maar niet op een snelle wijze. Het ingezette personeel diende één voor één overgezet te worden. 15-20 […] Periferie 3. Interventieblad
  6. a)[…]
  7. b)*** Op het interventieblad 1,6667 0 De tool aangeboden door dat per voertuig wordt Frontforce voldoet niet aan afgedrukt op de desbetreffend het bestek omdat de twee ingestelde printer, staat kaarten en de status van het volgende informatie: personeel niet mee worden XII-8923-14/51 1-4. […] afgedrukt. De kaarten 5. Personeel met naam, kunnen belangrijk zijn om voornaam, status (tekst) en de weg te vinden bij het functie uitvallen van de gps. 6-11. […] 12. kaartje dat de route aangeeft […] 13. kaartje van regio incident […]
  8. c)[…] De scores voor de functionaliteiten 15
  9. b)en 20
  10. f)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en de achterliggende motoren’), 3 f), 11 en 14, onder ‘gebruikersinterfaces’, en 3
  11. b)onder ‘periferie’ staan in het rood. De offerte van de nv Frontforce behaalt op gunningscriterium 3 een score van 207,08333 op 240, en die van de bv Verdi een score van 239 op 240. Dit resulteert voor de nv Frontforce in een score van 12 op 20 punten, en voor de bv Verdi in een score van 20 op 20 punten. 3.8.5. In het verslag wordt voorgesteld om de opdracht te gunnen aan de bv Verdi. 3.9. Op 8 juni 2020 beslist het zonecollege om de opdracht te gunnen aan de bv Verdi. Dit is de bestreden beslissing. 3.10. Met een aangetekende brief en een e-mailbericht van 16 juni 2020 wordt de nv Frontforce ervan in kennis gesteld dat de opdracht niet aan haar is gegund. Het verslag van nazicht van de offertes en de bijlagen zijn bijgevoegd. 3.11. Tegen de gunningsbeslissing stelt de verzoekende partij een vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid in. Zij roept twee middelen in. XII-8923-15/51 Bij arrest nr. 248.080 van 23 juli 2020 verwerpt de Raad van State de vordering, bij gebrek aan ernst van de middelen. XII-8923-16/51 IV. Onderzoek van de middelen A. Eerste middel Uiteenzetting van het middel 4. De verzoekende partij voert in een eerste middel de schending aan van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 ‘betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen’ (hierna: formelemotiveringswet) doordat de bestreden beslissing niet afdoende is gemotiveerd. De verzoekende partij betoogt dat de motieven in de akte of beslissing zelf moeten worden opgenomen en dat geen rekening kan worden gehouden met motieven die in andere stukken voorkomen. “De enkele opgave van het niet voldoen aan de beste prijs-kwaliteit is te algemeen, te vaag en kan niet worden aanzien als een afdoende motivering. De feitelijke gegevens die ertoe geleid hebben om tot de beslissing tot niet gunning over te gaan worden er niet vermeld.” Volgens de verzoekende partij is niet aangetoond dat het e-mailbericht met de bijlagen waaruit de motivering zou moeten blijken, door haar is ontvangen op hetzelfde ogenblik als waarop zij de bestreden beslissing heeft ontvangen. Een e-mailbericht heeft geen vaste dagtekening, en de verzoekende partij heeft geen ontvangstbevestiging verstuurd. Het staat aan de verwerende partij om de ontvangst van dit e-mailbericht aan te tonen. De verwerende partij blijft op dit vlak in gebreke. De verzoekende partij voert ook aan dat de verwerende partij haar geen stukken heeft meegedeeld, ook niet in het kader van de schorsingsprocedure, zodat haar rechten van verdediging zijn geschonden. 5. In de memorie van wederantwoord en de laatste memorie voegt de verzoekende partij niets toe aan het middel. XII-8923-17/51 Beoordeling 6. Een gelijkaardig middel werd door de verzoekende partij ingeroepen in de schorsingsprocedure. In arrest nr. 248.080 van 23 juli 2020 heeft de Raad van State dit middel als volgt beoordeeld: “Krachtens artikel 3 van de formelemotiveringswet moet de opgelegde motivering in de akte de juridische en feitelijke overwegingen vermelden die aan de beslissing ten grondslag liggen en moet zij afdoende zijn. In tegenstelling tot hetgeen de verzoekende partij betoogt mag daarbij ook rekening worden gehouden met motieven die in andere stukken voorkomen, op voorwaarde dat daarnaar wordt verwezen in de beslissing zelf, dat deze door de betrokkene gekend zijn en op hun beurt afdoende gemotiveerd en niet tegenstrijdig zijn (Cass. 12 oktober 2015, S.13.0026.N ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20151012.1). Het arrest waarnaar de verzoekende partij in het verzoekschrift verwijst, namelijk het arrest van 25 september 2003, C.03.0026.N ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030925.5, heeft overigens geen betrekking op de toepassing van de formelemotiveringswet. De bestreden beslissing steunt op ‘de kwalitatieve selectie van de inschrijvingen, het regelmatigheidsonderzoek van de offertes en de vergelijking van de offertes’, die zijn terug te vinden in het verslag van nazicht van de offertes en de bijbehorende bijlagen die als bijlage bij de bestreden beslissing zijn gevoegd en er integraal deel van uitmaken en die blijkens het dossier mede ter kennis zijn gebracht van de verzoekende partij. Het betoog van de verzoekende partij dat niet zou zijn aangetoond dat de verzoekende partij het verslag van nazicht van de offertes en de bijbehorende bijlagen ook effectief heeft ontvangen, strookt op het eerste gezicht niet met het administratief dossier en meer bepaald met het stuk 12 bevattende de aangetekende brief van 16 juni 2020 waarbij de bestreden beslissing aan de verzoekende partij ter kennis wordt gebracht en met stuk 14 bevattende het e-mailbericht van 16 juni 2020, waaruit blijkt dat de bijgevoegde PDF-files het verslag van nazicht en de bijlagen ervan omvatten. Overigens blijkt de kennis van die motieven door de verzoekende partij uit de inhoudelijke argumentatie die zij in haar tweede middel ontwikkelt.” 7. Deze beoordeling wordt bijgevallen. In zoverre de verzoekende partij in het eerste middel ook een schending van haar recht van verdediging zou inroepen, merkt de Raad van State op dat uit het tweede middel blijkt dat zij afdoende heeft kunnen uitmaken welke motieven aan de bestreden gunningsbeslissing ten grondslag liggen en welke XII-8923-18/51 kenmerken en relatieve voordelen van de gekozen offerte de toegekende scores ondersteunen. Zij heeft aldus haar juridische bezwaren met kennis van zaken kunnen ontwikkelen. Bovendien heeft de verzoekende partij vóór de indiening van het huidige annulatieberoep kennis kunnen nemen van het administratief dossier in het kader van de schorsingsprocedure. 8. Het middel kan niet aangenomen worden. B. Tweede middel 9. In een tweede middel voert de verzoekende partij de schending aan van artikel 4 van de wet van 17 juni 2016 ‘inzake overheidsopdrachten’ (hierna: wet overheidsopdrachten 2016), het grondwettelijk en Europees beginsel van de gelijkheid der inschrijvers, de materiële motiveringsplicht en de zorgvuldigheidsplicht. De verzoekende partij betoogt in dit middel in essentie dat beide inschrijvers niet gelijkwaardig werden behandeld bij de beoordeling van een aantal functionaliteiten. Minstens is de bestreden beslissing niet afdoende gemotiveerd. De verwerende partij is ook de op haar rustende zorgvuldigheidsplicht niet nagekomen. In het middel worden verscheidene beoordelingen van de offertes van de verzoekende partij en de gekozen inschrijver betwist. Uit de toelichting bij het middel kunnen vier onderdelen gedistilleerd worden. 9.1. In een eerste onderdeel voert de verzoekende partij aan dat de aanbestedende overheid verplicht is om vóór de opening van de offertes de beoordelingsmethodiek voor de gunningscriteria vast te stellen, om aldus transparant te handelen en alle ondernemingen gelijk te behandelen. Zo moet uit de beoordelingsmethodiek blijken hoe de tekortkomingen gewaardeerd zullen worden en dus hoeveel punten afgetrokken zullen worden, gelet op de aard en de mate van een tekortkoming. XII-8923-19/51 Te dezen is in het bestek niet bepaald wat bij gunningscriterium 2, ‘demo’, de doorslag geeft bij het besluiten tot de kwalificaties ‘goed’, ‘zeer goed’ of ‘uitstekend’. Er is niet meegedeeld hoeveel punten worden afgetrokken, noch wanneer tot de categorie ‘goed’ wordt besloten. Het is met name niet duidelijk hoeveel punten worden afgetrokken indien geoordeeld wordt, zoals in de voorliggende zaak, dat bepaalde demo-functionaliteiten niet voldoen aan de verwachtingen. De beoordeling van de demo is aldus niet gebaseerd op objectieve criteria die op voorhand transparant zijn gemaakt door de aanbestedende overheid. De verwerende partij beschikt met andere woorden over een willekeurig appreciatievermogen om een doorslaggevend aantal punten of een bepaalde quotering toe te kennen aan één van de subcriteria of gedeelten van dit gunningscriterium. 9.2. In een tweede onderdeel voert de verzoekende partij aan dat de verwerende partij bij de beoordeling op het gunningscriterium 3, ‘totaal van de functionaliteiten op 24 maanden’, geen rekening heeft gehouden met bepaalde opmerkingen of antwoorden in haar BAFO, waardoor zij te weinig punten heeft gekregen. De verzoekende partij dringt aan op een herberekening van de punten voor een aantal functionaliteiten. Met name dient volgens haar de beoordeling inzake de volgende vijf algemene functionaliteiten gecorrigeerd te worden: - functionaliteit 15
  12. b)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, in verband met het weergeven van kaartlagen in verschillende formaten: van 0 naar 1 punt. De verwerende partij veronderstelde dat als onderdeel van de door de verzoekende partij voorgestelde oplossing een eigen WMS [web map services]-server opgezet moest worden. Dit is echter niet het geval, nu de kaartlagen zoals shp en kml enkel geconverteerd moeten worden naar het GeoJSON formaat en zo direct opgeladen kunnen worden. De verzoekende partij merkt bovendien op dat de door haar voorgestelde oplossing uitvoerig werd besproken tijdens de demo, en dat er op dat ogenblik geen opmerking of feedback van de verwerende partij is gekomen; XII-8923-20/51 - functionaliteit 20
  13. f)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, in verband met het gelijktijdig beschikbaar zijn van een persoon in meerdere posten tegelijk: van 2,5 naar 5 punten. De verwerende partij geeft aan deze eis zo gelezen te hebben dat, als een gebruiker meerdere profielen heeft, ook meerdere profielen aangemaakt moeten worden. Volgens de verzoekende partij kan een gebruiker echter één gebruikersaccount hebben met twee persoonsprofielen. Een gebruiker kan dus inloggen als zichzelf met eigen teller enzovoort voor post A en dan wisselen van persoonsprofiel voor post B. Indien dit niet het geval zou zijn, zou haar offerte immers niet voldaan hebben aan het bestek omdat dan ‘single sign-on’ niet meer mogelijk zou zijn, terwijl dit een eis is uit het bestek. Bovendien heeft de verzoekende partij ook aangegeven dat deze eis als extra was gevraagd in de onderhandeling en dat de aangeboden oplossing is uitgewerkt conform wat tijdens de onderhandelingen was besproken. Zij heeft ook aangegeven dat het steeds de verantwoordelijkheid van de gebruiker is om zijn status in de twee posten juist te zetten. Zij concludeert dat haar offerte op dit punt wel volledig voldeed aan het bestek en de gevraagde functionaliteit, en dat haar offerte dus incorrect werd beoordeeld; - functionaliteit 3 f), punt 11, onder ‘gebruikersinterfaces’, in verband met de aanpassing van persoonsgegevens: van 0 naar 0,625 punten. Dit punt 11 bestaat uit zes onderdelen of sub-functionaliteiten (a tot f). De opmerking in het gunningsverslag is terecht, maar zij heeft slechts betrekking op één van die onderdelen, namelijk onderdeel c. De te behalen punten voor een functionaliteit moeten evenredig verdeeld worden over de verschillende onderdelen van de functionaliteit. Bijgevolg moet de offerte van de verzoekende partij voor deze functionaliteit 5/6 van de in totaal te begeven 0,75 punten krijgen, dit wil zeggen 0,625 punten. - functionaliteit 3 f), punt 14, onder ‘gebruikersinterfaces’, in verband met het wisselen van voertuigen: van 0 naar 0,75 punten. Aangezien in het bestek geen eenduidige omschrijving gegeven wordt van wat een “snelle en eenvoudige manier” is om voertuigen te wisselen, werd de offerte van de verzoekende partij op dit punt ten onrechte negatief beoordeeld. De verzoekende partij voert voorts aan dat de “manier waarop dit werkt” al tijdens de demo beoordeeld werd en “hetzelfde criterium” niet binnen twee verschillende gunningscriteria beoordeeld kan worden; - functionaliteit 3
  14. b)onder ‘periferie’, in verband met de outprint van het interventieblad: van 0 naar 1,282 punten. Dit punt 3
  15. b)bestaat uit 13 onderdelen XII-8923-21/51 of sub-functionaliteiten (1 tot 13). De opmerking in het gunningsverslag is terecht, maar zij heeft slechts betrekking op drie van die onderdelen, namelijk de onderdelen 5, 12 en 13. Bijgevolg moet de offerte van de verzoekende partij voor deze functionaliteit 10/13 van de in totaal te begeven 1,6667 punten krijgen, dit wil zeggen 1,282 punten. 9.3. In een derde onderdeel voert de verzoekende partij aan, met betrekking tot de beoordeling van het gunningscriterium 2, ‘demo’, dat in tegenstelling tot wat de bestreden beslissing aangeeft, een aantal functionaliteiten wel volledig werden getoond tijdens de demo. Bijgevolg moet de beoordeling voor die demo-functionaliteiten worden aangepast. Het gaat om de demo-functionaliteiten 21, 31 en 36: - demo-functionaliteit 21, in verband met de voertuigen, met hun actuele status en de tijd waarop ze op die status staan: de “tijd waarop” werd hier beoordeeld als de “tijd hoe lang een voertuig op zijn actuele status staat”. De verzoekende partij heeft getoond wat in het bestek gevraagd werd. De verwerende partij had een andere verwachting, maar er mag enkel worden beoordeeld op basis van “wat er staat en niet wat men er graag had gezet”; - demo-functionaliteit 31, in verband met het persoonsgebonden en postgebonden karakter van de aan personen toe te kennen functies: de verzoekende partij biedt de mogelijkheid om functies persoonsgebonden en postgebonden te maken zoals geëist in het bestek. De verwerende partij verwacht dat per persoon aangegeven kan worden welke functie die persoon per post heeft. Er mag echter enkel worden beoordeeld op basis van “wat er staat en niet wat men er graag had gezet”. Beide hulpverleningszones hebben bovendien personen die in meerdere posten tegelijk werken. De desbetreffende algemene functionaliteit 20
  16. f)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’ is er één met twee sterren en hoeft dus pas te worden opgeleverd 12 maanden na de gunning. Ze kan bijgevolg niet mee beoordeeld worden bij de demo. Het betreft hier een inconsistentie van het bestek, waarmee de beoordelingscommissie rekening had moeten houden. In zoverre de motivering stelt dat de demo-functionaliteit niet werd getoond, is ze niet correct, aangezien die functionaliteit niet mee beoordeeld had mogen worden. De motivering inzake de gebruiksvriendelijkheid, waarbij wordt gesteld dat het anders kan, is wel correct. De verzoekende partij voegt hieraan nog toe dat de beoordeling van de hier bedoelde demo-functionaliteit steunt op de zin (in de beschrijving van de functionaliteit) “de functies zijn persoonsgebonden en XII-8923-22/51 postgebonden”. Het woord “tegelijk” komt in die zin niet voor. Indien dat wel het geval zou zijn geweest, dan zou daaruit een inconsistentie blijken met de voornoemde algemene functionaliteit 20
  17. f)**; - demo-functionaliteit 36, in verband met het zicht op de status van de gebruiker: ook hier heeft de motivering te maken met de algemene functionaliteit 20
  18. f)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, welke er één is met twee sterren en die dus pas hoeft te worden opgeleverd 12 maanden na de gunning en niet mee mag beoordeeld worden bij de demo. Het betreft ook hier een inconsistentie van het bestek. 9.4. In een vierde onderdeel voert de verzoekende partij aan, met betrekking tot de beoordeling van het gunningscriterium 2, ‘demo’, dat in tegenstelling tot wat de bestreden beslissing aangeeft, een aantal demo-functionaliteiten wél gebruiksvriendelijk zijn. Bijgevolg moet de beoordeling voor die functionaliteiten worden aangepast. Het gaat om de demo-functionaliteiten 12 en 25: - demo-functionaliteit 12, in verband met het alarmeren van bepaalde functies binnen één of meer posten: de motivering in het verslag van nazicht is incorrect omdat daarin de gebruiksvriendelijkheid bekeken wordt vanuit het perspectief van de beheerder, terwijl volgens het bestek de gebruiksvriendelijkheid voor de operator moet worden beoordeeld; - demo-functionaliteit 25, in verband met het raadplegen en selecteren van verschillende kaartlagen: ook hier is de motivering in het verslag van nazicht incorrect omdat daarin de gebruiksvriendelijkheid bekeken wordt vanuit het perspectief van de beheerder, terwijl volgens het bestek de gebruiksvriendelijkheid voor de operator moet worden beoordeeld. 10.1. In de memorie van antwoord merkt de verwerende partij in verband met het eerste onderdeel vooreerst op dat voor de beoordeling van de demo de offertes van de indieners op 36 demo-functionaliteiten werden besproken. Wat de offerte van de verzoekende partij betreft, waren er in het verslag van nazicht opmerkingen bij zeven functionaliteiten over het niet kunnen tonen ervan, bij dertien functionaliteiten over een gebrek aan gebruiksvriendelijkheid en bij drie functionaliteiten over een gebrek aan overzichtelijkheid. XII-8923-23/51 De verwerende partij vervolgt: “Gezien de vele bemerkingen bij de demo is het toch niet onlogisch dat de aanbestedende overheid hiervoor niet de beoordeling uitstekend (30 punten) of zeer goed (24 punten) geeft. De eerstvolgende beoordeling is de beoordeling goed (18 punten) dewelke verzoekende partij aldus gekregen heeft. Dit was tevens de minimum score dewelke diende gehaald te worden (60 %). Verwerende partij is de mening toegedaan dat haar beoordeling van de demo van verzoekende partij dan ook geenszins als kennelijk onredelijk kan worden beschouwd en dat de wijze van beoordeling in het kader van gunningscriterium 2 afdoende op voorhand in het bestek beschreven stond.” 10.2. Wat het tweede onderdeel betreft, betwist de verwerende partij dat aan de offerte van de verzoekende partij op de vijf bekritiseerde algemene functionaliteiten hogere punten zouden moeten worden toegekend. Het gaat om functionaliteiten op 24 maanden die wel werden aangeboden, maar die in haar ogen niet voldeden aan de bepalingen van het bestek. De verwerende partij verwijst naar de motivering in bijlage 3 bij het verslag van nazicht en licht deze voor elk van de betrokken functionaliteiten in detail toe. Wat de algemene functionaliteit 15
  19. b)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’ betreft, onderstreept de verwerende partij dat het gebruik van kaartmateriaal voor de brandweer van cruciaal belang is. Het gebruik van kaarten in de formaten kml en shp is bij de verzoekende partij niet mogelijk op de wijze als gevraagd in het bestek. Deze kaarten moeten in haar voorstel immers eerst geconverteerd worden voordat ze gebruikt kunnen worden. Omzetten van kaarten naar een ander formaat impliceert de kans op conversiefouten en bijgevolg op foutieve informatie op het terrein. De verwerende partij betwist ook dat de door de verzoekende partij voorgestelde oplossing zo besproken was in de onderhandelingen en aan bod gekomen is in het antwoord van de verzoekende partij van 23 maart 2020 op de aan haar gestelde vragen. Uit dat antwoord blijkt integendeel dat ze pas in de BAFO een definitief antwoord zou geven. Het is pas via de BAFO dat de verwerende partij kennis gekregen heeft van de door de verzoekende partij aangeboden oplossing. Wat de algemene functionaliteit 20
  20. f)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’ betreft, voert de verwerende partij aan dat de verzoekende partij in haar vragenlijst aangaf dat twee of meer XII-8923-24/51 profielen met elkaar gelinkt zouden worden, waarbij elk profiel een koppeling met een post is, en dat wanneer een persoon wordt opgeroepen voor één post, dit ervoor zal zorgen dat hij of zij niet beschikbaar is voor de andere posten. Volgens de verwerende partij voldoet die oplossing niet volledig aan het bestek. Profielen, dit wil zeggen “wat een persoon allemaal kan”, zijn immers bedoeld voor verschillende personen, terwijl ze in de oplossing van de verzoekende partij worden gebruikt voor een functie. Het koppelen van profielen is minder gebruiksvriendelijk en vraagt meer werk. De kans op fouten wordt groter. Er werd een score van 2,5 op 5 punten toegekend omdat het een oneigenlijk gebruik van de profielen betreft. Wat de algemene functionaliteit 3 f), punt 11, onder ‘gebruikersinterfaces’ betreft, betwist de verwerende partij de stelling van de verzoekende partij volgens welke de puntenbeoordeling opgesplitst dient te worden over de verschillende onderdelen die deze functionaliteit bevat. Het gaat niet om aparte onderdelen. “Het is alles of niets.” Bovendien zijn de tellers heel belangrijk. Terecht werden dan ook geen punten toegekend. Wat de algemene functionaliteit 3 f), punt 14, onder ‘gebruikersinterfaces’ betreft, licht de verwerende partij toe dat de door de verzoekende partij aangeboden oplossing niet voldoet aan het bestek. Tijdens de demo was duidelijk dat een voertuig wel gewisseld kon worden, maar niet op een snelle en eenvoudige wijze, zoals bepaald in het bestek. Het met het voertuig ingezette personeel diende immers één voor één overgezet te worden, terwijl een operator bij interventies daarvoor de tijd niet heeft. Dit is bijvoorbeeld het geval indien een voertuig niet wil starten en het personeel vertrekt met een ander voertuig of indien blijkt dat een ander voertuig meer geschikt is voor de aangegeven situatie. Wat de algemene functionaliteit 3
  21. b)onder ‘periferie’ betreft, voert de verwerende partij aan dat de verzoekende partij in haar ingevulde vragenlijst erkent dat de door haar aangeboden oplossing niet kan voldoen aan drie van de dertien zaken die op het interventieblad afgedrukt moeten worden. Daardoor is het interventieblad onbruikbaar. Het staat niet aan een inschrijver om op eigen houtje te beslissen dat bepaalde zaken afgeprint kunnen worden en XII-8923-25/51 andere niet. Ook hier is het alles of niets. Terecht werden daarom 0 punten toegekend voor deze functionaliteit. 10.3. Wat het derde onderdeel betreft, betwist de verwerende partij de argumentatie van de verzoekende partij volgens welke de demo-functionaliteiten 21, 31 en 36 wél getoond zouden zijn tijdens de demo. Met betrekking tot demo-functionaliteit 21, in verband met de voertuigen, hun actuele status en de tijd waarop ze op die status staan, stelt de verwerende partij dat uit de demo niet kon worden afgeleid hoe lang een voertuig zich reeds in een bepaalde status bevond. Daarom werd geoordeeld dat de functionaliteit niet volledig getoond werd. Het voorstel van de verzoekende partij was bovendien niet gebruiksvriendelijk en te complex, omdat de tijdsduur berekend zou moeten worden door de operator. Met betrekking tot demo-functionaliteit 31, in verband met het persoonsgebonden en postgebonden karakter van de aan personen toe te kennen functies, benadrukt de verwerende partij dat dit wel degelijk een functionaliteit met drie onderstreepte sterren is. Zij moest dus getoond kunnen worden op de demo. Wat de beoordeling van die functionaliteit betreft, geeft zij de volgende uitleg: “Deze functionaliteit is nodig zodat men kan instellen waarvoor een brandweerman/vrouw kan opgeroepen worden, per kazerne waar deze actief is. Een vrijwillige brandweerman/vrouw die tussen twee posten woont kan en mag zich oproepbaar zetten in deze twee kazernes tegelijk. Frontforce heeft deze functionaliteit niet getoond aangezien ze deze functionaliteit niet [had] op het ogenblik van de demo. Bij Frontforce kan men niet oproepbaar zijn in twee posten tegelijk. Bij Frontforce kan men enkel tijdelijk naar een andere kazerne gedetacheerd worden (maar dat is dus niet hetgeen in het bestek gevraagd werd).” Met betrekking tot demo-functionaliteit 36, in verband met het zicht op de status van de gebruiker, merkt de verwerende partij op dat ook deze functionaliteit er een is met drie onderstreepte sterren, en dat die dus op de demo getoond moest kunnen worden. XII-8923-26/51 Voorts licht zij toe dat ook deze functionaliteit ervan uitgaat dat een vrijwillige brandweerman/vrouw zich beschikbaar kan stellen in twee posten, en dat hij of zij zich dus oproepbaar kan zetten in twee posten. De verzoekende partij heeft deze functionaliteit niet volledig getoond, aangezien een brandweerman of -vrouw in haar systeem maar één actieve post kan hebben. 10.4. Wat het vierde onderdeel betreft, betwist de verwerende partij dat de beoordeling van de gebruiksvriendelijkheid van de demo-functionaliteiten 12 en 25 tijdens de demo alleen beoordeeld zou mogen worden vanuit het perspectief van de operator. Een zodanige beperking van de beoordelingsmogelijkheid staat nergens in het bestek. De verwerende partij is de mening toegedaan dat de gebruiksvriendelijkheid beoordeeld dient te worden, niet enkel voor de rol van de operator (dispatcher), maar ook voor alle gebruikersrollen (softwaregebruikers): operator, planner, officier en beheerder. De beoordeling van de gebruiksvriendelijkheid van demo-functionaliteit 12 is gebaseerd op meerdere acties die vooraf uitgevoerd moeten worden door de beheerder. De verwerende partij ziet geen probleem met die beoordeling. De beoordeling van de gebruiksvriendelijkheid van demo-functionaliteit 25 is gebaseerd op het feit dat de kaarten door de beheerder steeds geconverteerd moeten worden, wat maakt dat die functionaliteit minder gebruiksvriendelijk is. Het gebruik van kaarten in de formaten kml en shp is niet mogelijk, hoewel gevraagd in het bestek. Bovendien neemt het converteren tijd in beslag en verhoogt het de kans op fouten. Ook hier ziet de verwerende partij geen probleem met haar beoordeling. 11. In de memorie van wederantwoord gaat de verzoekende partij nader in op de beoordeling van een aantal functionaliteiten. 11.1. Wat het tweede onderdeel betreft, benadrukt zij nogmaals, met betrekking tot de algemene functionaliteit 15
  22. b)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, in verband met het weergeven van kaartlagen in verschillende formaten, dat zij heeft aangegeven in een conversietool te voorzien welke de kaartlagen kml en shp kan weergeven. De XII-8923-27/51 opmerking van de verwerende partij dat er conversiefouten kunnen optreden is volgens de verzoekende partij niet relevant want “deze vallen onder de acceptatie van de software”. Met betrekking tot de algemene functionaliteiten 3 f), punt 11, onder ‘gebruikersinterfaces’, in verband met de aanpassing van persoonsgegevens, en 3
  23. b)onder ‘periferie’, in verband met de outprint van het interventieblad, repliceert de verzoekende partij dat de argumentatie van de verwerende partij volgens welke “de onderverdeling geen aparte onderdelen zijn”, in strijd is met het verslag van de informatievergadering van 16 december 2019, aangezien in het bestek niet expliciet is aangegeven dat dit als één geheel geldt. Met betrekking tot de algemene functionaliteit 3 f), punt 14, onder ‘gebruikersinterfaces’, in verband met het wisselen van voertuigen, merkt de verzoekende partij nog op dat de verwerende partij twee voorbeelden geeft van gevallen waarin een operator niet de tijd heeft om al het personeel één voor één over te zetten, namelijk als een voertuig niet start en als blijkt dat een ander voertuig meer geschikt is voor de aangegeven situatie. Volgens de verzoekende partij kunnen beide gevallen “als zeer sporadisch gekenmerkt worden in geval van dringende interventies, waardoor de operator wel de mogelijkheid heeft om de aanpassing door te voeren in minder dan 20 seconden”. 11.2. Wat het derde onderdeel betreft, herhaalt de verzoekende partij dat zij, in strijd met wat in het verslag van nazicht wordt gesteld, een aantal functionaliteiten wèl getoond heeft tijdens de demo. Zij licht dit thans toe in verband met de drie in het verzoekschrift besproken functionaliteiten (demo-functionaliteiten 21, 31 en 36), en ook in verband met een functionaliteit die zij voor het eerst in de memorie van wederantwoord bespreekt (demo-functionaliteit 7). Wat demo-functionaliteit 21 betreft, benadrukt zij dat de operator hier wel degelijk de actuele voertuigstatus en tijd heeft gezien. Hij kon niet de tijd “hoe lang een voertuig op zijn actuele status staat” zien, maar dat is in de omschrijving van de functionaliteit ook niet gevraagd. De verwerende partij verwijst naar de algemene functionaliteit 12
  24. h)onder ‘cliëntapplicatie voor de XII-8923-28/51 operator en achterliggende motoren’, maar die stemt overeen met een andere demo-functionaliteit, en de beoordeling van de twee functionaliteiten moet dan ook gescheiden zijn. De verwerende partij toont met haar verweer aan dat dit niet is gebeurd. Wat de demo-functionaliteiten 31 en 36 betreft, herhaalt de verzoekende partij dat de verwerende partij ook hier volledig terugvalt op het gelijktijdig beschikbaar zijn in meerdere posten tegelijk. Aangezien dit vereiste – de algemene functionaliteit 20
  25. f)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’ – slechts een vereiste is met twee sterren, kan het niet mee opgenomen worden in de beoordeling onder gunningscriterium 2, ‘demo’. 11.3. Wat het vierde onderdeel betreft, herhaalt de verzoekende partij dat in het verslag van nazicht een aantal functionaliteiten tijdens de demo ten onrechte als niet gebruiksvriendelijk zijn beoordeeld. Zij licht dit thans toe in verband met de twee in het verzoekschrift besproken functionaliteiten (demo-functionaliteiten 12 en 25), en ook in verband met drie functionaliteiten die zij voor het eerst in de memorie van wederantwoord bespreekt (demo-functionaliteiten 13, 19 en 35). Zij voert meer bepaald het volgende aan wat de demo-functionaliteiten 12 en 25 betreft: “• 12 *** Bepaalde functies (specialisaties) binnen één of meerdere posten alarmeren (vooralarm/alarm/einde alarm): Deze functionaliteit betreft slechts 2 acties, waaronder het openen van het scherm en het klikken op de knop. Op het gesprek van 22/06/2020 werd door HVZ Vlaams Brabant West aangegeven dat dit gerelateerd was tot het beheer (maken van de schermen), echter de beoordeling dient te gebeuren onder: ‘De operator kan bij een interventie, al dan niet reeds in uitvoering:’ Hierdoor kan men stellen dat deze beoordeling onterecht is. […] • 25 *** De operator kan verschillende kaartlagen raadplegen en selecteren: De beoordeling is hier gebeurd op basis van de beheerder. Echter de eis stelt hier duidelijk “de operator kan verschillende kaartlagen raadplegen en selecteren.” Dit is dus een foutieve beoordeling op niet opgegeven criteria. XII-8923-29/51 Ook deze functionaliteit werd expliciet beoordeeld op basis van ‘beheerder’ terwijl er in het bestek duidelijk en expliciet staat aangegeven dat dit is als ‘operator’ getoond moest worden. […]” 11.4. De verzoekende partij merkt voorts op dat de beoordeling van het gunningscriterium 2, ‘demo’, volgens het bestek moet gebeuren op basis van het aantal getoonde functionaliteiten, de gebruiksvriendelijkheid en de overzichtelijkheid van de schermen. Zij neemt er akte van dat in verband met de overzichtelijkheid van de schermen in het verslag van nazicht slechts opmerkingen gemaakt worden bij drie van de 36 demo-functionaliteiten, namelijk de demo-functionaliteiten 4, 5 en 32. 11.5. De verzoekende partij concludeert met een herberekening van de scores voor haar offerte op gunningscriterium 2. Zij doet dit, zowel op basis van deelscores voor respectievelijk de getoonde functionaliteiten, de gebruiksvriendelijkheid en de overzichtelijkheid van de schermen, telkens voor de 36 demo-functionaliteiten samen (maximum van 3 x 36 punten), als op basis van een globale beoordeling op de drie voornoemde elementen voor elk van de 36 demo-functionaliteiten afzonderlijk (maximum van 36 punten). Op basis van de eerste berekeningsmethode komt zij tot een score voor haar offerte van 95/108 (88 %), en op basis van de tweede methode tot een score van 26/36 (72 %). Zij besluit dat het resultaat volgens beide berekeningsmethodes is dat de beoordeling ‘zeer goed’ de enig correcte is. 12. In de laatste memorie gaat de verwerende partij in op een aantal onderdelen van het tweede middel. 12.1. Wat het tweede onderdeel betreft, in verband met de betwiste scores voor een aantal algemene functionaliteiten onder het gunningscriterium 3, ‘totaal van de functionaliteiten op 24 maanden’, werpt de verwerende partij op dat de verzoekende partij geen belang heeft bij dit onderdeel. Met betrekking tot de algemene functionaliteit 3 f), punt 11, onder ‘gebruikersinterfaces’, in verband met de aanpassing van persoonsgegevens, kan zij ermee akkoord gaan dat, aangezien in de offerte van de verzoekende partij maar één onderdeel van de zes ontbreekt, haar 0,625 punten XII-8923-30/51 op een totaal van 0,75 punten worden toegekend. De verwerende partij is evenwel van oordeel dat die bijkomende punten geen weerslag hebben op de finale rangschikking van de offertes. Met betrekking tot de algemene functionaliteit 3 f), punt 14, onder ‘gebruikersinterfaces’, in verband met het wisselen van voertuigen, geeft de verwerende partij na nazicht toe dat er een tegenstrijdigheid bestaat tussen de beoordeling van die functionaliteit (0 punten op een maximum van 1 punt, met de volgende motivering: “Tijdens de demo was duidelijk dat een voertuig kon gewisseld worden, maar niet op een snelle wijze”) en de beoordeling van de algemene functionaliteit 12
  26. l)(***) onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’. Die laatste functionaliteit houdt in dat “een operator […] op een snelle en eenvoudige manier een ingezet voertuig [kan] wisselen met een ander voertuig”, en de offerte van de verzoekende partij heeft daarvoor 1 punt op een maximum van 1 punt gekregen. De verwerende partij voert echter aan dat de beoordeling van de algemene functionaliteit 12
  27. l)op een materiële vergissing berust, en dat ook die functionaliteit 0 punten had moeten krijgen. In de offerte van de verzoekende partij stond dat deze functionaliteit in orde was, en daardoor is de score van 1 punt gegeven. Tijdens de demo is evenwel gebleken dat de functionaliteit niet in orde was. De verwerende partij is vergeten de score aan te passen in bijlage 3 bij het verslag van nazicht. Zij wijst erop dat zij zeer duidelijk een negatieve beoordeling heeft gegeven voor demo-functionaliteit 18 (bijlage 1 bij het verslag van nazicht), die overeenstemt met de algemene functionaliteit 12 l). De score voor de algemene functionaliteit 3 f), punt 14, is derhalve correct, en die voor de algemene functionaliteit 12
  28. l)dient gecorrigeerd te worden van 1 punt naar 0 punten. Met betrekking tot de algemene functionaliteit 3
  29. b)onder ‘periferie’, in verband met de outprint van het interventieblad, voert de verwerende partij aan dat de 1,6667 punten voor die functionaliteit niet pro rata verdeeld kunnen worden over de 13 onderdelen ervan, zoals dat eventueel wel kan met andere functionaliteiten die in onderdelen verdeeld zijn. Het gaat om 13 interventiegegevens die op het interventieblad afgedrukt moeten worden. Al die gegevens zijn essentieel voor de goede werking. Doordat te dezen drie belangrijke gegevens ontbreken, is het interventieblad in zijn geheel onbruikbaar. XII-8923-31/51 Aldus kan hier geen correctie van de score (van 0 naar 1,282 op 1,6667 punten) plaatsvinden. Als de grieven van de verzoekende partij al tot wijzigingen in sommige scores zouden moeten leiden, dan zou dit te dezen niet leiden tot een vermeerdering van de punten, maar tot een vermindering ervan. Om die reden heeft de verzoekende partij geen belang bij het onderdeel. 12.2. Wat het derde onderdeel betreft, in verband met de betwiste scores voor een aantal demo-functionaliteiten onder het gunningscriterium 2, ‘demo’, blijft de verwerende partij erbij dat de toegekende scores voor de in het verzoekschrift bestreden beoordelingen correct zijn, en dus niet gecorrigeerd moeten worden. Met betrekking tot demo-functionaliteit 21, in verband met de voertuigen, met hun actuele status en de tijd waarop ze op die status staan, geeft de verwerende partij na nazicht toe dat er een tegenstrijdigheid bestaat tussen de beoordeling van die functionaliteit (“De functionaliteit werd niet volledig getoond. Een dispatcher kan niet zien hoe lang een voertuig reeds in deze status staat”) en die van de algemene functionaliteit 12
  30. h)(***) onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’. Die laatste functionaliteit houdt in dat “[de operator] een overzicht [heeft] van de ingezette voertuigen bij [een] interventie met hun actuele voertuigstatus en de tijd hoe lang men reeds op deze status staat”, en de offerte van de verzoekende partij heeft daarvoor 1 punt op een maximum van 1 punt gekregen. De verwerende partij voert echter aan dat de beoordeling van de algemene functionaliteit 12
  31. h)op een materiële vergissing berust, en dat ook die functionaliteit 0 punten had moeten krijgen. In de offerte van de verzoekende partij stond dat deze functionaliteit in orde was, en daardoor is de score van 1 punt gegeven. Tijdens de demo is evenwel gebleken dat de functionaliteit niet in orde was. De verwerende partij is vergeten de score aan te passen in bijlage 3 bij het verslag van nazicht. Zij wijst erop dat zij zeer duidelijk een negatieve beoordeling heeft gegeven voor de demo-functionaliteiten 14 en 21 (bijlage 1 bij het verslag van nazicht), die overeenstemmen met de algemene functionaliteiten 12
  32. h)en 14 a). De score voor demo-functionaliteit 21 is derhalve correct, en die voor de algemene functionaliteit 12
  33. h)dient gecorrigeerd te worden van 1 punt naar 0 punten. XII-8923-32/51 Met betrekking tot demo-functionaliteit 31, in verband met het persoonsgebonden en postgebonden karakter van de aan personen toe te kennen functies, herhaalt de verwerende partij dat een persoon inzetbaar moet kunnen zijn in meerdere posten tegelijk. Zij stelt dat het bestek in zijn geheel gelezen moet worden en verwijst naar de algemene functionaliteit 20
  34. f)(**) onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’: “Een persoon moet kunnen beschikbaar zijn voor meerdere posten gelijktijdig met eventueel een verschillend beschikbaarheidsniveau. De post waarvoor hij het dringendst nodig is, krijgt voorrang.” Volgens de verwerende partij was de verzoekende partij op de hoogte van het feit dat een persoon gelijktijdig in meerdere posten inzetbaar moest zijn; dat is ook de reden waarom de verzoekende partij in haar BAFO een oplossing probeerde aan te bieden met gekoppelde profielen, waarbij elk profiel een koppeling met een post was. De verwerende partij benadrukt dat in de voornoemde algemene functionaliteit 20
  35. f)bepaald wordt dat een persoon “gelijktijdig” beschikbaar moet kunnen zijn voor verschillende posten. Zij vervolgt: “Wanneer een personeelslid beschikbaar staat, is daar onlosmakelijk mee verbonden dat er ook telkens een functie aan gekoppeld wordt. Het heeft geen zin om iemand zonder functie beschikbaar te stellen. Hieruit volgt dat wanneer er gevraagd wordt dat een persoon gelijktijdig beschikbaar moet kunnen gesteld worden in verschillende posten er ook gelijktijdig aan die persoon verschillende functies per post moeten kunnen gekoppeld worden. Het is essentieel voor de werking van de brandweer dat een personeelslid bepaalde functies heeft in post 1 en niet in post 2.” Er is dus geen aanleiding om de score voor demo-functionaliteit 31 aan te passen. Met betrekking tot demo-functionaliteit 36, in verband met het zicht op de status van de gebruiker, verwijst de verwerende partij naar wat zij over demo-functionaliteit 31 gesteld heeft. Het gaat immers om hetzelfde, maar bij demo-functionaliteit 36 via de app. Er is dus ook geen aanleiding om de score voor demo-functionaliteit 36 aan te passen. 12.3. De verwerende partij besluit dat de beoordeling op gunningscriterium 2, ‘demo’, ongewijzigd dient te blijven, en dat de verzoekende partij een score van 12 punten zal behouden voor gunningscriterium 3, ‘totaal van de functionaliteiten op 24 maanden’, gelet op het feit dat er zelfs twee XII-8923-33/51 bijkomende punten dienen te worden afgetrokken. De verzoekende partij heeft dan ook “geen belang bij het [tweede] middel”. Beoordeling 13. Het eerste, het derde en het vierde onderdeel hebben betrekking op de beoordeling van de offerte van de verzoekende partij op het gunningscriterium 2, ‘demo’ (30 punten); het tweede onderdeel heeft betrekking op de beoordeling op het gunningscriterium 3, ‘totaal van de functionaliteiten op 24 maanden’ (20 punten). Het past te dezen te beginnen met het onderzoek van de onderdelen die betrekking hebben op de demo. Eerste onderdeel 14. In het eerste onderdeel voert de verzoekende partij in essentie aan dat de beoordelingsmethode voor gunningscriterium 2, ‘demo’, niet transparant is. De offerte van de verzoekende partij haalt op dit gunningscriterium een score van 18/30 (“goed”), en die van de gekozen inschrijver een score van 30/30 (“uitstekend”). De verzoekende partij voert aan dat de criteria voor het toekennen van de scores ‘goed’ (18 punten op 30), ‘zeer goed’ (24 punten) en ‘uitstekend’ (30 punten) vooraf niet bepaald waren. 15. Bij de beoordeling van de offertes dient een aanbestedende overheid elke offerte te vergelijken met elk van de andere offertes en tot een rangschikking van de offertes te komen rekening houdend met de voor- en nadelen van elke offerte ten opzichte van en in verhouding tot elk van de andere offertes. De aanbestedende overheid beschikt daarbij over een bepaalde beoordelingsruimte. Bij de toetsing van de offertes dient niet alles op voorhand te worden vastgelegd in rigide schema’s, bindende parameters en vooraf vastgestelde bepaalde vermeerderingen en verminderingen in quotering. XII-8923-34/51 16. Te dezen blijkt uit de omschrijving van het gunningscriterium 2, ‘demo’, dat de beoordeling gebeurt volgens een ordinale beoordelingsschaal gaande van “zeer slecht” over “slecht”, “matig”, “goed” en “zeer goed” tot “uitstekend” waaraan een puntenquotering wordt gekoppeld van respectievelijk 0, 6, 12, 18, 24 en 30 (op 30 punten). De beoordeling gebeurt op basis van het aantal werkende functionaliteiten die getoond moeten worden op de demo – er zijn 36 te tonen demo-functionaliteiten, alle aangeduid met drie onderstreepte sterren (***), de gebruiksvriendelijkheid ervan, “bv. werken met slepen en droppen in plaats van veel moeten klikken”, en de overzichtelijkheid van de schermen. Op grond van de aldus in het bestek omschreven beoordelingsmethode, kon een inschrijver zich eraan verwachten dat het niet of slechts gedeeltelijk tonen van meerdere van die 36 demo-functionaliteiten en een mindere gebruiksvriendelijkheid van een demo-functionaliteit aanleiding zouden geven tot een minder goede globale beoordeling. Logischerwijze bepalen het aantal en de aard van de opmerkingen dan wat de globale beoordeling zal zijn. Het gegeven dat het bestek niet voorafgaandelijk exact aangaf hoeveel punten afgetrokken zouden worden voor het niet volledig kunnen tonen van een demo-functionaliteit of voor een tekortkoming inzake de gebruiksvriendelijkheid van een demo-functionaliteit, en dat het de globale beoordelingsschaal niet koppelde aan een welbepaald aantal niet getoonde of niet gebruiksvriendelijke demo-functionaliteiten, is niet van aard om te besluiten dat de verwerende partij aldus zou beschikken over een willekeurig appreciatievermogen bij de toekenning van de punten. De verzoekende partij toont dan ook niet aan dat een beoordelingsmethodiek is gehanteerd die niet vooraf, vóór de opening van de offertes, zou zijn vastgesteld. 17. Het voorgaande brengt ook mee dat uit het enkele feit dat voor de beoordeling van de 36 demo-functionaliteiten een globale beoordeling werd toegekend, evenmin kan worden afgeleid dat de verwerende partij in feite een willekeurige beoordeling zou hebben uitgevoerd. XII-8923-35/51 De vraag of de motieven in bijlage 1 bij het verslag van nazicht deugdelijk zijn en of de verwerende partij op grond daarvan in redelijkheid kon besluiten tot de toegekende globale beoordeling van de offerte van de verzoekende partij op gunningscriterium 2, ‘demo’, maakt het voorwerp uit van het derde en het vierde onderdeel. 18. Het eerste onderdeel kan niet aangenomen worden. Derde onderdeel 19. Het derde onderdeel is eveneens gericht tegen de beoordeling van het gunningscriterium 2, ‘demo’, en meer bepaald tegen een aantal opmerkingen volgens welke bepaalde demo-functionaliteiten niet of niet volledig getoond zouden zijn. In haar inleidend verzoekschrift heeft de verzoekende partij het over de beoordeling van de demo-functionaliteiten 21, 31 en 36 (bijlage 1 bij het verslag van nazicht); in haar memorie van wederantwoord heeft zij het ook over de beoordeling van demo-functionaliteit 7. Volgens de verzoekende partij werden de bedoelde demo-functionaliteiten wel getoond. Inzake de demo-functionaliteiten 31 en 36 voert zij subsidiair aan dat het tonen ervan tijdens de demo niet gevraagd mocht worden. De beoordeling van de vier demo-functionaliteiten zou dus aangepast moeten worden. 20. In zoverre de verzoekende partij voor het eerst in haar memorie van wederantwoord kritiek uitoefent op de beoordeling van demo-functionaliteit 7, is haar grief niet ontvankelijk. De Raad ziet immers niet in waarom zij deze kritiek niet reeds in haar inleidend verzoekschrift had kunnen ontwikkelen. De Raad van State beperkt zich dan ook tot een onderzoek van de grieven gericht tegen de beoordeling van de drie demo-functionaliteiten 21, 31 en 36. Demo-functionaliteit 21 XII-8923-36/51 21. Demo-functionaliteit 21, overeenstemmend met de algemene functionaliteit 14
  36. a)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, wordt omschreven als volgt: “[De operator heeft via algemene dashboards zicht op:] *** Alle voertuigen met hun actuele voertuigstatus en de tijd waarop ze op deze status staan. Van daaruit kan ook geklikt worden naar de desbetreffende gekoppelde interventie.” De algemene functionaliteit 23
  37. d)(***) onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’ somt 12 statussen op waarin een voertuig zich kan bevinden: op standplaats, gealarmeerd, uitgerukt, ter plaatse, naar bestemming, op bestemming, naar standplaats, naar standplaats - niet beschikbaar, onbeschikbaar (tijdelijk), onbeschikbaar door gebrek aan personeel, buiten dienst, ingezet maar niet op interventie. Bijlage 1 bij het verslag van nazicht bevat de volgende beoordeling van demo-functionaliteit 21: “De functionaliteit werd niet volledig getoond. Een dispatcher kan niet zien hoe lang een voertuig reeds in deze status staat.” 22. De verzoekende partij voert aan dat uit de omschrijving van demo-functionaliteit 21 niet blijkt dat ook getoond zou moeten worden hoe lang een voertuig reeds in zijn actuele status staat. Zij benadrukt dat in de omschrijving de woorden “de tijd waarop” worden gebruikt. De verwerende partij voert aan dat wel degelijk getoond moest worden hoe lang een voertuig reeds in zijn actuele status staat. Dit blijkt uit de algemene functionaliteit 12
  38. h)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’. Die functionaliteit, die aangemerkt is als een minimumeis en die overeenstemt met demo-functionaliteit 14, wordt omschreven als volgt: “*** (De operator) heeft een overzicht van de ingezette voertuigen bij deze interventie met hun actuele voertuigstatus en de tijd hoe lang men reeds op deze status staat.” XII-8923-37/51 Deze demo-functionaliteit 14 kreeg onder gunningscriterium 2 eveneens een negatieve beoordeling: “De functionaliteit werd niet volledig getoond. De gebruiksvriendelijkheid kan beter. Een dispatcher kan niet zien hoe lang een voertuig reeds in deze status staat maar dient dit zelf uit te rekenen.” Demo-functionaliteit 21 heeft betrekking op alle voertuigen, terwijl demo-functionaliteit 14 betrekking heeft op de voertuigen die bij een bepaalde interventie betrokken zijn. Voor beide functionaliteiten moet de actuele voertuigstatus zichtbaar zijn. Er is ook een verband tussen beide functionaliteiten: onder demo-functionaliteit 21 wordt bepaald dat vanuit die functionaliteit geklikt kan worden naar de desbetreffende gekoppelde interventie. Wat dan zichtbaar wordt, is hetgeen zichtbaar moet zijn onder demo-functionaliteit 14. Afgezien van de voertuigen waarop de demo-functionaliteiten 14 en 21 betrekking hebben, gaat het bij beide functionaliteiten om hetzelfde, namelijk de actuele voertuigstatus. Bijgevolg is het niet onredelijk vanwege de verwerende partij om in demo-functionaliteit 21 aan de woorden “de tijd waarop [de voertuigen] op deze status staan” te interpreteren zoals in demo-functionaliteit 14, namelijk als “de tijd hoe lang [een voertuig] reeds op deze status staat”. Gelet op de samenhang tussen de twee demo-functionaliteiten, was dit ook voor de verzoekende partij voorzienbaar. Nu de tijd hoe lang een voertuig op zijn actuele status staat, niet zichtbaar was tijdens de demo, kon de verwerende partij besluiten dat demo-functionaliteit 21 er niet volledig getoond werd. 23. In haar laatste memorie erkent de verwerende partij dat de beoordeling van de algemene functionaliteit 12
  39. h)onder gunningscriterium 3 afgestemd had moeten worden op de negatieve beoordeling die onder gunningscriterium 2 aan de daarmee overeenstemmende demo-functionaliteit 14 en aan de daarmee verbonden demo-functionaliteit 21 is gegeven. De verwerende partij wijt de vergissing aan een vergetelheid (zie overweging 12.2). XII-8923-38/51 De uitleg van de verwerende partij komt als plausibel over. De uit de voormelde vergissing voortvloeiende tegenstrijdigheid tussen de beoordelingen van dezelfde functionaliteit onder de gunningscriteria 2 (demo) en 3 (totaal van de functionaliteiten op 24 maanden), is dan ook niet van aard om de deugdelijkheid van die beoordelingen op de helling te zetten. 24. De grief kan niet aangenomen worden. Demo-functionaliteit 31 25. Demo-functionaliteit 31, overeenstemmend met de algemene functionaliteit 21
  40. a)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, wordt omschreven als volgt: “Functies: *** De functies worden toegekend aan personen, in functie van scholing (intern en/of extern). Een persoon kan inzetbaar zijn in meerdere posten. De functies zijn én persoonsgebonden én postgebonden. Bijvoorbeeld persoon is chauffeur tankwagen in post 1, maar niet noodzakelijk ook in post 2.” Bijlage 1 bij het verslag van nazicht bevat de volgende beoordeling van deze functionaliteit: “De functionaliteit werd niet volledig getoond. De gebruiksvriendelijkheid kan beter. Een persoon kan gedetacheerd worden naar een post maar is niet inzetbaar in twee posten tegelijk. Functies moeten verschillend kunnen zijn per post voor de gedetacheerde persoon. Werken met functies per post is niet realistisch. Beide zones beschikken over personeelsleden die in twee posten oproepbaar zijn. Dit is een probleem voor de inzetbaarheid van het personeel.” 26. De verzoekende partij voert in de eerste plaats aan dat haar oplossing wel degelijk voorziet in de mogelijkheid om functies persoonsgebonden en postgebonden te maken, zoals bepaald in de omschrijving van de demo-functionaliteit. Volgens haar vereist het bestek niet dat per persoon aangegeven wordt voor welke posten en met welke functies hij of zij tegelijk inzetbaar is. XII-8923-39/51 In de omschrijving van de demo-functionaliteit is sprake van de inzetbaarheid van een persoon in meerdere posten, eventueel voor functies die voor de betrokken posten verschillend zijn. De verwerende partij legt uit dat dit betekent dat een brandweerman die zich oproepbaar zet voor twee kazernes, dat voor elk van die twee posten tegelijk moet kunnen doen. Zij verwijst ook naar de algemene functionaliteit 20
  41. f)onder “cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren”, waarin wordt bepaald dat een persoon beschikbaar moet kunnen zijn “voor meerdere posten gelijktijdig met eventueel een verschillend beschikbaarheidsniveau”. Wanneer een brandweerman of -vrouw zich oproepbaar gesteld heeft voor twee posten, moet hij of zij ook effectief opgeroepen kunnen worden voor de ene of de andere van die posten. Die interpretatie komt de Raad van State voor als zijnde geheel in overeenstemming met de tekst van de betrokken besteksbepaling en met het doel dat wordt nagestreefd met het voorzien in de mogelijkheid voor een bepaalde persoon om inzetbaar te zijn in twee posten, namelijk het zo efficiënt mogelijk inzetten van brandweerlieden in de ene of de andere post. Volgens de verwerende partij was het in de oplossing van de verzoekende partij niet mogelijk dat een persoon “tegelijk” in meerdere posten oproepbaar was, aangezien haar voorstel enkel voorzag in de mogelijkheid om tijdelijk gedetacheerd te worden naar een andere kazerne. De verzoekende partij betwist niet dat haar voorstel niet beantwoordde aan de verwachting van de verwerende partij, zoals hiervoor toegelicht. De verwerende partij kon dus in redelijkheid aannemen dat de verzoekende partij demo-functionaliteit 31 tijdens de demo niet volledig getoond heeft. 27. Subsidiair voert de verzoekende partij aan dat demo-functionaliteit 31 van de specifieke lijst verbonden is met de hiervoor genoemde algemene functionaliteit 20
  42. f)onder “cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren”. Die laatste functionaliteit is echter aangeduid met twee sterren, hetgeen betekent dat zij maar opgeleverd moet worden 12 maanden na de gunning van de opdracht. Volgens de verzoekende partij mocht demo-functionaliteit 31 aldus niet opgenomen worden onder de functionaliteiten XII-8923-40/51 die al tijdens de demo getoond moesten worden, en mocht haar demo dan ook niet op die functionaliteit beoordeeld worden. De algemene functionaliteit 20 onder “cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren” heeft, blijkens het opschrift ervan, betrekking op de “beschikbaarheidsniveaus”. Sub-functionaliteit 20
  43. f)bestaat erin, zoals hiervoor is opgemerkt, dat een persoon beschikbaar moet kunnen zijn “voor meerdere posten gelijktijdig met eventueel een verschillend beschikbaarheidsniveau”. Demo-functionaliteit 31 stemt echter overeen met de algemene functionaliteit 21
  44. a)onder “cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren”. De algemene functionaliteit 21 heeft, blijkens het opschrift ervan, betrekking op de “functies” die aan een persoon toegekend worden. Sub-functionaliteit 21
  45. a)bepaalt onder meer, zoals hiervoor is weergegeven, dat een persoon inzetbaar kan zijn in meerdere posten, en dat de hem of haar toegekende functies niet enkel persoonsgebonden, maar ook postgebonden zijn, dit wil zeggen dat zij per post verschillend kunnen zijn. De algemene functionaliteit 20
  46. f)is aangeduid met twee sterren. Zoals de verzoekende partij terecht aanvoert, betekent dit dat die functionaliteit pas opgeleverd moet worden 12 maanden na de gunning van de opdracht. Functionaliteit 21
  47. a)daarentegen is aangeduid met drie onderstreepte sterren, hetgeen betekent dat zij reeds tijdens de demo getoond moet worden; daaraan beantwoordt dan ook demo-functionaliteit 31. Anders dan de verzoekende partij aanvoert, zijn de verschillende sterren voor die twee algemene functionaliteiten niet onderling tegenstrijdig. De beschikbaarheidsniveaus hebben te maken met de “opkomsttijd” van de betrokkene na een alarmering (zie de omschrijving van functionaliteit 20 a)); de functies hebben te maken met de taken die de betrokkene, in functie van zijn of haar scholing, kan vervullen (zie de omschrijving van functionaliteit 21 a)). Ook al bestaan de beschikbaarheidsniveaus en de functies steeds met betrekking tot een welbepaalde persoon, niets belet dat de functies reeds tijdens de demo getoond moeten worden, terwijl de beschikbaarheidsniveaus pas later operationeel moeten zijn. XII-8923-41/51 De algemene functionaliteit 21
  48. a)kon dan ook wettig opgenomen worden voor een beoordeling tijdens de demo, als demo-functionaliteit 31. 28. De grief kan niet aangenomen worden. Demo-functionaliteit 36 29. Demo-functionaliteit 36, overeenstemmend met de algemene functionaliteit 2
  49. b)onder ‘gebruikersinterfaces’, wordt omschreven als volgt: “[App:] *** De gebruiker heeft bij het openen van de app duidelijk een zicht op zijn huidige status, actieve post(
  50. en)en hoe lang deze status volgens de planning nog loopt. Hij krijgt ook te zien wat zijn volgende status volgens de planning is en vanaf welk uur.” Bijlage 1 bij het verslag van nazicht bevat de volgende beoordeling van deze functionaliteit: XII-8923-42/51 “De functionaliteit werd niet volledig getoond. Het is niet mogelijk om zich gelijktijdig voor meer dan één post beschikbaar te zetten.” 30. In zoverre de verzoekende partij aanvoert dat demo-functionaliteit 36 niet vereist dat aangegeven wordt voor welke posten een persoon zich “gelijktijdig” beschikbaar stelt, merkt de Raad van State op dat die functionaliteit onder meer inhoudt dat de gebruiker bij het openen van de app een zicht moet hebben op zijn “actieve post(en)”. Het gebruik van het meervoud duidt erop dat dit eventueel meerdere posten zijn, met name wanneer de betrokkene zich voor meerdere posten oproepbaar heeft gesteld. Voor het overige verwijst de Raad van State naar de bespreking van de gelijkaardige grief in verband met demo-functionaliteit 31 (overweging 26, hiervoor). Zoals de verwerende partij aangeeft, gaat het in de demo-functionaliteiten 31 en 36 immers in wezen om hetzelfde inhoudelijke vereiste. Het enige verschil is de wijze van toegang tot de betrokken gegevens. Bij demo-functionaliteit 36 gaat het om een toegang via de app. De verwerende partij kon dus in redelijkheid aannemen dat de verzoekende partij demo-functionaliteit 36 tijdens de demo niet volledig getoond had. 31. In zoverre de verzoekende partij subsidiair aanvoert dat demo-functionaliteit 36 verbonden is met de hiervoor genoemde algemene functionaliteit 20
  51. f)onder “cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren”, en dat demo-functionaliteit 36 niet opgenomen mocht worden onder de functionaliteiten die al tijdens de demo getoond moesten worden, komt haar grief overeen met die welke zij met betrekking tot demo-functionaliteit 31 heeft aangevoerd (overweging 27, hiervoor). In dit verband merkt de Raad van State vooreerst op dat demo-functionaliteit 36 overeenstemt met de algemene functionaliteit 2
  52. b)onder “gebruikersinterfaces”. Zoals hiervoor is weergegeven, bepaalt die functionaliteit onder meer dat de gebruiker bij het openen van de app een zicht moet hebben op zijn “actieve post(en)”. XII-8923-43/51 De algemene functionaliteit 2
  53. b)is aangeduid met drie onderstreepte sterren, hetgeen betekent dat zij reeds tijdens de demo getoond moet worden; daaraan beantwoordt dan ook demo-functionaliteit 36. Voor het overige verwijst de Raad van State naar de bespreking van de gelijkaardige grief in verband met demo-functionaliteit 31 (overweging 27, hiervoor). Om de aldaar aangehaalde redenen, mutatis mutandis, is er geen tegenstrijdigheid tussen de sterren voor de respectieve algemene functionaliteiten 20
  54. f)(twee sterren) en 2
  55. b)(drie onderstreepte sterren), en kon de algemene functionaliteit 2
  56. b)wettig opgenomen worden voor een beoordeling tijdens de demo, als demo-functionaliteit 31. 32. De grief kan niet aangenomen worden. Conclusie 33. In zoverre het onderdeel ontvankelijk is, kan het als geheel niet aangenomen worden. Vierde onderdeel 34. Het vierde onderdeel is eveneens gericht tegen de beoordeling van het gunningscriterium 2, ‘demo’, maar dan meer bepaald tegen een aantal opmerkingen volgens welke bepaalde demo-functionaliteiten niet of minder gebruiksvriendelijk zouden zijn. In haar inleidend verzoekschrift heeft de verzoekende partij het over de beoordeling van de demo-functionaliteiten 12 en 25; in haar memorie van wederantwoord heeft zij het ook over de beoordeling van de demo-functionaliteiten 13, 19 en 35. Volgens de verzoekende partij zijn de demo-functionaliteiten 12, 13 en 25 vanuit een verkeerd perspectief beoordeeld, en is de beoordeling zelf van de demo-functionaliteiten 19 en 35 verkeerd. De beoordeling van de vijf demo-functionaliteiten zou dus moeten worden aangepast. XII-8923-44/51 35. In zoverre de verzoekende partij voor het eerst in haar memorie van wederantwoord kritiek oefent op de beoordeling van de demo-functionaliteiten 13, 19 en 35, is haar grief niet ontvankelijk. Het blijkt immers niet dat zij deze kritiek niet reeds in haar inleidend verzoekschrift had kunnen ontwikkelen. De Raad van State beperkt zich dan ook tot een onderzoek van de grieven gericht tegen de beoordeling van de twee demo-functionaliteiten 12 en 25. Demo-functionaliteit 12 36. Demo-functionaliteit 12, overeenstemmend met de algemene functionaliteit 12
  57. e)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, wordt omschreven als volgt: “[De operator kan bij een interventie, al dan niet reeds in uitvoering:] *** Bepaalde functies (specialisaties) binnen één of meerdere posten alarmeren (vooralarm/alarm/einde alarm).” Bijlage 1 bij het verslag van nazicht bevat de volgende beoordeling van demo-functionaliteit 12: “De functionaliteit werd volledig getoond. De gebruiksvriendelijkheid kan beter, het vergde te veel handelingen.” 37. De verzoekende partij voert aan dat de beoordeling betrekking blijkt te hebben op de gebruiksvriendelijkheid van de functionaliteit voor de beheerder, die in het bijzonder de schermen moet aanmaken. Uit de omschrijving van de functionaliteit volgt echter, volgens de verzoekende partij, dat de gebruiksvriendelijkheid beoordeeld moet worden vanuit het perspectief van de “operator … bij een interventie”, niet vanuit het perspectief van de beheerder. Zoals de verwerende partij aangeeft, wordt de gebruiksvriendelijkheid, als één van de elementen op basis waarvan de offerte op gunningscriterium 2 wordt beoordeeld, in het bestek omschreven als volgt: “De gebruiksvriendelijkheid, bv. werken met slepen en droppen in plaats van veel moeten klikken.” Uit die algemene omschrijving kan niet afgeleid worden dat de XII-8923-45/51 gebruiksvriendelijkheid enkel vanuit het standpunt van de operator beoordeeld zou mogen worden. De verwerende partij legt voorts uit dat de gebruiksvriendelijkheid net niet beoordeeld moet worden vanuit het enkele gezichtspunt van de “operator (dispatcher)”, maar dat de rollen van alle gebruikers van de software in aanmerking genomen moeten worden, dit wil zeggen die van “operator, planner, officier en beheerder”. De Raad van State acht die uitleg niet onredelijk. Integendeel, het komt hem logisch voor dat bij de beoordeling van de gebruiksvriendelijkheid ook de handelingen in rekening gebracht worden die moeten gebeuren vooraleer de operator of dispatcher de functionaliteit kan gebruiken, ook al betreft het acties uit te voeren door andere gebruikers. De omstandigheid dat in demo-functionaliteit 12 sprake is van handelingen die de operator stelt, namelijk het alarmeren van bepaalde functies binnen één of meer posten, belet derhalve niet dat voor de beoordeling van de gebruiksvriendelijkheid van het voorstel van de verzoekende partij ook rekening wordt gehouden met voorafgaande handelingen van andere gebruikers, meer bepaald van de beheerder. 38. De grief kan niet aangenomen worden. Demo-functionaliteit 25 39. Demo-functionaliteit 25, overeenstemmend met de algemene functionaliteit 15
  58. e)onder ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, wordt omschreven als volgt: “[De operator heeft steeds duidelijk zicht op de GIS-tool:] *** De operator kan verschillende kaartlagen raadplegen en selecteren: 1. de eigen posten en die van de andere zones 2. ziekenhuizen 3. interventies lopende 4. interventies in wachtrij 5. hydranten 6. pijpleidingen 7. hoogspanningspylonen 8. voertuigen met track-and-trace XII-8923-46/51 9. …” Bijlage 1 bij het verslag van nazicht bevat de volgende beoordeling van demo-functionaliteit 25: “De functionaliteit werd volledig getoond. De gebruiksvriendelijkheid kan beter. Veel gebruikte kaarten moeten eerst omgezet worden. Dit vraagt meer werk aangezien veel kaarten periodiek (trimestrieel) vernieuwd worden.” 40. Ook in verband met deze functionaliteit voert de verzoekende partij aan dat de beoordeling betrekking blijkt te hebben op de gebruiksvriendelijkheid van de functionaliteit voor de beheerder, die periodiek (bijvoorbeeld per trimester) de kaarten aanpast. Uit de omschrijving van de functionaliteit volgt echter, volgens de verzoekende partij, dat de gebruiksvriendelijkheid beoordeeld moet worden vanuit het perspectief van de “operator”, niet vanuit het perspectief van de beheerder. In verband met de mogelijkheid voor de verwerende partij om het gezichtspunt van de beheerder in aanmerking te nemen, verwijst de Raad van State naar zijn onderzoek van de gelijkaardige grief met betrekking tot demo-functionaliteit 12 (overweging 37, hiervoor). Voor het overige merkt de Raad op dat, specifiek met betrekking tot demo-functionaliteit 25, de verwerende partij erop wijst dat het gebruik van kaarten in de formaten kml en shp niet mogelijk is in het voorstel van de verzoekende partij. Volgens de verwerende partij moet de beheerder de kaarten dan ook periodiek converteren. De Raad van State is van oordeel dat de verwerende partij uit die vaststelling in redelijkheid kon afleiden dat de gebruiksvriendelijkheid van de betrokken functionaliteit beter kon. 41. De grief kan niet aangenomen worden. Conclusie 42. In zoverre het onderdeel ontvankelijk is, kan het als geheel niet aangenomen worden. XII-8923-47/51 Tweede onderdeel 43. Het tweede onderdeel is gericht tegen de beoordeling van de offerte van de verzoekende partij op gunningscriterium 3, ‘totaal van de functionaliteiten op 24 maanden’. De verzoekende partij betwist de scores voor vijf algemene functionaliteiten binnen de categorieën ‘cliëntapplicatie voor de operator en achterliggende motoren’, ‘gebruikersinterfaces’ en ‘periferie’ (bijlage 3 bij het verslag van nazicht). Het gaat om functionaliteiten die in de offerte van de verzoekende partij worden aangeboden, maar die volgens de verwerende partij “niet in orde” zijn (kleur rood). 44. De vraag rijst of dit onderdeel ontvankelijk is. In het licht van de verwerping van het eerste, het derde en het vierde onderdeel van het tweede middel, rijst meer bepaald de vraag of de verzoekende partij nog een belang heeft bij het tweede onderdeel. 45. Uit het verslag van nazicht van de offertes blijkt dat de offerte van de verzoekende partij op de vier gunningscriteria samen 80/100 behaalt, en die van de gekozen inschrijver 87,11/100. Uit bijlage 3 bij dat verslag blijkt dat de offerte van de verzoekende partij op gunningscriterium 3 een totaal van 207,08333 punten (op 240) behaalt, hetgeen zich vertaalt in een score van 12/20. Uit bijlage 4 bij het verslag van nazicht blijkt dat de offerte van de gekozen inschrijver op gunningscriterium 3 een totaal van 239 punten behaalt, hetgeen zich vertaalt in een score van 20/20. Voor de vijf algemene functionaliteiten die het voorwerp van het tweede onderdeel uitmaken, zijn de maximumscores en de scores voor de verzoekende partij als volgt (zie bijlage 3 bij het verslag van nazicht): Functionaliteit Maximum Verzoekende partij GIS-tool (‘cliëntapplicatie voor de operator en 1 0 achterliggende motoren’, 15 b)) Beschikbaarheidsniveau (‘cliëntapplicatie voor de 5 2,5 operator en achterliggende motoren’, 20 f)) Aanpassing persoonsgegevens (‘gebruikersinterfaces’, 0,75 0 XII-8923-48/51 3 f), 11) Wisselen voertuigen (‘gebruikersinterfaces’, 3 f), 14) 0,75 0 Interventieblad (‘periferie’, 3 b)) 1,6667 0 Totaal voor de vijf functionaliteiten 9,1667 2,5 Indien alle grieven van het tweede onderdeel gegrond zouden zijn, en indien de offerte van de verzoekende partij ten gevolge daarvan voor elk van de vijf in dat onderdeel bedoelde algemene functionaliteiten de maximumscore zou behalen, dit wil zeggen in totaal 9,16667 punten, zou het verschil met de effectief behaalde score voor die vijf functionaliteiten 6,6667 punten bedragen (9,16667 - 2,5). In totaal zou de offerte van de verzoekende partij op gunningscriterium 3 dan 213,75003 punten behalen (207,08333 + 6,6667), hetgeen zich zou vertalen in een score van 16/20. Het verschil met de effectief behaalde score op gunningscriterium 3 zou aldus 4 punten bedragen (16 - 12). Dat verschil zou echter niet volstaan om het verschil te overbruggen tussen de eindscores van de twee offertes op de vier gunningscriteria samen, zijnde 7,11 punten (87,11 - 80). 46. Nu een herbeoordeling van de offerte van de verzoekende partij, als gevolg van het per hypothese gegrond bevinden van de grieven opgeworpen in het tweede onderdeel, niet leidt tot het overbruggen van het totale puntenverschil tussen de offerte van de gekozen inschrijver en die van de verzoekende partij, heeft de verzoekende partij geen belang meer bij dat onderdeel. Het onderdeel is derhalve onontvankelijk. V. Verzoek tot schadevergoeding tot herstel 47. De verzoekende partij vordert een ‘schadevergoeding tot herstel’. 48. Artikel 25/3, § 3, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van XII-8923-49/51 de Raad van State’ (hierna: het algemeen procedurereglement) bepaalt dat “[i]ndien geen onwettigheid wordt vastgesteld, […] het arrest dat de procedure tot nietigverklaring afsluit, eveneens het verzoek om schadevergoeding tot herstel af[wijst]”. De Raad van State stelt te dezen geen onwettigheid vast. Bijgevolg dient het verzoek om schadevergoeding te worden verworpen. Gelet op artikel 70, § 1, vijfde lid, van het algemeen procedurereglement, dient het rolrecht dat verband houdt met het verzoek tot schadevergoeding aan de verzoekende partij te worden terugbetaald. BESLISSING 1. De Raad van State verwerpt het beroep. 2. De Raad van State verwerpt het verzoek tot het verkrijgen van een schadevergoeding tot herstel. 3. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij. 4. Het onverschuldigde recht in verband met het verzoek tot, schadevergoeding tot herstel, begroot op 224 euro, dient aan de verzoekende partij te worden terugbetaald. XII-8923-50/51 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negen oktober tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Paul Lemmens, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Patricia De Somere, staatsraad, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Paul Lemmens XII-8923-51/51 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.567 Gerelateerde publicatie(
  59. s)voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2020:ARR.248.080 citeert: ECLI:BE:CASS:2003:ARR.20030925.5 ECLI:BE:CASS:2015:ARR.20151012.1 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.