id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 26 oktober 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.733 Rolnummer: A. 238342/VII-41903 Zaak: Arrest 257733 - Natuurbehoud - Vergunningen - 26/10/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-11-09 Raadplegingen: 93 - laatst gezien 2026-06-10 14:47 Fiche Arrest nr 257.733 van 26 oktober 2023 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Natuurbehoud - Vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 257.733 van 26 oktober 2023 in de zaak A. 238.342/VII-41.903 In zake : Maria BEIRINCKX woonplaats kiezend te 2222 Wiekevorst Heerweg 46 tegen : het VLAAMSE GEWEST -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 14 januari 2023, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van het Agentschap voor Natuur en Bos van 16 november 2022 tot weigering van het verzoek tot ontheffing van het verbod op ontbossing met betrekking tot een perceel gelegen te Heist-op-den-Berg, met kadastraal kenmerk 12039C0245/00B
- II. Verloop van de rechtspleging
- Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft op 11 mei 2023 een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ (hierna: algemeen procedurereglement). De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 oktober
- VII-41.903-1/4 Staatsraad Peter Sourbron heeft verslag uitgebracht. Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- Op 15 oktober 2022 dient verzoekster een aanvraag in voor het verkrijgen van een ontheffing van het verbod op ontbossing van een perceel gelegen te Heist-op-den-Berg. 3.
- Met de thans bestreden beslissing weigert het Agentschap voor Natuur en Bos de gevaagde ontheffing. IV. Ontvankelijkheid van het beroep Ambtshalve exceptie
- Artikel 2, § 1, 3°, van het algemeen procedurereglement vereist dat het verzoekschrift tot nietigverklaring “een uiteenzetting van de feiten en de middelen” bevat. Onder middel in de zin van voormelde bepaling wordt verstaan: een voldoende duidelijke omschrijving van de rechtsregel of het rechtsbeginsel waarvan de schending wordt ingeroepen, alsook van de wijze waarop die rechtsregel of dat rechtsbeginsel door de bestreden beslissing wordt geschonden. VII-41.903-2/4 Opdat een door haar aangevoerd middel ontvankelijk zou zijn, dient een verzoekende partij niet alleen duidelijk te maken welke rechtsregel of welk rechtsbeginsel zij geschonden acht, maar ook op welke wijze, naar haar oordeel, die rechtsregel of dat rechtsbeginsel door de bestreden beslissing wordt miskend. Het verzoekschrift dient ten minste één ontvankelijk middel te bevatten. Het ontbreken van een middel in het verzoekschrift heeft de niet-ontvankelijkheid van het beroep tot gevolg.
- Zelfs met de ruimste welwillendheid kan in de in het verzoekschrift gegeven uiteenzetting, waarin geen geschonden geachte rechtsregels of rechtsbeginselen uitdrukkelijk worden aangehaald, geen middel in de zin van artikel 2, § 1, 3°, van het algemeen procedurereglement ontwaard worden. Een uiteenzetting die enkel bestaat uit een opsomming van een aantal feitelijke gegevens kan niet beschouwd worden als een middel in de zin van voormelde bepaling. Daarenboven komt het niet aan de Raad van State toe om uit een onduidelijke uiteenzetting in het verzoekschrift zelf middelen samen te stellen waardoor het recht van verdediging in het gedrang zou komen.
- Het beroep tot nietigverklaring wordt als niet ontvankelijk verworpen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- Verzoekster wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 24 euro. VII-41.903-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op zesentwintig oktober tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-41.903-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.257.733 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div