id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 november 2023 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.258.065 Rolnummer: A. 237139/IX-10380 Zaak: Arrest 258065 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 30/11/2023 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2023-12-04 Raadplegingen: 94 - laatst gezien 2026-06-10 16:45 Fiche Arrest nr 258.065 van 30 november 2023 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 258.065 van 30 november 2023 in de zaak A. 237.139/IX-10.380 In zake: Koen VERHEYDEN woonplaats kiezend te 2610 Antwerpen Gaston Fabrélaan 81 tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën woonplaats kiezend te 1030 Brussel de Centrale Rechtskundige Dienst van de FOD Financiën North Galaxy – Toren B Koning Albert II-laan 33, bus 15 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 10 augustus 2022, strekt tot de nietigverklaring van “het koninklijk besluit van 6 juni 2022 waarbij verzoeker ambtshalve en zonder vooropzeg wordt ontslagen op datum van 14 februari 2022”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur Joke Goris heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan verzoeker ter kennis gebracht op 13 mei
- IX-10.380-1/3 Op 20 oktober 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. IX-10.380-2/3 BESLISSING
- De Raad van State spreekt de afstand van geding uit.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 22 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op dertig november tweeduizend drieëntwintig, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Wouter Pas, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters Wouter Pas IX-10.380-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.258.065 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div