id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 januari 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.360 Rolnummer: A. 237824/VII-41774 Zaak: Arrest 258360 - Dierenwelzijn - 09/01/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-01-16 Raadplegingen: 97 - laatst gezien 2026-06-10 18:51 Fiche Arrest nr 258.360 van 9 januari 2024 Sociale zaken en volksgezondheid - Dierenwelzijn Beslissing : Verwerping Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing ecli_input ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR ecli_prefixe ECLI ecli_pays BE ecli_cour RVSCE ecli_cour_old RVSCE ecli_annee 2024 ecli_ordre ARR ecli_typedec ecli_datedec ecli_chambre ecli_nosuite Invalid ECLI ID - no_ordre - 1 elements ERROR JUPORTARobotRecordLienECLI ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR invalide Invalid ECLI ID - no_ordre - 1 elements RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 258.360 van 9 januari 2024 in de zaak A. 237.824/VII-41.774 In zake:
- XXXX
- XXXX bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Anouk Vermoortele kantoor houdend te 1540 Herne Ekkelenbergstraat 36 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steve Ronse en Deborah Smets kantoor houdend te 8500 Kortrijk Beneluxpark 27B bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 2 december 2022, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van 3 oktober 2022 [van het] Departement Omgeving [tot inbeslagname in het dossier met het kenmerk G-21-0220]” en “de beslissing van 22 november 2022 [van het] Departement Omgeving [waarbij een bestemmingsbeslissing wordt genomen in voormeld dossier]”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 256.501 van 11 mei 2023 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen. ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR. 258.360 VII-41.774-1/4 De verzoekende partijen hebben een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan de verzoekende partijen ter kennis werd gebracht op 27 juli
- Op respectievelijk 6 november 2023 en 2 november 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partijen en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan de verzoekende partijen van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent. ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR. 258.360 VII-41.774-2/4 De verzoekende partijen hebben geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.
- Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 800 euro, elk voor de helft, een bijdrage van 48 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 924 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
- De onterecht betaalde bijdrage ten bedrage van 24 euro dient te worden terugbetaald aan de verzoekende partijen.
- Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van de verzoekende partijen niet bekendgemaakt. ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR. 258.360 VII-41.774-3/4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op negen januari tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Francis Van Nuffel, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Francis Van Nuffel ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR. 258.360 VII-41.774-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.360 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2023:ARR.256.501 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.