id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 januari 2024 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.397 Rolnummer: A. 238672/XIV-39162 Zaak: Arrest 258397 - Federale reglementen (fiscaliteit) - 11/01/2024 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2024-01-17 Raadplegingen: 91 - laatst gezien 2026-06-10 19:07 Fiche Arrest nr 258.397 van 11 januari 2024 Fiscaliteit - Federale reglementen (fiscaliteit) Beslissing : Verwerping Depersonalisatie Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER nr. 258.397 van 11 januari 2024 in de zaak A. 238.672/XIV-39.162 In zake: XXXX woonplaats kiezend te 9040 Sint-Amandsberg Kleine Wedepad 1/0301 tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met Coördinatie van de Fraudebestrijding woonplaats kiezend te 1030 Brussel Centrale Rechtskundige Dienst van de FOD Financiën Koning Albert II-laan 33/15 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 17 maart 2023, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing tot oplegging van een administratieve geldboete van 500,00 euro wegens het ontbreken van registratie in het UBO-register van de private stichting [H. V. D. N.], dit overeenkomstig artikel 132, §6 van de Wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en financiering van terrorisme ent ot beperking van het gebruik van contanten.. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan verzoeker ter kennis werd gebracht op 26 juni
- Op respectievelijk 25 september 2023 en 8 september 2023 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan XIV-39.162-1/3 verzoeker en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt. Bij het versturen aan verzoeker van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent. Verzoeker heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.
- Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep. XIV-39.162-2/3
- Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een bijdrage van 24 euro.
- Bij de publicatie van dit arrest door de Raad van State wordt de identiteit van verzoeker niet bekendgemaakt. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op elf januari tweeduizend vierentwintig, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit: Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Johan Pas, griffier. De griffier De voorzitter Johan Pas Geert Debersaques XIV-39.162-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2024:ARR.258.397 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div